Gerritschinkel.nl Columns & meer

25jan/230

Stef Paglia Trio – Light & darkness

Stef Paglia pakte voor het eerst een gitaar toen hij pas 12 jaar oud was. Toen zijn vader hem de muziek van gitaarvirtuoos Stevie Ray Vaughan liet horen, raakte Stef verslingerd aan de blues.

Stef Paglia is vooral bekend als gitarist van de succesvolle Belgische bluesband The Bluesbones. Maar naast zijn lidmaatschap van The Bluesbones heeft hij ook zijn eigen band Stef Paglia Trio. Van dit trio verscheen in 2019 hun debuutalbum Never forget.

Op 13 januari jl. kwam er nieuw werk uit van Stef Paglia Trio, een ep getiteld Light & darkness. Een aantal van de vijf nieuwe nummers zijn geschreven tijdens de lockdownperiode van COVID-19. De ep werd in juli 2022 in vier dagen, op een natuurlijke old school manier, opgenomen in de Dunk! Studios in Zottegem. Volgens Paglia zijn de songs geschreven vanuit een gevoel en geven de ups en downs van het leven weer. Vandaar de titel Light & darkness.

De ep opent met Stand up, tevens als 1e single uitgebracht. Een stevig rockende opener met een spetterende gitaarsolo halverwege en een vette bas. Het melodieus gevarieerde funky Blue eyes heeft een jazzy inslag met een intrigerende gitaarsolo van Paglia. In Queen of the darkness hangt een ‘dreigende’ sfeer met broeierig vet gitaarwerk, ondersteund door de strakke ritmesectie en backing vocals. Please come back to me is een heerlijk ontspannen song met koortjes en waarin Paglia nogmaals bewijst met zijn slide en wah wah een uitstekende gitarist te zijn. Het slotnummer Chasing dreams, tevens de 2e single, is een fraaie ingetogen rootsy ballad met wederom uitstekend gitaarwerk.   

Conclusie: Light & darkness is een mooie en sfeervolle ep. Dit smaakt naar meer.

Tracks cd:

  1. Stand up
  2. Blue eyes
  3. Queen of the darkness
  4. Please come back to me
  5. Chasing dreams

Line-up:

  • Stef Paglia – zang, gitaar
  • Geert Schurmans – bas, backing vocals
  • Sven Bloemen – drums, percussie, backing vocals
25jan/230

Joe Henry – All the eye can see

Joe Henry (2 december 1960, Charlotte, North Carolina) is een Amerikaanse singer-songwriter, gitarist en producer. Hij groeit op in Oakland Township, Michigan en verhuist in 1985 naar Brooklyn, New York. Hier begint Henry op te treden op lokale muziekpodia. In 1986 verschijnt zijn debuutalbum Talk of heaven. Behalve dat hij een respectabel eigen oeuvre als singer-songwriter heeft opgebouwd, was Henry ook co-writer van songs van zijn schoonzus Madonna, Rosane Cash, Madeleine Peyroux, en Chely Wright. Bekendheid kreeg Joe Henry sinds 1998 vooral als producer. Hij produceerde talloze albums voor o.a. Solomon Burke, Jim White, Ani DiFranco, Susan Tedeschi, Betty LaVette, Mary Gauthier, Hugh Laurie, Bonnie Raitt, Allen Toussaint en Rodney Crowell.     

Eind januari verschijnt er weer een nieuw album van Joe Henry. Dit album, All the eye can see, nam Henry grotendeels zelf thuis op tijdens de wereldwijde lockdownperiode van COVID-19. Henry ging er bij het maken van dit album vanuit dat dit, vanwege deze omstandigheden, zijn meest skeletachtige album uit zijn carrière zou worden. Maar eigenlijk is dit in veel opzichten zijn meest ‘uitgebreide’ album geworden, want Henry wordt op All the eye can see, begeleid door maar liefst meer dan 20 musici. Onder hen zijn zijn oude muzikale metgezellen en vrienden Levon Henry (saxofoon en klarinet), David Pitch (bas), Patrick Warren (piano en toetsen) en John Smith (akoestische gitaar).

Prelude to song, het openingsnummer, is een korte ingetogen instrumental. De verstilde ballad Song that I know begint met gedragen pianoklanken. De musici zijn uitstekend op dreef in de intieme ballad Mission. Mooi is daarna de duetzang in het met fiddle versierde Yearling. Na het ingetogen gezongen Near to the ground wordt in Karen Dalton gedurende ruim zes minuten de folkzangeresKaren Dalton (1937-1993), die in de vroege jaren ’60 bekend was in de zgn. Greenwich Village scene, waar ze optrad met o.a. Fred Neil en Bob Dylan, bezongen. Zeer fraai is de saxsolo van zoon Levon Henry in de wonderschone ballad O beloved. Subtiel is de begeleiding in God laughs met zang van Henry die  ook in dit nummer verwantschap vertoont met die van Elvis Costello. In Kitchen door is weer duozang te horen. Na het ‘donkere’ enigszins psychedelische Small wonder is de zeer fraaie ‘slepende’ jazzy saxsolo van zoon Levon in het titelnummer All the eye can see een lust voor het oor. Subtiel is de duozang daarna weer in Pass through me now. Na de zeer korte ingetogen instrumental Prologue to song wordt het album met Red letter day fraai en ingetogen geïnstrumenteerd afgesloten.  

Conclusie: Met All the eye can see heeft Joe Henry weer een parel aan zijn toch al fraaie oeuvre toegevoegd. Een prachtig, intiem en heerlijk ontspannen persoonlijk album.

Tracks cd:

  1. Prelude to song
  2. Song that I know
  3. Mission
  4. Yearling
  5. Near to the ground
  6. Karen Dalton
  7. O beloved
  8. God laughs
  9. Kitchen door
  10. Small wonder
  11. All the eye can see
  12. Pass through me now
  13. Prologue to song
  14. Red letter day
23jan/230

Grey DeLisle – Borrowed

Singer-songwriter-autoharpspeler Grey DeLisle is geboren op 24 augustus 1973 in Fort Ord, California  Haar moeder was zangeres en haar vader, een vrachtwagenchauffeur, hield van countrymuziek en dat zou later de basis blijken voor de zangcarrière van Grey. Na de scheiding van haar ouders gaat Grey bij haar grootmoeder in San Diego wonen, een zangeres die nog met Tito Puente heeft samengewerkt. Behalve zangeres is DeLisle ook stemactrice en comédienne. Eind jaren ’90 zingt DeLisle in de vrouwenpunkband Side Saddle. Haar solodebuut The small town komt in 2000 uit.

Begin januari 2023 verschijnt er na ruim 15 jaar weer een nieuw album van Grey DeLisle. Dit nieuwe album Borrowed, met bijna allemaal covers, is geproduceerd door Marvin Etzioni.

Het album opent mysterieus met het door strijkers gedragen Another brick in the wall, de bekende Pink Floyd song. Het door Billy Rose & Lee David geschreven Tonight you belong to me is een heel kort teder gezongen liedje met een mooie bijdrage van Monique Mizrahi op charango. Fraai zijn de strijkersarrangementen in de Hoagy Carmichael klassieker Georgia on my mind. DeLisle zingt soms fluisterend al tokkelend op de autoharp naast de mondharmonica van Mickey Raphael en de cello van Giovanna Clayton. Borrowed and blue is geschreven door DeLisle en Marvin Etzioni. De zang in deze gevoelige countryballad doet me denken aan Dolly Parton. De ‘slepende’ pedal steel van Greg Leisz is ook niet te versmaden. De ingetogen zang van DeLisle doet me in het heel korte door Marc Bolan van T-Rex geschreven en met strijkers overgoten Girl ook weer denken aan Dolly Parton. Etzioni schreef You are the light, een mooi liedje met mandoline en fiddle. De soulband The Satellites Four zijn ingehuurd voor You only live twice, het door John Barry geschreven thema van de gelijknamige James Bond film uit 1967. Een lekkere zwoele en twangy versie met strijkers.Het door gospelzangeres Mary Knight geschreven Calvary krijgt hier met trompet, trombone, saxofoon en charango een swingende uitvoering die je in de sferen van New Orleans brengt. Gevoelig is weer de zang in het met strijkers versierde door gitarist Murry Hammond geschreven Valentine. All my tears van Julie Miller is prachtige countryfolk met fiddle en mandoline. Het album sluit af met een verstilde versie van de traditional Willie we have missed you, een bonustrack met zeer spaarzame begeleiding en met bijna fluisterende zang. Dit nummer verscheen eerder in 2004 op het tributealbum Beautiful dreamer (the songs of Stephen Foster).    

Conclusie: Borrowed is een zeer fraaie luisterplaat.

Tracks cd:

  1. Another brick in the wall
  2. Tonight you belong to me
  3. Georgia on my mind
  4. Borrowed and blue
  5. Girl
  6. You are the light
  7. You only live twice (feat. The Satelittes Four)
  8. Calvary
  9. Valentine
  10. All my tears
  11. Willie we have missed you (bonus track)

Line-up:

  • Grey DeLisle – zang (all tracks), autoharp (track 1,3,11)
  • Murry Hammond – (akoestische) gitaar (track 1,2,3,4,5,8,9,10), akoestische bas (track 2),
  • Marvin Etzioni – drums, mandocello (track 1), mandoline (track 6), drums (track 8), gitaar (track 11)
  • Jonah Tolchin – elektrische gitaar (track 1,8)
  • Monique Mizrahi – charango (track 2,8)
  • Giovanna Clayton – cello (track 3)
  • Micky Raphael – mondharmonica (track 3)
  • Phil Jones – drums (track 3,5)
  • Greg Leisz – pedal steel (track 4,9,11), mandoline (track 10)
  • Tammy Rogers – fiddle (track 6,10)
  • Dave Raven – percussie (track 11)
  • The Satelittes Four (track 7)
  • Casey Dolan – elektrische gitaar
  • Doug Wieselman – rhythm gitaar
  • Marvin Etzioni – bas
  • Danny  Frankel – drums
9jan/230

Bruce Cockburn – Rarities

De Canadese singer-songwriter-gitarist Bruce Cockburn is geboren op 27 mei 1945 in Ottawa. Hij brengt een deel van zijn jeugd door op een farm bij Pembroke (Ontario). Volgens eigen zeggen heeft hij rond 1959 zijn eerste gitaar heeft gevonden op zolder bij zijn oma. In 1966 wordt hij lid van The Children, een band uit Ottawa en na het opheffen van die band in 1967 wordt hij lid van The Esquires. Cockburn is dan verhuisd naar Toronto en vormt daar The Flying Circus, de band waarvan de naam in 1968 wordt veranderd in Olivus. Deze band staat in april 1968 in het voorprogramma van The Jimi Hendrix Experience en Cream. In 1969 start Cockburn een solocarrière.  Zijn solodebuutalbum Bruce Cockburn verschijnt in 1970. Veel van zijn albums eind jaren ’70 bevatten verwijzingen naar het christendom, in de jaren ’80 gekoppeld aan het thema mensenrechten en milieu. Dan ontstaat ook zijn politieke activisme.

Op 25 november jl. verscheen Rarities, een verzameling van twaalf zelden gehoorde opnames die tot nu toe alleen beschikbaar waren in de gelimiteerde boxset Rumours of glory  en vier geremasterde songs die eerder op tribute-compilatiealbums gewijd aan Mississippi John Hurt, Gordon Lightfoot, Pete Seeger en The Mississippi Sheiks zijn verschenen.

Het album opent met Juan Carlos, een heel kort niet eerder uitgebracht nummer uit de soundtrack The man we called Juan Carlos (2001). Waterwalker theme van de soundtrack Waterwalker (1984) is ook nooit eerder uitgebracht. Een opwindend nummer met een lekkere drumbeat, fraaie baslijnen en viool. Avalon, my home town van Mississippi John Hurt (1893 – 1966) is een prachtige countryblues met Cockburn op 12-snarige gitaar. Het nummer is afkomstig van het album A tribute to the music of Mississippi John Hurt (2001). Wise users is een bijna 7½ minuut durende schitterende ‘slepende’ akoestische song met gitaar en viool. Het nummer komt van het album Honor, a benefit for the honor the earth campaign (1966). Going down the road is een onuitgebrachte demo die verscheen op de gelijknamige soundtrack (1970). The whole night sky is een mooie akoestische onuitgebrachte demo uit 1995. Het origineel verscheen in 1996 op het album The charity of night. Ook Grinning moon, met mooi tokkelend gitaarspel van Cockburn, is een onuitgebrachte demo uit 1995. Song for touring around the stars is geschreven door de Japanse schrijver/dichter Kenji Miyazawa (1896 – 1933). Gitaar en keyboard geven aan dit nummer een Japans tintje. Het nummer verscheen alleen in 1993 in Japan op het album Mental sound sketches, a tribute to Kenji Miyazawa. Akoestische gitaar en zang vullen de ruim 6 minuten nooit eerder uitgebrachte demo Come down healing. Mystery walk is een heel korte instrumentale niet eerder uitgebrachte demo van de soundtrack The man we called Juan Carlos (2001). The trains don’t run here anymore schreef Cockburn samen met de Canadese songwriter William Hawkins (1940 – 2016). Het nummer verscheen in 2009 op het album Dancing alone, the songs of William Hawkins. Hier horen we een schitterende geremasterde versie met 12-snarige gitaar en cello. In 2003 verscheen het album Beautiful, a tribute to Gordon Lightfoot. Cockburn’s bijdrage op dat album was de Lightfoot compositie Ribbon of darkness. Turn, turn, turn van Pete Seeger is vooral bekend geworden door The Byrds (1965). Bruce Cockburn was met dit nummer present op het album Where have all the flowers gone, the songs of Pete Seeger (1998). Het blijft een prachtig nummer, ook hier weer in de geremasterde versie van Bruce Cockburn. Uit 2009 stamt het album Things about comin’ my way: a tribute to the music of The Mississippi Sheiks. Van dat album de geremasterde versie van het jaren ’30 nummer Honey babe let the deal go down. Een werkelijk fantastische jazzy countryblues met trombone, elektrische gitaar, Hammond en talloze backing vocalisten. Op het verstilde Twilight on the champlain sea horen we Ani DiFranco in de backing vocals. Dit nummer werd in 2006 exclusief in Japan uitgebracht op het album Life short call now. Het album sluit af met de nooit eerder uitgebrachte opname Bird without wings uit 1966.  

Conclusie: Het is ronduit genieten van de liedjes van de legendarische Bruce Cockburn.

Tracks cd:

  1. Juan Carlos
  2. Waterwalker theme
  3. Avalon, my home town
  4. Wise users
  5. Going down the road
  6. The whole night sky (alternate version)
  7. Grinning moon
  8. Song for touring around the stars
  9. Come down healing
  10. Mystery walk
  11. The trains don’t run here anymore (re-mastered)
  12. Ribbon of darkness (re-mastered)
  13. Turn turn turn (re-mastered)
  14. Honey babe let the deal go down (re-mastered)
  15. Twilight on the champlain sea
  16. Bird without wings

Line-up:

  • Bruce Cockburn – gitaren, zang, mondharmonica, keyboards, drum programming
  • Janice Powers – keyboards (track 1,3)
  • Hugh Marsh – viool (track 2,4,) drum programming (track 2)
  • Ann Davison – cello (track 11)
  • Colin Linden – mandoline (track 12)
  • Keith Lowe – bas (track 14)
  • Matt Chamberlain – drums (track 14)
  • Wayne Horvitx – Hammond orgel (track 14)
  • William Carn – trombone
  • Steve Dawson – Weissenborn, elektrische gitaar
  • Alice Dawson, Steve Dawson, Wayne Horvitz, Daniel Keebier, Keith Lowe, Carrie Robinson – backing vocals.
  • David Pitch – bas (track 15)
  • Jon Goldsmith – elektrische piano
  • Julie Wolf – keys
  • Gary Craig – drums, percussie
  • Ani DiFranco – backing vocals
3jan/230

John the Revelator – A dark for sleeping

De geschiedenis van de Haarlemse bluesband John the Revelator, vernoemd naar een a-capella bluestraditional van Son House, begint in 1968. Hun grote voorbeeld is de Britse bluesband Fleetwood Mac met stergitarist Peter Green. John the Revelator wint in 1970 tijdens een live tv-uitzending de Loosdrecht Jazz Award en in datzelfde jaar verschijnt hun eerste lp Wild Blues. De band wordt steeds bekender en toert door Nederland, Duitsland, België en Zwitserland. John the Revelator bestond in 2018 50 jaar en dit heuglijke feit werd o.a. gevierd met het uitbrengen van  een 4cd box met een 60 pagina’s tellend geïllustreerd boek. John the Revelator is nog steeds alive and kicking en bestaat in 2023 dus al 55 jaar.

Begin december is, na twee jaar stilte, het nieuwe (16e) album van John the Revelator verschenen. Op dit album, A dark for sleeping staan elf nieuwe nummers vol melancholieke blues over de gebroken spiegels van het leven, over wat had kunnen zijn maar niet meer is. Het album is op een speciale manier tot stand gekomen. De COVID-19 periode zorgde er voor dat de band niet samen in de studio bij elkaar kon komen. Zanger-bassist Tom Huissen en gitarist Frans ten Kleij hebben de nummers in hun eigen huizen gecomponeerd en opgenomen. Later hebben ze samen met co-producer, engineer en sessiemuzikant Henk Suurling in The Bunker Studio in IJmuiden het album verder vorm gegeven. Cor Dijkhuizen speelt drums op twee songs en Paul Dammers slide op twee nummers. Keyboardspeler Erwin Aubroeck speelt vanwege COVID-19 niet mee op dit album. A dark for sleeping is opgedragen aan hun op 25 juli 2020 overleden all-time hero Peter Green.

John the Revelator presenteert hun nieuwe album op 15 januari 2023 in het Patronaat in Haarlem. Ze spelen dan weer in de vertrouwde 5-mansformatie Tom Huissen (zang, bas), Frans ten Kleij (gitaar), Paul Dammers (slide, akoestische en ritme gitaar), Cor Dijkhuizen (drums) en Erwin Aubroeck (keyboards).

Het album opent met Roots, een intro van een kleine minuut waarin de band laat horen welke muzikale reis zij als band hebben gemaakt. Elementen van Bach, bluesgrootheden als Son House, Robert Johnson en Elmore James en aan het eind de wegstervende gitaartonen die duidelijk maken dat Peter Green hun grote gitaarheld is. In No-nothing woman, met drums, keyboards, de enigszins ‘donkere’ zang en de synths, is het genieten van de mooie slide van Paul Dammers. In het titelnummer, de ballad met een hoog Pink Floyd gehalte A dark for sleeping, speelt Frans ten Kleij met zijn lyrische gitaarwerk de sterren van de hemel. You’re the one is uptempo R&B met heerlijke pianosolo’s. Het nummer doet me in de verte enigszins denken aan Mose Allison. Na het symfonische intro van White-billed diver (Gavia Adamsii), de instrumental over de geelsnavelduiker, een in Nederland zeldzame grote watervogel, tovert Frans ten Kleij weer een ongelooflijk lyrische solo uit zijn gitaar. Na de ingetogen ballad Close my eyes and sleep is Hard on crazy een uit het hart gezongen midtempo blues met wederom een indringende gitaarsolo. En vooral dankzij de slide van Paul Dammers zijn de invloeden van de oude Fleetwood Mac, zeg maar Peter Green, herkenbaar. Too far gone  is een ingetogen song met wah-wah gitaar. De invloeden van Pink Floyd zijn er weer, dankzij de fantastische gitaarsolo’s in de bluesballad I don’t wanna live in your pain. Pain reliever is een korte instrumental met een symfonisch intro. Lying for a living, met gastgitarist en medeauteur Henk Schippers, is een prachtig akoestisch slotakkoord, waarbij ik moet denken aan John Hiatt.  

Conclusie: A dark for sleeping is geen doorsnee bluesalbum, en ondanks het feit dat John the Revelator daar bewust voor heeft gekozen, verloochent de band ook op dit album haar roots niet. Het kan trouwens geen kwaad om eens af te wijken van de gebaande (blues)paden. Het album bevalt me, zeker na een paar keer draaien, goed. En om de meer bluespuristen gerust te stellen, ik heb uit zeer betrouwbare bron vernomen dat de band al weer volop bezig is in de studio en dat hun volgende album er weer een zal zijn met vuige en ruige blues.  

Tracks cd:

  1. Roots
  2. No-nothing woman
  3. A dark for sleeping
  4. You’re the one
  5. White-billed diver (Gavia Adamsii)
  6. Close my eyes and sleep
  7. Hard on crazy
  8. Too far gone
  9. I don’t wanna live in your pain
  10. Pain reliever
  11. Lying for a living

Line-up:

  • Tom Huissen – zang, bas
  • Frans ten Kleij – gitaren
  • Henk Suurling – drums, keyboards, strings, synthesizers/programming, akoestische gitaar, zang
  • Cor Dijkhuizen – drums (tracks 4,9)
  • Paul Dammers – slide gitaar (tracks 2,7)
  • Henk Schippers – akoestische gitaar (track 11)
27dec/220

Seth Avett – Sings Greg Brown

Zanger-gitarist-drummer-pianist Seth Avett (30 juli 1980, Charlotte, North Carolina) is in 2000 een van de oprichters van de uit Concord, North Carolina afkomstige Amerikaanse folkrockband The Avett Brothers. In 2002 verschijnt hun album Country was. Seth Avett is ook solo actief. Zijn solodebuut To make the world quiet komt in 2001 uit.

In november jl. verscheen er een nieuw album van Seth Avett, Sings Greg Brown, een eerbetoon aan de Amerikaanse folkzanger Greg Brown (2 juli 1949, Fairfield, Iowa). Seth Avett kwam op het idee om een duik in de imposante catalogus van Greg Brown te nemen toen hij bij Brown en zijn echtgenote Iris DeMent op bezoek was.

Greg Brown staat bekend als een klassieke troubadour met een donkerbruin stemgeluid. Met het album Iowa waltz zette hij zich in 1981 als troubadour op de kaart. Sindsdien verscheen er een groot aantal albums van hem.

Op Sings Greg Brown staan tien vertolkingen van de troubadour uit Iowa. Het openingsnummer The poet game is een song van het gelijknamige album van Brown uit 1994. Een rustig en mooi gezongen liedje. Vervolgens vertolkt Avett twee songs van het album In the dark with you uit 1985. Allereerst het springerige Good morning coffee met percussie en backing vocals en daarna het prachtige intieme Just a bum, een duet met Jennifer Carpenter Avett en fingerpicking gitaarspel. You drive me crazy (van het album Dream café uit 1992) is weer heel ingetogen. De tedere ballad I slept all night by my lover is ook weer afkomstig van Browns album In the dark with you. My new book (The poet game, 1994) is het langste nummer van dit album, dit mooi gezongen nummer duurt maar liefst ruim zeven minuten. Laughing river (Dream café, 1992) is een sprankelend nummer met een fraaie Willie Nelson achtige akoestische gitaarsolo. Telling stories, (Milk of the moon, 2002) is weer zeer ingetogen met mooie gedoseerde pianoklanken. De sleutelsong The Iowa waltz uit 1981 ontbreekt uiteraard niet en Avett vertolkt de song hier op fraaie wijze. Het slotnummer Tenderhearted child (Freak flag, 2011) is een verstilde pianoballad.    

Conclusie: Seth Avett vertolkt op dit album een aantal prachtige songs van Greg Brown op zeer fraaie wijze. Een mooi eerbetoon.  

Tracks cd:

  1. The poet game
  2. Good morning coffee
  3. Just a bum
  4. You drive me crazy
  5. I slept all night by my lover
  6. My new book
  7. Laughing river
  8. Telling stories
  9. The Iowa waltz
  10. Tenderhearted child
21dec/220

Rick Berthod – A tribute to Peter Green

De Amerikaanse gitarist-zanger-songwriter Rick Berthod begint in zijn tienerjaren in Colorado gitaar te spelen. Zijn grote voorbeelden zijn dan Eric Clapton, Duane Allman, Rory Gallagher, Jeff Beck, Jimi Hendrix en BB King. Hij richt zijn eigen All Star Bluesrock Band op. Ook raakt hij bevriend met Albert Collins, The Master of the Telecaster. In 1988 verhuist Berthod naar Los Angeles en Albert Collins helpt hem om daar een band samen te stellen met de beste blues(rock) muzikanten van de Westcoast. Hij toert door de VS, Canada en Europa en deelt het podium met BB King, Gregg Allman, Coco Montoya, John Mayall, Delbert McClinton, J.J. Cale en vele anderen. in 2017 wordt hij opgenomen in de Las Vegas Blues Hall Of Fame. De hedendaagse invloeden van Berthod zijn Robben Ford, Warren Haynes en Larry Carlton.

Behalve voor de hier al eerder genoemde gitaarvoorbeelden had Rick Berthod ook bewondering voor Peter Green, de in 2020 overleden oprichter van Fleetwood Mac. Op het in oktober uitgebrachte album Tribute to Peter Green brengt hij een ode aan deze Britse bluesgitarist.

Het album opent met If you be my baby, een heerlijke slowblues met kristalhelder gitaarwerk en zang en fraai pianospel van Junior Brantley. Black magic woman, dat Peter Green in 1968 schreef, is vooral bekend geworden door Santana die er in 1970 een grote hit mee scoorde. Schitterend is het gitaarwerk daarna weer in Jumping at shadows, oorspronkelijk een nummer van de Britse bluesgitarist Duster Bennett (1946 – 1976). Need your love so bad, een Little Willie John song uit 1955 en een hit van Fleetwood Mac in 1968, is ook in de uitvoering van Rick Berthod een prachtige slowblues. Fraai zijn hier ook de baslijnen van Ronee Mac en het tinkelende pianospel van Billy Truitt. Oh well, een single van Fleetwood Mac uit 1970,  begint met orgel gevolgd door de bekende gitaarlicks. Fel is het gitaarwerk en strak de ritmesectie met percussie in Rattlesnake shake. Albatross, de instrumentale hit van Fleetwood Mac uit 1968 begint en eindigt met de golven van de zee. De bijdrage van John Zito op slide mag niet onvermeld blijven. Stop messing around is een uptempo bluesrocker met vlammende bijdragen van de drie extra gitaristen Stoney Curtis, Chris Tofield en Mike Varney. De saxofoon van de originele uitvoering van Fleetwood Mac ontbreekt hier. Fraai is de zang en spetterend het gitaarwerk in Driftin’. Het slotnummer, de shuffle Loved another woman is een typisch Fleetwood Mac nummer  met naast Berthod Jason Walker op gitaar.

Conclusie: Rick Berthod is een uitstekende gitarist en op dit album brengt hij een voortreffelijke ode gebracht aan Peter Green.

Tracks cd:

  1. If you be my baby
  2. Black magic woman
  3. Jumping at shadows
  4. Need your love so bad
  5. Oh well
  6. Rattlesnake shake
  7. Albatross
  8. Stop messing around
  9. Driftin’
  10. Loved another woman

Line-up

  • Rick Berthod – zang, gitaar
  • Ronee Mac – bas, zang
  • Brett Barnes – drums, percussie, vibes
  • Billy Truitt – hammond, piano
  • Junior Brantley – piano en zang (track 1)
  • Stoney Curtis – gitaar (track 8)
  • Chris Tofield – gitaar (track 8)
  • Mike Varney – gitaar (track 8)
  • John Zito – slide gitaar (track 7)
  • Jason Walker – gitaar (track 10)
13dec/220

Sharon Van Etten – We’ve been going about this all wrong

De Amerikaanse singer-songwriter Sharon Katharine Van Etten is geboren op 26 februari 1981 in Belleville, New Jersey. Ze bezocht de North Hunderdon High School in Clinton, New Jersey en later de Middle Tennessee State University in Murfreesboro. Na een aantal jaren in Brooklyn te hebben gewoond, woont ze sinds 2019 met haar gezin in Los Angeles. Van Etten beschouwt singer-songwriter Ani DiFranco als haar grote inspiratiebron. In 2009 verschijnt haar debuutalbum Because I was in love. In mei 2022 verscheen haar 6e album We’ve been going about this all wrong. Dit album is vorige maand opnieuw uitgebracht in een deluxe edition met vier extra tracks.  

Het album opent met Darkness fades, een mooi gezongen dromerige ballad. Na het rustige en ingetogen Home to me, wordt het met I’ll try, met lekker drumwerk en gruizige gitaren, iets pittiger. Anything begint mooi akoestisch, maar wordt daarna steeds steviger. Ook Born is een gevarieerd nummer dat begint met de bijna fluisterende zang, maar halverwege wordt het met orgel, drums en gitaren weer lekker stevig. Bonkende drums, vervormde gitaren en synthesizer maken van Headspace een donkere rockende song. Van Etten etaleert haar grote (heldere) vocale kwaliteiten in de prachtige ballad Come back. Fenomenaal is de zang in het subtiele akoestisch Darkish. Na het rockende Mistakes is Far away weer een ballad met vervormde gitaren en ‘zwevende’ zang. Never gonna change is een song als veel andere op dit album, akoestisch rustig beginnen, maar met synthesizer, gitaren, bas, drums en uitbundige zang steeds steviger eindigend. Porta en Used to it worden ook gekenmerkt door synthesizer, lekker drumwerk, vervormde gitaren en uitstekende zang. Het slotakkoord When I die is een dromerige en prachtige gezongen ballad.

Conclusie: We’ve been going about this all wrong is een album met prachtige melodieën van een fenomenale zangeres. 

Tracks cd:

  1. Darkness fades
  2. Home to me
  3. I’ll try
  4. Anything
  5. Born
  6. Headspace
  7. Come back
  8. Darkish
  9. Mistakes
  10. Far away
  11. Never gonna change
  12. Porta
  13. Used to it
  14. When I die

Line-up

  • Sharon Van Etten – zang, akoestische gitaar (tracks 1,5,8,11,13,14), drums (tracks 2,3,4,5,11,12, 13,14), synthesizer (tracks 1,2,11,12,13,14), orgel (tracks 5,7), piano (tracks 11, 14), keyboards (tracks 3,5,6,7,9,10) tamboerijn (tracks 1,4), Wurlitzer (track 13,14), drummachine (track 14)
  • Benji Lysaght – akoestische gitaar (tracks 2,7)
  • Charley Damski – gitaar (tracks 3,4,5,6,9,10,11,12,13,14),  Glockenspiel (track 1), synthesizer (tracks 1,2,3,5,6,7,9,10,11,14), piano (track 14), Wurlitzer (track 13)
  • Daniel Knowles – percussie (track 5), bas (track 1), gitaar (track 14)
  • Devin Hoff – gitaar (tracks 1,2,3,4,5,6,7,9,10), bas (track 11,12,13,14)
  • Jay Bellerose – drums (tracks 2,5,7)
  • Jorge Balbi – drums (tracks 1,2,3,5,6,7,9,10,11,12,13,14), percussie (track 6), bas (track 14)
  • Dave Palmer – piano (track 7)
  • Owen Pallett – strings (track 5)
  • Zachary Dawes – gitaar (tracks 2,5)
5dec/220

Various artists – Live forever – a tribute to Billy Joe Shaver

De Amerikaanse outlaw countryzanger, songwriter en acteur Billy Joe Shaver werd geboren op 16 augustus 1939 in Corsicana, Texas. Op zijn 17e ging hij naar de Amerikaanse Marine. Na zijn ontslag had hij verschillende banen, o.a. bij een houtzagerij, waar hij, omdat zijn rechterhand bekneld raakte in de machine, het grootste deel van twee vingers kwijt raakte. Desondanks leerde hij gitaar spelen zonder die ontbrekende vingers.  Hij vond werk als songwriter in Memphis, Tennessee. Daar maakte hij kennis met Waylon Jennings die een groot aantal van Shaver’s songs opnam op zijn legendarische album Honky tonk heroes. Ook Elvis Presley, Kris Kristofferson, Bobby Bare, The Allman Brothers Band en Nick Cave namen zijn liedjes op. In 1973 verscheen Shaver’s debuutalbum Old five and dimers like me. Zijn 23e en laatste studioalbum Long in the tooth verscheen in 2014. Dit was het eerste album van Shaver dat in Bilboard’s Top Country Albums en de Billboard 200 terecht kwam. Billy Joe Shaver stierf na een bewogen leven op 28 oktober 2020. Hij werd 81 jaar.

Deze maand verscheen het album Live forever, a tribute to Billy Joe Shaver. Op dit album brengen oude geestverwanten als Willie Nelson, Rodney Crowell, Lucinda Williams en Steve Earle en anderen een ode aan Billy Joe Shaver.

Het album opent met I’m gonna live forever, gezongen door Willie Nelson met Lucinda Williams in de backing vocals en Charlie Sexton op dobro en B3. In het stevige Ride me down easy horen we de duozang van Ryan Bingham en Nikki Lane. Zanger-gitarist Rodney Crowell neemt de ingetogen ballad Old five and dimers voor zijn rekening met wederom een mooie gitaarbijdrage van Sexton. Lekker uptempo en vrolijk is de zang van Miranda Lambert, naast het heerlijke pianospel van Jimmy Wallace in I’m just an old chunck of coal (but I’m gonna be a diamond someday. Na de door Edie Brickell prachtig gezongen ballad I couldn’t be without you duiken we de pure country in met zang, gitaar en dobro van Nathaniel Rateliff en Luke Mossman op gitaar in You asked me to. Pure country klinkt ook door in de typische zang van George Strait in de ballad Willie the wandering gypsy and me, met een ‘slepende’ fiddle van Warren Hood en de pedal steel van Ricky Ray Jackson. Opwindend is de zang van Amanda Shires in Honky tonk heroes met Mickey Raphael op mondharp en gitaristische bijdragen van Audley Freed en Jason Isbell. Steve Earle draait daarna zijn bekende hand niet om met de countryrocker Ain’t no God in Mexico. Fraai is in dit nummer ook de fiddle van Eleanor Whitmore en de pedal steel van Ricky Ray Jackson. Margo Price neemt de leadvocals voor haar rekening in de zeer fraaie ballad Ragged old truck met harmoniezang van Joshua Hedley. Willie Nelson is weer present met zang en gitaar in de uptempo trainsong Georgia on a fast train. Willie’s in maart dit jaar overleden zus Bobby speelt een mooie pianosolo. Het slotnummer Tramp on your feet is een schitterend door de Canadese singer-songwriter gezongen ballad met fraaie backing vocals van de SistaStrings, de uit Milwaukee, Wisconsin, afkomstige zusters Monique en Chauntee Ross.   

Conclusie: Live forever is ronduit een schitterende ode aan een geweldige liedjesschrijver. 

Tracks cd:

  1. I’m gonna live forever (Willie Nelson, Lucinda Wiliams)
  2. Ride me down easy (Ryan Bingham, Nikki Lane)
  3. Old five and dimers (Rodney Crowell)
  4. I’m just an old chunck of coal (but I’m gonna be a diamond someday) (Miranda Lambert)
  5. I couldn’t be me without you (Edie Brickell)
  6. You asked me to (Nathaniel Rateliff)
  7. Willy the wandering gypsy and me (George Strait)
  8. Honky tonk heroes (Amanda Shires)
  9. Ain’t no God in Mexico (Streve Earle)
  10. Ragged old truck (Margo Price, Joshua Hedley)
  11. Georgia on a fast train (Willie Nelson)
  12. Tramp on your street (Allison Russell)
28nov/220

Dave Keys – Rhythm, blues & boogie

De in New York geboren toetsenist, zanger en songwriter Dave Keys is een veteraan in de blues- en american-roots muziekscene en loopt al ruim 30 jaar mee. Zijn muzikale helden zijn o.a. Fats Domino, Dr. John, Johnny Johnson en Professor Longhair. Het grootste deel van de afgelopen 10 jaar werkte Keys, naast zijn eigen Dave Keys Band en solo-optredens, samen met Popa Chubby en tot haar overlijden begin dit jaar met Ronnie Spector. Eerder werkte hij lange tijd samen met o.a. Odetta, David Johansen, Bo Diddley, rockabilly-legende Sleepy LaBeef en gospelgrootheid Marie Knight.

Hij werkte verder ook als sideman voor muzikale grootheden als Eddy Clearwater, Big Jay McNeely, Tracy Nelson, Gladys Knight, Pam Tillis, Darlene Love, Ruth Brown, Lou Rawls en Levon Helm.

De muziek van David Keys vindt zijn wortels in diepe blues, soul en rock and roll. Deze roots vormen de basis van zijn recente albums en levendige liveshows. Zijn goed ontvangen vorige albums zijn onstuimige sets van grotendeels origineel materiaal, variërend van New Orleans tweedelijns funk tot langzame sensuele blues, opzwepende shuffles en onstuimig rockende boogiewoogie.

Vorige maand verscheen zijn nieuwe album Rhythm blues & boogie. Op dit album spelen een aantal speciale gasten mee zoals Doug MacLeod, Popa Chubby en de legendarische 83-jarige drummer Bernard ‘Pretty ’Purdie. 

Bij het openingsnummer Shake shake shake kunnen de voetjes meteen van de vloer. Een groovy nummer met klassiek drumwerk van Bernard Purdie, een spetterende saxsolo van Chris Eminizer en pianospel van Dave Keys in de beste traditie van Professor Longhair. Prachtig zijn de blazersarrangementen daarna in het swingende That’s what I call the blues, met naast de piano een indringende gitaarsolo van John Putnam. Gitarist Early Times is te gast met een vette gitaarsolo in het uptempo R&B nummer Blues and boogie. In de ballad Funny how time slips away van Willie Nelson toont de croonende Keys zijn grote klasse met zijn prachtige pianospel. Ain’t doing that nor more begint met een fraai drumintro van Purdie, waarna de blazers invallen en met de backing vocals en de slide van Putnam belanden we zo in cajunsferen. Na het soulvolle Ain’t going down met een felle gitaarsolo van Putnam, soleert Keys in de swingende boogie WBGO, een titel die verwijst naar het gelijknamige jazz- en blues radiostation in Newark. Popa Chubby is gastgitarist in het jazzy met salsa-invloeden overgoten Not fighting anymore. Keys schreef Invisable man samen met Doug MacLeod, die in deze akoestische blues gitaar speelt en aan het slot ook vocaal zijn wijsheden uitstrooit. De bonustrack 7 O’clock somewhere is een ode ‘to our frontline heroes who continue to give so much’. Een feestelijke afsluiter.

Conclusie: Dave Keys schiet met Rhythm blues & boogie wederom in de roos. Een voortreffelijk album.

Tracks cd:

  1. Shake shake shake
  2. That’s what I call the blues
  3. Blues and boogie
  4. Funny how time slips away
  5. Ain’t doing that no more
  6. Ain’t going down
  7. WBGO boogie
  8. Not fighting anymore
  9. Invisable man
  10. 7 O’clock somewhere

Line-up

  • Dave Keys – piano, B-3, Wurlitzer, accordeon, zang
  • Bernard ‘Pretty’ Purdie – drums (tracks 1.2.5.6)
  • John Putnam – gitaar (tracks 1.2.5.6.10)
  • Jeff Anderson – bas (tracks 1,2,3,5,6)
  • Frank Pagano – drums (tracks 3,6,10, percussie, backing vocals
  • Early Times – gitaar (track 3)
  • Popa Chubby – gitaar (track 8)
  • David J. Keys – bas (track 8)
  • Doug MacLeod – akoestische gitaar en zang (track 9)
  • Chris Eminizer – tenor sax (tracks 1,2,3,5,8)
  • Tim Quimette – trompet en blazersarrangementen (tracks 1,2,3,5,8)