Gerritschinkel.nl Columns & meer

25jan/230

Stef Paglia Trio – Light & darkness

Stef Paglia pakte voor het eerst een gitaar toen hij pas 12 jaar oud was. Toen zijn vader hem de muziek van gitaarvirtuoos Stevie Ray Vaughan liet horen, raakte Stef verslingerd aan de blues.

Stef Paglia is vooral bekend als gitarist van de succesvolle Belgische bluesband The Bluesbones. Maar naast zijn lidmaatschap van The Bluesbones heeft hij ook zijn eigen band Stef Paglia Trio. Van dit trio verscheen in 2019 hun debuutalbum Never forget.

Op 13 januari jl. kwam er nieuw werk uit van Stef Paglia Trio, een ep getiteld Light & darkness. Een aantal van de vijf nieuwe nummers zijn geschreven tijdens de lockdownperiode van COVID-19. De ep werd in juli 2022 in vier dagen, op een natuurlijke old school manier, opgenomen in de Dunk! Studios in Zottegem. Volgens Paglia zijn de songs geschreven vanuit een gevoel en geven de ups en downs van het leven weer. Vandaar de titel Light & darkness.

De ep opent met Stand up, tevens als 1e single uitgebracht. Een stevig rockende opener met een spetterende gitaarsolo halverwege en een vette bas. Het melodieus gevarieerde funky Blue eyes heeft een jazzy inslag met een intrigerende gitaarsolo van Paglia. In Queen of the darkness hangt een ‘dreigende’ sfeer met broeierig vet gitaarwerk, ondersteund door de strakke ritmesectie en backing vocals. Please come back to me is een heerlijk ontspannen song met koortjes en waarin Paglia nogmaals bewijst met zijn slide en wah wah een uitstekende gitarist te zijn. Het slotnummer Chasing dreams, tevens de 2e single, is een fraaie ingetogen rootsy ballad met wederom uitstekend gitaarwerk.   

Conclusie: Light & darkness is een mooie en sfeervolle ep. Dit smaakt naar meer.

Tracks cd:

  1. Stand up
  2. Blue eyes
  3. Queen of the darkness
  4. Please come back to me
  5. Chasing dreams

Line-up:

  • Stef Paglia – zang, gitaar
  • Geert Schurmans – bas, backing vocals
  • Sven Bloemen – drums, percussie, backing vocals
25jan/230

Joe Henry – All the eye can see

Joe Henry (2 december 1960, Charlotte, North Carolina) is een Amerikaanse singer-songwriter, gitarist en producer. Hij groeit op in Oakland Township, Michigan en verhuist in 1985 naar Brooklyn, New York. Hier begint Henry op te treden op lokale muziekpodia. In 1986 verschijnt zijn debuutalbum Talk of heaven. Behalve dat hij een respectabel eigen oeuvre als singer-songwriter heeft opgebouwd, was Henry ook co-writer van songs van zijn schoonzus Madonna, Rosane Cash, Madeleine Peyroux, en Chely Wright. Bekendheid kreeg Joe Henry sinds 1998 vooral als producer. Hij produceerde talloze albums voor o.a. Solomon Burke, Jim White, Ani DiFranco, Susan Tedeschi, Betty LaVette, Mary Gauthier, Hugh Laurie, Bonnie Raitt, Allen Toussaint en Rodney Crowell.     

Eind januari verschijnt er weer een nieuw album van Joe Henry. Dit album, All the eye can see, nam Henry grotendeels zelf thuis op tijdens de wereldwijde lockdownperiode van COVID-19. Henry ging er bij het maken van dit album vanuit dat dit, vanwege deze omstandigheden, zijn meest skeletachtige album uit zijn carrière zou worden. Maar eigenlijk is dit in veel opzichten zijn meest ‘uitgebreide’ album geworden, want Henry wordt op All the eye can see, begeleid door maar liefst meer dan 20 musici. Onder hen zijn zijn oude muzikale metgezellen en vrienden Levon Henry (saxofoon en klarinet), David Pitch (bas), Patrick Warren (piano en toetsen) en John Smith (akoestische gitaar).

Prelude to song, het openingsnummer, is een korte ingetogen instrumental. De verstilde ballad Song that I know begint met gedragen pianoklanken. De musici zijn uitstekend op dreef in de intieme ballad Mission. Mooi is daarna de duetzang in het met fiddle versierde Yearling. Na het ingetogen gezongen Near to the ground wordt in Karen Dalton gedurende ruim zes minuten de folkzangeresKaren Dalton (1937-1993), die in de vroege jaren ’60 bekend was in de zgn. Greenwich Village scene, waar ze optrad met o.a. Fred Neil en Bob Dylan, bezongen. Zeer fraai is de saxsolo van zoon Levon Henry in de wonderschone ballad O beloved. Subtiel is de begeleiding in God laughs met zang van Henry die  ook in dit nummer verwantschap vertoont met die van Elvis Costello. In Kitchen door is weer duozang te horen. Na het ‘donkere’ enigszins psychedelische Small wonder is de zeer fraaie ‘slepende’ jazzy saxsolo van zoon Levon in het titelnummer All the eye can see een lust voor het oor. Subtiel is de duozang daarna weer in Pass through me now. Na de zeer korte ingetogen instrumental Prologue to song wordt het album met Red letter day fraai en ingetogen geïnstrumenteerd afgesloten.  

Conclusie: Met All the eye can see heeft Joe Henry weer een parel aan zijn toch al fraaie oeuvre toegevoegd. Een prachtig, intiem en heerlijk ontspannen persoonlijk album.

Tracks cd:

  1. Prelude to song
  2. Song that I know
  3. Mission
  4. Yearling
  5. Near to the ground
  6. Karen Dalton
  7. O beloved
  8. God laughs
  9. Kitchen door
  10. Small wonder
  11. All the eye can see
  12. Pass through me now
  13. Prologue to song
  14. Red letter day
25jan/230

De tweede helft

Na een winterstop van zes weken was het afgelopen weekend weer zover. De hervatting van de voetbalcompetitie bij de amateurs. De feestdagen zijn achter de rug en de meeste clubs waren al weer een paar weken in training. Sommigen hadden zelfs, zoals de laatste jaren steeds vaker lijkt te gebeuren, hun trainingskamp opgeslagen in zonniger oorden in het buitenland. De voetballers werden geacht klaar te zijn voor de tweede helft van de competitie. Slechte resultaten van voor de winterstop waren geanalyseerd en verdrongen naar de achtergrond. 

Maar de hervatting van de competitie verliep niet vlekkeloos. Koning Winter had plotseling zijn opwachting gemaakt en er voor gezorgd dat veel voetbalvelden onbespeelbaar waren. Of onbespeelbaar verklaard, want het verbaasde me een beetje dat er, ondanks dat de meeste voetclubs over kunstgrasvelden beschikken, toch zo massaal wedstrijden werden afgelast. Maar wie ben ik.

Slechts drie Goudse voetbalclubs kwamen afgelopen zaterdag in actie. Vierde divisionist Jodan Boys kwam slecht uit de startblokken en liep al weer tegen de 10e nederlaag aan. Hier en daar werd gerept van een nederlaag met perspectief. Het voetbal was niet echt slecht en je kreeg de complimenten van de tegenstander. Maar ja, je staat weer meer lege handen en je bevind je nog steeds in de degradatiezone. Zaterdag een herkansing tegen ODIN ’59.

Ook eersteklasser Olympia kende een valse start. Op een 4-2 nederlaag tegen staartploeg Monnickendam hadden de Olympianen denk ik niet gerekend. Afstand nemen van de onderste regionen was ongetwijfeld het uitgangspunt, maar het resultaat is dat Olympia nu helemaal onderaan staat. Argon is zaterdag de volgende test.

De 2e klasse D is een afdeling waar de spanning van af blijft druipen. Daar zijn de verschillen zowel bovenin als onderaan zo klein dat de ranglijst bijna wekelijks overhoop gegooid kan worden. DONK deed zaterdag goede zaken door met 0-3 van ASC te winnen en kruipt naar boven en staat nu op de 3e plaats, vier punten achter koploper ESTO. Dat belooft wat voor a.s. zaterdag, want dan staat DONK – ESTO op het programma. Een mooi vooruitzicht.

23jan/230

Grey DeLisle – Borrowed

Singer-songwriter-autoharpspeler Grey DeLisle is geboren op 24 augustus 1973 in Fort Ord, California  Haar moeder was zangeres en haar vader, een vrachtwagenchauffeur, hield van countrymuziek en dat zou later de basis blijken voor de zangcarrière van Grey. Na de scheiding van haar ouders gaat Grey bij haar grootmoeder in San Diego wonen, een zangeres die nog met Tito Puente heeft samengewerkt. Behalve zangeres is DeLisle ook stemactrice en comédienne. Eind jaren ’90 zingt DeLisle in de vrouwenpunkband Side Saddle. Haar solodebuut The small town komt in 2000 uit.

Begin januari 2023 verschijnt er na ruim 15 jaar weer een nieuw album van Grey DeLisle. Dit nieuwe album Borrowed, met bijna allemaal covers, is geproduceerd door Marvin Etzioni.

Het album opent mysterieus met het door strijkers gedragen Another brick in the wall, de bekende Pink Floyd song. Het door Billy Rose & Lee David geschreven Tonight you belong to me is een heel kort teder gezongen liedje met een mooie bijdrage van Monique Mizrahi op charango. Fraai zijn de strijkersarrangementen in de Hoagy Carmichael klassieker Georgia on my mind. DeLisle zingt soms fluisterend al tokkelend op de autoharp naast de mondharmonica van Mickey Raphael en de cello van Giovanna Clayton. Borrowed and blue is geschreven door DeLisle en Marvin Etzioni. De zang in deze gevoelige countryballad doet me denken aan Dolly Parton. De ‘slepende’ pedal steel van Greg Leisz is ook niet te versmaden. De ingetogen zang van DeLisle doet me in het heel korte door Marc Bolan van T-Rex geschreven en met strijkers overgoten Girl ook weer denken aan Dolly Parton. Etzioni schreef You are the light, een mooi liedje met mandoline en fiddle. De soulband The Satellites Four zijn ingehuurd voor You only live twice, het door John Barry geschreven thema van de gelijknamige James Bond film uit 1967. Een lekkere zwoele en twangy versie met strijkers.Het door gospelzangeres Mary Knight geschreven Calvary krijgt hier met trompet, trombone, saxofoon en charango een swingende uitvoering die je in de sferen van New Orleans brengt. Gevoelig is weer de zang in het met strijkers versierde door gitarist Murry Hammond geschreven Valentine. All my tears van Julie Miller is prachtige countryfolk met fiddle en mandoline. Het album sluit af met een verstilde versie van de traditional Willie we have missed you, een bonustrack met zeer spaarzame begeleiding en met bijna fluisterende zang. Dit nummer verscheen eerder in 2004 op het tributealbum Beautiful dreamer (the songs of Stephen Foster).    

Conclusie: Borrowed is een zeer fraaie luisterplaat.

Tracks cd:

  1. Another brick in the wall
  2. Tonight you belong to me
  3. Georgia on my mind
  4. Borrowed and blue
  5. Girl
  6. You are the light
  7. You only live twice (feat. The Satelittes Four)
  8. Calvary
  9. Valentine
  10. All my tears
  11. Willie we have missed you (bonus track)

Line-up:

  • Grey DeLisle – zang (all tracks), autoharp (track 1,3,11)
  • Murry Hammond – (akoestische) gitaar (track 1,2,3,4,5,8,9,10), akoestische bas (track 2),
  • Marvin Etzioni – drums, mandocello (track 1), mandoline (track 6), drums (track 8), gitaar (track 11)
  • Jonah Tolchin – elektrische gitaar (track 1,8)
  • Monique Mizrahi – charango (track 2,8)
  • Giovanna Clayton – cello (track 3)
  • Micky Raphael – mondharmonica (track 3)
  • Phil Jones – drums (track 3,5)
  • Greg Leisz – pedal steel (track 4,9,11), mandoline (track 10)
  • Tammy Rogers – fiddle (track 6,10)
  • Dave Raven – percussie (track 11)
  • The Satelittes Four (track 7)
  • Casey Dolan – elektrische gitaar
  • Doug Wieselman – rhythm gitaar
  • Marvin Etzioni – bas
  • Danny  Frankel – drums
22jan/230

Nederland – Belgie

Omdat het afgelopen zondag toch slecht weer was, en er verder geen sportactiviteiten waren in Gouda, heb ik die dag grotendeels luierend voor de televisie doorgebracht.. Mijn interesse ging uit shorttrack en veldrijden, twee prachtige televisiesporten. Bij Studio Sport was de aandacht vooral gericht op het EK shorttrack in Gdansk. Voor het veldrijden moest je vooral bij Sporza van de VRT zijn. Het was dus regelmatig zappen tussen de Nederlandse en de Vlaamse zender.

Het BK veldrijden in Lokeren was een magnifieke strijd tussen Michael Vanthourenhout en Laurens Sweeck. Aangemoedigd door duizenden wielerliefhebbers ploeterden de renners zich door de modder. Intussen was bij het shorttrack wereldkampioene Xandra Velzenboer weer gediskwalificeerd en werd Suzanne Schulting op haar favoriete 1000 meter verrast door de Belgische Hanne de Smet. De Nederlandse gouddelver was niet blij. Geen vijf keer goud, maar slechts vier keer. En dat was goed k.t foeterde ze. Broer Stijn de Smet kon toen niet achterblijven en hij verraste op zijn beurt ook een Hollander. Favoriet Jens van ’t Wout werd met een schitterende passeerbeweging op de 500 meter afgetroefd. Ik had de idee dat ik zondag naar een interland Nederland – België zat te kijken. Maar dan zonder bal.

Van de bagger van Lokeren maar weer eens zappen naar Zaltbommel, naar het NK veldrijden. Een lumineus idee om de renners ook door de uiterwaarden te laten rijden. Nou ja rijden, het was vaak slingeren door de modder en lopen met de fiets op de schouder. Het wassende water kwam soms angstig dichtbij. Renners waren nauwelijks te onderscheiden in deze modderpoel. Soms was een zwemdiploma ook vereist. De echte stoere jongens en meisjes, deze keer zonder de mastodonten Matthieu van der Poel en Wout van Aert.

Maar het is nu uit met de pret. Uit met het luieren en passief naar sport kijken op de televisie. Komend weekend gaat, in navolging van andere sporten, ook de voetbalcompetitie weer van start. Mijn zaterdagen zijn dan in ieder geval weer actief gevuld. Mijn microfoon ligt verlangend gereed om mij te vergezellen naar de velden.  

11jan/230

Nieuwjaarsrecepties

Afgelopen week(end) hield een groot aantal sportverenigingen hun nieuwjaarsreceptie. Na twee coronajaren kon men eindelijk weer eens uitgebreid het nieuwe jaar gaan vieren in hun geliefde sportomgeving. Ik heb met eigen ogen gezien dat het enthousiasme groot was en als ik op de berichten af mag gaan was het ook bij veel andere clubs behoorlijk druk in de sportkantines. Eerst werd gekeken naar de traditionele nieuwjaarswedstrijden tussen een team van de oude garde en de huidige selectie. ‘Oudjes’ die eerst moesten kijken of ze nog voetbalschoenen hadden en of ze nog in hun tenue pasten. De meesten zijn in de loop van de jaren wat breder en grijzer geworden. De snelheid die ze vroeger hadden was uiteraard verdwenen en ook de conditie liet te wensen over, maar via hun technische en tactische foefjes lieten ze zien dat ze het spelletje nog niet waren verleerd. Het plezier stond voorop en dat werd met name in de beroemde derde helft gedemonstreerd.

Voorzitters keken daarna eerst even terug op 2022 en vervolgens vooruit naar het nieuwe sportjaar 2023. Jubilarissen werden in het zonnetje gezet en dan blijkt dat er gelukkig nog sprake is van clubbinding. Want waar vind je in deze vluchtige maatschappij nog mensen die 25, 40, 50, 60, 65 of zelfs 75 jaar lid zijn van een vereniging. Ook werden de namen van de nieuwe trainers bekend gemaakt. Rens Binken, ‘Mister Moordrecht’, heeft ook in het nieuwe voetbalseizoen bij VV Moordrecht de touwtjes in handen. Bij sv DONK staat volgend seizoen een vertrouwd gezicht voor de troepen. René van Beek, die met zijn 12-jarig dienstverband bij de club uit Zevenhuizen, gerust de Arsène Wenger van VV Groeneweg mag worden genoemd, keert na 30 jaar terug bij de club waar hij destijds zijn eerste trainersstappen zette.

De feestdagen zijn voorbij, sommige clubs hervatten de competitie a.s. weekend al en de voetbalclubs starten op 21 januari a.s. weer. Vol goede moed uiteraard en hier en daar zijn wat noodgrepen toegepast, zoals bij Jodan Boys waar een drietal nieuwe spelers zijn gehaald.

Op naar de 2e helft.

9jan/230

Bruce Cockburn – Rarities

De Canadese singer-songwriter-gitarist Bruce Cockburn is geboren op 27 mei 1945 in Ottawa. Hij brengt een deel van zijn jeugd door op een farm bij Pembroke (Ontario). Volgens eigen zeggen heeft hij rond 1959 zijn eerste gitaar heeft gevonden op zolder bij zijn oma. In 1966 wordt hij lid van The Children, een band uit Ottawa en na het opheffen van die band in 1967 wordt hij lid van The Esquires. Cockburn is dan verhuisd naar Toronto en vormt daar The Flying Circus, de band waarvan de naam in 1968 wordt veranderd in Olivus. Deze band staat in april 1968 in het voorprogramma van The Jimi Hendrix Experience en Cream. In 1969 start Cockburn een solocarrière.  Zijn solodebuutalbum Bruce Cockburn verschijnt in 1970. Veel van zijn albums eind jaren ’70 bevatten verwijzingen naar het christendom, in de jaren ’80 gekoppeld aan het thema mensenrechten en milieu. Dan ontstaat ook zijn politieke activisme.

Op 25 november jl. verscheen Rarities, een verzameling van twaalf zelden gehoorde opnames die tot nu toe alleen beschikbaar waren in de gelimiteerde boxset Rumours of glory  en vier geremasterde songs die eerder op tribute-compilatiealbums gewijd aan Mississippi John Hurt, Gordon Lightfoot, Pete Seeger en The Mississippi Sheiks zijn verschenen.

Het album opent met Juan Carlos, een heel kort niet eerder uitgebracht nummer uit de soundtrack The man we called Juan Carlos (2001). Waterwalker theme van de soundtrack Waterwalker (1984) is ook nooit eerder uitgebracht. Een opwindend nummer met een lekkere drumbeat, fraaie baslijnen en viool. Avalon, my home town van Mississippi John Hurt (1893 – 1966) is een prachtige countryblues met Cockburn op 12-snarige gitaar. Het nummer is afkomstig van het album A tribute to the music of Mississippi John Hurt (2001). Wise users is een bijna 7½ minuut durende schitterende ‘slepende’ akoestische song met gitaar en viool. Het nummer komt van het album Honor, a benefit for the honor the earth campaign (1966). Going down the road is een onuitgebrachte demo die verscheen op de gelijknamige soundtrack (1970). The whole night sky is een mooie akoestische onuitgebrachte demo uit 1995. Het origineel verscheen in 1996 op het album The charity of night. Ook Grinning moon, met mooi tokkelend gitaarspel van Cockburn, is een onuitgebrachte demo uit 1995. Song for touring around the stars is geschreven door de Japanse schrijver/dichter Kenji Miyazawa (1896 – 1933). Gitaar en keyboard geven aan dit nummer een Japans tintje. Het nummer verscheen alleen in 1993 in Japan op het album Mental sound sketches, a tribute to Kenji Miyazawa. Akoestische gitaar en zang vullen de ruim 6 minuten nooit eerder uitgebrachte demo Come down healing. Mystery walk is een heel korte instrumentale niet eerder uitgebrachte demo van de soundtrack The man we called Juan Carlos (2001). The trains don’t run here anymore schreef Cockburn samen met de Canadese songwriter William Hawkins (1940 – 2016). Het nummer verscheen in 2009 op het album Dancing alone, the songs of William Hawkins. Hier horen we een schitterende geremasterde versie met 12-snarige gitaar en cello. In 2003 verscheen het album Beautiful, a tribute to Gordon Lightfoot. Cockburn’s bijdrage op dat album was de Lightfoot compositie Ribbon of darkness. Turn, turn, turn van Pete Seeger is vooral bekend geworden door The Byrds (1965). Bruce Cockburn was met dit nummer present op het album Where have all the flowers gone, the songs of Pete Seeger (1998). Het blijft een prachtig nummer, ook hier weer in de geremasterde versie van Bruce Cockburn. Uit 2009 stamt het album Things about comin’ my way: a tribute to the music of The Mississippi Sheiks. Van dat album de geremasterde versie van het jaren ’30 nummer Honey babe let the deal go down. Een werkelijk fantastische jazzy countryblues met trombone, elektrische gitaar, Hammond en talloze backing vocalisten. Op het verstilde Twilight on the champlain sea horen we Ani DiFranco in de backing vocals. Dit nummer werd in 2006 exclusief in Japan uitgebracht op het album Life short call now. Het album sluit af met de nooit eerder uitgebrachte opname Bird without wings uit 1966.  

Conclusie: Het is ronduit genieten van de liedjes van de legendarische Bruce Cockburn.

Tracks cd:

  1. Juan Carlos
  2. Waterwalker theme
  3. Avalon, my home town
  4. Wise users
  5. Going down the road
  6. The whole night sky (alternate version)
  7. Grinning moon
  8. Song for touring around the stars
  9. Come down healing
  10. Mystery walk
  11. The trains don’t run here anymore (re-mastered)
  12. Ribbon of darkness (re-mastered)
  13. Turn turn turn (re-mastered)
  14. Honey babe let the deal go down (re-mastered)
  15. Twilight on the champlain sea
  16. Bird without wings

Line-up:

  • Bruce Cockburn – gitaren, zang, mondharmonica, keyboards, drum programming
  • Janice Powers – keyboards (track 1,3)
  • Hugh Marsh – viool (track 2,4,) drum programming (track 2)
  • Ann Davison – cello (track 11)
  • Colin Linden – mandoline (track 12)
  • Keith Lowe – bas (track 14)
  • Matt Chamberlain – drums (track 14)
  • Wayne Horvitx – Hammond orgel (track 14)
  • William Carn – trombone
  • Steve Dawson – Weissenborn, elektrische gitaar
  • Alice Dawson, Steve Dawson, Wayne Horvitz, Daniel Keebier, Keith Lowe, Carrie Robinson – backing vocals.
  • David Pitch – bas (track 15)
  • Jon Goldsmith – elektrische piano
  • Julie Wolf – keys
  • Gary Craig – drums, percussie
  • Ani DiFranco – backing vocals
4jan/230

Het sportjaar 2023

Ik wens u vanaf deze plaats allereerst een gelukkig, sportief maar vooral gezond 2023. Ook dit jaar hoop ik weer wekelijks een sportcolumn te schrijven over het wel en wee in de Goudse sportwereld. In mijn vorige column blikte ik even terug op de hoogte- en dieptepunten van het sportjaar 2022 en nu wil ik u deelgenoot maken van mijn hoop, vrees en verwachtingen voor het sportjaar 2023.

Laten we met voetbal beginnen. Jodan Boys en Olympia zullen alle zeilen moeten bijzetten om niet te degraderen. Vrees en hoop strijden hier bij mij om voorrang, maar ik heb de (stille) hoop dat ze het gaan redden. DONK, Gouda en GSV gaan zich handhaven. Promotie zit er vrees ik niet in. Hoewel zekerheden niet bestaan, ga ik er toch vanuit dat ONA fluitend naar de 4e klasse promoveert.

Groot zijn mijn verwachtingen voor de waterpolovrouwen van GZCDONK. Tussen de laatste twee landskampioenschappen in 2015 en 2019 zat telkens vier jaar. Als driemaal scheepsrecht is kan de kampioensvlag dit jaar weer na 4 jaar worden gehesen. Ook de mannen van GZCDONK draaien aan de top mee. Hier is de concurrentie groter, maar waarom zouden ze het sterke staaltje van 2021 niet herhalen toen ze tot verrassing van velen landskampioen werden.

De gedegradeerde rugbyers van RFC Gouda hebben tot nu toe in de 3e klasse een paar monsteroverwinningen behaald met scores van meer dan 100, maar helaas gingen de wedstrijden tegen de huidige koplopers Hoek van Holland en Thor verloren. Er zijn nog heel wat wedstrijden te spelen en normaal zou je zeggen ‘de bal is rond’, maar dat gaat in dit geval niet op. Promotie zal lastig worden.

De volleybalvrouwen van VollinGo eindigden vorig seizoen op een 3e plaats en de Goudse vrouwen promoveerden naar de Topdivisie. En dat ze het op dit niveau moeilijk hebben is niet zo verwonderlijk. Maar de 3-1 overwinning in december op de nr. 2 Ledub zal de Goudse vrouwen ongetwijfeld moed op handhaving hebben gegeven.  

Tot zover een aantal bespiegelingen, het woord is nu aan de sporters.

3jan/230

John the Revelator – A dark for sleeping

De geschiedenis van de Haarlemse bluesband John the Revelator, vernoemd naar een a-capella bluestraditional van Son House, begint in 1968. Hun grote voorbeeld is de Britse bluesband Fleetwood Mac met stergitarist Peter Green. John the Revelator wint in 1970 tijdens een live tv-uitzending de Loosdrecht Jazz Award en in datzelfde jaar verschijnt hun eerste lp Wild Blues. De band wordt steeds bekender en toert door Nederland, Duitsland, België en Zwitserland. John the Revelator bestond in 2018 50 jaar en dit heuglijke feit werd o.a. gevierd met het uitbrengen van  een 4cd box met een 60 pagina’s tellend geïllustreerd boek. John the Revelator is nog steeds alive and kicking en bestaat in 2023 dus al 55 jaar.

Begin december is, na twee jaar stilte, het nieuwe (16e) album van John the Revelator verschenen. Op dit album, A dark for sleeping staan elf nieuwe nummers vol melancholieke blues over de gebroken spiegels van het leven, over wat had kunnen zijn maar niet meer is. Het album is op een speciale manier tot stand gekomen. De COVID-19 periode zorgde er voor dat de band niet samen in de studio bij elkaar kon komen. Zanger-bassist Tom Huissen en gitarist Frans ten Kleij hebben de nummers in hun eigen huizen gecomponeerd en opgenomen. Later hebben ze samen met co-producer, engineer en sessiemuzikant Henk Suurling in The Bunker Studio in IJmuiden het album verder vorm gegeven. Cor Dijkhuizen speelt drums op twee songs en Paul Dammers slide op twee nummers. Keyboardspeler Erwin Aubroeck speelt vanwege COVID-19 niet mee op dit album. A dark for sleeping is opgedragen aan hun op 25 juli 2020 overleden all-time hero Peter Green.

John the Revelator presenteert hun nieuwe album op 15 januari 2023 in het Patronaat in Haarlem. Ze spelen dan weer in de vertrouwde 5-mansformatie Tom Huissen (zang, bas), Frans ten Kleij (gitaar), Paul Dammers (slide, akoestische en ritme gitaar), Cor Dijkhuizen (drums) en Erwin Aubroeck (keyboards).

Het album opent met Roots, een intro van een kleine minuut waarin de band laat horen welke muzikale reis zij als band hebben gemaakt. Elementen van Bach, bluesgrootheden als Son House, Robert Johnson en Elmore James en aan het eind de wegstervende gitaartonen die duidelijk maken dat Peter Green hun grote gitaarheld is. In No-nothing woman, met drums, keyboards, de enigszins ‘donkere’ zang en de synths, is het genieten van de mooie slide van Paul Dammers. In het titelnummer, de ballad met een hoog Pink Floyd gehalte A dark for sleeping, speelt Frans ten Kleij met zijn lyrische gitaarwerk de sterren van de hemel. You’re the one is uptempo R&B met heerlijke pianosolo’s. Het nummer doet me in de verte enigszins denken aan Mose Allison. Na het symfonische intro van White-billed diver (Gavia Adamsii), de instrumental over de geelsnavelduiker, een in Nederland zeldzame grote watervogel, tovert Frans ten Kleij weer een ongelooflijk lyrische solo uit zijn gitaar. Na de ingetogen ballad Close my eyes and sleep is Hard on crazy een uit het hart gezongen midtempo blues met wederom een indringende gitaarsolo. En vooral dankzij de slide van Paul Dammers zijn de invloeden van de oude Fleetwood Mac, zeg maar Peter Green, herkenbaar. Too far gone  is een ingetogen song met wah-wah gitaar. De invloeden van Pink Floyd zijn er weer, dankzij de fantastische gitaarsolo’s in de bluesballad I don’t wanna live in your pain. Pain reliever is een korte instrumental met een symfonisch intro. Lying for a living, met gastgitarist en medeauteur Henk Schippers, is een prachtig akoestisch slotakkoord, waarbij ik moet denken aan John Hiatt.  

Conclusie: A dark for sleeping is geen doorsnee bluesalbum, en ondanks het feit dat John the Revelator daar bewust voor heeft gekozen, verloochent de band ook op dit album haar roots niet. Het kan trouwens geen kwaad om eens af te wijken van de gebaande (blues)paden. Het album bevalt me, zeker na een paar keer draaien, goed. En om de meer bluespuristen gerust te stellen, ik heb uit zeer betrouwbare bron vernomen dat de band al weer volop bezig is in de studio en dat hun volgende album er weer een zal zijn met vuige en ruige blues.  

Tracks cd:

  1. Roots
  2. No-nothing woman
  3. A dark for sleeping
  4. You’re the one
  5. White-billed diver (Gavia Adamsii)
  6. Close my eyes and sleep
  7. Hard on crazy
  8. Too far gone
  9. I don’t wanna live in your pain
  10. Pain reliever
  11. Lying for a living

Line-up:

  • Tom Huissen – zang, bas
  • Frans ten Kleij – gitaren
  • Henk Suurling – drums, keyboards, strings, synthesizers/programming, akoestische gitaar, zang
  • Cor Dijkhuizen – drums (tracks 4,9)
  • Paul Dammers – slide gitaar (tracks 2,7)
  • Henk Schippers – akoestische gitaar (track 11)
27dec/220

Seth Avett – Sings Greg Brown

Zanger-gitarist-drummer-pianist Seth Avett (30 juli 1980, Charlotte, North Carolina) is in 2000 een van de oprichters van de uit Concord, North Carolina afkomstige Amerikaanse folkrockband The Avett Brothers. In 2002 verschijnt hun album Country was. Seth Avett is ook solo actief. Zijn solodebuut To make the world quiet komt in 2001 uit.

In november jl. verscheen er een nieuw album van Seth Avett, Sings Greg Brown, een eerbetoon aan de Amerikaanse folkzanger Greg Brown (2 juli 1949, Fairfield, Iowa). Seth Avett kwam op het idee om een duik in de imposante catalogus van Greg Brown te nemen toen hij bij Brown en zijn echtgenote Iris DeMent op bezoek was.

Greg Brown staat bekend als een klassieke troubadour met een donkerbruin stemgeluid. Met het album Iowa waltz zette hij zich in 1981 als troubadour op de kaart. Sindsdien verscheen er een groot aantal albums van hem.

Op Sings Greg Brown staan tien vertolkingen van de troubadour uit Iowa. Het openingsnummer The poet game is een song van het gelijknamige album van Brown uit 1994. Een rustig en mooi gezongen liedje. Vervolgens vertolkt Avett twee songs van het album In the dark with you uit 1985. Allereerst het springerige Good morning coffee met percussie en backing vocals en daarna het prachtige intieme Just a bum, een duet met Jennifer Carpenter Avett en fingerpicking gitaarspel. You drive me crazy (van het album Dream café uit 1992) is weer heel ingetogen. De tedere ballad I slept all night by my lover is ook weer afkomstig van Browns album In the dark with you. My new book (The poet game, 1994) is het langste nummer van dit album, dit mooi gezongen nummer duurt maar liefst ruim zeven minuten. Laughing river (Dream café, 1992) is een sprankelend nummer met een fraaie Willie Nelson achtige akoestische gitaarsolo. Telling stories, (Milk of the moon, 2002) is weer zeer ingetogen met mooie gedoseerde pianoklanken. De sleutelsong The Iowa waltz uit 1981 ontbreekt uiteraard niet en Avett vertolkt de song hier op fraaie wijze. Het slotnummer Tenderhearted child (Freak flag, 2011) is een verstilde pianoballad.    

Conclusie: Seth Avett vertolkt op dit album een aantal prachtige songs van Greg Brown op zeer fraaie wijze. Een mooi eerbetoon.  

Tracks cd:

  1. The poet game
  2. Good morning coffee
  3. Just a bum
  4. You drive me crazy
  5. I slept all night by my lover
  6. My new book
  7. Laughing river
  8. Telling stories
  9. The Iowa waltz
  10. Tenderhearted child