Gerritschinkel.nl Columns & meer

22mrt/210

Qatar

Dat sport en politiek onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn wordt de laatste dagen weer  duidelijk. De discussie of Nederland volgend jaar naar het WK voetbal in Qatar moet gaan laait weer op. Sommigen pleiten voor een totale boycot, terwijl anderen zeggen dat ‘we’ juist wel moeten gaan want dan kun je nog invloed uitoefenen.

Het WK voetbal werd in 2010 toegewezen aan Qatar. Steeds meer wordt duidelijk dat er sprake was van corruptie en omkoping. Maar het ergste is dat er bij de bouw van de stadions duizenden arbeidsmigranten om het leven zijn gekomen.

Het lijkt principieel om te pleiten voor een boycot, maar daar is het helaas te laat voor. Deze discussie had al veel eerder moeten plaatsvinden, want die erbarmelijke  arbeidsomstandigheden zijn al jaren bekend.

‘We’ gaan ‘gewoon’ naar Qatar. Koning Willem Alexander en premier Mark Rutte gaan niet. Dat veel hoogwaardigheidsbekleders dat voorbeeld mogen volgen! Dat moet emir Tamim bin Hamad al-Thani dan toch aan het denken zetten. Ik las een ingezonden brief van iemand die voorstelde om elke wedstrijd te laten voorafgaan met een minuut stilte om de slachtoffers te herdenken. Dat zou een mooi statement zijn, maar dit is voor de FIFA bobo’s vast een brug te ver.

Maar Nederland moet zich natuurlijk eerst nog kwalificeren. En als dat lukt zullen volgend jaar straten in Gouda weer fel oranje kleuren en kan men hopelijk weer in de voetbalkantines op grote schermen de verrichtingen van Oranje volgen.

Deze week begint de kwalificatie. Woensdag speelt Oranje in Turkije, ook een land dat het met de mensenrechten niet zo nauw neemt, zeker als je vrouw of journalist bent. Misschien kunnen de KNVB en de spelers woensdagavond in Istanboel ook hier een statement maken.    

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
17mrt/210

John McDonough – Second chances

De uit Austin, Texas, afkomstige singer-songwriter John McDonough staat bekend om zijn mooie akoestische gitaarwerk, zijn gepassioneerde zang en persoonlijke teksten. Zijn zang wordt wel vergeleken met die van Elton John en Harry Chapin en zijn songwritersstijl met die van Damien Rice.

Negen jaar geleden besluit hij zijn beroep als psychiater op te geven en zich helemaal op de muziek te concentreren. In die tijd brengt hij albums uit, treedt meer dan 500 keer op, waaronder op tien grote muziekfestivals, en toert hij door het midwesten en zuidwesten van de VS.

Net zoals voor velen is 2020 ook voor John McDonough vanwege COVID-19 een vreemd jaar. Omdat er van toeren nauwelijks tot geen sprake is, werkt hij aan zijn gitaarvaardigheden. Hij verhuist naar Chicago om dichter bij zijn familie te zijn en te profiteren van nieuwe muziekmogelijkheden en gaat verder met het schrijven van nieuwe muziek. Dit jaar hoopt hij weer door de VS en Europa te toeren.

Tijdens de COVID-19 pandemie heeft McDonough ook een nieuw album opgenomen. Dit album, Second chances, bevat tien opnieuw opgenomen akoestische versies van favoriete songs van zijn destijds goed ontvangen albums Dreams and imagination (2014) en Surrounding colors (2016). McDonough zegt veel heimwee te hebben naar de dagen van de MTV Unplugged sessies en hij droomde volgens zeggen al lang om een album te maken in de geest van die akoestisch optredens.

In het openingsnummer The place where I belong, een ode aan John Denver en tevens de nieuwe single, en Tonight’s the night, zijn meteen het mooie akoestische gitaarwerk van McDonough en Kris Farrow te horen. In het ingetogen Your love sets me free komen de sfeervolle strijkers er bij en die zijn ook mooi aanwezig in het qua tempo gevarieerde I wish I could fly. Nowhere else to run is een mooie ballad met mooie strijkersarrangementen. De melancholieke stem van McDonough doet ook mij regelmatig denken aan Harry Chapin en I’m home en Give me one more day to say goodbye zijn daar sprekende voorbeelden van. Save me is weer versierd met heerlijke strijkers en in Planes fly too low is weer een staaltje van fraai akoestisch gitaarwerk te horen. Het hartstochtelijk gezongen en van subtiel gitaargetokkel voorziene You don’t know this, is een mooie finale.   

Conclusie: Second chances  is een melancholisch, intiem en warm album.

Tracks:

  1. The place where I belong
  2. Tonight’s the night
  3. Your love sets me free
  4. I wish I could fly
  5. Nowhere else to run
  6. I’m home
  7. Give me one more day to say goodbye
  8. Save a life
  9. Planes fly too low
  10. You don’t know this

Line-up:

  • John McDonough – zang, akoestische gitaar
  • Kris Farrow – akoestische gitaar
  • Cody Rathmell – backing vocals
  • Steve Bernal – cello
  • Niamh Fahy – viool, altviool
15mrt/210

Lockdown

Het is deze week precies een jaar geleden dat Nederland in lockdown ging. Een mijlpaal waarbij deze dagen wordt stilgestaan, maar waar niemand volgens mij mee geconfronteerd had willen worden. Ik in ieder geval niet. Op 15 maart 2020 ging Nederland grotendeels op slot. Ook de sportaccommodaties. Deuren van sporthallen en zwembaden en hekken rond de sportvelden werden hermetisch afgesloten. COVID-19 had een staatsgreep gepleegd en heerste met dictatoriale verbetenheid.

In de afgelopen mooie zomer was er gelukkig een paar maanden weer een klein beetje vrijheid, maar we zijn weer enkele maanden terug bij af. De meeste sportcompetities zijn definitief gestopt. Jubilerende sportverenigingen hebben hun festiviteiten afgelast of verplaatst in de hoop dat er dit jaar nog iets officieels gevierd kan worden. Anderhalve meter is de norm. Handen schudden is er niet bij. BOA’s treden op als scheidsrechter en delen gele en rode kaarten uit. We werken met onze ellebogen en boksen om elkaar te begroeten. Alleen profvoetballers staan blijkbaar boven de wet want die knuffelen elkaar als nooit tevoren.

Ik ben het goed zat. Ik ben blij dat ik af en toe verslag kan doen van waterpolowedstrijden en heb zaterdag genoten van doelman Bram van Rossum van GZCDONK. Prachtige reddingen en een zeer fraaie treffer bij zijn collega doelman aan de andere kant van het bad in de allerlaatste seconde van de 2e periode. Maar ik wil meer. Ik wil ook naar de voetbalvelden om wedstrijden te verslaan. Ik ben benieuwd of bij Jodan Boys, ONA, Olympia, DONK, GSV en  Gouda ook zgn. muurliggers te zien zijn bij vrije trappen. Ik wil weer een scrum zien bij RFC Gouda. Of naar handbal, volleybal en tafeltennis.

Ach, hoop doet leven maar gezondheid staat voor mij voorop.

Covid-19 Lockdown concept. CORONAVIRUS LOCKDOWN. Covid-19 Pandemic world lockdown for quarantine. World many country and city under lockdown concept.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
12mrt/210

Shawn Pittman – Stompin’ solo

Bluesgitarist, singer-songwriter Shawn Pittman (13 oktober 1974, Talihina, Oklahoma) krijgt op 8-jarige leeftijd al pianolessen. Op zijn 14e ontdekt hij de gitaar. Begin jaren ’90 verhuist hij naar Dallas, Texas en weer een aantal jaren later naar Austin, Texas. In 1998 komt zijn eerste officiële album Burnin’ up uit. Uiteindelijk keert Pittman weer terug naar zijn geboortestreek, naar Broken Arrow, Oklahoma. Hij gaat informatietechnologie studeren maar blijft optreden en ook met enige regelmaat albums uitbrengen.   

Sinds hij op 14-jarige leeftijd gitaar begint te spelen is Pittman een groot bewonderaar van  akoestische bluesgitaristen en verhalenvertellers Lightnin’ Hopkins, Mance Lipscomb, Lil’ Son Jackson, Bukka White, JB Lenoir en Mississippi John Hurt. COVID-19 gaf Pittman de ruimte om het afgelopen jaar in Teegarden Studios in Tulsa, Oklahoma, een soloalbum op te nemen. Op Stompin’ solo gaat Pittman akoestisch terug naar zijn jeugd toen hij gegrepen werd door de muziek van de oude bluesmeesters. Een album met covers en eigen nummers.  

Het album opent instrumentaal met het lekker rockende Mance’s rock van Mance Lipscomb, gevolgd door de opwindende shuffle Leanin’ load. Zeer fraai is het akoestische gitaarspel in Ode to Texas en Fly swattin’ woman. Talk didn’t do no good is een shuffle van Frankie Lee Sims. Na de swingende countryblues Go down swingin’ wordt Lightnin’ Hopkins instrumentaal geëerd met diens Lightnin’ stomp. De invloeden van Bukka White zijn niet ver weg in Somebody gonna loose, somebody go en Pressin’ your luck. No such thing is groovy en in Early in the mornin’ laat Pittman horen ook goed met de slide overweg te kunnen. Na de shuffle Take a real good luck tovert Pittman met Sweet lovin’ mama een fraaie cover van Johnny Guitar Watson uit zijn akoestische gitaar. Heel mooi is That’s alright, de bluesklassieker van Jimmy Rogers. Het album eindigt zoals het begon, met een instrumental van Mance Lipscomb. Spanish flang dang is een prachtige melodieuze afsluiter.  

Conclusie: Stompin’ solo is een mooi authentiek countrybluesalbum. Zonder kapsones en recht uit het hart gespeeld en gezongen.

Tracks:

  1. Mance’s rock
  2. Leanin’ load
  3. Ode to Texas
  4. Fly swattin’ woman
  5. Talk didn’ do no good
  6. Go down swingin’
  7. Lightnin’s stomp
  8. Somebody gonna loose, somebody go
  9. No such thing
  10. Pressin’ your luck
  11. Early in the mornin’
  12. Take a real good luck
  13. Sweet lovin’ mama
  14. That’s alright
  15. Spanish flang dang
9mrt/210

Jacques Mees – Sound of the south

De Tilburgse singer-songwriter Jacques Mees (1959, Moergestel), wordt al op jonge leeftijd door de muziek gegrepen. Als hij 11 jaar is koopt hij zijn eerste gitaar. Zijn eerste en grootste inspiratiebron was en is nog steeds Bob Dylan. Later ontdekt hij ook de muziek van artiesten als Woody Guthrie, Hank Williams en Dave van Ronk. In 1996 verschijnt zijn eerste officiële album Drive them all crazy. Jacques Mees staat alom bekend als de bekendste en beste vertolker van de songs van Bob Dylan.  De naam Jacques Mees wordt zelfs vermeld in het in 2011 verschenen ABC Dylan Book van de in april 2020 overleden bekende Nederlandse popjournalist Bert van de Kamp.

Vorige maand verscheen de ep Sound of the south. In tegenstelling tot zijn vorig jaar verschenen ep You got my heart, een coveralbum met songs van Billy Marlow en Rory C. McNamara, bevat zijn nieuwe minialbum vijf eigen songs. De ep is geproduceerd door Rudie Verploegen, Martijn Kerkhofs en Jacques Mees.  

Het openingsnummer Bikerider is lekkere laidback americana, met de rauwe Dylanesque stem van Mees en de ingetogen backing vocals van Jolanda Haanskorf en Nel de Jong. In het bluesy Gasstation junky wordt lekker gemusiceerd. De mondharp komt tevoorschijn in de prachtige Guy Clark achtige ballad Sadder prison. Het titelnummer Sound of the south maakt tempo. Zang met een groot Dylan gehalte, fraaie backing vocals en niet te vergeten, naast het mooie akoestische gitaarspel van Mees, een straffe elektrische gitaarsolo van Martijn Kerkhofs. De schitterende ballad Vera is een perfect slotakkoord. Sterke zang, akoestische gitaar, mooi pianospel, een flonkerende elektrische gitaarsolo en ingetogen backing vocals. 

Conclusie: Sound of the south is een kleine 20 minuten sfeervol genieten.  

Tracks:

  1. Bikerider
  2. Gasstation junky
  3. Sadder prison
  4. Sound of the south
  5. Vera

Line-up

  • Jacques Mees – zang, akoestische gitaar, mondharp
  • Martijn Kerkhofs – elektrische gitaren, studio drumkit
  • Jos van Es – contrabas
  • Rudie Verploegen – piano
  • Jolanda Haanskorf – backing vocals
  • Nel de Jong – backing vocals
8mrt/210

De Club van 27

Jimi Hendrix, Janis Joplin, Brian Jones, Jim Morrison, Kurt Cobain en Amy Winehouse zijn de bekendste leden van de legendarische Club van 27. De mysterieuze Forever 27, een club van beroemde en minder bekende muzikanten die door overmatig drugs- en alcoholgebruik, moord, zelfmoord, ziekte, verkeersongelukken en andere oorzaken het leven lieten. De gemeenschappelijke deler is dat ze op hun 27e overleden.  

Ik moest vorige week ongewild een link leggen tussen de Club van 27 en het kabinetsbesluit dat buitensporters tot 27 jaar vanaf 3 maart weer in teamverband mogen sporten. Maar dan alleen trainen met je eigen team binnen je vereniging. Voor het spelen van wedstrijden is het nog te vroeg. En voor de binnensporters zijn er helemaal nog geen vooruitzichten.   

Dat er weer meer mogelijk is voor sporters is mooi, maar waarom die grens bij 27 jaar is gelegd ontgaat mij. Waarom niet bij 28 of 25? Ik begrijp dat het een politieke keuze is en het met de miljoenen van het jeugdplan van staatssecretaris Blokhuis heeft te maken. En dan zijn er nog die beweren dat sport en politiek niets met elkaar te maken hebben.

Ik zie een voetbaltraining al voor me. Om 19.00 uur meldt een aantal spelers zich. Een van hen is jarig en heeft een doos gebak meegenomen. ‘Gefeliciteerd Fred met je verjaardag en bedankt voor de traktatie. Hoe oud ben je geworden?’ Aarzelend antwoordt Fred zijn trainer dat hij de mooie leeftijd van 27 jaar heeft bereikt. De trainer slikt want volgens de regels mag zijn sterspeler niet meer met de groep meetrainen. Hopelijk kan hij vanaf 16 maart met enkele andere ‘oudjes’ toch ook iets doen wat op trainen lijkt.

Gefeliciteerd Fred, ook namens het hele kabinet.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
8mrt/210

Willie Nelson – That’s life

Willie Nelson (29 april 1933, Abbott, Texas) is sinds 1956 actief in de muziekbusiness. De in Fort Worth, Texas, opgegroeide legendarische singer-songwriter hoopt volgende maand zijn 88e verjaardag te vieren. Maar ondanks het feit dat zijn gezondheid hem wel eens parten speelt weigert The Red Headed Stranger domweg om met pensioen te gaan. I.v.m. COVID-19 liggen de optredens stil, maar hij brengt nog steeds met grote regelmaat albums uit.

Vorige maand kwam Nelson met zijn 71e (!) soloalbum op de markt. Op dit album, That’s life, brengt Willie Nelson een ode aan Frank Sinatra. Het is niet de eerste keer dat Nelson een eerbetoon brengt aan Sinatra. Eerder deed hij dat in 2018 met het met een Grammy award voor best traditional pop vocal album bekroonde My way.

That’s life opent met een swingende versie van George & Ira Gershwin’s Nice work if you can get it. Mooi pianospel en ontspannen gitaarwerk. Heerlijke pianosolo’s zijn ook te horen in het jazz Just in time. A cottage for sale is een prachtige met strijkers versierde ballad met de enigszins ‘gebroken’ stem van Nelson. Fraaie baslijnen en handclapping zijn er in I’ve got you under my skin, de bekende Cole Porter klassieker uit 1936. De blazers treden op de voorgrond in het jazzy You make me feel so young. In I won’t dance krijgt Nelson vocale assistentie van de Canadese jazzzangeres Diana Krall, en waarin we met de blazers in een echte bigbandsfeer raken. Fraai is het titelnummer That’s life, Sinatra’s grote hit uit 1966, met de coole mondharp van Micky Raphael. Met Luck be a lady belanden we met de blazers weer swingend in de bigbandsferen. Dat Nelson nog zeer goed bij stem is blijkt uit de pianoballad In the wee small hours of the morning en Learnin’ the blues. Het album eindigt swingend met Gene Austin’s Lonesome road.

Conclusie: Willie Nelson als crooner. Hij maakt het op That’s life waar. Een lekker relaxed album.

Tracks:

  1. Nice work if you can get it
  2. Just in time
  3. A cottage for sale
  4. I’ve got you under my skin
  5. You make me feel so young
  6. I won’t dance
  7. That’s life
  8. Luck be a lady
  9. In the wee small hours of the morning
  10. Learnin’ the blues
  11. Lonesome road

Line-up:

  • Willie Nelson – zang, akoestische gitaar
  • Jay Bellerose – drums, handclapping, tamboerijn
  • David Pitch – bas, handclapping
  • Paul Franklin – (steel) gitaar
  • Dean Parks – akoestische gitaar, elektrische gitaar, handclapping
  • Mickey Raphael – mondharmonica
  • Diana Krall – zang (track 6)
  • Matt Rollings – Hammond B3, handclapping, piano, vibrafoon
  • Jeff Coffin – tenor sax
  • Mark Douthit – alt sax
  • Barry Green, Chris McDonald – trombone
  • Mike Haynes – bariton sax, trompet
  • Steve Patrick – (picolo) trompet
  • Matt Forbes - handclapping
  • David Angeli, Monisa Angeli, Carrie Bailey, Kevin Bate, David Davidson, Conni Ellisor, Cornelia Heard, Alison Hoffman, Paul Nelson, Sari Reist, Kristin Wilkinson, Karen Winkelmann – strings
2mrt/210

Aaron Lee Tasjan – Tasjan! Tasjan! Tasjan!

De Amerikaanse singer-songwriter, gitarist en producer Aaron Lee Tasjan is geboren op 24 augustus 1986 in Wilmington, Delaware en groeit op in New Albany, Ohio. Hij leert zichzelf op 11-jarige leeftijd gitaar spelen aan de hand van liedjes van Oasis. In 2006 verhuist Tasjan naar New York en wordt hij lid van de rockband Semi Precious Weapons (SPW). Hij valt op en na zijn vertrek uit SPW wordt hij leadgitarist bij The New York Dolls. In 2008 formeert hij ook zijn eigen band The Madison Square Gardeners. In 2013 verhuist Tasjan naar Nashville Tennessee om zich toe te leggen op songwriting en het starten van een solocarrière. Na twee ep ’s verschijnt in 2015 zijn debuutalbum In the blazes. Tasjan werkte ook samen met o.a. Sean Lennon, Lilly Hiatt en Tom Petty.  

Begin februari kwam zijn nieuwe album Tasjan! Tasjan! Tasjan! uit. Het album opent heerlijk zonnig en enigszins psychedelisch met Sunday women. De vrolijkheid straalt er daarna al fluitend af in Computer of love. Up all night had op een album van The Traveling Wilburys kunnen staan met die  Jeff Lynne en Tom Petty invloeden. De mooie zang in het prachtige akoestische Beatlesque Another lonely day met de heerlijke koortjes roept herinneringen op aan Elliot Smith. Het bluesy Don’t overthink it heeft naast een groot Tom Petty gehalte ook stilistisch veel weg van Nick Lowe. Cartoon music is een Kinks achtige meerstemmig gezongen song. Ook in Feminine walk, met verwijzingen naar David Bowie, Mick Jagger, Joan Jett, Marc Bolan en Grace Jonesis Ray Davies niet ver weg. Dada bois is een puur meerstemmig gezongen popliedje en in het zeer fraai gezongen Now you know belanden we weer in de sferen van Elliot Smith. Mooi akoestisch is Not that bad. Het slotakkoord Got what I wanted is psychedelisch en waarvoor Harry Nilsson zich niet had geschaamd.

Conclusie: Tasjan! Tasjan! Tasjan! is een heel lekker album met een mooie mix van pop, americana, folk, psychedelica en een scheut elektronica.

Tracks:

  • Sunday women
  • Computer of love
  • Up all night
  • Another lonely day
  • Don’t overthink it
  • Cartoon music
  • Feminine walk
  • Dada bois
  • Now you know
  • Not that bad
  • Got what I wanted
1mrt/210

Ton Thie

Gouda heeft een zekere reputatie op het gebied van keepers die in het betaalde voetbal hun doelmannetje hebben gestaan. De meest bekende, en wellicht ook de beste, was Ed de Goeij. Begonnen bij Olympia en daarna prof bij Sparta, Feyenoord, Chelsea en Stoke City. En 31 interlands op zijn naam.

Een grootheid was ook de veel te vroeg overleden Tonnie van Leeuwen. Jeugdspeler van Jodan Boys en ONA, die via Sparta bij GVAV en FC Groningen uitgroeide tot een geweldige en populaire doelman. Hij kreeg zelfs een standbeeld bij het stadion van FC Groningen.

Iets minder bekend, maar ook een uitstekende doelman heb ik me laten vertellen, want ik heb hem zelf nooit zien keepen, was Leen Bezem, die in 1964 van ONA naar Hermes DVS in Schiedam verkaste. Bezem werd in dat jaar de opvolger van een andere Gouwenaar, Ton Thie, die naar verluid voor een transfersom van 100.00 gulden door ADO werd gecontracteerd.

Ton Thie zette als 5-jarige zijn eerste voetbalstapjes bij Olympia, waar hij tot zijn 16e voetbalde. Zijn grootste triomfen vierde hij bij ADO Den Haag. Ik heb hem slechts één keer als doelman in actie gezien, maar dat was wel tijdens de legendarische wedstrijd op 2 januari 1972 in het Zuiderpark tegen Ajax, waarin Thie, ondanks een sierlijke duik, verrast werd door een magistrale boogbal van John Cruijff.

Ton Thie overleed afgelopen week op 76-jarige leeftijd. Ik herinner mij Ton Thie als een aimabele man. In de jaren ’80 maakte ik als voetbalverslaggever met hem kennis toen hij trainer was van GSV. En na afloop van waterpolowedstrijden in het restaurant van zwembad De Tobbe, waar hij uitbater was, was het altijd gezellig en zat hij nooit om een praatje verlegen.

R.I.P. Ton.    

  

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
24feb/210

Tip Jar – One lifetime

Tip Jar is het internationale collectief van muzikale vrienden rond Bart de Win en Arianne Knegt. Van Amerikaanse americanahelden als Walt Wilkins en jazzvirtuoos Gilad Atzmon tot de Nederlandse snarenwonders Harry Hendriks, BJ Baartmans, violist Joost van Es en singer-songwriter Baer Traa.

Bart de Win studeerde jazzpiano aan het conservatorium, maar raakte geïnspireerd door de americana. De muziek van de Win is een cross-over tussen americana, blues en jazz. Hij is al jaren een bekende in de muziekwereld. Hij toerde met tal van internationale artiesten en maakt deel uit van Matthews Southern Comfort.

Arianne Knegt begon tijdens haar schooltijd te zingen in bands en koren. Later wordt ze leadzangeres in de country- en rockabillyband Marylou & The Good Old Boys. Sinds 2009 is zij een van de stemmen van The Simple Life.

Bart de Win maakte een aantal soloalbums en Arianne Knegt verzorgde wat vocals op die albums. Ze komen dan tot de conclusie dat hun stemmen op een natuurlijke manier samenvloeien. En dat is het begin van Tip Jar. In 2014 verscheen hun debuutalbum Back porch. Tip Jar stond in de VS in de line-up van diverse festivals in Texas en toerde in 2019 ook door Engeland.

Deze maand verscheen hun nieuwe album One lifetime. Het was oorspronkelijk de bedoeling dit vijfde album op te nemen in Austin, Texas, maar COVID-19 gooide roet in het eten. Het album werd nu opgenomen in de Daltoon Studio in Eindhoven. Hun Amerikaanse vrienden uit Texas leverden hun bijdragen via internet.

De mooie duozang is meteen te horen in het openingsnummer Go on to get lucky, dat door de accordeon ook een cajunsausje krijgt. Prachtig ingetogen is de zang in Something I said met de Win op melodica. Kiss me is heerlijke opwindende bluegrass met een glansrol van Joost van Es op fiddle. Dreamer’s dream walst lekker weg, met mandoline en fraaie duozang. Best year of your life is soulvol met subtiele begeleiding. Soulvol is de zang van Arianne daarna ook in Find your way. De Win neemt in Tell me something de leadvocals voor zijn rekening met weer de mooie duozang in het refrein. Het folky Amsterdam rain is een pareltje, met leadvocals van Arianne, mooie basloopjes en de accordeon met flarden van de bekende schlager ‘Tulpen uit Amsterdam’. Het titelnummer One lifetime is een mooi akoestisch liedje en de prachtige pianoballad Falloing angel roept door de geweldige harmonieën herinneringen op aan Crosby Stills & Nash. Met de tuba van Harold Spaan en de klarinet van Gilad Atzmon belanden we in het slotnummer The right words in de jazzsferen van New Orleans. 

Conclusie: One lifetime is een wonderschoon en gevarieerd album. Een feest om naar te luisteren.

Tracks:

  1. Go on to get lucky
  2. Something I said
  3. Kiss me
  4. Dreamer’s dream
  5. Best year of your life
  6. Find your way
  7. Tell me something
  8. Amsterdam rain
  9. One lifetime
  10. Falloing angel
  11. The right words

Line up:

  • Bart de Win – zang, piano, accordeon, Wurlitzer, koebel, melodica, Hammond B3
  • Arianne Knegt – zang
  • Eric van de Lest – drums
  • BJ Baartmans – mandoline, dobro
  • Tonnie Ector – staande bas
  • Gilad Atzmon – klarinet
  • Harold Spaan – tuba
  • Joost van Es – viool
  • Bill Small – zang, bas
  • Ron Flint - bas
  • Harry Hendriks – zang, elektrische gitaar, ukelele, bas, akoestische gitaar, mondharmonica
  • Walt Wilkins – zang
  • Bear Traa - zang