Gerritschinkel.nl Columns & meer

9mei/110

Daantje Bedankt

“Daantje bedankt, Daantje bedankt”. De supporters van GZC DONK zongen haar zaterdagavond in Ede toe. Daniëlle de Bruijn was met haar team in een kolkend zwembad De Peppel landskampioen geworden. Polar Bears werd na de nipte nederlaag de dag tevoren in de Tobbe ook in hun eigen zwembad verslagen. De vrouwen van GZC DONK waren weer de beste van Nederland.

Een mooier moment van afscheid nemen kun je je niet wensen. Met een landstitel een schitterende carrière afsluiten is een droom die werkelijkheid werd. Gouddaantje zoals ze sinds de Olympische Spelen van 2008 in Beijing door fans liefkozend werd genoemd, hangt haar zwempak aan de wilgen. Daniëlle, de heldin van Beijing. Topscorer van het Olympisch toernooi en vooral de finalewedstrijd tegen de Verenigde Staten staat menigeen nog op het netvlies gebrand. Zij scoorde in die wedstrijd maar liefst zeven van de acht doelpunten, waaronder de winnende treffer. Ik zie het nog helder voor me. Ik had net een vergadering gehad en kwam onderweg naar mijn werkplek een TV tegen en zag haar nog net die winnende treffer scoren. Een wereldtopper, die naar later bleek het gehele toernooi met een kapotte kruisband te hebben gespeeld. Ik bedoel maar, wat als ze superfit was geweest.

Maar aan alle mooie dingen komt een eind en Daniëlle de Bruijn stopt dus met topwaterpolo. Ik zou wel eens willen weten hoeveel doelpunten ze heeft gemaakt. Er zal ongetwijfeld iemand zijn die dat heeft bijgehouden. Vertel het me, ik wil het weten. Een absoluut topsportster in de overtreffende trap. Rijk zal ze er denk ik niet van geworden zijn, want waterpolo is nu eenmaal toch nog een kleine sport voor velen. De eerste de beste voetballer die een min of meer zuivere pass over een afstand van pakweg twaalf meter kan geven verdient volgens mij meer dan deze Olympisch kampioene. Ja, het kan onrechtvaardig zijn in deze wereld.

Daniëlle de Bruijn gaat nu zelfs onze mooie Kaasstad verlaten. Maar ik weet zeker dat de Goudse sportwereld haar niet snel zal vergeten. Ik in ieder geval niet. Een standbeeld moeten ze voor haar oprichten. Ereburger van Gouda is ze volgens mij al, anders moet wethouder Marco Kastelein daar onmiddellijk voor zorgen. En GZC DONK moet cap nummer 13 nooit aan niemand anders geven, maar als een soort relikwie in de prijzenkast hangen. Er is vast nog wel een klein plaatsje vrij.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
25apr/110

Pasen 2011

Ik zat paaszaterdag met mijn oudste zoon in de zon op een terras op de Grote Markt in Groningen, met zicht op de Martinitoren, te genieten van een lekkere Wieckse Witte. Ik had mezelf op een lang vrij weekend getrakteerd. Toch kon ik de verleiding niet weerstaan om af en toe contact te zoeken met de verslaggever bij de Jodan Boys. Na een verontrustende ruststand bleken de Gouwenaars in een hectische slotfase toch nog de overwinning uit het paasvuur gesleept te hebben. Een wederopstandig op het laatste moment. En toen ik later hoorde dat Gouda in ’s-Gravenzande de koploper met 3-0 het bos in had gestuurd, hebben we nog een geel witte rakker genomen.

Na een heerlijke paasbrunch trakteerde mijn zwager mij zondag op een toeristische rondrit door het mooie Oostgroningse land. Het Oldambt met zijn golvende gele koolzaadvelden. De Pekela’s, Eemshaven, Heiligerlee, Delfzijl, Beerta, Finsterwolde. Grote boerderijen waar de rijkdom nog van af straalt. De huisjes van de arbeiders en de boerenknechten. Land waar de geest van de gestaalde kaders van Fre Meis nog rondwaart. In een flits zag ik een bord dat verwees naar WVV, de legendarische voetbalclub uit Winschoten, waar latere kanonnen als Jan Mulder, Klaas Nuninga en Arie Haan hun eerste voorzichtige voetbalstapjes hebben gezet.

Ik was net op tijd om de laatste kilometers van Luik-Bastenaken-Luik te zien. De gebroeders Schleck probeerden tevergeefs Philippe Gilbert van zijn derde overwinning in een week af te houden. Ook in Luik scheen de zon volop. Mijn gedachten flitsten terug naar 1980 en 1981 toen ik met een aantal vrienden deze tocht ook heb gereden. In 1980 regende het de hele dag pijpenstelen. Maar de lol was er niet minder om, ook toen het jaar daarop de regen weer met bakken uit de Waalse hemel viel. Ik moet de uitdaging van mijn zoon maar aannemen en volgend jaar de Amstel Goldrace rijden. Als je Luik-Bastenaken-Luik twee keer hebt uitgereden, dan moet de Limburgse klassieker ook geen probleem zijn. Maar ja, het verschil met toen is wel ruim 30 jaar en de nodige kilootjes.

Terwijl ik in de tuin wielerverhalen van Wilfried de Jong zat te lezen hoorde ik op de radio het gejuich in de Arena. Ajaxsupporters gingen uit hun dak voor een doelpunt van aartsrivaal Feyenoord in een zinderende Kuip kilometers verder. Het moet niet gekker worden.

Pasen 2011, gedenkwaardig, in meerdere opzichten.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
31jan/110

Handbal

Dit weekend waren er ze er weer, de winnaars en de verliezers. De schlemielen en de mazzelpikken. Recht en onrecht. Feyenoord kan daar over meepraten. Ook Willem II dacht mazzelend een onverdiend puntje in Eindhoven te jatten, maar de Guus Geluk van PSV met de schitterende naam Genero Zeefuik voorkwam dat. Met zo’n naam dwing je dat af. En dan kan trainer Heerkes van de tricolores blaten van pech, maar met zo’n opmerking schiet je zeker naast. Of minstens op de paal. Zaterdagmiddag zag ik trouwens Jodan Boys maar liefst drie keer paal en lat raken. De verf spatte er van af maar de supporters bleven smachten. Domme pech?

Over pech gesproken. Koning winter verscheen weer op het toneel en zorgde voor veel afgelastingen. Alleen kunstgrasvelden waren bespeelbaar, maar de in mijn ogen soms starre regels van de KNVB verboden Gouda en GSV om hun stadsderby op het kunstgrasveld te spelen. Onderling was overeenstemming, maar regels zijn regels volgens de voetbalbobo’s. Pech voor de supporters dus.

Dankzij Koning Winter, ik moet hem hier achteraf nog voor bedanken, zocht ik zondag de warme sporthal De Mammoet op voor een lekker potje zaalhandbal. De mannen van Vires et Celeritas moesten het opnemen tegen DIOS uit Den Hoorn. DIOS, Doorzetten Is Ons Streven, in de naam zit de essentie. Het jonge Goudse team van Vires et Celeritas, volgens mij betekent dit zoiets als sterkte en snelheid (maar ik ben geen latinist) was op papier min of meer kansloos. Binnen een minuut dacht ik inderdaad dat er een slachting zou komen, maar de veerkracht van de jonkies, met enkele routiniers als smaakmakers, was enorm. Ruim voor de wedstrijd zat enkele meters van mij vandaan op de tribune een mooie dame die doodleuk een dik boek zat te lezen. Naarmate de wedstrijd vorderde keek ze meer naar de wedstrijd dan in haar boek. En ruim voor het einde van de spannende wedstrijd was het boek in haar tas verdwenen en zat ze enthousiast de handballers van de thuisclub aan te moedigen. Vires presteerde het bijna onmogelijke door de sterke nummer 2 op een 32-31 verliespartij te trakteren. In de zoemer kreeg DIOS nog een zevenmeter worp maar Alfred Hitchcock was zondag fan van de jonkies van trainer Chris van der Spek. Pech of geluk? Geen idee. Aan de andere kant, geluk met je afdwingen. Of natuurlijk gewoon doorzetten.

Gearchiveerd onder: Dé Weekkrant Geen reacties
24jan/110

Winnaars

Ik zie gemiddeld twee voetbalwedstrijden per weekend. Er zijn wedstrijden waarvan je hoopt dat de scheidsrechter geen extra tijd bijtrekt en er zijn er ook die me niet lang genoeg kunnen duren. Zaterdag was het weer eens tijd om naar Reeuwijk Brug te gaan naar de wedstrijd CVC Reeuwijk-Woubrugge. De thuisclub, onder leiding van Willem Dekker wilde 2011 goed beginnen. Al snel bleek dat kansen benutten niet het sterkste punt was van de thuisploeg en het gevolg was dat ze het deksel op de neus kregen. Zeker toen de bezoekers het leger inzetten en een marinier die doordeweeks het vaderland verdedigt inbrachten. Binnen drie minuten scoorde hij twee keer en de wedstrijd was over. Geen leuk begin voor Willem Dekker. En dat terwijl zijn spelers hem die middag een mooi verjaardagscadeau hadden kunnen geven. Voetbaldier Dekker is 60 jaar geworden en ook 25 jaar trainer, en daarom gaf  hij ’s-avonds een groot feest. Het was een avond waar de nostalgie van afdroop. Goud van oud van de clubs waar hij trainer is geweest gaf acte de presence. Sterke verhalen waren schering en inslag. Dekker glom en was de nederlaag al weer vergeten.

Zondag was ik bij GSV–Lekkerkerk. Gezien de stand op de ranglijst een makkie voor de bezoekers. De start van GSV was merkwaardig want de spelerskaart van doelman Remeijer was er niet. Die was door een ander team meegenomen naar Woerden. Dan maar improviseren voor trainer Hiariej. Hij zette een speler in het doel. Maar deze speler verbaasde vriend en vijand door de meest fantastische reddingen. Even dacht ik dat Jan van Beveren terug was want de reflexen van Mustapha Chamkh deden mij aan deze legendarische doelman van PSV herinneren. “A star is born” dacht ik, terwijl ik dit liedje van Barbra Streisand neuriede. “Als ik jou was zou ik hem in de 2e helft gewoon in het doel laten staan hoor” was het welgemeende advies van de Lekkerkerkse bestuursleden aan de trainer van GSV. En dat deed hij. Maar toen het tijd werd voor een pinchhitter konden we het niet alledaagse zien. De keepende uitblinker werd vervangen en meteen geposteerd op de rechterflank als extra aanvaller. Helaas bleef succes uit, maar als GSV nog eens een keepersprobleem heeft dan ligt de oplossing voor het oprapen. Dekker en Chamkh, de toppers van dit weekend. Daar kunnen de broers Ben en Dean Saunders niet tegenop.

Gearchiveerd onder: Dé Weekkrant Geen reacties
17jan/110

Bankroet

Ik had er eigenlijk nog niet op gerekend, maar zaterdag rolde de bal dan eindelijk weer. Koning winter is even in zijn schulp gekropen en de amateur-voetballers komen nieuwsgierig weer uit hun holen tevoorschijn. Verkwikt door de Portugese zon probeerde een gehandicapt Jodan Boys om het nieuwe jaar hun publiek eindelijk de eerste thuiszege te bezorgen. En warempel, het lukte. Na een slecht begin werd de firma Plat, Tol, Molenaar en Smit puntloos naar het palingdorp Volendam teruggestuurd. Ik vroeg me af of er sprake was van een schokeffect. Enkele dagen daarvoor was bekend geworden dat trainer Peter Klomp volgend seizoen niet meer voor de Goudse troepen zal staan. Maar Jodan Boys doet dat anders, ze benoemen gewoon een nieuwe voorzitter en Fred Graafland kon zodoende na zijn eerste wedstrijd meteen de winstpremie opstrijken.

Ik zei dat ik er niet op had gerekend dat er zaterdag gevoetbald zou worden en daarom had ik vorige week besloten naar Het Klooster in Woerden te gaan. Na de wedstrijd dus snel naar Bankroet Jazz Live! Een spectaculaire vertolking van het eerste filmscenario uit de Nederlandse filmgeschiedenis. Een scenario oorspronkelijk in 1921 geschreven door de Vlaamse dichter Paul van Ostaijen. Berlijn na de 1e wereldoorlog. Dada, financiële crisis, revolutie en jazz. Charlie Chaplin als minister van financiën. 

In een flits kwam het satirische tijdschrift “Jedermann sein eigener fussball” voorbij. En hoewel het tijdschrift alleen in de titel iets met voetbal had te maken moest ik toch denken aan het artikel dat ik onlangs in de krant las. De Europese voetbalclubs hebben in 2010 een recordverlies van 1,2 miljard euro geleden. Het bericht kwam voor mij niet als een donderslag bij heldere hemel. In de opportunistische voetbalwereld is het woord realisme slechts bij een minderheid bekend. Grootheidswaanzin en te pas en te onpas binnenlopende suikerooms bepalen bij veel clubs het beeld. Verwende spelers met dollartekens in de ogen. Als ze een keer op de reservebank belanden is de wereld te klein en voelen ze zich tekort gedaan en willen ze zo snel mogelijk naar een andere club verhuizen. Om met Paul van Ostaijen te spreken: “ich bin pleite”.

Het kan toch haast niet anders of de zeepbel moet eens uiteenspatten. Wat zou Paul van Ostaijen, als hij nog had geleefd, in deze chaotische en absurdistische voetbalwereld een schat aan materiaal hebben gevonden voor een nieuw filmscenario. Bankroet Jazz deel II.

Gearchiveerd onder: Dé Weekkrant Geen reacties
10jan/110

Coentje

Het jaar kon niet dramatischer beginnen. Nadat in december 2010 de Zwarte Panter het tijdelijke voor het eeuwige verwisselde werd nu Coen Moulijn uit ons voetbalmidden gerukt. Rotterdam in diepe rouw. Ik heb Feyenoordsupporters zien huilen. En niet alleen Feyenoordsupporters, heel voetbalminnend Nederland pinkte meer dan een traantje weg. Oer Ajacied Sjakie Swart was ontroerd en Michael van Praag blies flink op de loftrompet. Burgemeester Aboutaleb sprak mooie woorden. Oer Spartaan Tinus Bosselaar betrad geëmotioneerd met de al even aangedane Gerard Kerkum enigszins wezenloos het veld van Sparta met een groot portret van “hun” Coentje. Over portretten gesproken, het stadhuis van Rotterdam was versierd met een reuzefoto van de voormalige linksbuiten. Het standbeeld van Coen voor de Kuip was bedolven onder een rood witte bloemenpracht. Het 8 uur journaal opende met het overlijden van de legendarische voetballer.

En dan de uitvaart afgelopen zaterdag. Dat Rotterdammers iets kunnen organiseren is een waarheid als een koe. Of het nu EURO 2000, de start van de Tour de France of het WK turnen is, het wordt altijd een knaller. De laatste gang van Coen Moulijn was er ook een om in te lijsten. Duizenden mensen bij de Kuip en langs de route. Op de Coolsingel was het weer bijna weer net zo druk als in mei 1970 toen Coen op het balkon van het stadhuis trots de eerste Nederlandse Europacup omhoog hield. Ik denk nog met plezier terug aan die tijd. Ik heb zelf niet staan hossen tussen die menigte (ik heb het niet zo op massa’s) maar de finalewedstrijd tegen Celtic staat nog steeds in mijn harde schijf gebeiteld. Ik zat toen in militaire dienst en heb de wedstrijd gezien bij een dienstkameraad die in de buurt van Amsterdam woonde. Ajaxsupporter natuurlijk, maar niemand in de familie nam het mij kwalijk dat ik juichte. Sterker nog, voor zover ik het me nog kan herinneren waren zij ook dolenthousiast.

Een voetbalicoon is niet meer. Zijn indrukwekkende laatste gang was een formidabel slotakkoord. Op dezelfde dag werd ook afscheid genomen van Bobby Farrell. Nota bene vanuit de Stadsschouwburg in Amsterdam. Afscheid van een nepartiest. Zingen kon hij niet en bij de wereldkampioenschappen playbacken zou hij ook nooit in de prijzen zijn gevallen. Ach, Boney M zal over enkele jaren een voetnoot in de geschiedenis worden en ik hoop dat dit bij Coen Moulijn niet het geval zal zijn.

Gearchiveerd onder: Dé Weekkrant Geen reacties
3jan/110

Het Bolletje

De laatste rookwolken van het vuurwerk zijn opgetrokken. Slechts hier en daar knalt er nog een iel rotje, maar daar maakt zelfs mijn hond zich niet meer druk over. Een achtergebleven oliebol wordt nog even weggewerkt. De sneeuw is bijna verdwenen en de nieuwjaarsrecepties zijn in volle gang. De top 2000 heeft zijn bekende riedeltjes afgedraaid en de fans van Queen zinnen op wraak om het verloren gegane terrein weer te veroveren. Gekken duiken met Unoxmuts en branie in zee. Allemaal een teken dat het nieuwe jaar is aangebroken.

Een nieuw jaar. Nieuwe ronde nieuwe kansen, om maar een cliché uit de kast te trekken. Maar nu de vraag: “Wat gaat 2011 ons brengen”. Ik heb al weer hordes voorspellers langs horen komen. En als uitkomt wat ons in het vooruitzicht wordt gesteld, dan is het soms schrikken.

Toch vind ik het eigenlijk ook leuk om iets te roepen en heb daarom mijn glazen bol uit de mottenballen gehaald en hem voor me op tafel gezet. “Wat zal het Goudse sportjaar 2011 ons brengen lief bolletje” fluisterde ik bezwerend. Het bolletje schrok even en mompelde dat Jodan Boys het vege lijf toch gaat redden. “Ga door”, riep ik. Tot mijn teleurstelling voorspelde de bol weinig hoogtepunten op voetbalgebied. Promotie zit er voor de Goudse voetbalclubs niet in. Wel een daverend feest aan de Bodegraafsestraatweg. Olympia wordt in juni 125 jaar. Ja, zo kan ik ook voorspellen, schreeuwde ik. Voor GZCDONK wordt 2011 een spannend jaar. Het bolletje kon geen uitsluitsel geven over een nieuw kampioenschap van de mannen. Maar voor de vrouwen voorzag het een verrassing. Het bolletje flikkerde ineens op en voorspelde resoluut een kampioenschap voor de Goudse rugbymannen. “En wat gaat het jaarlijkse Goudse Sportgala ons brengen?” brulde ik nu vol spanning. Het bolletje zweeg en liet slechts grote vraagtekens en een uitroepteken zien. Hieruit maakte ik op dat het met al die goede kandidaten lekker spannend gaat worden. In februari weten we meer. Ik gooide van spanning een glas water om en dat was blijkbaar het teken voor het bolletje om me duidelijk te maken dat in 2011 eindelijk met de bouw van het nieuwe zwembad wordt begonnen. “Zal tijd worden ook” knorde ik tevreden. In mijn enthousiasme maakte ik opeens een onverwachte beweging en het bolletje viel van de tafel op de grond. In duizend stukjes.

Ik wens u een sportief 2011.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
20dec/100

Winter

Mijn hond is dol op sneeuw. Als hij maar even in de gaten heeft dat het een witte wereld is, is hij niet meer te houden en blijft hij het liefst de hele dag buiten. Maar ook voor mijn ouwe lobbes zijn er grenzen. Toen ik hem zondagmorgen uitliet verdween hij bijkans tot zijn oren in de vers gevallen sneeuw. Hij ploeterde enkele meters, tilde waar het kon zijn poot op en keek toen met zijn trouwe hondenogen smekend naar me op. “Mag ik weer naar huis baas, dit trek ik niet” leek hij te zeggen. En als mijn hond dat teken geeft dan is er echt iets aan de hand. Het is wel magnifiek, die maagdelijke sneeuw. Gelukkig had ik een paar laarzen en die kwamen goed van pas. Ik voelde me als een Anton Pieck in een winterwonderland. “Dat wordt niets met die sport vandaag”, hoorde ik mezelf mompelen. Normaal kijk je in twijfelgevallen even naar teletekstpagina 603, maar dat was nu ook niet nodig. “De voetbalklassieker Ajax-Feyenoord gaat niet door” hoorde ik de nieuwslezer zeggen. En dat is volgens mij een unicum. Heb je een dak boven het veld, gaat het nog niet door. Dan maar naar het indoorhockey in sporthal de Mammoet, maar ik werd snel uit mijn droom geholpen. Afgelast!!

En daar sta je dan met je goede gedrag, je moet wel een sportprogramma vullen. Je kunt natuurlijk lekkere lange platen draaien, maar dan dekt de titel de lading niet. Tot mijn verrassing hadden de dames van GZCDONK de bekerfinale gewonnen. Hulde, maar met deze mededeling ben je hooguit weer een minuut verder.

Toen ik mijn hond uitliet had ik al lang gezien dat fietsen vrijwel een onmogelijke opgave was, zeker als je niet de conditie van een crosser als Gerben de Knegt, laat staan een Radomir Simunek hebt. Maar ik had mijn laarzen en als een vermomde Boer Harmsen toog ik naar de studio. Banjeren door de sneeuw en het viel mij op dat de mensen zo vriendelijk waren. Het “goede middag, hallo en dag” waren niet van de lucht. Wildvreemde mensen die een gesprek met je aangaan tijdens het oversteken van het Aalberseplein.  Barre tijden brengen de mensen samen lijkt het. Een vroege Kerstgedachte zullen we maar denken. Nordic walking op de Kleiweg en langlaufers op de Plaswijckweg. Gouda anno 2010. Soms mis je de sport niet. Prettige feestdagen.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
15nov/100

Fenomeen

Ik heb het boek nooit gelezen, maar fans lopen er mee weg. Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen, geschreven in 1972 door Nico Scheepmaker. Het boek is later aangevuld door andere schrijvers, een teken dat hier sprake is van een fenomeen. J.C. de beste Nederlandse voetballer aller tijden. Dit fenomeen doet de laatste weken weer van zich spreken. Als Ajax verliest (en dat gebeurt  de laatste weken nogal eens), dan staat J.C. op en laat via een ghostwriter weten wat hij er van vindt. Ajax wordt geleid door amateurs die het beste hun biezen kunnen pakken. Maar het fenomeen stapt zelf niet in de vacature die dan zal ontstaan. Hij kijkt wel uit. Nee roepen langs de lijn, dat is veel gemakkelijker. En dat kun je lang volhouden. Wat dat betreft is J.C. net een jurist. Roepen dat iets niet in de haak is, maar oplossingen ho maar.

Zondag was ik bij de voetbalwedstrijd Gouda – Ammerstol. Medekoploper Gouda tegen  middenmoter Ammerstol. Volgens de ranglijst zou Gouda dat varkentje moeten wassen. Zeker als je ziet dat een zekere Piet van Offeren in de spits staat. Piet van Offeren, een fenomeen in de Goudse voetbalwereld. Een fenomeen op gele voetbalschoenen. Enkele jaren geleden kwam hij ineens bovendrijven. Hij scoorde aan de lopende band, beleefde hoogtijdagen en promoveerde zelfs met Gouda naar de 1e klasse. Aan het begin van dit nieuwe voetbalseizoen verruilde hij het zaterdagshirt voor het zondagshirt. Gouda zaterdag in diepe rouw en Gouda zondag zag eindelijk nieuwe triomfen aan de  horizon. En wat menigeen verwachtte geschiedde. Pietje scoort wederom aan de lopende band. Enkele weken geleden sprak ik hem bij de stadsderby GSV – Gouda. “Goeie morgen Gerrit”, sprak het fenomeen. “Maar het is al een tijdje middag hoor Piet”, antwoordde ik. “Ach, ik ben net wakker” was zijn laconieke antwoord. Op mijn vraag wat hij die middag met zichzelf had afgesproken antwoordde hij doodleuk dat hij toch wel drie keer zou moeten scoren. En het fenomeen scoorde zelfs vier keer.

Maar ook een fenomeen kan wel eens een off day hebben en tegen Ammerstol kon ook de geelgeschoende Piet geen deuk in een pakje boter trappen. Hij sleurde, rende, agiteerde, liet de kop hangen, hief de handen hopeloos ten hemel en incasseerde een domme gele kaart. En als het fenomeen niet in goeden doen is, dan blijft de overwinning uit. Maar een fenomeen komt altijd weer boven drijven.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
25okt/100

Adrie Evengroen

Ik heb hem zelf nooit zien keepen. Ten eerste omdat ik toen nog niet in Gouda woonde en ten tweede omdat ik me destijds nog niet zo met voetbal bezig hield om het zomaar te zeggen. Maar uit de overlevering begrijp ik dat ik wat gemist heb. Hij was doelman van ONA in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Hij was de doelman toen de Trots van Korte Akkeren betaald voetbal speelde. Hij was volgens zeggen een oer ONA man. En als er eens iemand kwam die hem probeerde weg te lokken van de Walvisstraat dan stuurde hij ze rücksichtslos terug, geen interesse. Zelfs Feyenoord ving bot. Hij speelde vijf jaar betaald voetbal bij ONA. Nou ja, betaald voetbal, voor het bedrag dat Adrie ving (600 gulden per jaar inclusief premies), komt tegenwoordig geen enkele voetballer meer zijn bed uit.

Ik vind het jammer dat ik nooit die legendarische wedstrijden aan de Walvisstraat heb mogen meemaken. Want als je tegen De Valk met 4-0 voor staat, vervolgens met 4-6 achter komt en uiteindelijk met 8-6 wint, dan kan ik me voorstellen dat de ONA supporters compleet uit hun dak zijn gegaan. De verhalen van oudere Gouwenaars over duizenden toeschouwers langs de lijn heb ik meerdere malen gehoord. Ik zag een prachtige foto uit de Nieuwe Zuid-Hollander waarop een zwevende Adrie Evengroen (met een soort zonneklep op zo te zien) naar de rechterbenedenhoek duikt. Hij kijkt het bruine monster na en uit de foto is niet op te maken of het een doelpunt is of dat de bal net naast de paal gaat. Maar de ONA goalie gaat als een Jan van Beveren avant la lettre naar de hoek. Nog een foto, waarop Adrie Evengroen tussen oud doelman Joop Lelieveld van FC Utrecht en de legendarische Belgische goalie Jean-Marie Pfaff staat. 

Het spijt me dat ik Adrie Evengroen nooit heb zien keepen. Ik kende hem helemaal niet, zag hem wel eens bij biljartwedstrijden, want die sport betekende ook heel veel voor hem. Ik heb de legendarische doelman van ONA altijd willen interviewen, maar op de een of andere manier is dat het er niet van gekomen. Ik heb spijt als haren op mijn hoofd, want nu kan het niet meer. De man van “het doelgebied was voor mij” overleed de afgelopen week. Ik zal het met de verhalen moeten doen.

Gearchiveerd onder: Dé Weekkrant Geen reacties