Zoete herinneringen
Het is maandagmorgen 2e Paasdag. Ik heb net een eenvoudig ontbijtje achter de kiezen en zet me achter de computer om een nieuwe column te schrijven. In Vlaanderen zijn ze nog aan het bijkomen van de Ronde van Vlaanderen. Het is voor de Vlamingen even slikken dat de Hollanders hun jaarlijkse wielerhoogmis hebben gedomineerd. En de Reeuwijkse blauw-witte invasiemacht is inmiddels weer veilig vanuit Gouda naar Reeuwijk-dorp teruggekeerd.
Mijn gedachten dwalen af naar het verleden. ONA zit op dit moment sportief in een dipje en een 3e opeenvolgend kampioenschap lijkt er na de 3-3 van zondag niet in te zitten. Ik heb de laatste weken de geschiedenis van de bijna 100 jarige club uit Korte Akkeren doorgenomen en dan komen veel zoete herinneringen boven. Wedstrijden tegen Ajax, Feyenoord, Napoli en als klap op de vuurpijl de wedstrijd tegen het Ajax van 1971 om de Dick van Dijk Memoriaal. De slaloms van Johan Cruijff, de schaar van Piet Keizer, het fanatisme van Sjaak Swart, de onverzettelijkheid van Barry Hulshof, allemaal te bewonderen aan de Walvisstraat op 12 oktober 1997.
Maar dan het Goudse tafeltennis. De dames van Vriendenschaar dromen al van de eredivisie, maar dan moet in ieder geval eerst met naaste concurrent Avanti a.s. zaterdag worden afgerekend en daarna ook nog met Disnierats en SVE. Wordt 21 april historie geschreven?
Ik dwaalde even af naar het jaarlijkse tafeltennistoernooi om de Dirk Nobel Cup bij het helaas ter ziele gegane ILAC. ILAC, de club waar, als je Ragunath riep, veel tafeltennissers je vragend aankeken. Welke Ragunath bedoel je? En Vriendenschaar, de club van Ton de Gruijl, een van de grootste tafeltennissers die Gouda ooit heeft gehad.
En nu is het tijd voor een laatste paaseitje.
De blauw-witte-mars
De wegen van de KNVB zijn vaak ondoorgrondelijk. Ik weet niet wat de achterliggende gedachte is om nu competitiewedstrijden op 1 april, 1e Paasdag, te laten spelen. Gelet op de datum dacht ik eerst aan een 1-april grap, maar het blijkt bittere ernst te zijn. Clubs mogen onderling wel uitmaken of ze naar de 2e Paasdag gaan, maar wat schiet je daar mee op. Met het spelen op paaszaterdag en op paasmaandag zou je meteen het aantal achterstallige wedstrijden kunnen wegwerken. Nu moeten al die wedstrijden misschien op doordeweekse dagen worden ingehaald. En wie zit daar op te wachten. Maar wie ben ik, misschien zit er wel een visie achter die ik niet zie en begrijp ik er niets van.
In Reeuwijk-dorp maken ze zich hierover niet druk denk ik. RVC ’33 roept op hun website, onder het motto ‘Reeuwijkers aller landen verenigd u’ (het taalfoutje zullen we ze maar vergeven), hun leden op om op 1e Paasdag lopend naar Olympia te gaan om hun team aan te moedigen. De blauw-witte-mars naar de Bodegraafsestraatweg. Een schitterend idee. Ik zie in mijn gedachten al die lange sliert Reeuwijkers, onder aanvoering van kapelaan van Paassen en Aad de Wit op zijn scooter en zwaailicht op zijn helm, richting Gouda marcheren. Het zou me niet verbazen als er ook nog een paashaas mee loopt. Het clublied van RVC ’33 zal uit volle borst worden gezongen. De jaarlijkse Noord Ierse Oranjemarsen en de Nijmeegse Vierdaagse verbleken er bij.
Olympia zal zich ongetwijfeld ‘wapenen’ tegen deze Reeuwijkse invasie en de buren hartelijk onthalen. Wie weet komen de Olympianen met een rood-zwarte tegenzet. Het zou me niet verbazen. En nu maar hopen dat die blauw-witte-mars geen 1 april grap is.
Wensen en beloften
Het kan u niet zijn ontgaan dat er deze week gemeenteraadsverkiezingen zijn. Heel Gouda is ‘vergeven’ van verkiezingsborden waarop politici u toelachen en flyers vallen massaal in de brievenbussen. Afgelopen zaterdag werden, ondanks de bittere kou, op de verkiezingsmarkt achter De Waag pogingen ondernomen om de kiezer over te halen op hen te stemmen.
Vorige week vrijdag organiseerde Sport.Gouda een politiek sportcafé. In de kantine van Olympia waren alle politieke partijen uitgenodigd om hun visie op sportgebied te delen. Vertegenwoordigers van (vooral) buitensporten kregen de kans om hun wensen aan de politiek kenbaar te maken. Aan de hand van stellingen werden de politici gedwongen om in hun vak van keuze te gaan staan. Wat mij opviel was de politieke eensgezindheid op veel gebieden. Nu waren de stellingen zo opgesteld dat grote afwijkende meningen met een lampje te zoeken waren. Bereikbaarheid en veiligheid is voor iedereen belangrijk. En dat iedereen aan sport moet kunnen meedoen bestrijdt ook niemand. Duurzaamheid is het grote toverwoord voor de komende decennia en daar zal de sportwereld ook aan moeten geloven, of ze nu willen of niet. Sportstimulering wordt ook breed onderschreven, alleen over de manier waarop wordt verschillend gedacht. Algemeen wordt erkend dat er nogal wat achterstallig onderhoud is bij sportaccommodaties. De conclusie is in ieder geval dat iedereen overtuigd is van het feit dat sport zeer belangrijk is en dat sportverenigingen daarbij een prominente rol (moeten kunnen) spelen.
In alle verkiezingsprogramma’s hebben de Goudse politieke partijen een paragraaf over sport opgenomen en tijdens het politieke café werden er beloften gedaan. Na woensdag zal moeten blijken in hoeverre hieraan uitvoering wordt gegeven. Beloven is mooi, maar waarmaken is nog mooier. Geen woorden maar daden.
De coolste baan van Nederland
De nostalgie sloeg ongenadig toe het afgelopen weekend. De schaatsliefhebbers die begin maart toch nog massaal het natuurijs bestormden waren nu in groten getale afgereisd naar Amsterdam. Het oude Olympisch Stadion was omgetoverd in een groot ijspaleis waar de schaatscracks streden om de wereldtitels. Meer dan vijftig duizend fans wentelden zich vergenoegd in nostalgie. Voormalige grootheden als Johan Olaf Koss, Eric Flaim, Gianni Romme, Chad Hedrick, Paulien van Deutekom, Leo Visser en Hein Vergeer dineerden in het Rijksmuseum onder het toeziend oog van Rembrandt voor zijn meesterwerk De Nachtwacht. Het befaamde duo Ard en Keesie zat gebroederlijk naast elkaar op de tribune te genieten.
Mijn gedachten gingen terug naar het EK van 1971. Thialf in Heerenveen was toen nog onoverdekt. En net als dit weekend regende het pijpenstelen. Ook ik zat toen, weggedoken onder plastic met een kop erwtensoep, gespannen te kijken naar de schaatskanonnen. Ik was toen getuige van een van de meest historische foute wissels. Later zou Sven Kramer ook zo’n blunder maken, maar in 1971 was het Jan Bols die vergat te wisselen en werd gediskwalificeerd.
Topschaatsen op onoverdekte banen. Sommigen moeten er niets van weten en spreken van ongelijke meteorologische omstandigheden. Dat klopt, maar het overgrote deel van de deelnemers en zeker de toeschouwers hadden een onvergetelijk weekend. Met een Japanse winnares, een ontroostbare Noor die het huzarenstukje van zijn landgenoot Dag Fornaess van 1971 niet kon herhalen en een onverwachte jonge winnaar uit Lekkerkerk. De Haastrechters Leo Visser en Hein Vergeer kregen met Patrick Roest hun opvolger. De gemeente Krimpenerwaard is wat dat betreft een bron van schaatstalent. Voor zijn Goudse fans was het alleen jammer dat Ted-Jan Bloemen geen potjes kon breken.
Dag Koning Winter
De regeerperiode van de Russische beer was kort maar hevig. Nederland was een week lang in de ban van de late vorstperiode. Schaatsliefhebbers hingen amechtig aan de lippen van de weermannen en -vrouwen. De borden ‘schaatsen te koop’ en ‘hier schaatsen slijpen’ waren op veel plaatsen te zien. Standhouders van koek- en zopietenten zagen hun kansen schoon. Toen ik woensdag, op weg om mijn moeder met haar 98e verjaardag te feliciteren door de polder reed, moest ik alle moeite doen om de kriskras ‘geparkeerde’ auto’s bij de ijsbaan tussen Oudewater en Benschop te omzeilen. De snijdende wind weerhield schaatsers er niet van om de ijzers onder te binden. Fascinerend dat geluid van het soms krakende ijs. De zwanen en de eenden in de wakken keken verbaasd naar de waaghalzen die zich van geen gevaar bewust waren. Geen stukje ijs was heilig.
Maar de ijspret was van korte duur. Daar waar vrijdag en vooral zaterdag de Goudse regio was veranderd in een landschap dat we kennen van de 16e eeuwse schilder Hendrick Avercamp, was het zondag over en uit. De ijsvloer was veranderd in een tranendal. De laatste restjes sneeuw verdwenen snel onder de zon. De krokussen en sneeuwklokjes haalden opgelucht adem en hieven hun kopjes vrolijk op. De eenden kwetterden van geluk. De terrassen zaten weer vol en de ijssalon deed goede zaken. Laat de lente nu maar komen!
Rest mij nog om SC Gouda weer te feliciteren. Na de eerste olympische medailles van Ted-Jan Bloemen had de Goudse schaatsclub zaterdag weer een primeur. Sjoerd den Hertog won de KPN Marathon Cup. Hoewel hij in Groningen woont is hij nog steeds lid van SC Gouda. En dan ‘blijft hij een van ons’.
De beer gaat los
De Olympische Winterspelen zijn achter de rug en veel sporters kijken al weer vol verlangen uit naar de Spelen van 2022 in Beijing. De winnaars koesteren hun medailles en maken zich op voor de nodige huldigingen. De verliezers, of zij die zich verliezer voelen, likken hun wonden en zoeken troost bij familie en vrienden. Zij hopen op betere tijden of besluiten hun carrière maar af te sluiten. Er waren veel verrassingen zoals het curlingteam van Zuid-Korea met de ‘knoflookmeisjes’ Kim, Kim, Kim en Kim, reserve Kim en coach Kim. Schaatsclub Gouda probeert Ted-Jan Bloemen nog een keer te strikken om naar Gouda te komen. Publiciteit verzekerd natuurlijk.
Nu zou je denken dat na de Olympische Winterspelen Koning Winter ook afstand doet van zijn troon. Maar daar heeft hij blijkbaar nog geen zin in. De Russische beer gaat deze week volgens de meteorologen los in Nederland. Snijdende kou met gevoelstemperaturen van min 17 graden worden ons in het vooruitzicht gesteld. Is dit misschien een wraakactie van de Russen die eigenlijk persona non grata waren in Pyeongchang?
Zou het er deze week dan toch nog van komen? De rayonhoofden in Friesland maken zich geen illusies en nemen als troost een extra Beerenburg. Op onder water gezette weilanden en op de sloten in de polder zullen ongetwijfeld wel schaatsers verschijnen. Maar ik vrees dat de zon en de wind de oorzaak zullen zijn dat het op de Reeuwijkse Plassen te gevaarlijk dan wel onmogelijk is. Wel jammer, want wat zou het leuk geweest zijn om op de Breevaart het Open Goudse Kampioenschap Curling op natuurijs te organiseren. Ik ga in ieder geval voor de zekerheid kijken of mijn schaatsen nog ergens liggen.
Sport en poezie
‘Gerrit moet je niet naar een voetbalveld vanmiddag’ vroeg een bekende Gouwenaar mij zaterdagmiddag toen hij mij om 14.00 uur nog rustig op de Kleiweg zag lopen. Ik begreep de verbazing, want normaal gesproken ben ik op dit tijdstip inderdaad op een of ander voetbalveld te vinden om radioverslag te doen. Maar ik had nu andere plannen. Ik was op weg naar de Chocoladefabriek voor de finale van de verkiezing van de nieuwe Goudse stadsdichter. Eigenlijk ging ik helemaal niet ‘vreemd’, want ik vind dat sport ook vaak poëzie is. Vier goede dichters waren tot de Goudse Olympische Finale doorgedrongen en vanmiddag zou de winnaar Gouda worden gekroond. Dat poëzie topsport is bewezen de vier kandidaten, die in een spannende wedstrijd probeerden als winnaar te finishen. De fans leefden hartstochtelijk mee.
Joost Reichenbach is onze nieuwe stadsdichter en ik hoop van harte dat hij zich ook regelmatig in de Goudse sportwereld onderdompelt want hier ligt de poëzie voor het oprapen. Ranke atletes die als hinden de horden nemen. De ruwe bolster blanke pit van de rugbyers. Getatoeëerde voetballers. Klotsende biljartballen. De serene rust bij dammen en schaken. In de modder zwoegende fietscrossers. Zoevende tennisballen. Kortom ga kijken Joost en dan komen de woorden vanzelf om met de scheidende stadsdichter Hanneke Leroux te spreken. Denk ook aan het jaarlijkse Sportgala.
Ik was zondag bij de voetbalwedstrijd Olympia – Den Hoorn, een wedstrijd waar niemand vrolijk van werd. Ik moest op een gegeven moment denken aan de woorden van Michel van der Plas: ‘Ik zit mij voor het vensterglas onnoemelijk te vervelen, ik wou dat ik twee hondjes was, dan kon is samen spelen’. Joost Reichenbach zou hier ongetwijfeld ook het zijne van hebben gedacht.
De Olympische Spelen
‘Jullie gepensioneerden kunnen lekker de hele dag naar de Olympische Spelen kijken’ hoorde ik zondagmiddag een Goudse voetbalfan zeggen tegen een paar oudere mannetjes in de bestuurskamer van Excelsior ’20. We hadden net een opwindende voetbalwedstrijd gezien, waarin ONA de Schiedamse tegenstander met 3-6 in de pan had gehakt waarna het gesprek al snel over Sven Kramer ging. Ik voelde me ook aangesproken omdat ook mijn wekker niet elke morgen om 6 uur rinkelt. Dus volop tijd om uren voor de tv te hangen. Dat zal niet gebeuren, maar de Olympische Spelen blijven een fenomeen. ‘We’ hebben inmiddels al heel wat medailles veroverd. Het goud van Sven was geen verrassing, maar sinds zaterdag kan Carlijn Achtereekte ook niet meer anoniem over straat. SC Gouda juicht om haar eerste olympische medaillewinnaar. Ted-Jan Bloemen blijft tenslotte van ‘ons’ vinden ze bij de Goudse schaatsclub.
Het mooie van de Olympische Spelen is de aandacht voor sporten die we niet vaak op tv zien, zoals biatlon. En de langlaufers op de 30 km skiatlon die als schichten door het besneeuwde Koreaanse landschap schieten. Slopestyle blijft merkwaardig net als mogulskiën. Je moet wel sterke knieën hebben. IJsdansers die gracieus over het ijs zwieren. En wat te denken van curling. Topsport in landen als Canada, Noorwegen en Zweden en ook in Nederland in opkomst. Maar wij moeten er natuurlijk weer een malle quiz op tv van maken, waar onder leiding van Frans Bauer en spreekstalmeester Evert ten Napel een blik BN’ers is opengetrokken die wild zwaaiend met bezems indruk trachten te maken.
Tenslotte hoop ik dat na de sporters ook de politici van Noord en Zuid Korea elkaar echt vinden. Dat zou de meest glanzende gouden medaille kunnen opleveren.
De scheidsrechter
Ik wil het deze keer hebben over het fenomeen scheidsrechter. De scheidsrechter, een geliefkoosd onderwerp van hoon en spot. Onze nationale Kop van Jut. Na een verloren voetbalwedstrijd staat het voor de verliezende trainer vaak vast dat het de schuld is van de scheids. ‘Het was geen strafschop en die rode kaart was belachelijk’.
Een scheidsrechter is ook maar een mens. Je hebt scheidsrechters die het spel goed aanvoelen en niet bij elke overtreding fluiten. Er zijn scheidsrechters die het spel met het handboek soldaat onder de arm benaderen en de wedstrijd kapot fluiten. Ik heb scheidsrechters gezien die na elke overtreding tekst en uitleg geven. Ook aan het publiek langs de lijn! Er zijn scheidsrechters die zich de belangrijkste persoon vinden en dat ook in de bestuurskamer al laten zien.
Scheidsrechters zijn geen heilige boontjes, dat bewees onlangs die Franse referee die een speler natrapte en hem daarna nog een gele kaart gaf! En scheidsrechters maken fouten, ja wie niet. Fouten maken is toch niet verboden? Maar je moet met je poten van de leidsman/-vrouw afblijven. Zondag was ik in Bodegraven weer eens getuige van een opgefokte voetballer die, na afloop van de wedstrijd, verbaal zo idioot tekeer ging dat de scheidsrechter als een speer zijn kleedkamer in moest vluchten om klappen te voorkomen.
Voetballers, bijna altijd gebeuren deze dingen bij voetbal, wees blij dat er nog mensen zijn die wedstrijden willen fluiten. Neem een voorbeeld aan de rugbyers. Die accepteren zonder mokken de beslissing van de scheids. Zou de kwaliteit van de rugbyscheidsrechter daar ook mee te maken hebben? RFC Gouda zal dat beamen, want hun Ap van Kersbergen werd deze week uitgeroepen tot de beste rugbyscheidsrechter van Nederland. Gefeliciteerd Ap.
De jeugd van tegenwoordig
Het ziet er naar uit dat weer een voetbalvereniging verkast van zondag naar zaterdag. VV Bodegraven besluit op 14 februari over het afschaffen van het prestatievoetbal op zondag. Nu is het woord ‘prestatievoetbal’ een eufemisme, want de prestaties van de 3e klasser zijn al een aantal jaren niet erg aansprekend. De belangrijkste reden om op zaterdag te gaan spelen zegt men is dat de jeugd niet op zondag wil spelen. Dus is er geen doorstroming. Ze gaan liever stappen op zaterdagavond en dan op zondag uitslapen.
Dezelfde reden hoorde ik zondag na de wedstrijd Olympia – Nieuwerkerk van Nieuwerkerkse bestuursleden. De jeugd wil niet op zondag voetballen. Men wil nu met eigen jeugdspelers gaan bouwen aan een stabiele zaterdageersteklasser hoorde ik onlangs hun penningmeester zeggen. Op zondag lukt het niet om uit de 1e klasse te komen en veel supporters herkennen zich niet in het elftal met spelers van buiten.
Met eigen jeugdspelers doorgaan vind ik een nobel streven. Maar stel dat het op zaterdag zo goed loopt dat de ene promotie op de andere volgt, en men wil steeds hogerop, is dan de verleiding niet groot om weer spelers van buiten aan te trekken om dat laatste stapje te zetten? Bovendien leert de praktijk dat een overstap niet automatisch succes oplevert. De nederlagen van Moordrecht zijn ook nu weer niet te tellen en ook Ammerstol werd zaterdag door Gouda op de zoveelste nederlaag getrakteerd.
De jeugd schijnt de ‘schuldige’ te zijn, maar ik vraag me af of dat de enige reden is om het prestatievoetbal op zondag in de ban te doen. Een van de consequenties lijkt me in ieder geval dat er volgend seizoen op zaterdag weer een 5e klasse komt.