Gerritschinkel.nl Columns & meer

2sep/210

James McMurtry – Horses and the hounds

De tegenwoordig in Austin, Texas, wonende singer-songwriter-gitarist en bandleider James McMurtry wordt op 18 maart 1962 geboren in Fort Worth, Texas. Van zijn vader, de romanschrijver Larry McMurtry, krijgt James op zijn 7e zijn eerste gitaar en zijn moeder leert hem de eerste drie akkoorden. Daarna leert James alles zelf, gaat op zijn gehoor af en kijkt hoe anderen het doen. In zijn tienerjaren begint hij liedjes te schrijven. In 1987 doet hij op advies van een vriend mee aan de Kerrville Folk Festival New Folk songwriterswedstrijd en hij wordt een van de zes winnaars. In 1989 komt zijn onder toezicht van John Mellencamp tot stand gekomen debuutalbum Too long in the wasteland uit.

De COVID-19 pandemie gebruikte McMurtry om wekelijks live akoestische optredens te streamen op Facebook en YouTube. Tijdens deze optredens werden nieuwe nummers gespeeld, die nu ook op zijn op 20 augustus jl. verschenen nieuwe album Horses and the hounds staan. Op dit album, de opvolger van zijn het 2015 verschenen Complicated game, werkt McMurtry weer samen met twee oude bekenden, producer Ross Hogarth, de man die ook in 1989 achter de knoppen zat bij zijn debuutalbum en gitarist David Grissom die bij McMurtry ’s 2e album Candyland was betrokken.   

Horses and the hounds opent met Canola Fields, prachtige melodieuze americana met een lyrische gitaarsolo, een song over de koolzaadvelden in Alberta, Canada. Het stevig rockende If it don’t bleed, met slide van Harry Smith, roept herinneringen op aan Warren Zevon. Stevig is daarna ook Operation never mind. Fraai is de cello in de mooi gezongen countryballad Jackie. Decent man is ook een mooie ballad met orgel, harmonieen en een felle gitaarsolo. In het uiterst sfeervolle Vaquero wordt geweldig geïnstrumenteerd met een hoofdrol voor accordeonist Bukka Allen. Het samen met David Grissom geschreven titelnummer The horses and the hounds rockt met verschroeiende gitaarsolo’s van Grissom zeer stevig. In het opwindende Ft. Walton wake-up is een rappende McMurtry te horen over hoe een man van middelbare leeftijd omgaat met de uitdagingen van vandaag de dag. McMurtry schreef dit nummer samen met drummer Daren Hess en zijn voormalige bassist Cornbread. Bij de uptempo rocker What’s the matter is de sound van The Rolling Stones niet ver weg. Het slotnummer is wat mij betreft het prijsnummer van het album. Met de samen met producer Hogarth geschreven  fraaie countryrocker Blackberry winter wordt het album walsend uitgeluid.   

Conclusie: Absoluut topalbum van James McMurtry is grootse vorm.

Tracks cd:

  1. Canola Fields
  2. If it don’t bleed
  3. Operation never mind
  4. Jackie
  5. Decent man
  6. Vaquero
  7. The horses and the hounds
  8. Ft. Walton wake-up call
  9. What’s the matter
  10. Blackberry winter

Line-up

  • James McMurtry – zang, gitaar
  • David Grissom – elektrische en akoestische gitaar, mandogitaar
  • Charlie Sexton – high strung gitaar, bouzouki, mandogitaar
  • Sean Hurley – bas
  • Daren Hess – drums
  • Kenny Aronoff, Stan Lynch – percussie
  • Bukka Allen – orgel, accordeon, keys
  • Red Young – orgel
  • Loren Gold – orgel, piano
  • Stephen Barber – piano, Wurlitzer
  • Jon Gilutin – piano, keys
  • Harry Smith – slide, mandoline, banjo
  • John McFee – banjo
  • Cameron Stone – cello
  • Randy Garibay jr, Betty Soo, Akina Adderly, Harmond Kelley – harmonie en backing vocals
26aug/210

Tiffany Pollack & Co – Bayou liberty

De Amerikaanse zangeres Tiffany Pollack is geboren en getogen in New Orleans. Zodra ze kan praten begint ze al met zingen. Haar eerste professionele schreden zet ze als achtergrondzangeres in de band Russel Batiste & Friends. Na een aantal jaren richt ze haar eigen band Beaucoup Crasseux op. Daarnaast begint ze te zingen in vele andere bands. Na het uiteenvallen van Beaucoup Crasseux richt ze de jazzband Tiffany Pollack & Co op. Pollack krijgt een contract bij Nola Blue Records waarop in 2019 haar album Blues in my blood verschijnt. Met dit album trekt ze de aandacht in de blueswereld  en het album wordt bekroond met een aantal prijzen.

Vorige maand verscheen het nieuwe album van Tiffany Pollack & Co. Dit album, Bayou liberty, is vernoemd naar Liberty Road, waar Pollack opgroeide en het is opgedragen aan haar in februari jl. op 70-jarige leeftijd overleden oom Charles. Bayou liberty werd in minder dan een week met Adam Hill en Scott Bomar opgenomen in Electraphonic Studios in Memphis, Tennessee.  

Met de slepende bluesshuffle Spit on your grave wordt het album fantastisch geopend. Indrukwekkende zang met Ma Rainey in het achterhoofd, een droge ritmesectie, slide, saxofoon en mondharp. Colors is licht swingend en in het ragtime achtige Crawfish and beer komt de ukelele er bij. Mountain is een prachtige countrysong met Eric Lewis op pedal steel. Vooral door de soulvolle zang en de saxofoon waait in My soul my choice de funky soulwalm van Stax je tegemoet. Devil and the darkness is uitbundig gezongen enigszins duistere bluesrock met gruizige gitaarsolo’s en saxofoon. In Sassy bitch, met een fraaie saxsolo, is het ook allemaal soul wat de klok slaat. Met het prettige I’m gonna make you love me wordt een typische New Orleans sfeer gecreëerd. Na het relaxte Hourglasses wordt in het mooi gezongen Baby boys met lap steel de hemelse americanasferen met John Prine en Townes van Zandt in gedachten bereikt. In Livin’ for me is weer een hoofdrol voor de saxofoon van Christopher Johnson weggelegd. Met de rumba Do it yourself wordt het album geheel in stijl zeer prettig afgesloten.

Conclusie: Bayou liberty is een gevarieerd en zeer prettig in het gehoor liggend album.

Tracks cd:

  1. Spit on your grave
  2. Colors
  3. Crawfish and beer
  4. Mountain
  5. My soul my choice
  6. Devil and the darkness
  7. Sassy bitch
  8. I’m gonna make you love me
  9. Hourglasses
  10. Baby boys
  11. Livin’ for me
  12. Do it yourself

Line-up

  • Tiffany Pollack – zang, ukelele (track 3,7,8,9), slide gitaar (track 6)
  • Brandon Brunious – (slide) gitaar
  • Stoo Odom – bas
  • Eric Lewis – pedal steel (track 4,10)
  • Christopher Johnson – saxofoon
  • John Németh – harmonica (track 1)
  • Ian Petillo – drums
24aug/210

Blind Lemon Pledge – A satchel full of blues

De in San Francisco woonachtige producer, singer-songwriter en multi-instrumentalist James Byfield ontdekt op jonge leeftijd de blues en folk in de plaatselijke clubs. Behalve blues en folk hebben ook country, jazz en rock & roll zijn interesse. Na zijn studie aan de universiteit van San Francisco besluit Byfield zich toe te leggen op een carrière in de muziek, naast zijn werkzaamheden als grafisch designer, multimedia producer en animator. In 2008 neemt hij het besluit om fulltime muzikant te worden en noemt zich voortaan Blind Lemon Pledge. Zijn eerste album Livin’ my life with the blues, een album met originals en bluesklassiekers, verschijnt in 2009.  

Vorige maand kwam Blind Lemon Pledge met een nieuw album. Ook nu draagt hij, net als vorig jaar bij Goin’ home, dit album weer op aan alle grote bluesmuzikanten wiens muziek hij heeft bestudeerd en die hij graag met de hele wereld wil delen. Zo noemt hij de Texaanse countryzanger Gene Autry, die hem als eerste inspireerde om een liedje te schrijven. Willie Dixon die hem leerde de ‘mojo’ in zijn muziek toe te voegen. Randy Newman die hem leerde hoe hij veel uit weinig woorden kan halen. Pianist Mose Allison leerde hem hoe gevarieerd blues kan zijn. En naast componist, zanger, pianist en bandleider Hoagy Carmichael alle songwriters die met hun muziek zoveel plezier hebben gebracht. Pledge wordt ondersteund door bassist Peter Grenell en drummer Juli Moscovitz.    

De opener Wrong side of the blues is een lekker rockend nummer met heerlijke mondharpsolo’s. Mooi is de gitaarsolo in het jazzy If Beale Street was a woman, daarbij verwijzend naar de bekende straat in het centrum van Memphis Tennessee. Black eyed Susie is geënt op een riff van Son House en Pledge bewijst hier goed met de slide overweg te kunnen. Ingetogen is de zang in het liefdesliedje Sherri Lynn. Bij Heart so cruel wordt Pledge geïnspireerd door de honky tonk blues van countryzanger Hank Williams. Blue heartbreak is een bluesballad met een lange lyrische jazzy gitaarsolo over een verbroken romance. Het aparte Teacher, teacher, het verhaal over een wellustige tiener, wordt gedomineerd door uitgebreide mondharpsolo’s. I killed the king of the blues gaat over de dood van de legendarische Robert Johnson en ook hier weer vette harpsolo’s en slide. Na de shuffle Detour blues is Alberta het enige niet door Pledge geschreven nummer. Pledge maakt van deze traditional een fraaie bluesballad met een fijne gitaarsolo. Before I take my rest is een gospelblues, waarbij Pledge zijn inspiratie opdeed bij de negrospiritual Oh sinner man. In het slotnummer Death don’t ask permission wordt een ode gebracht aan de gospelblueszanger Blind Willie Johnson.     

Conclusie: A satchel full of blues is een album met liefde voor de blues en is het beluisteren meer dan waard. 

Tracks cd:

  1. Wrong side of the blues
  2. If Beale Street was a woman
  3. Black eyed Susie
  4. Sherri Lynn
  5. Heart so cruel
  6. Blue heartbreak
  7. Teacher, teacher
  8. I killed the king of the blues
  9. Detour blues
  10. Alberta
  11. Before I take my rest
  12. Death don’t ask permission
13aug/210

Rolling Stones – A bigger bang live on Copacabana Beach

Op 18 februari 2006 gaven The Rolling Stones voor 1,5 miljoen mensen op het strand van Copacabana in Rio de Janeiro, het grootste gratis openluchtconcert dat ooit is gegeven. Dit was een van de drie concerten die The Stones in het kader van hun ‘A bigger bang world tour’ in Zuid-Amerika gaven. Opnames van dit legendarische concert zijn vorige maand geheel opgefrist en geremasterd uitgebracht. Voor de echte liefhebbers is er ook een deluxe edition met een dvd van het nooit eerder uitgebrachte concert in Delta Center in Salt Lake City op 22 november 2005.

Het concert in Rio de Janeiro opent met de bekende Keith Richards riff van Jumpin’ Jack Flash. Felle gitaarduels van Richards en Wood, een onverstoorbare ritmesectie Watts - Jones en een energieke Jagger die het publiek al meteen opzweept. De band rockt daarna stevig door in It’s only rock ‘n ‘ roll, en de uptempo gitaarrocker You got me rocking. In Tumbling dice komen de blazers en de backing vocals er bij. Oh no, no you again is een van de vier nieuwe songs van hun in 2005 verschenen album A bigger bang. Een stevige rocker met een lekkere bijdrage van Chuck Leavell op  keyboards. Het eerste rustpunt is de ballad Wild horses, met Richards op akoestische gitaar. Rain fall down is ook een nieuw nummer waarin Jagger de slaggitaar ter hand neemt en Darryl Jones een vette bassolo laat horen. Een loeiende mondharp kondigt Midnight rambler aan, een ruim 12 minuten lange versie van deze ultieme livesong. Night time is the right time, een song geschreven door Roosevelt Sykes in 1937, maar ook bekend van o.a. Ray Charles, hebben The Stones nooit op de plaat gezet. In deze prachtige blues steelt hier in Rio de Janeiro Lisa Fischer de show met haar explosieve zang. Na het voorstellen van de musici door Jagger duikt de zanger even de coulissen in en is het de beurt aan het traditionele ‘solo’ optreden van Keith Richards met twee songs. This place is empty is ook een nieuw nummer met Richards naast zang op akoestische gitaar, Ronnie Wood op pedal steel en de jazzy blazers. Richards tweede song is het overbekende Happy, met het gruizige gitaarintro, Wood weer op pedalsteel en de soulvolle blazers.

Nadat Richards het publiek heeft bedankt kondigt het keyboardintro Miss you aan, een song die er live als koek ingaat getuige de reacties. Het vierde nieuwe nummer van het album A bigger bang is de uptempo gitaarrocker Rough justice. Hierna gaat de band weer ver terug in de tijd met Get off of my cloud, hun grote hit uit 1965, gevolgd door Honky tonk women uit 1969, met een fraaie gitaarsolo van Richards en een klaterende pianosolo van Chuck Leavell. Inmiddels is het kleine podium weer verlaten en is het bekende intro met drums, percussie en piano te horen van Sympathy for the devil, het bekende openingsnummer van hun album Beggars banquet uit 1968. Een Mick Jagger die als Lucifer het publiek bezweert, een Keith Richards die zijn schrikdraadsolo’s uit zijn gitaar perst, een strakke ritmesectie en de oeh oehs van het koortje doen de rest. Start me up is een feest van herkenning en dat geldt daarna zeker ook voor Brown sugar met de bekende verschroeiende saxsolo van Bobby Keys. De trombone van Michael Davis opent de mooie ballad You can’t always get what you want, waarbij Jagger het publiek tot community singing probeert te verleiden. De traditionele afsluiter is (I can get no) satisfaction. Iedereen haalt nogmaals het onderste uit de kan in deze lange spetterende versie van zeg maar het lijflied van The Rolling Stones. Met een ferme laatste klap van Charlie Watts is het feest op het strand afgelopen.   

Conclusie: Ook op het strand van Copacabana hebben The Rolling Stones hun faam als een van de beste livebands ter wereld weer waargemaakt.

Tracks cd 1:

  1. Intro
  2. Jumpin’ Jack Flash
  3. It’s only rock ‘n ‘ roll (but I like it)
  4. You got me rocking
  5. Tumbling dice
  6. Oh no, not you again
  7. Wild horses
  8. Rain fall down
  9. Midnight rambler
  10. Night time is the right time
  11. Band intros
  12. This place is empty
  13. Happy

Tracks cd 2:

  1. Miss you
  2. Rough justice
  3. Get off of my cloud
  4. Honky tonk women
  5. Sympathy for the devil
  6. Start me up
  7. Brown sugar
  8. You can’t always get what you want
  9. (I can get no) satisfaction

Line-up

  • Mick Jagger – zang, gitaar, mondharmonica
  • Keith Richards – gitaar, zang
  • Charlie Watts – drums
  • Ronnie Wood – gitaar
  • Darryl Jones – bas, backing vocals
  • Chuck Leavell – keyboards, backing vocals
  • Bobby Keys – saxofoon
  • Bernard Fowler – backing vocals
  • Lisa Fischer – backing vocals
  • Blondie Chaplin – backing vocals, percussie
  • Tim Ries – saxofoon, keyboards
  • Kent Smith – trompet
  • Michael Davis – trombone
4aug/210

The Wallflowers – Exit wounds

De Amerikaanse band The Wallflowers werd in 1990 opgericht door Jakob Dylan (de zoon van). in 1992 verscheen hun debuutalbum The Wallflowers. In de loop van de jaren onderging de band de nodige bezettingswisselingen.

Na negen jaar is er weer een nieuw album van The Wallflowers. Deze maand verscheen Exit wounds, de opvolger van het uit 2012 stammende Glad all over. Het album bevat tien nieuwe door Dylan geschreven songs, is geproduceerd door Butch Walker en gemixt door Chris Dugan. Vocale bijdragen zijn er op vier tracks van singer-songwriter Shelby Lynne.     

Maybe your heart is not in it no more is het openingsnummer, een Tom Petty/Counting Crows achtige ballad met Shelby Lynne in de backing vocals. Roots and wings is de nieuwe single, een mooie slepende gitaarsolo en wederom een groot Tom Petty gehalte. In het met fraaie keyboards en lekker gitaarwerk opgesierde midtempo melodieuze I hear the ocean (when I wanna hear trains) krijgt Dylan vocale assistentie van Butch Walker. The dive bar in my heart is lekker wegrockende midtempo americana. In de melancholische ballad Darlin’ hold on, schittert Shelby Lynn in het mooie duet met Dylan. Lynne is ook aanwezig in de backing vocals in het funky Move the river. Fraai is hier ook het basspel van Whynot Jansveld. I’ll let you down (but will not give you up) en Wrong end of the spear zijn soulvolle ballads. Fel gaat het er aan toe in Who’s that man waiting ‘round my garden, een rocker in de beste Stones traditie. Het album wordt afgesloten met de ballad The daylight between us.   

Conclusie: Exit wounds zal niet de geschiedenis in gaan als een baanbrekend album, maar wel als een album met eerlijke zeer goed te pruimen Amerikaanse rootsmuziek.

Tracks:

  1. Maybe your heart is not in it no more
  2. Roots and wings
  3. I hear the ocean (When I wanna hear trains)
  4. The dive bar in my heart
  5. Darlin’ hold on
  6. Move the river
  7. I’ll let you down (But will not give you up)
  8. Wrong end of the spear
  9. Who’s that man waiting ‘round my garden
  10. The daylight between us

Line-up

  • Jacob Dylan – gitaar, zang
  • Aaron Embry – keyboards
  • Brian Griffin – drums
  • Whynot Jansveld – bas
  • Val McCallum – gitaar
  • Mark Stepro – drums
  • Butch Walker – gitaar, keyboards, percussie, backing vocals
  • Shelby Lynne – (backing) vocals (track 1,5,6,7)   
29jul/210

Ida Mae – Click click domino

Ida Mae is het jonge uit Norwich afkomstige Britse echtpaar Stephanie Jean Ward (zang, toetsen) en Chris Turpin (zang, gitaren). Hun band is vernoemd naar een song van Sonny Terry. Het duo is woonachtig in Nashville, Tennessee. Hun veel geprezen debuutalbum Chasing Lights verscheen in 2019. De muziek van Ida Mae kan worden getypeerd als een rootsy mengeling van blues, country, folk, soul en rock & roll.

Het afgelopen voorjaar benutte Ida Mae, nadat ze noodgedwongen door de COVID-19 pandemie hun tournee moesten afbreken, met het schrijven van nieuwe songs en het opnemen van hun tweede album. Ward en Turpin worden op het deze maand verschenen album Click click domino bijgestaan door Ethan Johns op drums en er zijn gitaristische gastrollen weggelegd voor Marcus King en Jake Kiszka (Greta Van Fleet). Op dit album gebruikt het duo ook een aantal antieke muziekinstrumenten zoals een banjo-ukelele, een salongitaar, een mandoline uit de jaren ’20 en een vroege Japanse drummachine.

Gitaargetokkel op de banjo-ukelele opent het folky openingsnummer Road to Avalon. Daarna gaat het van dik hout zaagt men planken met de stevige blues Click click domino. Dit titelnummer heeft een Led Zeppelin achtig intro en verder is de jonge gitaargod Marcus King te horen met zijn snijdende gitaarlicks. Fraai pianospel van Ward is te horen in de mooie ballad Line on the page. Raining for you is een bluesy ballad met mooie samenzang en Turpin op zijn resonator gitaar. De gevarieerde instrumenten en de elektronische percussie zijn te horen in het onheilspellend klinkende Little liars. Marcus King laat in de stevige uptempo blues Deep river zijn niet geringe gitaarkunsten weer horen. De rust keert weer terug in de prachtige ballad Heartworn traders met het fraaie piano-intro, de meerstemmige zang en de heerlijke strijkersarrangementen. Calico coming down is een soulvolle ballad die herinneringen oproept aan Allison Krauss. Niet onvermeld mag hier het strakke drumwerk van Ethan Johns blijven. De drummachine en de mandolinetto komen er aan te pas in het gedreven gezongen Learn to love you better. In de zompige gitaarrocker Long gone & heartworn is Jake Kiszka helemaal in zijn element en het gitaarwerk van Turpin gaat in de stevige slowblues Mountain lion blues ook door merg en been. Met Sing a hallelujah wordt het album in gospelsferen afgesloten.

Conclusie: Click click domino is een aanrader.

Tracks:

  1. Road to Avalon
  2. Click click domino (feat. Marcus King)
  3. Line on the page
  4. Raining for you
  5. Little liars
  6. Deep river (feat. Marcus King)
  7. Heartworn traders
  8. Calico coming down
  9. Learn to love you better
  10. Long gone & heartworn (feat. Jake Kiszka)
  11. Mountain lion blues
  12. Sing a hallelujah
27jul/210

Tom Petty and the Heartbreakers – Angel dream

In 1996 verscheen het soundtrackalbum Songs and music form the motion picturen ‘She’s the one” van Tom Petty and the Heartbreakers. Dit 15-tracks tellende album bevatte ook een aantal nummers die waren opgenomen tijdens de sessies van het album Wildflowers , maar die uiteindelijk niet op dat album uit 1994 zijn terecht gekomen.

Om het 25-jarige jubileum van het soundtrackalbum ‘She’s the one’ te vieren is dit album deze maand opnieuw, geremixt en geremasterd, uitgebracht onder de titel Angel dream. De tracks die waren overgebleven van Wildflowers zijn weggelaten en in plaats daarvan zijn vier nooit eerder uitgebrachte tracks van Tom Petty and the Heartbreakers op deze nieuwe (her)uitgave te vinden.

Het openingsnummer, de prachtige ingetogen akoestische song Angel dream no. 2 doet meteen vertrouwd aan. Grew up fast varieert daarna van rustig tot lekker rockend. Lekker stevig en gedreven met vet gitaarwerk is Change the locks, een song van Lucinda Williams uit 1988. De band gaat vervolgens helemaal los in de uptempo stampende bluesrocker Zero from outer space. De Beck Hansen compositie Asshole is een mooie ballad met fraai gitaarwerk van Mike Campbell. Een van de vier nieuwe songs is het rustige ingetogen jazzy One of life’s little mysteries. Walls no. 3 is weer zo’n typische melodieuze Tom Petty song. Ook nieuw is JJ Cale’s Thirteen days, met een fraaie slide, orgel, piano en straf drumwerk. Het derde nieuwe nummer is 105 Degree, een felle bluesrocker en ook de Petty – Campbell compositie Climb that hill rockt stevig met gitaren en een strakke ritmesectie. Supernatural radio staat ook op het originele album uit 1996 maar krijgt hier een langere uitvoering die varieert van rustig tot fel rockend. Het slotnummer French disconnection is een instrumental met de akoestische gitaren van Petty en Campbell, de mondharp en het orgel van Benmont Tench. Ook deze instrumental is een niet eerder uitgebrachte track.

Conclusie: Angel dream zijn Tom Petty and the Heartbreakers op hun best.  

Tracks:

  1. Angel dream no. 2
  2. Grew up fast
  3. Change the locks
  4. Zero from outer space
  5. Asshole
  6. One of life’s little mysteries
  7. Walls no. 3
  8. Thirteen days
  9. 105 Degree
  10. Climb that hill
  11. Supernatural radio  (extended version)
  12. French disconnection

Line up:

  • Tom Petty – gitaar, zang, mondharmonica, tamboerijn, timpaan, backing vocals
  • Mike Campbell – elektrische gitaar, akoestische gitaar, 12-string gitaar, slide gitaar
  • Howie Epstein – bas, backing vocals
  • Chris Bellman – drums
  • Curt Bisquera – drums
  • Stan Lynch – drums
  • Benmont Tench – harmonium, orgel, (elektrische) piano
  • Chris Trujillo – percussie
22jul/210

Martha Fields – Headed south

De muzikale roots van de uit Austin, Texas, afkomstige singer-songwriter Martha Fields liggen in de heuvels van Oost Kentucky, in West Virginia en in Texas. Ze is als het ware geboren met country- en folkmuziek in haar bloed. Ze leert zichzelf gitaar spelen en op jonge leeftijd begint ze met het schrijven van liedjes. Ze heeft o.a. opgetreden met Ricky Scaggs en Merle Travis en heeft een aantal succesvolle tournees door Europa gemaakt, waarin ze ook Nederland heeft aangedaan. Haar vorige twee albums, Southern white lies (2016) en Dancing shadows (2018) belandden in de top tien van de beste albums van de Euro Americana Chart. Martha Fields woont tegenwoordig een gedeelte van het jaar in het Franse Bordeaux.

Vorige maand verscheen haar nieuwe album Headed South. Het album, met twaalf nieuwe zelf geschreven songs, is tijdens de COVID-19 lockdown opgenomen in het zuidwesten van Frankrijk en gemixt in Butcher Shoppe Studio in Nashville door Sean Sullivan. Martha Fields wordt ook op dit album weer begeleid door haar vertrouwde Franse topmuzikanten.

Het openings- en titelnummer Heades south zet meteen de toon met heerlijke melodieuze americana en de band laat meteen ook zijn grote muzikale klasse horen. De zang van Martha Fields doet me in het met twangy gitaren versierde Let the Phoenix rise af en toe denken aan Marianne Faithfull. In my garden is lekkere R&B en met solerende bandleden, met een hoofdrol voor Vincent Samyn met zijn tinkelende pianosolo, swingt daarna Lavada’s Lounge de pan uit. Uitbundig is de zang, naast de twangy gitaren en dobro, in Death rattle of love. Dat de roots van Martha Fields in de Appalachen liggen bewijst ze in Hillbilly Babylon. Bluegrass voert de boventoon in het opwindende Do more right, met viool, banjo en gitaar. Yellow roses is een tranen trekkend mooie countryballad en ook Souvenir is een fraaie ballad met prachtige zang gedrenkt in Hammondtonen. De band, met een strakke ritmesectie, is daarna weer op dreef in het funky rockende High shelf mama. Een van de hoogtepunten is het jazzy Bad boy. Mooie pianosolo’s, opwindende tempoversnellingen met solerende bandleden en blazers. Dat Martha Fields ook voor Franse chansons haar hand niet omdraait laat ze horen in J’entends siffler le train/500 miles, een song van de Franse zanger Richard Anthony (1938 – 2015). Een indrukwekkend mooie afsluiter.

Conclusie: Headed south is een album met een authentieke mix van country, blues, rock ‘n ‘ roll, bluegrass en folk. Een fantastisch album.

Tracks:

  1. Headed south
  2. Let the Phoenix rise
  3. In my garden
  4. Lavada’s Lounge
  5. Death rattle of love
  6. Hillbilly Babylon
  7. Do more right
  8. Yellow roses
  9. Souvenir
  10. High shelf mama
  11. Bad boy
  12. J’entends siffler le train/500 miles

Line up:

  • Martha Fields – zang
  • Manu Bertrand – akoestische gitaar, dobro, pedal steel, lap steel, Weissenborn, resonator, banjo, 12-string gitaar, mandoline
  • Serge Samyn – contrabas, elektrische bas
  • Urbain Lambert – elektrische gitaar, akoestische gitaar
  • Dennis Bielsa – drums, percussie, washboard
  • Manu Godard – hammond
  • Monica Taylor – backing vocals
  • Travis Fite – backing vocals
  • Olivier Leclerc – viool
  • Vincent Samyn – piano
  • Bruno Bielsa – trompet
  • Jean Bielsa – trombone
13jul/210

Alligator Records – 50 Years of genuine houserockin’ music

Het platenlabel Alligator Records bestaat dit jaar een halve eeuw. Het label werd in 1971 opgericht door de 23-jarige bluesfan Bruce Iglauer. De eerste plaat die Iglauer voor zijn nieuwe label opneemt is het debuutalbum van zijn favoriete Chicagobluesband Hound Dog Taylor & The Houserockers. De artiesten van het label zijn in de loop van de jaren overladen met Grammy Awards en andere Blues Music Awards. De catalogus van Alligator Records omvat meer dan 350 titels en het wordt door velen gezien als de hoeksteen van de blueslabels. Ik kan me dan ook niet voorstellen dat er bluesliefhebbers zijn die niets van Alligator Records in hun platenkast hebben staan.

Het 50-jarig jubileum van Alligator Records kon natuurlijk niet ongemerkt voorbij gaan. Vorige maand verscheen er een dubbel-lp met 24 tracks en een 3-cd met maar liefst 58 tracks van artiesten van dit nu al legendarische platenlabel.  

Cd 1 opent uiteraard met Hound Dog Taylor & The Houserockers. Een lekker begin met het ruige Give me back my wig. Verder veel spetterend gitaarwerk van gitaargoden als Son Seals, Fenton Robinson, Albert Collins, Roy Buchanan en Johnny Winter. De scheurende mondharp van Big Walter Horton, Carey Bell, James Cotton en William Clarke. Koko Taylors  explosieve zang mag niet ontbreken en met Professor Longhair duiken we de sferen van New Orleans in. Opwindende liveperformances van Lonnie Mack, Lonnie Brooks en Luther Allison. Het funky en soms bijna klassieke gitaarspel van Clarence ‘Gatemouth’ Brown, de swingende pianoblues van het trio Saffire en de rockabilly rootsrock van The Palladins.

Op cd 2 komen we geweldige gitaarbeulen tegen als Michael Burks, Kenny Neal, Smokin’ Joe Kubek, Long John Hunter, Joe Louis Walker en de jonge Australische slidegitarist Dave Hole. Ook hier weer veel mondharp (Carey Bell, Billy Boy Arnold, Corky Siegel en Phil Wiggins). Gospel is er van Mavis Staples, Corey Harris en de robuust rockende Holmes Brothers. CJ Chenier zorgt voor de zydeco. Katie Webster en Janiva Magness zijn de geweldige zangeressen.

Ook op cd 3 staat een grote variatie aan stijlen. Marcia Ball met haar zeer aangename New Orleans stijl, de vette slide van Lil’ Ed, prachtige slowblues (Roomful of Blues, Shemekia Copeland, Elvin Bishop, JJ Grey & Mofro, Tinsley Ellis). Beulswerk op de gitaar van Christone Ingram, Selwyn Birchwood, Guitar Shorty, Toronzo Cannon, Nick Moss, Coco Montoya). Mondharp (Charlie Musselwhite, Dennis Gruening, Rick Estrin & The Nightcats).  

Conclusie: Slowblues, vette bluesrock, soulblues, spetterende gitaren, huilende mondharmonica’s, swingende piano’s, blazers, uitstekende zangers en zangeressen, alles komt voorbij in deze fantastische verzamelaar. Bijna vier uur puur genieten.   

Tracks cd 1

  1. Hound Dog Taylor & The Houserockers – Give me back my wig
  2. Koko Taylor – I’m a woman
  3. Big Walter Horton with Carey Bell – Have mercy
  4. Fenton Robinson – Somebody loan me a dime
  5. Professor Longhair – It’s my fault darling
  6. Son Seals – Telephone angel
  7. Johnny Winter – Lights out
  8. Albert Collins – Blue Monday hangover
  9. James Cotton – Little car blues
  10. Albert Collins, Robert Cray & Johnny Copeland – The dream
  11. William Clarke – Pawnshop bound
  12. Lonnie Mack – Ridin’ with the blinds (live)
  13. Lonnie Brooks – Cold lonely nights (live)
  14. Luther Allison – Soul fixin’ man (live)
  15. Clarence ‘Gatemouth’ Brown – Got my mojo working
  16. Saffire – The uppity blues women – Sloppy drunk
  17. Roy Buchanan – That did it
  18. The Palladins – Keep on lovin’ me, baby

Tracks cd 2:

  1. Michael Burks – Love disease
  2. Kenny Neal – I’m a blues man
  3. The Holmes Brothers – Run myself out of town
  4. Little Charlie & The Nightcats – Jump start
  5. Katie Webster – I’m still leaving you
  6. Smokin’ Joe Kubek & Bnois King – Don’t lose my number
  7. The Kinsey Report – Corner of the blanket
  8. Carey Bell – I got a rich man’s woman
  9. C.J. Chenier & The Red Hot Louisiana Band – Au contraire mon frere
  10. Mavis Staples – There’s  a devil on the loose
  11. Michael Hill’s Blues Mob – Presumed innocent
  12. Steady Rollin’ Bob Margolin – Not what you said last night
  13. Billy Boy Arnold – Man of considerable taste
  14. Cephas & Wiggins – Ain’t seen my baby
  15. Long John Hunter – Marfa lights
  16. Dave Hole – Phone line
  17. Eric Lindell – Josephine
  18. Joe Louis Walker – I won’t do that
  19. Janiva Magness – That’s what love will make you do
  20. The Siegel-Schwall Band – Going back to Alabama
  21. Corey Harris & Henry Butler – Why don’t you live so God can use you?

Tracks cd 3:

  1. Marcia Ball – Party town
  2. Lil’ Ed & The Blues Imperials – What you see is what you get
  3. Roomful of Blues – In a roomful of blues
  4. Billy Branch & The Sons of Blues – Blue and lonesome
  5. Christone ‘Kingfish’ Ingram – Outside of this town
  6. Shemekia Copeland – Clotilda’s on fire
  7. Curtis Salgado – The longer that I live
  8. Selwyn Birchwood – Living in a burning house
  9. Elvin Bishop & Charlie Musselwhite – Midnight hour blues
  10. The Cash Box Kings – Ain’t no fun (when the rabbit got the gun)
  11. Tommy Castro & The Painkillers – Make it back to Memphis (live)
  12. JJ Grey & Mofro – A woman (live)
  13. Rick Estrin & The Nightcats – I’m running
  14. Coco Montoya – You didn’t think about that
  15. Tinsley Ellis – Ice cream in hell
  16. Chris Cain – You won’t have a problem when I’m gone
  17. Guitar Shorty – Too late
  18. The Nick Moss Band feat. Dennis Gruening – The hig coast of low living
  19. Toronzo Cannon – The Chicago way
7jul/210

Lukas Nelson & Promise of the Real – A few stars apart

De Amerikaanse rockband Promise of the Real (POTR), is in 2008 opgericht door Lukas Nelson (25 december 1988), zoon van de beroemde Willie Nelson, en drummer Anthony LoGerfo. Beide heren ontmoetten elkaar tijdens een concert van Neil Young en besloten toen samen muziek te gaan maken. Sinds 2015 zijn Lukas Nelson & Promise of the Real ook de begeleidingsband van Neil Young. In 2010 verscheen hun debuutalbum Lukas Nelson & Promise of the Real.  

De COVID-19 pandemie zorgde er voor dat Lukas Nelson & Promise of the Real helaas na tien jaar uitgebreid toeren over de hele wereld een pauze moesten inlassen. Maar deze rustpauze kwam volgens Nelson wel zijn innerlijke rust ten goede en het was ook een mooi moment om te reflecteren.  

Vorige maand verscheen het nieuwe album van Lukas Nelson & Promise of the Real. Het album A few stars apart telt elf nummers en werd in drie weken opgenomen in RCA Studio in Nashville met de gelauwerde producer Dave Cobb (o.a. Sturgill Simpson, Chris Stapleton, John Prine, Jason Isbell).

Het album opent met de mooie ballad We’ll be alright, waarbij de stem van Lukas af en toe dicht in de buurt komt van die van zijn vader Willie Nelson. Het tempo gaat omhoog in Perennial bloom (back to you), een melodieuze rocker met gitaren en drums in de stijl van Tom Petty & the Heartbreakers. In Throwin’ way your love bewijst de band zijn grote klasse. Het titelnummer A few stars apart, een romantische ballad met piano en orgel, wordt gevolgd door het funky No reason, met fraaie baslijnen en opvallende percussie. In het folky Leave ‘em behind wordt weer uitstekend gemusiceerd, met een strakke ritmesectie en Logan Metz op banjo. Na de strakke gitaarrocker Wildest dreams, wederom in de beste traditie van Tom Petty, bewijst Nelson een soulvolle zanger te zijn in de met lekkere baslijnen en tinkelende piano aan het eind versierde ballad Giving you away. Het samen met Rina Ford geschreven Hand me a light is een prachtige countryballad met mooie harmonieen. De stem van Lukas lijkt in de uptempo jazzy countrysong More than we can handle ook weer op die van vader Willie. Het slotnummer Smile is een zeer fraaie pianoballad.

Conclusie: Met A few stars apart hebben Lukas Nelson & Promise of the Real wederom een uitstekend album afgeleverd waar de energie van af spat.  

Tracks:

  1. We’ll be alright
  2. Perennial bloom (back to you)
  3. Throwin’ away your love
  4. A few stars apart
  5. No reason
  6. Leave ‘em behind
  7. Wildest dreams
  8. Giving you away
  9. Hand me a light
  10. More than we can handle
  11. Smile

Line-up

  • Lukas Nelson – zang, akoestische gitaar, elektrische gitaar, piano
  • Logan Metz – banjo, lap steel, mellotron, orgel, piano, wurlitzer, backing vocals
  • Dave Cobb – akoestische gitaar
  • Anthony LoGerfo – drums
  • Corey McCormick – (contra) bas, mellotron, backing vocals
  • Tato Melgar – percussie