Gerritschinkel.nl Columns & meer

28nov/200

Johnny Cash – Johnny Cash and The Royal Philharmonic Orchestra

Johnny Cash is inmiddels al weer ruim 17 jaar niet meer onder ons, maar ook in de archieven van The Man in Black is blijkbaar steeds weer materiaal te vinden dat nog nooit op de plaat is gezet. Zo verscheen er een jaar na zijn dood het album Out the stars met door zijn zoon John Carter Cash gerestaureerde opnamen uit de eerste helft van de jaren ’80 van de vorige eeuw.

Deze maand kwam er weer een ‘nieuw’ album uit van Johnny Cash. Dat nieuw moet met een klein korreltje zout worden genomen, want het betreft hier originele masteropnames van Cash die in de legendarische Abbey Road Studio 2 door The Royal Philharmonic Orchestra, o.l.v. de producers Don Reedman en Nick Patrick van een nieuwe symfonische omlijsting zijn voorzien. John Carter Cash is de uitvoerend producent en zijn vader had volgens hem een zwak voor de sound van orkesten en met name voor The Royal Philharmonic Orchestra, dus dat verklaart het een en ander.

Het album opent mooi orkestraal in de klassieker Man in black. Ierland nam in het leven van Johnny Cash een speciale plaats in en in Galway bay zijn duidelijk Ierse invloeden te horen, dus is het niet zo vreemd dat dit nummer werd opgenomen op dit album. Het duet met Bob Dylan in Girl from the North Country wordt ook vooraf gegaan van een lange orkestrale inleiding. Na de gospel I came to believe komt weer een bekende klassieker, A thing called love, een song met een bescheiden symfonische inbreng. Heel mooi blijft ook het duet met June Carter in Kris Kristofferson’s The loving gift. Van I walk the line en Flesh and blood zijn de alternatieve versies van de soundtrack-sessies voor de film I walk the line uit 1970 met in de hoofdrol Gregory Peck gebruikt. Farther along krijgt een mooie nieuwe interpretatie door de korte ingetogen gitaarsolo’s van good old Duane Eddy. De hit Ring of fire wordt  nog prettiger om naar te luisteren. Apart is het orkestrale intro voordat Willie Nelson, Waylon Jennings, Kris Kristofferson en Johnny Cash vocaal aan de slag gaan in het bekende The highway man.

Conclusie: Ík moest even wennen aan deze ‘nieuwe’ Johnny Cash, maar na een paar keer draaien moet ik erkennen dat er toch sprake is van een welkome en liefdevol gemaakte aanvulling op het immense repertoire van deze legendarische countryzanger.

Tracks:

  1. Man in black
  2. Galway Bay
  3. Girl from the North Country
  4. I came to believe
  5. A thing called love
  6. The loving gift
  7. I walk the line
  8. Farther along
  9. Flesh and blood
  10. The gambler
  11. Ring of fire
  12. The highway man

 

21nov/200

The Bluesbones – Live on stage

De vijfkoppige Belgische bluesband The Bluesbones is opgericht in 2011. In 2012 verschijnt al hun eerste album Voodoo guitar en in datzelfde jaar krijgt de band de publieksprijs bij de Belgian Blues Challenge en wint de Belgian Blues Challenge in 2016. Bij de European Blues Challenge in Horsens in Denemarken in 2017 eindigt de band als Belgische vertegenwoordiger op de 2e plaats. The Bluesbones spelen op meer dan 400 Europese shows en op verschillende festivals zoals Blues Peer Festival, Ribs & Blues Festival, Moulin Blues, Swing Wespelaar Festival, Scinawski Blues Festival, Cahors Blues Festival, Breda, Jazz, Randers Blues Festival en Blues‘n Jazz Rallye. Ze hebben het podium gedeeld met o.a. Jimmy Vaughan, Seasick Steve, Tommy Castro, Guy Forsyth, Laurence Jones, Danny Bryant, The Nimmo Brothers en Jimmy Thackery.

Eind 2019 besloot de band we om, samen met de organisatie achter het Swing Wespelaar Festival, een concertavond te organiseren in GC Den Breughel in Haacht, om een nieuw livealbum op te nemen na het succesvolle “Chasing Shadows” uit 2018. Maar toen kwam COVID-19 en de hele live scene viel stil en hierdoor heeft dit album vertraging opgelopen en viel heel het plan om de nieuwe cd in Europa live te gaan promoten, in het water. Toch hebben The Bluesbones besloten om het album dat op 9 november 2019 in Haacht werd opgenomen, deze maand uit te brengen onder de titel Live on stage.

Met Find my way out wordt lekker vet afgetrapt en is de toon gezet. Een bruisende orgelsolo, een strakke ritmesectie, gedreven zang en een felle gitaarsolo. In The end strooit Edwin Risbourg weer zeer kwistig met zijn Hammondtonen en valt ook het straffe basspel van Geert Boeckx op. Met Demon blues gaat het richting de voodoo van New Orleans met wah wah gitaar en een (jazzy) Hammondsolo. Going down is vette midtempo swamprock met een vlammende slide van Paglia. Het tempo gaat vervolgens flink omhoog in Better life, met een gedreven ritmesectie en wederom een fantastische orgelsolo en in het fel rockende The witchdoctor met Paglia van subtiel tot verschroeiend. De rust keert weer in het in een bad van orgeltonen mooi gezongen Betrayal. Uitbundig is de zang van Nico De Cock in de slowblues Sealed souls, waarin Hammond en gitaar zich ook weer van hun beste kant laten horen. Romance for rent is een melodieuze uptempo rocker met pompende bas. Ferme drumklappen van Jens Roelandt  trappen daarna de uptempo rocker Cruisin’ af en waarin Risbourg weer zijn grote klasse laat horen, en dat doet hij daarna ook met zijn gierende Hammond in Psycho mind.  De uitsmijter is de ruim elf minuten durende slowblues Whiskey drinking woman, die begint met indringend en lyrisch gitaarwerk, gevolgd door een lange orgelsolo om te eindigen met een intense gitaarsolo.

 Conclusie: Ik vrees dat we de live concerten voorlopig nog moeten missen, maar dit album is meer dan een pleister op de wonde. Live on stage is een geweldig album van een uitstekende (live)band.

Tracks:

  1. Find my way out
  2. The end
  3. Demon blues
  4. Going down
  5. Better life
  6. The witchdoctor
  7. Betrayal
  8. Sealed souls
  9. Romance for rent
  10. Cruisin’ (FCC warning)
  11. Psycho mind
  12. Whiskey drinking woman

Line-up:

  • Nico De Cock – zang
  • Stef Paglia – gitaar, backing vocals
  • Edwin Risbourg – Hammond, Rhodes, backing vocals
  • Geert Boeckx – bas
  • Jens Roelandt – drums
20nov/200

Brad Stivers – SIX

Brad Stivers (1991) is een van de populairste nieuwe zanger-gitaristen uit Austin, Texas. Hij combineert elementen van blues, soul en rock ‘n ‘roll en creëert hiermee een geheel eigen geluid.

Hij speelt in zijn jeugd eerst trombone en saxofoon maar schakelt later over naar de gitaar. Via zijn gitaarleraar komt hij in aanraking met de blues en als Brad de muziek van BB King, Stevie Ray Vaughan, Jonny Lang en Joe Louis Walker hoort raakt hij helemaal in de ban van the blues. Hij verhuist naar Colorado en aan de University Northern Colorado behaalt hij een graad in The Music Business en studeert hij jazzgitaar. Met andere studenten aan die universiteit formeert hij een eigen band en in 2012 mag hij Colorado vertegenwoordigen op de Youth Showcase op de internationale Blues Challenge. In 2014 wint zijn band Bad Brad & The Fat Cats de lokale Blues Challenge. In 2015 verhuist Brad naar zijn huidige woonplaats Austin. In 2017 brengt Stivers zijn debuut soloalbum uit. Met dit album, Took you long enough trekt hij wereldwijd de aandacht.

Op 23 oktober kwam er nieuw werk uit van Brad Stivers, de ep SIX, een verzameling van zes songs die zijn liefde voor blues en R&B uitstralen. SIX werd opgenomen in de Chicken City Studios, de huisstudio van co-producer en tevens vriendin van Stivers Lindsay Beaver in Driftwood, Texas.

In het openingsnummer de uptempo blues Lose your love, laat Stivers met zijn sterke gitaarwerk horen dat hij goed naar de ‘3 Kings’ heeft geluisterd en in dit nummer met name naar Freddie King. Heerlijk is ook het orgel van Barry Cooke. In het uptempo Three times a fool, wordt letterlijk de naam van BB King genoemd. Spetterend is de gitaarsolo en de vette orgelsolo is om te smullen. Just a memory is prima R&B met fraai saxofoonwerk van Sax Gordon. Het tempo wordt helemaal gedrukt in de zoete ballad The very thought of you, een song van Ray Noble en bekend van o.a. Billie Holliday, Nat King Cole, Tony Bennett en vrij recent ook van Michael Bublé, Stivers met zijn ingetogen zang in de rol van crooner. In Turn your damper down gaat de gashendel (gelukkig) weer ver open. Een vette gitaarsolo, een tinkelende piano en Stivers in duet met Linday Beaver. De ep wordt rustig afgesloten met Your turn to cry, een R&B ballad met fraaie gitaarlicks.

Conclusie: SIX is gewoon een goede ep met liefde voor blues en R&B gemaakt.

Tracks:

  1. Lose your love
  2. Three times a fool
  3. Just a memory
  4. The very thought of you
  5. Turn your damper down
  6. Your turn to cry

Line-up:

  • Brad Stivers – zang, gitaar, bas (track 3)
  • Lindsay Beaver – drums, zang (track 5)
  • Barry Cooke – orgel (track 1,2,4,), piano (track 3,5,6)
  • Reo Casey – bas (track 5,6)
  • Sax Gordon – bariton en tenorsax (track 3)
18nov/200

My Darling Clementine – Country darkness

Michael Weston King (Derbyshire 11 november 1961) is een succesvolle singer-songwriter die op zijn 16e naar Liverpool vertrekt waar hij in de postpunkscene in een aantal bands speelt. Midden jaren ’80 wordt hij beïnvloed door Amerikaanse band als R.E.M., Green on Red, The Dream Syndicate en The Triffids en raakt hij geïnteresseerd in de muziek van Gram Parsons, Hank Williams, The Byrds, Lyle Lovett, Dwight Yoakam en Nanci Griffith. King wordt lid van de countryrockband Gary Hall and The Stormkeepers en formeert in 1992 de alt. countryband The Good Sons. King heeft tien soloalbums op zijn naam staan.

Lou Dalgliesh, is een gevierde Britse zangeres die o.a. samenwerkte met Elvis Costello, Bryan Ferry en het Brodsky Quartet. Van 1993 tot 2000 brengt zij vier albums uit. Dalgliesh is ook te bewonderen in het door haar geschreven toneelstuk They call het Natasha, een verhaal van obsessie en verbeelding, gebaseerd op een reeks songs van Elvis Costello.

Het echtpaar Michael Weston King en Lou Dalgliesh vormt sinds 2010 samen het in Birmingham opgerichte duo My Darling Clementine (MDC). In 2011 wordt hun eerste album How do you plead? uitgebracht. In 2012 winnen ze The Americana Music Artist of the Year tijdens de British Country Music Awards. In dat jaar wordt ook hun eerste single 100.000 Words uitgebracht.

Deze maand komt Country darkness uit, het nieuwe album van MDC. Een album met twaalf covers van Elvis Costello en een nieuwe song. De covers van Costello verschenen dit jaar trouwens al eerder op drie ep ’s. Weston King en Dalgliesh worden op dit album bijgestaan door een aantal door de wol geverfde muzikanten waaronder Steve Nieve, Costello’s trouwe toetsenist van The Attractions en The Imposters en leden van de begeleidingsband van Richard Hawley.

My Darling Clementine heeft niet gekozen voor de grote hits, maar voor de iets minder bekende songs van Elvis Costello. Het album opent met de ballad Either side of the same town, gevolgd door het uptempo I lost you. Zeer herkenbaar zijn de flonkerende pianoklanken van Nieve en de mooie duozang van Michael en Lou. De countryballad I’ll wear it proudly is een pareltje en de zang is fameus, soms acapella zoals in Why can’t a man stand alone. In het uptempo The crooked line is het typische Nieve orgeltje te horen. In de ballad Heart shaped bruise, met ingetogen pianospel, wisselen de vibrerende zang van Dalgliesh en de soulvolle zang van Weston King elkaar af om in een duet weer fraai bij elkaar komen. That day is done is een Costello song die op het album Flowers in the dirt van Paul McCartney en ook op het album I couldn’t hear nobody pray van de Amerikaanse gospelgroep The Fairfield Four staat. My Darling Clementine maakt er een hartverscheurend mooie versie van waarin Nieve weer strooit met zijn tinkelende pianoklanken en ook de blazers meedoen. Zeer vrolijk is de zuidelijke sfeer in Different finger met mandola en accordeon. Na de countryslijper I felt the chill before the winter came is in Stranger in the house weer het bekende orgeltje te horen. Een van de hoogtepunten is de gloedvolle versie van Indoor fireworks. De zuivere zang van Dalgliesh achter Nieve’s piano, wordt afgewisseld met de soulvolle zang van Weston King, wiens stem hier soms verdacht lijkt op die van Costello. In de ballad Too soon to know meandert de zang van ingetogen naar bruisend. Het slotnummer Powerless is een nieuwe song van MDC. Een fraaie ballad met piano, orgel, blazers, een fijne gitaarsolo en uiteraard de mooie zang.

Conclusie: Met Country darkness brengt My Darling Clementine een schitterende ode aan Elvis Costello.

Tracks:

  1. Either side of the same town
  2. I lost you
  3. I’ll wear it proudly
  4. Why can’t a man stand alone
  5. The crooked line
  6. Heart shaped bruise
  7. That day is done
  8. Different finger
  9. I felt the chill before the winter came
  10. Stranger in the house
  11. Indoor fireworks
  12. Too soon to know
  13. Powerless

Line-up:

  • Michael Weston King – zang, akoestische gitaar
  • Lou Dalgliesh – zang
  • Steve Nieve – keyboards
  • Colin Elliott – bas, cello
  • Shez Sheridan – gitaar, mandola
  • Dean Beresford – drums
  • Matt Holland – trompet
  • Martin Winning – saxofoon
  • Piero Tucci – accordeon (track 8)
16nov/200

The Bills – Til the blues have gone

The Bills zijn Bill Booth en Bill Troiani, twee gevestigde en ervaren Amerikaanse muzikanten die al vele jaren in Noorwegen wonen. Zanger-bassist Bill Troiani is afkomstig uit New York City en zanger-gitarist-violist Bill Booth groeit op in Maine. Beiden hebben hun eigen platen uitgebracht en hebben nationale en internationale onderscheidingen ontvangen. Hoewel ze al jaren samen in verschillende bands speelden en sinds 2012 het duo The Bills vormen, hebben ze nog nooit samen een plaat gemaakt. Maar onlangs verscheen dan toch Til the blues have gone, het debuutalbum van The Bills. Het duo Booth en Troiani wordt op deze plaat bijgestaan door de Noorse drummer Alexander Pettersen.

Met het titelnummer Til the blues have gone opent het album swingend en met een vleugje New Orleans. Uptempo blijft het in Last chance to hurt me, met mooie duozang en viool. Good Lord done gone is een gospelachtige song over moord, religie, corruptie bij de politie, sociale en raciale ongerechtigheid. Slipping through the cracks is een bluesshufle met een countrysausje. De verloren liefde is het onderwerp in de prachtige met viool versierde ballad Keeping the blues alive. Lekkere gitaar- en vioolsolo’s wisselen elkaar af en vullen elkaar aan in de swingende blues Asking for more. De duozang komt helemaal tot zijn recht in het poppy Already gone en waarin Booth weer een mooie vioolsolo tevoorschijn tovert. Het gaat swingend verder met het rockende Driving rain en de blues Still might be around, waarin de twijfel over een liefdesrelatie centraal staat. De midtempo blues Road is long gaat over het leven op de weg en het verlangen naar huis. Na de folky countryblues Sun was going down volgt de enige cover, een fraaie versie van de Son House song Grinnin’ in your face. Het slotnummer Didn’t know what I had is een kale traditionele slowblues met gitaar, bas en een vioolsolo.

Conclusie: Til the blues have gone is een swingend en zeer prettig in het gehoor liggend album met een breed spectrum aan muziekstijlen.

Tracks:

  1. Til the blues have gone
  2. Last chance to hurt me
  3. Good Lord done gone
  4. Slipping through the cracks
  5. Keeping the blues alive
  6. Asking for more
  7. Already gone
  8. Driving rain
  9. Still might be around
  10. Road is long
  11. Sun was going down
  12. Grinnin’ in your face
  13. Didn’t know what I had

Line-up:

  • Bill Booth – zang, gitaar, viool
  • Bill Troiani – zang, bas
  • Alexander Pettersen - drums
13nov/200

Jeremy Ivey – Waiting out the storm

De tegenwoordig in Nashville, Tennessee, woonachtige singer-songwriter en multi-instrumentalist Jeremy Ivey, groeit op in een conservatief gezien in Georgia. Na omzwervingen in de VS belandt hij daarna in Nashville, Tennessee, waar hij singer-songwriter Margot Price ontmoet. Met Price brengt Ivey daarna enige tijd door in Colorado om samen liedjes te schrijven. Zij keren weer terug naar Nashville, trouwen daar en worden actief in de lokale indiescene. In 2008 worden ze lid van de countryrockband Buffalo Clover, waarvan drie albums verschijnen. Als Margot Price in 2016 een solocarrière begint, wordt Ivey als leadgitarist een van haar muzikale begeleiders. In 2019 komt Ivey ook met een soloalbum, The dream and the dreamer. Dit debuutalbum wordt door het weekblad Nashville Scene omschreven als een verzameling van beeldrijke verhalen met broeierige psychedelica. Rolling Stone bestempelt het album als Beck samen met klassieke country.

Ivey liep dit jaar COVID-19 op waardoor hij een tijdje behoorlijk ziek was. Daarom is het een wonder dat vorige maand zijn nieuwe soloalbum Waiting out the storm verscheen. Op dit album, de titel verwijst naar dit ook voor hem onrustige jaar, wordt Ivey begeleid door zijn band The Extraterrestrials en een aantal specials guests waaronder zijn echtgenote Margot Price, die tevens het album produceerde.

Met Tomorrow people en Paradise alley begint het album uptempo en melodieus. Invloeden van The Beatles maar zeker van Tom Petty & the Heartbreakers zijn duidelijk aanwezig. Movies is een mooie ballad met orgel, mondharp en de soepel spelende Extraterrestrials. Zeer stevig gaat het er daarna aan toe in de spetterende rocker Hands down in you pockets. Fijn zijn de backing vocals in White shadow met de strakke ritmesectie en een snijdende gitaarsolo. In Things could get much worse wordt er weer lekker op los gerockt met lap steel en tinkelende piano. Someone else’s problem is de eerste single van het album. Het is een aanklacht naar degenen die de (klimaat) problemen maar lekker doorschuiven en zelf geen verantwoordelijkheid nemen. Loser town is een rocker in de beste traditie van Tom Petty & the Heartbreakers en in What’s the matter Esther bewijzen The Extraterrestrials nogmaals hun klasse. Het album wordt in stijl afgesloten met How it has to be, een schitterende ballad met veel orgel, backing vocals en een indringende gitaarsolo en waarin uiteenlopende figuren als Neil Armstrong, Andy Warhol, Oprah Winfrey, Pocahontas, Al Capone en Walt Disney de revue passeren.

Conclusie: Ondanks de (persoonlijke) ellende van 2020 heeft Jeremy Ivey de liefhebber op een heel sterk album getrakteerd.

Tracks:

  1. Tomorrow people
  2. Paradise alley
  3. Movies
  4. Hands down in your pockets
  5. White shadow
  6. Things could get much worse
  7. Someone else’s problem
  8. Loser town
  9. What’s the matter Esther
  10. How it has to be

Line-up:

  • Jeremy Ivey – zang, gitaar, mondharmonica, piano, synth
  • Evan Donohue – gitaar, zang
  • Coley Hinson – bas, zang
  • Alex Munoz – gitaar, lap steel
  • Josh Minyard – drums, percussie

Special guests:

  • Margo Price – zang, percussie
  • Dillion Napier – drums, percussie
  • Micah Hulscher – orgel, (elektrische) piano, synth,
  • Dexter Green – zang

 

10nov/200

Danielle Miraglia – Bright shining stars

De uit Boston, Massachusetts, afkomstige singer-songwriter en gitariste Danielle Miraglia wordt wel vergeleken met Bonnie Raitt, Rory Block en Lucinda Williams. Haar muzikale palet omvat folk, blues, roots en americana. Miraglia treedt zowel solo op als met haar band The Glory Junkies. In 2018, 2019 en 2020 werd ze bij de Boston Music Awards genomineerd voor ‘Blues Artist of the Year’. In 2919 won ze de ‘New England Music Award’.

Vorige maand verscheen Bright shining stars, haar nieuwe soloalbum, een akoestisch album met acht covers en drie originals.

Het album opent met Sounds like home, een heel korte rustige instrumental van ruim 1 minuut, met Miraglia op haar akoestische Gibson gitaar en de altviool van Laurence Scudder. Ma Rainy’s CC Rider is een rustige 12-bar blues met een fraaie vioolsolo. In Bob Dylan’s You’re gonna make me lonesome when you go is naast de akoestische gitaar van Miraglia ook gitarist Peter Parcek te horen. In Pick up the gun zit weer een fraaie vioolsolo. Uitbundig is de zang in de prachtige slowblues Turtle blues van Janis Joplin. Famous for nothin’ is een fraaie eigen compositie en bij You can love yourself heeft Miraglia goed geluisterd naar de componist Keb’ Mo’. Fraai zijn hier de gitaarlicks van Parcek. In de tweede cover van Bob Dylan, Meet me in the morning blaast Richard Rosenblatt lekker op de mondharp. De bluesstandaard It hurts me too is door velen gecoverd. Het nummer werd als eerste op de plaat gezet door Tampa Red, maar later ook door veel anderen, (o.a. Elmore James, Junior Wells, Eric Clapton en Big Bill Broonzy). Soms met afwijkende tekst. Miraglia gebruikt de tekst van Big Bill Broonzy, niet voor niets een van haar inspiratiebronnen. Robert Johnson’s Walkin’ blues duurt helaas slechts ruim 1½ minuut, maar het is wel een zeer gedreven versie. Het mooie slot- en titelnummer Bright shining stars is geschreven door echtgenoot Tom Bianchi.

 Conclusie: Bright shining stars is een mooi akoestisch folk/blues album.

Tracks:

  1. Sounds like home
  2. CC Rider
  3. You’re gonna make me lonesome when you go
  4. Pick up the gun
  5. Turtle blues
  6. Famous for nothin’
  7. You can love yourself
  8. Meet me in the morning
  9. It hurts me too
  10. Walkin’ blues
  11. Bright shining stars

Line-up

  • Danielle Miraglia – zang, gitaar
  • Peter Parcek – gitaar (track 3,7)
  • Laurence Scudder – altviool (track 1,2,3,4,6)
  • Richard ‘Rosy’ Rosenblatt – mondharmonica (track 8)

 

6nov/200

Lloyd Jones – Tennessee run

De uit Portland, Oregon, afkomstige zanger-gitarist Lloyd Jones draait al heel wat jaren mee in de muziekscene. Hij werkte samen met o.a. Earl King, Charlie Musselwhite, Big Mama Thornton, Otis Clay, Marcia Ball, Bonnie Raitt, Delbert McClinton, Taj Mahal, BB King, Dr. John, Buddy Guy, Junior Wells en Albert Collins. Zijn songs zijn gecoverd door Clarence ‘Gatemouth’ Brown, Coc Montaya, Joe Louis Walker, Michael Burks en Curtis Salgado. Jones heeft tientallen prijzen en onderscheidingen gekregen, toert veel, staat op veel festivals en is regelmatig gast op de zgn. Sandy Beaches Cruises van Delbert McClinton.

Vorige maand kwam er weer een nieuw album van Lloyd Jones uit. Het basisconcept voor Tennessee run werd gelegd in januari 2019 tijdens een Sandy Beach Cruise. Lloyd ging aan de slag met het schrijven van songs en alle tracks werden daarna o.l.v. producer Kevin McKendree opgenomen in diens Rock House Studios in Franklin, Tennessee.

Met You got me good wordt de vaart er meteen in gezet. Heerlijke uptempo soul met blazers. Ook met Me & you wordt het tempo er goed ingehouden met een lekkere gitaarsolo en een scheurende sax. De Texaanse zangeres Teresa James is te horen in de met fraaie pianoklanken versierde boogie I wish I could remember you. Funky en James Brown achtig klinkt Where’s my phone  en de schitterende blazers voeren de luisteraar in de soulslijper A true love never dies naar de tijd van de Memphis soul van de jaren ’60 en ‘70. Via Bayou boys belanden we met percussie, blazers en een prachtige orgelsolo midden in de sferen van New Orleans. Prachtig is het duet met Delbert McClinton in Everybody’s somebody’s fool, waarna het tempo in de bluesy shuffle Turn me loose, met de soulvolle blazers, gitaar en een sprankelende pianosolo weer omhoog gaat. De geest van Dr. John is aanwezig in That’s all I want. Love is everything is een stevige soulstamper met heerlijke backing vocals van Etta Britt en Jackie Wilson. Kevin McKendree is niet scheutig met zijn orgel en piano in Chicken bones en ook in het honky tonk achtige Every time we meet strooit hij naast de intense zang van Jones en de backingvocals overvloedig met orgeltonen. Het funky Dilly dally wordt gedomineerd door de wah wah gitaar van Jones en met Chevrolet angel wordt het album in stijl afgesloten.  

Conclusie: Tennessee run is een uitstekend en gevarieerd album waar de authentieke R&B van afdruipt.

Tracks:

  1. You got me good
  2. Me & you
  3. I wish I could remember you
  4. Where’s my phone
  5. A true love never dies
  6. Bayou boys
  7. Everybody’s somebody’s fool
  8. Turn me loose
  9. That’s all I want
  10. Love is everything
  11. Chicken bones
  12. Every time we meet
  13. Dilly dally
  14. Chevrolet angel

Line up:

  • Lloyd Jones – gitaar, zang
  • Kevin McKendree – keyboards
  • Steve Mackey – bas
  • Kenneth Blevins – drums
  • Jim Hoke – tenor saxofoon
  • Quentin Ware – trompet
  • Roy Agee – trombone
  • Etta Britt – backing vocals
  • Jackie Wilson – backing vocals
  • Reinhardt Melz – percussie

 

2nov/200

Katvanger – So late so soon

Je begint een band en je verzint een naam. Dat moet Ruud  Fransen ook hebben gedacht. Bassist Ruud Fransen, in 1967 samen met gitarist Ted Oberg oprichter van de Haagse bluesband Livin’ Blues, bedacht voor het trio waar hij nu deel van uitmaakt de merkwaardige naam Katvanger. Het woord katvanger betekent zoiets als handlanger of stroman. Iemand die actief is in het criminele milieu, dus niet direct een positieve betekenis, maar volgens Fransen is het ironisch bedoeld. Katvanger bestaat naast Ruud Fransen uit de Amerikaanse, maar al heel lang in Nederland wonende zanger-gitarist Jim Wake en de uit België afkomstige leadgitarist Jan Vereçki.

Half augustus verscheen So late so soon, het debuutalbum van Katvanger, een album met vijftien songs, waarvan er veertien geschreven zijn door Jim Wake en één door Ruud Fransen. Het album is opgenomen op een antieke harddiskrecorder in een piepkleine privéstudio in Den Haag en gemixt op een pc in een huiskamer en zo ongeveer met vallen en opstaan gemasterd. Bij de cd zit een boekje met de teksten van de liedjes.

De liedjes van Katvanger gaan over pijn, bedrog en eenzaamheid, thema’s waarover al door generaties bluesartiesten gezongen wordt. Daarnaast bevatten hun songs een flinke dosis ironie en sarcasme. Het zijn songs zonder opsmuk, ‘kale’ muziek zonder drums, blazers en keyboards. De gruizige en soms grommende zang van Jim Wake doet me regelmatig denken aan Tom Waits en Leon Redbone. Mooi is de driestemmige samenzang in de veelal midtempo nummers. In songs als Gimme en I seen the light ligt het tempo hoger. Jazzy en vaudeville achtige invloeden zijn er in Peacefull coexistence, Not the reality I ordered en I lost again. Het gitaarspel van Vereçki is helder met soms fraaie solo’s en de baslijnen van Fransen zijn ook lekker zoals in het door hem geschreven Time never mends a broken heart. De mondharp van Wake doet het lekker in bluessongs als Love and death in het age of Trump, You don’t have to worry, I lost again en I seen the light.

Conclusie: Katvanger heeft met hun debuutalbum So late so soon een plaat gemaakt met eigenzinnige eerlijke blues die het beluisteren waard is.

Tracks:

  1. I oughta know better
  2. So late so soon
  3. Gimme
  4. White man
  5. Peaceful coexistence
  6. Blind faith
  7. Not the reality I ordered
  8. Love and death in the age of Trump
  9. Please forgive me
  10. You don’t have to worry
  11. I lost again
  12. Traveler’s tale
  13. Crazy ‘bout you
  14. Time never mends a broken heart
  15. I seen the light

Line up:

  • Jan Vereçki – lead gitaar, backing vocals
  • Ruud Fransen – bas, backing vocals
  • Jim Wake – lead vocals, ritme gitaar, mondharmonica
30okt/200

Jimmie Vaughan – The pleasure’s mine: the complete blues, ballads and favorites

Blueszanger en –gitarist Jimmie Vaughan (20 maart 1951 Dallas, Texas) is in 1974 (mede)oprichter van The Fabulous Thunderbirds. Met deze band breekt hij in 1986 door. Na zijn vertrek uit The Fabulous Thunderbirds gaat Jimmie met zijn jongere broer Stevie Ray spelen. Als zijn broer in 1990 bij een helikopterongeluk om het leven komt trekt Jimmie zich een paar jaar terug uit de muziekbusiness. Maar in 1994 is hij weer terug en verschijnt zijn debuutalbum Strange pleasures.

Vandaag, 30 oktober 2020, verschijnt er een dubbelalbum van Jimmie Vaughan, getiteld The pleasure’s mine: the complete blues, ballads and favorites. Dit album bevat de albums Blues, ballads and favorites (2010) en More blues, ballads and favorites (2011).

Op cd 1 brengt Jimmie Vaughan met covers een saluut aan Billy Emerson, Jimmy Reed, Don Harris, Little Richard, Johnny Ace, Rosco Gordon, Charlie Rich, Ted Taylor, Roy Milton, Guitar Junior, Little Richard, Dough Sam, Leonard Feather en Willie Nelson. Heerlijke R& B met Kas Kasenoff op bariton sax en Greg Picollo op tenor sax. Goede zang en gedreven gitaarwerk van Jimmie Vaughan die ook mondharp speelt zoals in Jimmy Reed’s Come love. Op meerdere songs wordt Vaughan vocaal terzijde gestaan door Lou Ann Barton, die in Don Harris’ tearjerker I’m leaving it up to you en de bluesballad Wheel of fortune als leadvocaliste geweldig op dreef is. Prachtig is ook de Hammond B3 van Bill Willis in Rosco Gordon’s Just a little bit, Roy Milton’s Rm blues, Dough Sam’s ballad Why why why en de lange prachtige ballad Funny how time slips away van Willie Nelson, waarin Willis ook de vocalen voor zijn rekening neemt.

Ook op cd 2 staan covers van uiteenlopende artiesten als Mel Tillis, Bobby Charles, Jimmy Liggins, de zingende cowboy Gene Autry, Ray Charles, Nappy Brown, Lloyd Price en Jimmy Reed. De blazers (tenorsaxofonist Greg Picollo en baritonsaxofonisten Doug James en Kas Kasenoff) zijn deze keer weer soulvol aanwezig en de strakke ritmesectie bestaat net als op cd 1 uit drummer George Rains en bassist Ronnie James. De songs variëren van midtempo (Oh oh oh), uptempo (I ain’t gonna do it no more, I’m a love you) tot ballads Teardrop blues, What makes you so tough, the rains come). Ook Lou Ann Barton is weer van de partij in de ballads Breakin’ up is hard to do van Jivin’ Gene and the Jokers en I’m in the mood for you. Deze cd bevat twee bonustracks, een mooie uptempo versie van Amos Milburn’s Bad bad whiskey en een liveversie van Faye Adams prachtige ballad Shake a hand, met de indringende zang van Lou Ann Barton.    

Conclusie: Jimmie Vaughan brengt met veel liefde en gedrevenheid een mooie muzikale ode aan groten uit de Amerikaanse R&B.

Tracks cd 1:

  1. The pleasure’s all mine
  2. Come love
  3. I’m leavin’it up to you
  4. Comin’ and goin’
  5. Wheel of fortune
  6. How can you be so mean
  7. Just a little bit
  8. Lonely weekends
  9. I miss you so
  10. Rm blues
  11. Roll, roll, roll
  12. Send me some lovin’
  13. Why, why, why
  14. She’s got the blues for sale
  15. Funny how time slips away

Tracks cd 2:

  1. I ain’t never
  2. No use knocking
  3. Teardrop blues
  4. I hang my head and cry
  5. It’s been a long time
  6. Breaking up is hard to do
  7. What makes you so tough
  8. Greenbacks
  9. I’m in the mood for you
  10. I ain’t gonna do it no more
  11. Cried like a baby
  12. Oh oh oh
  13. I’m a love you
  14. The rains came
  15. Bad bad whiskey (bonus track)
  16. Shake a hand (live bonus track)