Gerritschinkel.nl Columns & meer

21mei/240

Beaux Gris Gris & the Apocalypse – Hot nostalgia radio

De Amerikaans/Britse band Beaux Gris Gris and the Apocalypse is in 2017 opgericht door de Amerikaanse zangeres Greta Valenti en haar partner de Britse gitarist Robin Davey, o.a. bekend van de Britse bluesband The Hoax. Beaux Gris Gris and the Apocalypse maakt op New Orleans geïnspireerde muziek die zich niet in een apart hokje laat plaatsen. Hun debuutalbum Love & murder verscheen in 2019. Deze maand verschijnt hun nieuwe album Hot nostalgia radio, hun 3e, de opvolger van het vorig jaar verschenen dubbele livealbum Live in the United Kingdom.

Het album opent met de stevige uptempo rocker Oh yeah! die er meteen in knalt met vette gitaren, een bonkende ritmesectie, hamerende piano en flamboyante zang. Het blijft stevig rocken in Wild woman met een Greta Valenti in topvorm. Safety queen, met vlijmscherp gitaarwerk, kent rustigere gedeeltes met backing vocals. Uitbundig is de zang weer in de gitaarrocker I told you baby. In Middle of the night komen de blazers in actie, waarna in Sad when I’m dancing gas wordt teruggenomen. All I could do was cry is een prachtige intens gezongen soulballad, die me doet denken aan het bekende Pain in my heart (o.a. Otis Redding en The Rolling Stones). In de powerballad The runaway, met scherp gitaarwerk, varieert de zang van ingetogen tot intens. Na de ballad Harder to breathe gaat het tempo weer flink omhoog in Don’t let go met keys, gitaren en percussie. Na de mooie ingetogen bluesy ballad Penny paid rockstar musiceert de band er in het heerlijk melodieuze Marie lustig op los. In de twee slotnummers horen we waar Beaux Gris Gris and the Apocalypse hun inspiratie vandaan halen. Met de accordeon belanden we in Let’s ride in de New Orleans sferen en ook in de geweldige feestelijke afsluiter Mama cray, tex-mex en zydeco in optima forma, met een fraaie accordeonsolo is het volop genieten.

Conclusie: Hot nostalgia radio is een energiek en gedreven album van een geweldige band met een flamboyant boegbeeld.

Tracks cd:

  1. Oh yeah!
  2. Wild woman
  3. Satisfy your queen
  4. I told my baby
  5. Middle of the night
  6. Sad when I’m dancing
  7. All I could do was cry
  8. The runaway
  9. Harder to breathe
  10. Don’t let go
  11. Penny paid rockstar
  12. Marie
  13. Let’s ride
  14. Mama cray

Line-up:

  • Greta Valenti (a.k.a Beaux Gris Gris) – zang, percussie
  • Robin Davey – gitaren, backing vocals
  • Stephen Mildwater – bas, backing vocals
  • Sam Robertson – keys, piano, accordeon, glockenspiel, backing vocals
  • Tom Rasulo – drums, percussie, backing vocals
  • Chris Cunningham – bas (track 14), backing vocals
  • Jon-Paul Frappier  - trompet
  • Yuri Villar – tenor- en bariton sax
  • Marie Gammage, Daniel Jester, Alesia Jester – backing vocals
16mei/240

Blind Lemon Pledge – Oh so good

De in San Francisco woonachtige producer, singer-songwriter en multi-instrumentalist James Byfield ontdekt op jonge leeftijd de blues en folk in de plaatselijke clubs. Behalve blues en folk hebben ook country, jazz en rock & roll zijn interesse. Na zijn studie aan de universiteit van San Francisco besluit Byfield zich toe te leggen op een carrière in de muziek, naast zijn werkzaamheden als grafisch designer, multimedia producer en animator. In 2008 neemt hij het besluit om fulltime muzikant te worden en noemt zich voortaan Blind Lemon Pledge. Zijn eerste album Livin’ my life with the blues, een album met originals en bluesklassiekers, verschijnt in 2009.

Medio april verscheen Oh so good, het nieuwe studioalbum van Blind Lemon Pledge.

Het openingsnummer Big Bill is een countryblues met slide en nodigt uit tot meezingen. De slide is ook aanwezig met ‘wolvengehuil’ in Junkyard dog. Het titelnummer Oh so good heeft ragtime-invloeden.  How can I still love you is een ingetogen gezongen en gespeelde blues. Fraai zijn de baslijnen. Na de jumpblues Hard heart honey bee belanden we in de cajunsferen met het gedeeltelijk in Creools patois gezongen Ma belle cherie. In de langzame wals Moon over Memphis brengt het trio een mooie ode aan Memphis. Go jump willie is een merkwaardig nummer maar het swingt wel lekker. Cora Lee is een klaagzang over een in de steek gelaten minnaar. In Come back little Sheba met rumba ritme zitten ook jugband invloeden. Mooi is het gitaarspel in de gospel Give my poor heart ease. Het slotnummer is het vooral van The Animals bekende, maar ook door veel anderen gecoverde House of the risin’ sun. Pledge geeft een mooie eigen interpretatie van deze traditional met een vette slide en een strakke ritmesectie.

Conclusie: Oh so good is een liefdevol gemaakt album dat het beluisteren meer dan waard is.

Tracks cd:

  1. Big Bill
  2. Junkyard dog
  3. Oh so good
  4. How can I still love you
  5. Hard heart honey bee
  6. Ma belle cherie
  7. Moon over Memphis
  8. Go jump the willie
  9. Cora Lee
  10. Come back little Sheba
  11. Give my poor heart ease
  12. House of the risin’ sun

Line-up:

  • Blind Lemon Pledge – gitaar, zang
  • Peter Grenell – bas
  • Juli Moscovitz – drums
16mei/240

We leven nog

De 1e helft van de wedstrijd was zaterdag tamelijk tam, maar wat er in de rust in de thee heeft gezeten weet ik niet, want Olympia en FC Oudewater schotelden de supporters in de twee helft van deze regelrechte degradatiekraker een waar spektakel voor. Winst zou voor beide teams een godsgeschenk betekenen, hoewel de bezoekers wellicht ook met een gelijkspel tevreden zouden zijn. De supporters schreeuwden hun kelen schor en stonden soms te bibberen van de spanning. Een cruciaal moment was toen Olympia 2-1 dacht te scoren, maar de scheidsrechter door liet spelen en de bal nauwelijks een halve minuut later in het andere doel lag. “De bal was zeker een halve meter over de doellijn” foeterde na afloop een Olympiaan. FC Oudewater rekende zich rijk, maar in de 86e minuut werd uiteindelijk toch de gelijkmaker gescoord.

Teleurstelling en opluchting streden om voorrang. Olympia beleefde de laatste weken een opleving en de hoop op overleving nam toe. Maar op deze zonovergoten zaterdagmiddag werd de finalereeks van Olympia wreed onderbroken en lijkt het doek nu toch te gaan vallen. “We leven nog” hoorde ik desondanks een optimist opmerken, maar er klonk toch ook berusting in zijn stem door. Maar de wonderen zijn de wereld niet uit.

We zijn nu in de beslissende fase van de competitie beland. Verrassingen zijn in de laatste twee ronden niet uit te sluiten. Elk punt telt en soms zet dat ook geen zoden aan de dijk. De wil is aanwezig, maar als je het niet meer in eigen hand hebt wordt het lastig. Dat laatste zal Jodan Boys zich ook realiseren. Maar koester die minieme kans.

De voetbaljaargang 2023 – 2024 lijkt voor Gouda geen succesverhaal te worden. Misschien dat DONK en ONA nog voor verrassingen gaan zorgen. We mogen ons in ieder geval gelukkig prijzen met de geweldige prestaties van het 1e vrouwenteam van Jodan Boys. A.s. zaterdag is een gelijkspel tegen Jong Sparta voldoende om voor het 3e(!) achtereenvolgende seizoen kampioen te worden en te promoveren naar de Topklasse. Dat is top, dat is klasse!

9mei/240

De bananenschil

In de vaderlandse politiek zijn maandag de finaleweken begonnen. De vier onderhandelaars voor een nieuw kabinet moeten nu echt met de billen bloot. Het is tijd om eindelijk knopen door te hakken. Ik ben benieuwd.

In het amateurvoetbal zijn de finaleweken al een tijdje bezig. In mijn sportcolumn van 17 april jl. voorspelde ik dat de competitie voor veel clubs als een nachtkaars uit zou gaan. Maar voor waarzegger ben ik blijkbaar niet in de wieg gelegd, want drie competitieronden later is de situatie weer anders.

Jodan Boys nam zaterdag afscheid van het thuispubliek en kan zich alvast gaan richten op een nieuw seizoen in de 1e klasse. DONK droomde een aantal weken geleden stiekem nog van een kampioenschap. Dat worden ze in ieder geval niet en ze zullen de laatste drie wedstrijden naar verwachting met RCL moeten uitvechten wie van hen mag hopen om via de nacompetitie naar de 1e klasse te promoveren. Het waakvlammetje brandt nog.

Olympia was een aantal weken geleden dood verklaard en nog net niet begraven. Het zeer kleine waakvlammetje lijkt een steekvlam te worden. Van de vijf finales die men voor zich zag zijn er nu al twee gewonnen. De rode lantaarn is overgedragen en de concurrentie is weer in zicht. A.s. zaterdag wordt cruciaal. Winst op FC Oudewater zou de spanning helemaal opvoeren, maar verlies zou ook degradatie kunnen betekenen. De bal is ronder dan ooit.

ONA is ook een verhaal apart. De laatste weken was de trots van Korte Akkeren ‘op de sukkel’ zoals onze zuiderburen zo mooi kunnen zeggen. Er werden sinds 23 maart veel punten verspeeld en een riante positie kwam in acuut gevaar. Zaterdag werd eindelijk weer eens gewonnen. Maar de grootste winst was misschien wel het cadeautje dat men kreeg van vorige week gedegradeerde stadgenoot Gouda. Een regelrechte bananenschil waar Perkouw op uitgleed en de eveneens onverwachte nederlaag van koploper Groeneweg opent ineens weer perspectieven.

De finaleweken zijn nu echt aangebroken. Sommigen rekenen zich voorzichtig een beetje rijk, maar dat is link want bananenschillen kunnen overal liggen.  

5mei/240

De voetbaltrainer

Zijn naam komt de laatste dagen overal voorbij. Er is geen medium waar de naam Arne Slot niet valt. De succestrainer van Feyenoord heeft zich de afgelopen drie jaar in de kijker gespeeld. En dan wordt er in de opportunistische voetbalwereld volop gespeculeerd. Iedereen heeft een mening over de toekomst van Slot en komt met adviezen.

Succestrainer Arne Slot vertrekt bij Feyenoord. Maar er zijn legio voorbeelden van trainers die de andere kant van de medaille zien. Gaat het even niet naar wens dan mag je de deur achter je dichttrekken. De trainers van Ajax, AZ, FC Utrecht, Vitesse, Heracles, Telstar, NAC Breda en Willems II konden in de loop van dit seizoen hun biezen pakken. Soms in onderling overleg, maar die zinsnede is vaak een dooddoener volgens mij.

Wekelijks lees ik de laatste tijd dat ook in het amateurvoetbal trainers met onmiddellijke ingang opstappen of worden ontslagen. In de Goudse regio was het ook raak. Frank Bloemheuvel (Olympia), René van Beek (DONK), Frans Schaap (De Rijnstreek), Chris Snatersen (Alphen), Mark Evers (ARC) en Remco Tuinenburg (Alphense Boys) maakten om verschillende redenen het voetbalseizoen 2023-2024 bij hun club niet af.

Ik kan niet in de hoofden van de trainers en de beleidsmakers kijken en je kunt alleen maar gissen waarom trainers tussentijds (moeten) vertrekken. Je hoort uiteraard verschillende verhalen en de waarheid zal vaak wel in het midden liggen. Je bent als trainer ook afhankelijk van de selectie waarover je kunt beschikken. En dan spelen pech en geluk ook nog een rol. 

Het is trouwens geen wet van Meden en Perzen dat een trainer die degradeert automatisch wordt ontslagen. Olympia en Jodan Boys degradeerden vorig jaar en de trainers mochten blijven. Ook sv Gouda degradeerde vorige week naar de 5e klasse, de kelderklasse. Even slikken voor de oude(re) supporters waarvan sommigen nog veel vuur kunnen vertellen over de twee landskampioenschappen die Gouda begin jaren ’60 behaalde. Maar met trainer Romeo el Bouazatti, die ook mag blijven, gaat de 117-jarige club uit het Groenhovepark vol vertrouwen weer bouwen aan de toekomst.

1mei/240

Pernice Brothers – Who will you believe

The Pernice Brothers is een Amerikaanse indierockband uit Massachusetts. De band wordt in 1998 opgericht door Joe Pernice na het uiteenvallen van zijn oude band The Scud Mountain Boys. Hun debuutalbum Overcome by happiness verschijnt in 1998.

Begin april verscheen het nieuwe album van The Pernice Brothers. Who will you believe is de opvolger van Spread the feeling uit 2019. De twaalf nieuwe songs op het album zijn geschreven door Joe Pernice.  

Het openingsnummer Who will you believe is een fraaie melodieuze titelsong van het album in de beste traditie van Tom Petty. Look alive is een lekker vrolijk nummer waarna er in Not this pig heerlijk wordt geïnstrumenteerd met o.a. vette gitaarlicks. Lyrische gitaarlicks zijn te horen in het gevoelig en ingetogen gezongen What we had. Ook December in het eyes is een gevoelig nummer met strings, toetsen en trompetten. Na de enigszins zweverige georkestreerde instrumental A song for Sir Robert Helpmann gaat het tempo flink omhoog in de stevige gitaarrocker Hey, guitar. A man of means, met stevig en strak drumwerk en fraaie basloopjes, doet me denken aan de sound van The Beatles ten tijde van Sgt. Pepper. Don’t need that anymore is een mooi countryduet met country singer-songwriter Niko Case. Ordinary goldmine is een rustig akoestisch nummer met backing vocals. Na het prachtige en gevoelige How will we sleep wordt het album afgesloten met The purple rain, een emotionele en dramatische, met koor en strijkers gelardeerde ode aan Joe Harvard, de in 2019 overleden neef van Joe Pernice.

Conclusie: We hebben er lang op moeten wachten, maar die vijf jaar waren het wachten waard. Who will you believe is een mooi album dat bij tijd en wijle ontroert.

Tracks cd:

  1. Who will you believe
  2. Look alive
  3. Not this pig
  4. What we had
  5. December in her eyes
  6. A song for Sir Robert Helpmann
  7. Hey, guitar
  8. A man of means
  9. Don’t need that anymore
  10. Ordinary goldmine
  11. How will we sleep
  12. The purple rain

Line-up:

  • Joe Pernice – zang, gitaar, bas, keyboards, percussie
  • Bob Pernice – gitaar
  • Michael McKenzie – gitaar, bas, keyboards, percussie
  • Liam Jaeger – zang, gitaar, bas, keyboards, drums, percussie
  • Patrick Berkery – drums, percussie
  • Michael Belitsky – drums, percussie
  • Peyton Pinkteron – gitaar
  • Neko Case – zang (track 9)
  • Andrew Joslyn – viool en viola
  • Joshua Karp - trompet
  • Greg Kramer - trombone
  • Mike Evin -  piano
  • Choir! Choir! Choir! - zang
  • Laura Stein - zang
  • Jennifer Pierce - zang
  • Stephen Dyte - trompet
  • Christian Overton - trombone
  • Julian Nali -  saxofoon
  • Jon Brooks -  gitaar
  • Matthew Zapruder – gitaar
24apr/240

Ik was er bij

Ik neem u even mee terug naar 10 april 2022. Naar een mooie zondagmiddag in St. Willebrord, het kerkdorp in Noord-Brabant. Het dorp van de legendarische wielrenners Wim van Est, Rini Wagtmans, Wout Wagtmans en Jacques Hanegraaf. Van de fameuze biljarters Christ van der Smissen en Dick Jaspers. En van zangeres Corrie Konings.

Op die bewuste zondagmiddag speelde Olympia op sportpark De Gagelrijzen tegen Rood-Wit. Een regelrechte degradatiewedstrijd in de 1e klasse. Olympia verliet die middag juichend het veld, want er werd met 2-3 gewonnen.

De datum 10 april 2022 werd zo langzamerhand voor menig Olympiaan een traumatische datum, want dat was de laatste keer dat Olympia een uitwedstrijd won. Tot afgelopen zaterdagmiddag, want na precies 2 jaar en 10 dagen werd eindelijk weer een uitoverwinning geboekt. Nu was EMM ’21 het slachtoffer en ook nu was de uitslag 2-3. Het was voor een aantal spelers zelfs de eerste keer dat zij in hun carrière in Olympia 1 een uitwedstrijd wonnen. En voor Olympia een eerste uitoverwinning in het zaterdagvoetbal.

Net als twee jaar geleden was het groot feest in de bus terug naar Gouda. Meezingers van Andre Hazes, de engelbewaarder en Alie de vrouw van mijn dromen. Zelfs John Denver kwam voorbij. Alsof ze kampioen waren geworden. Ik was er bij en zag het glimlachend aan.

Olympia leeft nog. Zou de victorie in Roelofarendsveen zijn begonnen? Ondanks de overwinning staan ze nog op de laatste plaats. “We kunnen nog 12 punten halen”, werd er hier en daar optimistisch geroepen. Klopt helemaal. Maar als dat lukt, dan kom je op 28 punten en de mededegradatiekandidaten gaan ongetwijfeld ook nog punten halen.

Eerst maar proberen rechtstreeks degradatie te ontlopen want het halen van de nacompetitie is met 8 punten achterstand nog een hele opgave. Maar hoe dan ook, de spirit en de hoop zijn terug en wie weet wat Houdini en Hitchcock nog in petto hebben. De strohalm die ik voor aanvang van de wedstrijd uitdagend langs het veld zag staan is door Olympia geplukt en wordt gekoesterd.

18apr/240

Nachtkaars

Het getal 13 staat wereldwijd bekend als een ongeluksgetal. Niet iedereen is het daarmee eens en vindt dat onzin. Maar ik kan me voorstellen dat veel Goudse voetbalsupporters, gezien de resultaten van afgelopen zaterdag 13 april en de gevolgen daarvan, toch uitgaan van een ongeluksgetal. Behalve voor de vrouwen van Jodan Boys want voor de nieuwe koploper in de Hoofdklasse lijkt 13 een geluksgetal te zijn.

Zaterdag 13 april jl. was voor alle Goudse voetbalclubs een dag om snel te vergeten. De kans op een kampioenschap in de 1e klasse B is voor Jodan Boys door de nederlaag tegen DVVA bijna de verwaarlozen. En dan te bedenken dat a.s. zaterdag een uitwedstrijd tegen koploper Zuidvogels op het programma staat. Ook een periodetitel lijkt heel ver weg. Ik vrees dat het seizoen als een nachtkaars uitgaat.

Olympia bevindt zich al weken in het degradatiemoeras en is met 13(!) punten hekkensluiter in 2C en met nog 5 wedstrijden te gaan 11 punten verwijderd van een veilige plaats. Zelfs de nacompetitie halen lijkt me een mission impossible. Maar de bal is en blijft rond. 

DONK was tot voor kort medekoploper van 2C, maar door twee opeenvolgende nederlagen kan men normaal gesproken de titel vergeten. Rest alleen nog de 3e periodetitel of de 3e plaats om wederom via de nacompetitie promotie te kunnen afdwingen. Gezien het resterende programma zou dat, op papier in ieder geval, mogelijk moeten zijn.

Zelfs de motor van ONA hapert de laatste weken. Uit de laatste 3 wedstrijden werden slechts 2 punten gehaald en is de achterstand op koploper Groeneweg opgelopen tot 5 punten. De 3e periode lijkt er ook niet in te zitten. ONA moet duimen dat Groeneweg die wint en in dat geval ook kampioen wordt en dat ze zelf minimaal op de 3e plaats in de eindstand eindigen. Dan maar promoveren via de nacompetitie.

Voor SV Gouda valt het doek a.s. zaterdag helaas vrijwel zeker.

Hoop doet leven, maar de kans is helaas reëel dat voor een aantal Goudse clubs het seizoen als een nachtkaars uitgaat.   

18apr/240

Mavis Staples – Have a little faith

De Amerikaanse soul- en gospelzangeres Mavis Staples (10 juli 1939, Chicago) draait al heel lang mee in de muziekscene. Zij begint op jonge leeftijd met haar vader Roebuck ‘Pops’ Staples, haar zus Cleotha en haar broer Pervis met zingen in lokale kerken. In 1956 scoren ze als The Staple Singers een hit met Uncloudy day. Als Mavis in 1957 klaar is met haar opleiding op de High School gaan The Staple Singers op tournee. Vader ‘Pops’ raakt helemaal in de ban van de boodschap van dominee Martin Luther King. De Staple Singers beginnen protestliederen te schrijven en te zingen en de groep krijgt de bijnaam ‘God’s greatest hitmakers’ en zij worden de meest spectaculaire en invloedrijke gospelgroep voor de vrijheidsbeweging in die jaren.

In 1969 komt het eerste soloalbum van Mavis Staples uit. In de jaren ’80 gaat zij samenwerken met Prince en later ook met o.a. Jeff Tweedy (Wilco), countryzangeres Neko Case, Justin Vernon (Bon Iver) en het Amerikaanse hiphop duo Run the Jewels. Door deze samenwerking wordt Mavis Staples omarmd door nieuwe generaties fans. 

In 2004 krijgt de carrière van Mavis Staples opnieuw een boost door het uitbrengen van het album Have a little faith. Dit baanbrekende album, wordt deze maand in een 20-jarige speciale jubileumeditie opnieuw uitgebracht.

Het openingsnummer Step into the light is een fraaie gospel met akoestische slide en geweldige backing vocals van de gospelgroep The Dixie Hummingbirds. In het funky groovy Pops recipe brengt Mavis een eerbetoon aan haar vader Pops Staples (1914-2000). Mavis is geweldig op dreef in Have a little faith, de in gospelsoul gedrenkte titelsong met een optimistische boodschap. God is not sleeping is een van de gevoeligste songs van het album. A dying man’s plea is een traditional met extra tekst van Pops Staples. Prachtig is ook de bijdrage van John Rice op dobro, bouzouki en fiddle. Intens is de zang in Ain’t no better than you en Mavis is ook in topvorm in de geweldige gospel I wanna thank you. Het strakke drumwerk van Tim Austin mag hier niet onvermeld blijven. I still believe in you is seventies achtige soul met blazers en At the end of the day is fraaie midtempo in R&B gedoopte gospel met fijne backing vocals. There’s a devil on the loose is uitbundig, met orgel, synthesizer, bas en een mooie gitaarsolo van Mark Syker. Een van de hoogtepunten is In times like these, een schitterende gospelballad met hemelse backing vocals van The Chicago Music Community Choir. Het slotnummer is Will the circle be unbroken, de populaire christelijke hymne uit 1907, een compositie van Ada Ruth Habershon (1861-1918) en Charles Hutchinson Gabriel (1856-1932).

Conclusie: Have a little faith is een fantastisch album dat ook na 20 jaar nog niets van zijn glans heeft verloren.

Tracks cd:

  1. Step into the light
  2. Pops recipe
  3. Have a little faith
  4. God is not sleeping
  5. A dying man’s plea
  6. Ain’t no better than you
  7. I wanna thank you
  8. I still believe in you
  9. At the end of the day
  10. There’s a devil on the loose
  11. In times like these
  12. Will the circle be unbroken

Line-up:

  • Mavis Staples – zang
  • Jim Tullio – akoestische , elektrische en basgitaar, drums, percussie, backing vocals
  • Chris "Hambone" Cameron – orgel, klarinet, bariton saxofoon, horn samples
  • Jim Weider – elektrische guitar, akoestische slide gitaar
  • Shawn Christopher – backing vocals
  • Yvonne Gage – backing vocals
  • Arno Lucas – backing vocals
  • Rene Monahan – backing vocals
  • Stevie Robinson – backing vocals
  • Michael Scott – backing vocals

Additional musicians

  • John Martyn – Mutron gitaar (track 1)
  • David Resnick – akoestische slide gitaar (track 1), elektrische guitar (track 7)
  • John Scully – synthesizer (track 2), strings (track 9)
  • Bob Lizik – bas (track 2)
  • Hank Guaglianone – drums (tracks 2,6,11)
  • Greg Marsh – percussie (track 2)
  • Erik Scott – bas (track 3)
  • Larry Beers – drums (track 3)
  • John Giblin – bas, elektrische gitaar (track 4)
  • David Onderdonk – akoestische gitaar (track 4)
  • Mark Walker – percussie (track 4)
  • John Rice – elektrische gitaar, dobro, bouzouki, fiddle (track 5)
  • Foley McCreary – bas (track 6)
  • Pops Staples – elektrische gitaar (track 7,10)
  • Maurice Houston – bas (tracks 7,10)
  • Richard Gibbs – orgel (track 7), synthesizer (track 10)
  • Tim Austin – drums (tracks 7,8,10)
  • Will Crosby – gitaar (track 8)
  • Jack Chatman – bas (track 8)
  • Bill Ruppert – elektrische gitaar (tracks 9,11)
  • Matt Walker – drums (track 9)
  • Mark Skyer – elektrische gitaar (track 10)
  • Alan Berliant – bas (track 11)
  • Lew London – akoestische slide gitaar (track 12)
  • Paul Mertens – harmonica (track 12)
  • The Dixie Hummingbirds – backing vocals (track 1)
  • Chicago Music Community Choir  – backing vocals (track 11)
15apr/240

Anthony Geraci – Tears in my eyes

Anthony Geraci (1954, New Haven, Connecticut) raakt op zijn 4e al in de ban van de piano. Zijn ouders kopen een Kimball Grand Piano voor de jonge Anthony en zijn moeder zorgt er voor dat hij pianoles krijgt aan The Neighborhood School of Music. Geraci is een veteraan in de Amerikaanse muziekscene en heeft in de loop der jaren met veel bluesartiesten gespeeld, zoals Muddy Waters, Big Joe Turner, J.B. Hutto, Otis Rush, Jimmy Rogers, Big Mama Thornton, BB King, Buddy Guy, Van Morrison, J. Geils, Hubert Sumlin, Steve Miller en Chuck Berry. Hij speelde ook mee op meer dan 50 albums van bluesgrootheden als Big Walter Horton, Carey Bell, Odetta, Charlie Musselwhite, Lazy Lester, Snooky Prior en John Brim. Anthony Geraci is een origineel lid van Sugar Ray and the Bluetones en van Ronnie Earl and The Broadcasters.

Deze maand verschijnt Geraci’ s nieuwe album Tears in my eyes. Een album met 11 nieuwe songs die Geraci opnam met zijn band The Boston Blues All-Stars en met medewerking van een aantal speciale gasten onder wie zijn oude vriend zanger Sugar Ray Norcia.

Sugar Ray Norcia maakt meteen zijn opwachting met zijn doorleefde stem in het openingsnummer Broken mirror, broken mirror, een lekkere blues met vet gitaarwerk en een flonkerende pianosolo. Owl’s nest is een swingende piano-instrumental met groovy basloopjes en een scheurende saxsolo van Drew Davies. Het titelnummer Tears in my eyes is stevig uptempo blues met heerlijk pianospel en felle gitaarsolo’s van Barrett Anderson, die ook de vocalen voor zijn rekening neemt. Blues for Willie J. is een piano-instrumental met een vlijmscherpe gitaarsolo. Het nummer is opgedragen aan Willie J. Campbell, de in 2022 overleden bassist met wie Geraci in The Proven Ones speelde. Norcia zingt daarna in de soulblues Judge oh judge in de stijl van de Texaanse blueszanger-pianist Charles Brown (1922 – 1999). Naast de sprankelende pianoklanken is Mario Perrett te gast met een fraaie lange saxsolo. In de souljazz-instrumental Oh no wordt een hommage gebracht aan tenorsaxofonist Eddie Harris (1934 – 1996) en de in december 2023 overleden jazzpianist Les McCann. Geraci is zelf de vocalist in de opwindende boogiewoogie Ooeee. Memphis mist is een mooi georkestreerde instrumental met Anne Harris op viool en Witchy ways is stevige in de Southern rock gewortelde bluesrock. In de slowblues Now what is zanger Norcia met zijn soulvolle zang weer te horen. Het slotnummer Lonely country road blues is een ‘gedragen’ instrumentale pianoblues.

Conclusie: Een nieuw album van Anthony Geraci is voor mij altijd een feest en dat geldt ook weer voor Tears in my eyes. Een fantastisch album.

Tracks cd:

  1. Broken mirror, broken mirror
  2. Owl’s nest
  3. Tears in my eyes
  4. Blues for Willie J
  5. Judge oh judge
  6. Oh no
  7. Ooeee
  8. Memphis mist
  9. Witchy ways
  10. Now what
  11. Lonely country road blues

Line-up:

  • Anthony Geraci – piano, Hammond, zang (track 7)
  • Barrett Anderson – gitaar, zang (track 3,9)
  • Paul Loranger – bas
  • Marty Richards – drums (track 1,2,3,4)
  • Kurt Kalker – drums (track 5,6,7,8,9,10,11)
  • Sugar Ray Norcia – zang (track 1,5,10)
  • Drew Davies – saxofoon (track 2,6,7,9,10)
  • Mario Perrett – saxofoon (track 5)
  • Anne Harris – viool (track 8)