Gerritschinkel.nl Columns & meer

7jul/220

Rod Picott – Paper hearts and broken arrows

De Amerikaanse singer-songwriter Rod Picott is op 3 november 1964 geboren in New Hampshire. Als kind verhuist hij naar South Berwick in Maine. Op school raakt hij daar bevriend met Slaid Cleaves waarmee hij samen jaren muziek maakt, o.a. in het bandje The Magic Rats. In 2000 schrijven ze het nummer Broke down, dat veel gedraaid wordt op de americana zenders in de VS. Het succes hiervan leidt er toe dat Picott zijn baan in de bouw opgeeft om zich volledig aan de muziek te wijden. In 2001 verschijnt zijn debuutalbum Tiger Tom Dixon’s Blues. Picott is dan inmiddels verhuisd naar Nashville Tennessee. Collega’s als Ray Wylie Hubbard, Fred Eaglesmith en Slaid Cleaves namen songs van Picott op.

Vorige maand verscheen er weer een nieuw album (zijn 14e) van Rod Picott, Paper hearts and broken arrows, een album met 12 nieuwe songs.

Het album opent mooi ingetogen en subtiel begeleid met Lover. Iets steviger is daarna Revenuer met elektrische gitaar en slide. Mona Lisa is een liefdesliedje over een meisje dat helaas niet Mona Lisa blijkt te zijn, maar de hoofdpersoon stelt dat hij ook geen James Dean is. Dirty T-shirt is prachtige americana met pedal steel, percussie, piano en de enigszins hese stem van Picott. Het gevoelig gezongen Frankie Lee, een song over een outlaw, schreef Picott samen met Jennifer Tortorici. De begeleiding is hier ook weer subtiel. Sonny Liston gaat over het tragische leven van de legendarische Amerikaanse zwaargewicht bokser Sonny Liston (1932-1970). Fraai is het drumwerk in het melodieuze uptempo samen met Slaid Cleaves geschreven Through the dark. Heel rustig met alleen zang en akoestische gitaar is Valentine’s day. Met Mark Eerelli schreef Picott Washington county. Vrijwel akoestisch, meer tempo en lekkere mondharpflarden. Toen Picott destijds naar Nashville verhuisde maakte hij kennis met de cultuurverschillen van het zuiden met die van New England waar hij opgroeide. In Lost in the south verhaalt hij hierover. In het akoestische Mark of your father staat de complexe relatie vader/zoon centraal. Het slotnummer Make your own light schreef Picott ook met Slaid Cleaves. Een mooi gezongen song met minimale akoestisch begeleiding. 

Conclusie: Paper hearts and broken arrows is een onweerstaanbaar mooie luisterplaat,

Tracks cd:

  1. Lover
  2. Revenuer
  3. Mona Lisa
  4. Dirty T-shirt
  5. Frankie Lee
  6. Sonny Liston
  7. Through the dark
  8. Valentine’s day
  9. Washington county
  10. Lost in the south
  11. Mark of your father
  12. Make your own light

Line-up

  • Rod Picott – zang, akoestische gitaar
  • Juan Solodzano – pedal steel, slide gitaar
  • Lex Price – bas, tenorgitaar
  • Evan Hutchings – drums
  • Neilson Hubbard – piano, harmonies, percussie
4jul/220

John McDonough – We’ll answer the call

John McDonough is een singer/songwriter uit Chicago, Illinois. Zijn akoestische gitaarwerk, gepassioneerde zang en persoonlijke teksten resulteren in een modern singer/songwritergeluid. Zijn vocale vaardigheden worden wel vergeleken met Elton John, Van Morrison en Harry Chapin en zijn songwritersstijl met die van o.a. de Ierse singer/songwriter Damien Rice.

Voordat McDonough in 2020 weer naar Chicago verhuisde, heeft hij 25 jaar lang opgetreden in en rond Austin, Texas. Tien jaar geleden stopte John met psychotherapie om zich uitsluitend op muziek te concentreren. In die tijd heeft hij vijf cd's met originele muziek uitgebracht die goed tot zeer goed werden ontvangen. Zijn album Second chances, een album met akoestische arrangementen van zijn favoriete songs van eerdere albums, werd in 1921 genomineerd voor Album of the Year door The Josie Music Awards en Blues and Roots Magazine.

Deze maand verscheen de concept-ep  We’ll answer the call. Deze ep vertelt het waargebeurde verhaal van Joe Rantz en het Washington Husky-roeiteam dat in 1936 deel nam aan de Olympische Spelen van Berlijn.

Het openingsnummer Shooting star is een prachtige folky song met akoestisch gitaarwerk, fraaie pianotonen en passievolle zang van McDonough, ondersteund door de backing vocals van Cody Rathmell. In Love you just for you, zit iets meer tempo. Fraai zijn weer de zangduetten. Among the stars wordt ook weer gekenmerkt door lyrisch akoestisch gitaarwerk terwijl het orgel een extra dimensie toevoegt. Het titelnummer, het met grote intensiteit gezongen We’ll answer the call, is tamelijk stevig en bluesy en eindigt met een elektrische gitaarsolo van Kris Farrow. Het beste wordt voor het laatst bewaard, want Point east, dat verhaalt over de beroemde Husky Clipper waarmee Joe Rantz en zijn team in 1936 bij de Olympische Spelen in Berlijn goud wonnen voor de VS. Een pareltje met lekkere gitaarlicks, een zeer fraaie cello en McDonough en Rathmell vocaal in topvorm.

Conclusie: Op de ep We’ll answer the call plak ik zonder dralen het etiket: wonderschoon.

Tracks cd:

  1. Shooting star
  2. Love you just for you
  3. Among the stars
  4. We’ll answer the call
  5. Point me east

Line-up

  • John McDonough – zang, akoestische gitaar
  • Kris Farrow – akoestische gitaar, elektrische gitaar
  • Cole Gramling – piano, orgel
  • Kevin Butler – drums, percussie
  • Steve Bernal – bas, cello
  • Cody Rathmell – backing vocals
  • Niamh Fahy – viool
1jul/220

Tedeschi Trucks Band – I am the moon: I Cresent

De Amerikaanse rock- en bluesband Tedeschi Trucks Band is in 2010 opgericht door Susan Tedeschi (zang, gitaar) en Derek Trucks (gitaar). Derek Trucks is vooral bekend als gitarist van The Allman Brothers Band en The Derek Trucks Band. Susan Tedeschi had haar eigen Susan Tedeschi Band. In 2010 besloot het echtpaar hun beide bands samen te voegen tot de Tedeschi Trucks Band. De band bestaat uit twaalf leden, waaronder meerdere zangers en drummers en een blazerssectie. In 2011 verschijnt hun debuutalbum Revelator, waarmee de band in 2012 een Grammy Award krijgt voor het beste bluesalbum.

Inmiddels is Tedeschi Trucks Band begonnen aan een zeer ambitieus project, nl. de vierdelige albumreeks I am the moon. De vier albums bevatten 24 originele songs met in totaal meer dan twee uur muziek. Tevens verschijnen er vier bijbehorende films. Suzan en Derek werden bij het schrijven van de liedjes geïnspireerd door het gedicht Layla & Mainun uit de 12e eeuw van de Perzische dichter Nezami Ganjavi.

Deze maand verscheen het eerste deel  van I am the moon: Cresent. De overige drie delen, II Ascension, III The Fall en IV Farewell zullen de komende maanden verschijnen.

I am the moon: I. cresent telt vijf songs. Het openingsnummer Hear my dear is een midtempo ballad, met fraaie orgelpartijen, lekker gitaarwerk, soulvolle zangen een ‘voorzichtige’ blazerssectie. Fall in is geschreven door Mike Mattison, die ook de leadzang voor zijn rekening neemt. In deze shuffle met gospelinvloeden komen we in New Orleans sferen met slide, piano, handclapping en de blazers met een hoofdrol voor de trombone. Het titelnummer I am the moon, is een mooi (meerstemmig) gezongen ballad die herinneringen oproept aan Bob Dylan’s  Knocking on heavens door. In Circles round the sun is de zang van Suzan weer groots naast de pompende bas, het strakke drumwerk, de keys en de felle gitaarlicks. Het slotnummer Pasaquan  is een ruim twaalf minuten durende instrumental met psychedelische en jazzy elementen die herinneringen oproepen aan Jimi Hendrix en The Allman Brothers Band. De funky orgelsolo en de drumsolo completeren deze swampy en groovy jamsessie.     

Conclusie: I am the moon: I cresent is een fantastisch album. Ik kijk reikhalzend uit naar de volgende drie delen. 

Tracks cd:

  1. Hear my dear
  2. Fall in
  3. I am the moon
  4. Circles round the sun
  5. Pasaquan

Line-up

  • Suzan Tedeschi – zang, gitaar
  • Derek Trucks – gitaar
  • Gabe Dixon – keys, zang
  • Brandon Boone – bas
  • Tyler Greenwell – drums, percussie
  • Isaac Eady – drums, percussie
  • Mike Mattison – gitaar, zang
  • Mark Rivers – zang
  • Alecia Chakour – zang
  • Kebbi Williams – saxofoon
  • Ephraim Owens – trompet
  • Elizabeth Lea – trombone
24jun/220

Sweet Bourbon – Slippery slopes

De uit de omgeving van Nijmegen afkomstige bluesband Sweet Bourbon is begin 2014 opgericht door gitarist Chris Janssen. Sinds die tijd is de band niet meer weg te denken uit het Nederlandse clubcircuit. In 2015 brengt Sweet Bourbon het promoalbum Live at Trianon uit, een ep met live opnamen die gemaakt zijn op 13 juni 2015 in Trianon, Nijmegen. Hun eerste volledige album Night turned into day komt in 2017 uit. In de loop van de jaren bouwt Sweet Bourbon met hun stevige Southern rock stijl met een mix van rock, blues , jazz en soul een mooie livereputatie op in het clubcircuit.

Vorige maand verscheen hun nieuwe album Slippery slopes. Het album is een live registratie van het concert dat de band in oktober 2021 gaf in de Bluesmoose in Groesbeek.

Het openingsnummer Kicked me out is een soepele relaxte blues. Cool down is funky met fraaie bastonen, strak drumwerk, felle gitaarlicks en een wervelende orgelsolo. Ook het lekker rockende 2nd Wallstreet wordt gedragen door uitwaaierende orgeltonen. In de ontspannen countryblues Asked you a question vallen de slide, de fraaie harmonieen van The Bourbonnettes en de mondharp op. Muddy footprints is een bluesballad met intense wendingen. In de bluesrocker Born a rebel is een ‘jagende’ ritmesectie te horen achter een felle gitaarsolo en een heerlijke orgelsolo. De prachtige bluesballad Swan is gedrenkt in een overvol bad van orgeltonen. Just a silly dream is een melodieuze ballad met een mooi akoestisch begin. Het slotnummer Texas women is stevige midtempo blues met een scheurende gitaarsolo en een flonkerende orgelsolo.

Conclusie: Met Slippery slopes stelt Sweet Bourbon de fans opnieuw niet teleur. Het geïnspireerd klinkende album is het beluisteren meer dan waard. En laten ze nu maar snel met nieuw werk komen.

Tracks cd:

  1. Kicked me out
  2. Cool down
  3. 2nd Wallstreet
  4. Asked you a question
  5. Muddy footprints
  6. Born a rebel
  7. Swan
  8. Just a silly dream
  9. Texas women

Line-up

  • Chris Janssen – gitaren
  • René van Onna – lead zang, gitaar
  • Willem van der  Schoof – keyboards, bluesharp
  • Roeland van Laar – bas
  • Ruben Ramirez – drums
  • Suzan Wattimena – zang
  • Henny Oudesluijs – ukelele, percussie, zang
20jun/220

Mavis Staples & Levon Helm – Carry me home

Levon Helm werd geboren op 26 mei 1940 in Marvell, Arkansas. Hij werd vooral bekend als drummer, multi-instrumentalist en zanger van de Canadees-Amerikaanse rockband The Band. Na het afscheid van The Band in 1976 (afscheidsconcert The Last Waltz in San Francisco, uitmuntend gefilmd door Martin Scorsese), maakte Helm een aantal soloalbums en speelde ook filmrollen. In 1983 werd The Band (zonder Robbie Robertson) weer opgericht. Met het overlijden van Rick Danko in 1999 stopte The Band definitief. Helm ging daarna door met muziek maken. Hij overleed op 19 april 2012 in New York op 71-jarige leeftijd.

Soul- en gospelzangeres Mavis Staples is geboren 10 juli 1939 in Chicago, Illinois. In de jaren ’50 begint ze met haar vader Roebuck ‘Pops’, zus Cleotha en broer Pervis als The Staple Singers te zingen in lokale kerken en op te treden. In 1969 verschijnt het eerste soloalbum van Mavis Staples. In de jaren ’80 gaat zij samenwerken met Prince. Later maakt zij platen die geproduceerd worden door Ry Cooder en Jeff Tweedy (Wilco).   

Levon Helm organiseerde vanaf het begin van deze eeuw regelmatig concerten (The Midnight Ramble Sessions) met o.a. The Levon Helm Band en Mavis Staples in zijn studio The Barn, een omgebouwde schuur in Woodstock. In de zomer van 2011 trad Mavis Staples voor het laatst op tijdens zo’n concert. The Levon Helm Band werd voor die gelegenheid uitgebreid met een blazerssectie en leden van de band van Mavis Staples. Dit concert is vorige maand verschenen op het album Carry me home.

Het album opent met This is my country, een compositie van Curtis Mayfield en een grote hit in 1968 van de Impressions, waarin racisme en politieke ongelijkheid aan de kaak worden gesteld. Schitterende soul en geweldige zang. Blazers en een hamerende piano zijn prominent aanwezig in de rauwe blues Trouble in mind, een song van jazzpianist Richard M. Jones. De acapella zang van Mavis en de harmonieen zijn zeer indrukwekkend in W.B. Stevens’ gospel Farther along. De blazers zijn weer fantastisch in Hand writing on the wall, de uptempo gospel van Dottie Peoples en Harvey Lee Watkins jr. Het drumwerk van Levon Helm is lekker strak en de saxsolo mag er ook zijn. Het van Nina Simone bekende I wish I knew how it would feel to be free swingt lekker weg. Dan volgen er twee composities van ‘Pops’ Staples, het met orgel gelardeerde Move along train (een nummer dat Levon Helm zelf ook in 2009 op de plaat zette) en het ontroerende This may be the last time uit 1961. When I go away van gitarist Larry Campbell is lekkere uptempo soul. Prachtig en ingetogen is de soulballad Wide river to cross, een song van Buddy & Julie Miller. De blazerssectie is hier ook weer in topvorm. You got to move van Mississippi Fred McDowell, en ook bekend van The Rolling Stones, is een opwindende uptempo spiritual. Ook Bob Dylan komt langs met een strakke versie van diens You got to serve somebody, een nummer van zijn album Slow train coming uit 1979. Het slottakkoord The weight, de klassieker van The Band, is grandioos met een emotioneel duet tussen Mavis Staples en Levon Helm, waarbij diens stem helaas door zijn ziekte duidelijk is aangetast.      

Conclusie: Carry me home is een topalbum. Soul en gospel van het allerhoogste niveau. 

Tracks cd:

  1. This is my country
  2. Trouble in mind
  3. Farther along
  4. Hand writing on the wall
  5. I wish I knew how it would feel to be free
  6. Move along train
  7. This may be the last time
  8. When I go away
  9. Wide river to cross
  10. You got to move
  11. You got to serve somebody
  12. The weight

Line-up

Levon Helm Band

  • Levon Helm – drums, zang
  • Erik Lawrence – bariton sax
  • Byron Isaacs – bas
  • Jim Weider – gitaar
  • Amy Helm en Teresa Williams – harmoniezang
  • Larry Campbell – gitaar, mandoline, harmoniezang
  • Brian Mitchell – piano, keyboards
  • Jay Collines – tenor sax
  • Steven Bernstein – trompet

Mavis Staples Band

  • Mavis Staples – zang
  • Jeff Turmes – bas
  • Rick Holstrom – gitaar
  • Donny Gerrard, Vicki Randle, Yvonne Staples – harmoniezang
9jun/220

The Rolling Stones – El Mocambo 1977

The Rolling Stones gaven op 4 en 5 maart 1977 in de El Mocambo club in Toronto (Canada) een show voor slechts 300 fans. Het waren oorspronkelijk geheime optredens want volgens de affiche zou de Canadese rockband April Wine optreden, met in het voorprogramma The Cockroaches. Maar tot verrassing van de aanwezigen bleek dat The Rolling Stones de hoofdact waren.

Van deze legendarische optredens verschenen in september 1977 vier songs op het dubbele livealbum Love you live (Mannish boy, Crackin’ up, Little red rooster en Around and around). De overige opnamen werden nooit uitgebracht. Maar nu is het complete optreden van 5 maart, aangevuld met drie bonustracks van de show van 4 maart, uitgebracht.

Na de aankondiging ‘Please welcome to the El Mocambo in Toronto: The Rolling Stones’ knalt Keith Richards met de bekende riff van de grote hit Honky tonk women de show open, gevolgd door het  stomende All down the line en een geweldige versie van Hand of fate, een nummer van hun (toen) meest recente album Black & blue, dat een jaar daarvoor was verschenen. De strakke ritmesectie Charlie Watts en Bill Wyman laten meteen ook het achterste van hun muzikale tong zien. Met Bobby Troup’s Route 66 gaan de Stones terug naar 1964. Dan volgen er weer twee songs van Black & blue, de intieme (piano)ballad Fool to cry en de vette gitaarrocker Crazy mama. Daarna duikt de band in de klassieke blues met een intense versie van Mannish boy van Muddy Waters en de reggae Crackin’ up van Bo Diddley. Dance little sister is een stampende rocker met vette gitaarlicks en een hamerende piano. Daarna gaan de Stones weer terug naar 1964 met een geïnspireerde versie van de Chuck Berry klassieker Around and around. Cd 1 wordt afgesloten met Tumbling dice, een topnummer met fraaie baslijnen, lyrische gitaarsolo’s en Mick Jagger in topvorm.

Cd 2 opent met het funky Hot stuff, waarin vlammende gitaarlicks en keyboards de hoofdrol opeisen. De ritmesectie is weer, naast de bijtende gitaarlicks, geweldig op dreef in het heftig rockende Star star. Gedreven is de zang van Jagger in Let’s spend the night together, hun oude hit uit 1967.Indrukwekkend mooi is Worried life blues, de bluesstandaard van Big Maceo Merriweather uit 1941. Voorzover bekend was/is dit eerste keer dat de Stones dit nummer (live) hebben gespeeld. De volgende bluesklassieker is de slowblues Little red rooster van Willie Dixon, die in 1964 op single werd uitgebracht en tot verbazing van velen een grote hit werd. Het tempo wordt vervolgens weer opgevoerd met het fel rockende It’s only rock ‘n’ roll (but I like it) en het ultrasnelle Rip this joint. Brown sugar, dat nu niet meer wordt gespeeld omdat het vermeend racistisch zou zijn, wordt hier met gejuich ontvangen. Dit nummer blijft ook zonder de befaamde saxsolo een wereldnummer. Applaus is er ook voor Jumpin’ Jack Flash, hun wereldhit uit 1968. De laatste drie nummers van cd 2 zijn songs die gespeeld werden op 4 maart. Allereerst de ballad Melody uit 1976 met een geweldige bijdrage van Billy Preston. Dan een heerlijke versie van het uit 1974 stammende reggae-achtige Luxury. Het slotnummer, het ruim acht minuten durende Worried about you, zullen de fans voor het eerst hebben gehoord, want dit nummer verscheen pas in 1981 op het album Tattoo you. Een prachtige ballad met opvallend mooie baslijnen en een grootste Mick Jagger.  

Conclusie: The Rolling Stones waren op 4 en 5 maart 1977 in Toronto in absolute topvorm. Jammer dat we op het resultaat 45 jaar hebben moeten wachten.  

Tracks cd 1:

  1. Honky tonk women
  2. All down the line
  3. Hand of fate
  4. Route 66
  5. Fool to cry
  6. Crazy mama
  7. Mannish boy
  8. Crackin’ up
  9. Dance little sister
  10. Around and around
  11. Tumbling dice

Tracks cd 2:

  1. Hot stuff
  2. Star star
  3. Let’s spend the night together
  4. Worried life blues
  5. Little red rooster
  6. It’s only rock ‘n’ roll (but I like it)
  7. Rip this joint
  8. Brown sugar
  9. Jumpin’ Jack Flash
  10. Melody
  11. Luxury
  12. Worried about you

Line-up:

  • Mick Jagger – zang, akoestische gitaar, mondharmonica
  • Keith Richards – gitaar, zang
  • Ronnie Wood – gitaar, backing vocals
  • Charlie Watts – drums
  • Bill Wyman – bas
  • Ian Stewart – piano
  • Billy Preston – keyboards
  • Ollie Brown – percussie
2jun/220

Herman Brock jr. – Devianto

Herman Brock jr. (18 september 1970, Winterswijk) is een bluegrass-, americana- en bluesmuzikant, multi-instrumentalist en singer-songwriter. Hij groeit op in Terneuzen. Als tiener speelt hij al gitaar in de band van zijn vader Herman Brock sr. In 1999 richt hij met bassiste Lizz Sprangers de band Eurocasters op en toert hiermee meerdere keren door Texas. In 2006 richt hij samen met Lizz Sprangers (bas, rubboard, vocals)  en Geertje van den Berg (mandoline, autoharp, vocals) de bluegrass- en old timeband Brock & the Brockettes op. Sinds 2009 speelt Brock (gitaar, vocals) ook met zijn bluegrassband Brock’s Blue Grass Bunch, die verder bestaat uit Lizz Sprangers (bas), Henk van der Sypt (mandoline), Hans Wolters (banjo) en David Piedfort (dobro). Met deze band heeft Brock door Kentucky getoerd.

In 2015 verscheen zijn veel geprezen album The old world, een muzikale reis door de oude wereld met streekverhalen en legendes. Deze maand is het nieuwe album van Herman Brock jr. uitgekomen. Dit album, Devianto, (Latijn voor ‘afwijkend’) is een bluegrass-album dat ook ‘uitwijkt’ naar andere traditionele muziekstijlen. Devianto is opgenomen in de studio van Janos Koolen. Aan het album hebben maar liefst 24 muzikanten meegewerkt. Op de cover van het album staat het schilderij ‘Cosmic’ van de op jonge leeftijd vanuit Iran naar Frankrijk gevluchte kunstenaar Pejman Ebadi.

Het openingsnummer Freedom is fantastische uptempo bluegrass met veel piano, banjo en viool en vervolgens komt in Hey there baby ook de accordeon er bij. De Ierse fluit creëert een Keltische sfeer in Down at the graveyard. Breakout is een uptempo instrumental met banjo, dobro, mandoline en percussie. Future is pure bluegrass waarna in het rijkelijk geïnstrumenteerde Long time no see het tempo iets omlaag gaat. Keltische invloeden zijn er weer door de uitbundige uilleann pipes in het instrumentale titelnummer Devianto. Door de vrolijke trompetklanken belandt de luisteraar in Money (the cashbox piano) in de Latin sferen. Vader Herman Brock sr. is vocaal ook aanwezig in de countryballad You got me wrong. Daarna is het weer uitbundige bluegrass wat de klok slaat in Sometimes, Who am I to judge en Open up your eyes, waarbij de diverse instrumenten weer schitteren. Het album wordt na het slechts één seconde (!) durende Pick your own way afgesloten met de bonustrack You got me wrong, een rehearsal uit 1993 van The Brock Family.         

Bovenkant formulier

Onderkant formulier

Conclusie: Liefhebbers van bluegrass en muziek die daar dicht tegenaan ligt worden weer rijkelijk verwend met dit prachtige album.

Tracks cd:

  1. Freedom
  2. Hey there baby
  3. Down at the graveyard
  4. Breakout
  5. Future
  6. Long time no see
  7. Devianto
  8. Money (the cashbox piano)
  9. You got me wrong
  10. Sometimes
  11. Who am I to judge
  12. Open your eyes
  13. Pick your own way
  14. You got me wrong (bonustrack)

Line-up

  • Herman Brock jr. – zang, gitaar, autoharp, kokosnoten
  • Lizz Sprangers – bas, zang
  • Geertje v.d. Berg – mandoline, zang
  • Hans Wolters – banjo
  • Janos Koolen – mandoline, banjo, bouzouki, bodhrón
  • Jeroen Schmohl – dobro
  • Joost van Es – viool
  • Ies Muller – Ierse fluit
  • Onno Kuipers – accordeon
  • Bert Peyffers – percussie
  • Jasper Goedman – hang
  • Michael Boere – uilleann pipes
  • Pascal v.d. Velde – trompet
  • Bart van Strien – banjo
  • Arnold Lasseur – mandoline
  • Aart Schroevers – bas
  • Robert-Jan Kanis – gitaar
  • Tim Kliphuis – gypsy viool
  • Herman Brock sr. – zang
  • Herman Brock III – zang
  • Larry Brock – piano
  • Madelief Weida – zang
  • Jannes Weida – zang
  • Fapy Lafertin – gypsy gitaar
25mei/220

Willie Nelson – A beautiful time

Singer-songwriter Willie Nelson (29 april 1933, Abbott, Texas) is sinds 1956 actief in de muziekscene. De in Fort Worth, Texas, opgegroeide Red Headed Stranger weigert ondanks zijn respectabele leeftijd en het feit dat zijn gezondheid hem soms parten speelt, met pensioen te gaan. Bovendien verschijnen er met zeer grote regelmaat nieuwe albums van deze veteraan.

Op 29 april jl., op de dag dat Willie Nelson zijn 89e verjaardag vierde, verscheen A beautiful dream, zijn 72e  studioalbum. Het album opent met de door Chris Stapleton en Rodney Crowell geschreven passievolle liefdesballad I’ll love you till the day I die. Willie met zijn twangy Trigger en zijn enigszins breekbare stem en heerlijke pianoklanken. My heart was a dancer en Energy follows thought zijn typische Nelson ballads. In het ingetogen Dreamin’ again geeft good old Mickey Raphael met zijn mondharp, naast de backing vocals, een mooie invulling. Het tempo gaat voor het eerst omhoog in I don’t go to funerals, waarin meerdere overleden countryartiesten de revue passeren. Het titelnummer A beautiful time is een countryballad met emotioneel ingetogen zang en een fraaie steel. We’re not happy (till you’re not happy) is uptempo en melodieus. Subtiel is de begeleiding in Dusty bottles, waarna de mondharp en de backing vocals de liefdesballad Me and my partner weer mooi opsieren. In zijn typische Nelson stijl is Tower of song van Leonard Cohen ronduit schitterend. De steelgitaar is prominent aanwezig in de ballad Live every day en in de country tearjerker Don’t touch me there. With a little help from my friend van Lennon & McCartney valt voor mij iets uit de toon, maar de mondharp maakt veel goed. Het album eindigt met de mooie ballad Leave you with a smile weer zeer vertrouwd.   

Conclusie: A beautiful time is een wonderschoon album. Willie Nelson heeft zichzelf en de muziekliefhebber een mooi verjaardagscadeau gegeven.

Tracks cd:

  1. I’ll love you till the day I die
  2. My heart was a dancer
  3. Energy follows thought
  4. Dreamin’ again
  5. I don’t go to funerals
  6. A beautiful time
  7. We’re not happy (till you’re not happy)
  8. Dusty bottles
  9. Me and my partner
  10. Tower of song
  11. Live every day
  12. Don’t touch me there
  13. With a little help from my friends
  14. Leave you with a smile

Line-up:

  • Willie Nelson – lead vocals, gitaar (Trigger)
  • Barry Bales – contrabas
  • Jim ‘Moose’ Brown – piano, B-3 orgel, synthesizer, Wurlitzer
  • Buddy Cannon – backing vocals
  • Melonie Cannon – backing vocals
  • Chad Cromwell – drums
  • Fred Eltringham – drums, percussie
  • Kevin ‘Swine’ Grant – contrabas
  • Mike Johnson – steel gitaar
  • Catherine Marx – Wurlitzer, piano, B-3 orgel
  • James Mitchell – elektrische gitaar
  • Mickey Raphael – mondharmonica
  • Bobby Terry – akoestische gitaar, elektrische gitaar, steel gitaar, bas, piano
  • Lonnie Wilson – drums, percussie
17mei/220

Barry Hay & JB Meijers – Fiesta de la vida

Barry Hay is als zanger van Golden Earring sinds het stoppen van de wereldberoemde Haagse band in 2021 helaas noodgedwongen met pensioen. Hij woont sinds 2007 voornamelijk op Curaçao, maar hij is niet verloren voor de muziekscene. Muziek maken en optreden doet hij gelukkig nog steeds. Bijvoorbeeld met multi-instrumentalist JB Meijers (o.a. De Dijk, The Common Linnets, Acda & de Munnik). In 2019 maakten Hay en Meijers het album For you baby, en op 22 april jl. verscheen hun 2e album Fiesta de la vieda, een album met tien covers en vier eigen nummers.

Het openingsnummer Spirit in the sky is de gospelachtige song van Norman Greenbaum uit 1969. Hay en Meijers brengen een stevige versie, inclusief de fuzzy gitaar en de backing vocals. Het in januari al op single uitgebrachte Unconditionally begint rustig maar evolueert na een halve minuut in een energiek rockend nummer met zonnige Caraïbische invloeden. Tanita Tikaram ’s Twist in my sobriety is een heerlijke vlotte versie die je in Mexicaanse sferen brengt. Sterk is de zang van Hay in het funky reggae achtige met blazers en orgel versierde It’s not unusual, de hit van Tom Jones uit 1965. Apart is Magic carpet ride, de hit van Steppenwolf uit 1968. Een ‘springerig’ nummer met samenzang dat orkestraal en lichtelijk psychedelisch eindigt. Perfect stranger is een melodieuze gevarieerde rocker met een strakke ritmesectie en felle gitaarlicks. Don’t let the old man in is een fraai gezongen countrysong, een compositie van countryzanger Toby Keith uit de film The Mule van Clint Eastwood uit 2018. Hay is daarna helemaal in zijn element als rockzanger in het met overweldigende  arrangementen van Meijers toegeruste Dancing barfoot van Patty Smith uit 1979. Ook How much does it take to make you love me rockt uptempo lekker weg met zeer felle gitaarlicks. Taken in is een cover van Mike + The Mechanics uit 1986, een door piano en mooie arrangementen gedragen ballad. Fraai zijn de baslijnen, de percussie naast de bijtende gitaarlicks in het uit 1983 stammende Indian ropeman van Richie Havens. Het is weer volop rocken in 20th Century boy van T-Rex, waar de geest van Marc Bolan rondwaart. Met het door velen gecoverde You never can tell van Chuck Berry weten Hay en Meijers ook raad en ze toveren hier een enerverende met tex mex saus overgoten versie uit de hoge hoed. Het ook al eerder op single uitgebrachte titelnummer Fiesta de la vida is een feestelijke afsluiter met het Mariachi orkest dat een heerlijke Mexicaanse met een Caraïbisch sausje overgoten sfeer creëert.    

Conclusie:

Fiesta de la vida is een geïnspireerd en feestelijk album waar het muzikale plezier van afdruipt. Ik kan me voorstellen dat velen uitkijken naar het concert dat de heren op 5 november a.s. in de Ziggodome zullen geven. Naast een echt Mexicaans Mariachi-orkest zal dan ook special guest Danny Vera acte de presence geven.  

Tracks cd:

  1. Spirit in the sky
  2. Unconditionally
  3. Twist in my sobriety
  4. It’s not unusual
  5. Magic carpet ride
  6. Perfect stranger
  7. Don’t let the old man in
  8. Dancing barefoot
  9. How much does it take to make you love me
  10. Taken in
  11. Indian ropeman
  12. 20th Century boy
  13. You never can tell
  14. Fiesta de la vida
10mei/220

Edgar Winter – Brother Johnny

Het is op 16 juli a.s. acht jaar geleden dat de op 23 februari 1944 in Beaumont, Texas, geboren bluesgitarist en -zanger Johnny Winter vier dagen na een optreden op het Lovely Days Festival in Wiesen, Zwitserland, overleed.

Johnny Winter speelt vanaf 1959 in verschillende onbekende bandjes. In 1968 komt zijn doorbraak als hij door het blad Rolling Stone samen met Janis Joplin wordt uitgeroepen tot een van de grote beloften in de rockmuziek. In dat jaar verschijnt ook zijn debuutalbum The progressive blues experiment. In 1977 gaat hij samenwerken met Muddy Waters en in de jaren ’80 maakt hij bluesrock in een eigen stijl. In de jaren ’90 gaat zijn fysieke gestel sterk achteruit (o.a. drank en drugs), maar hij blijft optreden tot hij in 2014 op 70-jarige leeftijd overlijdt.

Edgar Winter is de jongere broer van Johnny Winter (28 december 1946, Beaumont, Texas). Hij is een multi-instrumentalist en speelt o.a. saxofoon en verschillende toetseninstrumenten. Eind jaren ’60 begeleidt hij zijn broer Johnny en zij treden samen op tijdens het Woodstock Festival in 1969. In 1972 richt hij The Edgar Winter Group op en scoort een hit met Frankenstein.    

Op 15 april jl. verscheen het album Brother Johnny, waarop Edgar Winter een ode brengt aan zijn overleden broer. Op dit album weet Edgar zich omringd door een groot aantal gerenommeerde muzikanten die Johnny hebben gekend of door hem zijn geïnspireerd.

Het album opent met Mean town blues, een dampende bluesrocker met virtuoos (slide) gitaarwerk van Joe Bonamassa. Vlammende gitaarlicks van Kenny Wayne Shepherd zijn daarna te horen in Alive and well. Keb’ Mo’ levert fantastisch werk af in de prachtige countryblues Lone star blues, een compositie van Edgar en dat ook op single is uitgebracht. Billy Gibbons (ZZ Top) en Derek Trucks vechten spetterende gitaarduels uit in I’m yours and I’m hers. Joe Walsh (Eagles) neemt in Johnny B. Goode van Chuck Berry de leadvocals voor zijn rekening. In deze daverende versie is David Grissom (o.a. bekend van zijn werk met John Mellencamp), gitaristisch in topvorm naast de hamerende piano en de altsaxsolo van Edgar. Rustiger gaat het er aan toe in Stranger, een ballad met Joe Walsh op gitaar, Ringo Starr op drums en zang van Michael McDonald. Bob Dylan’s Highway 61 rockt weer stevig weg met de virtuoze gitaarlicks van Kenny Wayne Shepherd en John McFee (Doobie Brothers). Steve Lukather (Toto) verrast met een door merg en been gaande gitaarsolo in Rick Derringer’s bekende jaren ’70 rocker Rock ‘n‘ roll hoochie koo. When you got a good friend van Robert Johnson is een prachtige countryblues met fraai gitaarwerk van Doyle Bramhall II. Edgar schreeuwt het uit naast de felle gitaarsolo’s van Phil X (Bon Jovi) in de Stones klassieker Jumpin’ Jack Flash. Taylor Hawkins, de onlangs overleden drummer van Foo Fighters is de vocalist in Guess I’ll go away met Doug Rappoport,(bekend van zijn tournees met Edgar Winter en Rick Derringer), op gitaar. Drown in my own tears is een emotionele ballad met Edgar op piano en sax. Joe Bonamassa voert het tempo weer fel op in Self destructive blues. Warren Hayes’ (Gov’ Mule) gitaar vlamt in de funky bluesrocker Memory pain. Het klassieke Stormy Monday blues (T-Bone Walker) is een fraaie bluesballad met piano en een lyrische gitaarsolo van Robben Ford. Bobby Rush is top met zijn scheurende mondharp in het door Muddy Waters bekend geworden Got my mojo workin’. Het eerbetoon eindigt met End of the line, een nieuwe pianoballad van Edgar, versierd met strijkers van David Campbell.

Conclusie: Brother Johnny is een zinderend eerbetoon van een sterrenensemble aan gitaarvirtuoos Johnny Winter,

Tracks cd:

  1. Mean town blues
  2. Alive and well
  3. Lone star blues
  4. I’m yours and I’m hers
  5. Johnny B. Goode
  6. Stranger
  7. Higway 61 revisited
  8. Rock ‘n ‘ roll hoochie koo
  9. When you got a good friend
  10. Jumpin’ Jack Flash
  11. Guess I’ll go away
  12. Drown in my own tears
  13. Self destructive blues
  14. Memory pain
  15. Stormy Monday blues
  16. Got my mojo workin’
  17. End of the line