Gerritschinkel.nl Columns & meer

21dec/220

Rick Berthod – A tribute to Peter Green

De Amerikaanse gitarist-zanger-songwriter Rick Berthod begint in zijn tienerjaren in Colorado gitaar te spelen. Zijn grote voorbeelden zijn dan Eric Clapton, Duane Allman, Rory Gallagher, Jeff Beck, Jimi Hendrix en BB King. Hij richt zijn eigen All Star Bluesrock Band op. Ook raakt hij bevriend met Albert Collins, The Master of the Telecaster. In 1988 verhuist Berthod naar Los Angeles en Albert Collins helpt hem om daar een band samen te stellen met de beste blues(rock) muzikanten van de Westcoast. Hij toert door de VS, Canada en Europa en deelt het podium met BB King, Gregg Allman, Coco Montoya, John Mayall, Delbert McClinton, J.J. Cale en vele anderen. in 2017 wordt hij opgenomen in de Las Vegas Blues Hall Of Fame. De hedendaagse invloeden van Berthod zijn Robben Ford, Warren Haynes en Larry Carlton.

Behalve voor de hier al eerder genoemde gitaarvoorbeelden had Rick Berthod ook bewondering voor Peter Green, de in 2020 overleden oprichter van Fleetwood Mac. Op het in oktober uitgebrachte album Tribute to Peter Green brengt hij een ode aan deze Britse bluesgitarist.

Het album opent met If you be my baby, een heerlijke slowblues met kristalhelder gitaarwerk en zang en fraai pianospel van Junior Brantley. Black magic woman, dat Peter Green in 1968 schreef, is vooral bekend geworden door Santana die er in 1970 een grote hit mee scoorde. Schitterend is het gitaarwerk daarna weer in Jumping at shadows, oorspronkelijk een nummer van de Britse bluesgitarist Duster Bennett (1946 – 1976). Need your love so bad, een Little Willie John song uit 1955 en een hit van Fleetwood Mac in 1968, is ook in de uitvoering van Rick Berthod een prachtige slowblues. Fraai zijn hier ook de baslijnen van Ronee Mac en het tinkelende pianospel van Billy Truitt. Oh well, een single van Fleetwood Mac uit 1970,  begint met orgel gevolgd door de bekende gitaarlicks. Fel is het gitaarwerk en strak de ritmesectie met percussie in Rattlesnake shake. Albatross, de instrumentale hit van Fleetwood Mac uit 1968 begint en eindigt met de golven van de zee. De bijdrage van John Zito op slide mag niet onvermeld blijven. Stop messing around is een uptempo bluesrocker met vlammende bijdragen van de drie extra gitaristen Stoney Curtis, Chris Tofield en Mike Varney. De saxofoon van de originele uitvoering van Fleetwood Mac ontbreekt hier. Fraai is de zang en spetterend het gitaarwerk in Driftin’. Het slotnummer, de shuffle Loved another woman is een typisch Fleetwood Mac nummer  met naast Berthod Jason Walker op gitaar.

Conclusie: Rick Berthod is een uitstekende gitarist en op dit album brengt hij een voortreffelijke ode gebracht aan Peter Green.

Tracks cd:

  1. If you be my baby
  2. Black magic woman
  3. Jumping at shadows
  4. Need your love so bad
  5. Oh well
  6. Rattlesnake shake
  7. Albatross
  8. Stop messing around
  9. Driftin’
  10. Loved another woman

Line-up

  • Rick Berthod – zang, gitaar
  • Ronee Mac – bas, zang
  • Brett Barnes – drums, percussie, vibes
  • Billy Truitt – hammond, piano
  • Junior Brantley – piano en zang (track 1)
  • Stoney Curtis – gitaar (track 8)
  • Chris Tofield – gitaar (track 8)
  • Mike Varney – gitaar (track 8)
  • John Zito – slide gitaar (track 7)
  • Jason Walker – gitaar (track 10)
21dec/220

Vrouwenvoetbal

Het WK voetbal zit er op. In een zinderende finale versloeg Argentinië afgelopen zondag de uittredende wereldkampioen Frankrijk na het nemen van strafschoppen. Lionel Messi liet zijn buitensporige kwaliteiten zien en is nu zeker in zijn vaderland heilig verklaard.

Het WK in Qatar was om vele redenen zeer omstreden. Er zijn kranten over vol geschreven en tientallen, zo niet honderden uren, over gediscussieerd in talkshows en andere programma’s. Uiteraard doken er ook weer diverse complottheorieën op. Alles zou geregeld zijn om het laatste interlandkunstje van Messi tot een succes te maken. Nu is het woord omkoperij bij de FIFA geen onbekend woord en zeker opperhoofd Gianni Infantino is niet in zijn eerste leugen gebarsten. Maar aan deze complottheorie kan ik toch niet al te veel waarde hechten. Op naar het WK 2026 in Canada, Mexico en de Verenigde Staten, minder omstreden landen, hoewel sommigen daar ongetwijfeld ook wel iets van zullen vinden.

Dichterbij is het WK voetbal voor vrouwen dat volgend jaar van 20 juli tot 20 augustus zal worden gehouden in Australië en Nieuw-Zeeland. Hier zullen geen discussies losbarsten of het allemaal wel tof gaat in die landen.

De Oranjeleeuwinnen, die bij het vorige WK in 2019 in Lyon in de finale met 2-0 verloren van de VS, gaan voor nieuw succes. Met Andries Jonker, de voormalige assistent van Louis van Gaal, aan het roer. Hopelijk tonen de vrouwen meer passie dan hun mannelijke collega’s. Het is alleen een grote tegenvaller dat Nederland het zonder de zwaar geblesseerd geraakte topscorer Vivianne Miedema moet doen.     

Over vrouwenvoetbal gesproken. Ik deed zaterdagmiddag verslag van de bekerwedstrijd van Jodan Boys VR 1 tegen Be Quick ’28 VR 1. De vrouwen van Jodan Boys, die het afgelopen seizoen kampioen werden van de 2e klasse, staan momenteel bovenaan in de 1e klasse A. Klasse! Het mooie bekeravontuur van de Jodan Boys eindigde zaterdag helaas. De routine van de Zwolse Topklasser gaf uiteindelijk de doorslag en een foutje in de verdediging werd zaterdag even voor tijd afgestraft. Desondanks konden de Goudse vrouwen met opgeheven hoofd het veld verlaten. 

13dec/220

Sharon Van Etten – We’ve been going about this all wrong

De Amerikaanse singer-songwriter Sharon Katharine Van Etten is geboren op 26 februari 1981 in Belleville, New Jersey. Ze bezocht de North Hunderdon High School in Clinton, New Jersey en later de Middle Tennessee State University in Murfreesboro. Na een aantal jaren in Brooklyn te hebben gewoond, woont ze sinds 2019 met haar gezin in Los Angeles. Van Etten beschouwt singer-songwriter Ani DiFranco als haar grote inspiratiebron. In 2009 verschijnt haar debuutalbum Because I was in love. In mei 2022 verscheen haar 6e album We’ve been going about this all wrong. Dit album is vorige maand opnieuw uitgebracht in een deluxe edition met vier extra tracks.  

Het album opent met Darkness fades, een mooi gezongen dromerige ballad. Na het rustige en ingetogen Home to me, wordt het met I’ll try, met lekker drumwerk en gruizige gitaren, iets pittiger. Anything begint mooi akoestisch, maar wordt daarna steeds steviger. Ook Born is een gevarieerd nummer dat begint met de bijna fluisterende zang, maar halverwege wordt het met orgel, drums en gitaren weer lekker stevig. Bonkende drums, vervormde gitaren en synthesizer maken van Headspace een donkere rockende song. Van Etten etaleert haar grote (heldere) vocale kwaliteiten in de prachtige ballad Come back. Fenomenaal is de zang in het subtiele akoestisch Darkish. Na het rockende Mistakes is Far away weer een ballad met vervormde gitaren en ‘zwevende’ zang. Never gonna change is een song als veel andere op dit album, akoestisch rustig beginnen, maar met synthesizer, gitaren, bas, drums en uitbundige zang steeds steviger eindigend. Porta en Used to it worden ook gekenmerkt door synthesizer, lekker drumwerk, vervormde gitaren en uitstekende zang. Het slotakkoord When I die is een dromerige en prachtige gezongen ballad.

Conclusie: We’ve been going about this all wrong is een album met prachtige melodieën van een fenomenale zangeres. 

Tracks cd:

  1. Darkness fades
  2. Home to me
  3. I’ll try
  4. Anything
  5. Born
  6. Headspace
  7. Come back
  8. Darkish
  9. Mistakes
  10. Far away
  11. Never gonna change
  12. Porta
  13. Used to it
  14. When I die

Line-up

  • Sharon Van Etten – zang, akoestische gitaar (tracks 1,5,8,11,13,14), drums (tracks 2,3,4,5,11,12, 13,14), synthesizer (tracks 1,2,11,12,13,14), orgel (tracks 5,7), piano (tracks 11, 14), keyboards (tracks 3,5,6,7,9,10) tamboerijn (tracks 1,4), Wurlitzer (track 13,14), drummachine (track 14)
  • Benji Lysaght – akoestische gitaar (tracks 2,7)
  • Charley Damski – gitaar (tracks 3,4,5,6,9,10,11,12,13,14),  Glockenspiel (track 1), synthesizer (tracks 1,2,3,5,6,7,9,10,11,14), piano (track 14), Wurlitzer (track 13)
  • Daniel Knowles – percussie (track 5), bas (track 1), gitaar (track 14)
  • Devin Hoff – gitaar (tracks 1,2,3,4,5,6,7,9,10), bas (track 11,12,13,14)
  • Jay Bellerose – drums (tracks 2,5,7)
  • Jorge Balbi – drums (tracks 1,2,3,5,6,7,9,10,11,12,13,14), percussie (track 6), bas (track 14)
  • Dave Palmer – piano (track 7)
  • Owen Pallett – strings (track 5)
  • Zachary Dawes – gitaar (tracks 2,5)
5dec/220

Various artists – Live forever – a tribute to Billy Joe Shaver

De Amerikaanse outlaw countryzanger, songwriter en acteur Billy Joe Shaver werd geboren op 16 augustus 1939 in Corsicana, Texas. Op zijn 17e ging hij naar de Amerikaanse Marine. Na zijn ontslag had hij verschillende banen, o.a. bij een houtzagerij, waar hij, omdat zijn rechterhand bekneld raakte in de machine, het grootste deel van twee vingers kwijt raakte. Desondanks leerde hij gitaar spelen zonder die ontbrekende vingers.  Hij vond werk als songwriter in Memphis, Tennessee. Daar maakte hij kennis met Waylon Jennings die een groot aantal van Shaver’s songs opnam op zijn legendarische album Honky tonk heroes. Ook Elvis Presley, Kris Kristofferson, Bobby Bare, The Allman Brothers Band en Nick Cave namen zijn liedjes op. In 1973 verscheen Shaver’s debuutalbum Old five and dimers like me. Zijn 23e en laatste studioalbum Long in the tooth verscheen in 2014. Dit was het eerste album van Shaver dat in Bilboard’s Top Country Albums en de Billboard 200 terecht kwam. Billy Joe Shaver stierf na een bewogen leven op 28 oktober 2020. Hij werd 81 jaar.

Deze maand verscheen het album Live forever, a tribute to Billy Joe Shaver. Op dit album brengen oude geestverwanten als Willie Nelson, Rodney Crowell, Lucinda Williams en Steve Earle en anderen een ode aan Billy Joe Shaver.

Het album opent met I’m gonna live forever, gezongen door Willie Nelson met Lucinda Williams in de backing vocals en Charlie Sexton op dobro en B3. In het stevige Ride me down easy horen we de duozang van Ryan Bingham en Nikki Lane. Zanger-gitarist Rodney Crowell neemt de ingetogen ballad Old five and dimers voor zijn rekening met wederom een mooie gitaarbijdrage van Sexton. Lekker uptempo en vrolijk is de zang van Miranda Lambert, naast het heerlijke pianospel van Jimmy Wallace in I’m just an old chunck of coal (but I’m gonna be a diamond someday. Na de door Edie Brickell prachtig gezongen ballad I couldn’t be without you duiken we de pure country in met zang, gitaar en dobro van Nathaniel Rateliff en Luke Mossman op gitaar in You asked me to. Pure country klinkt ook door in de typische zang van George Strait in de ballad Willie the wandering gypsy and me, met een ‘slepende’ fiddle van Warren Hood en de pedal steel van Ricky Ray Jackson. Opwindend is de zang van Amanda Shires in Honky tonk heroes met Mickey Raphael op mondharp en gitaristische bijdragen van Audley Freed en Jason Isbell. Steve Earle draait daarna zijn bekende hand niet om met de countryrocker Ain’t no God in Mexico. Fraai is in dit nummer ook de fiddle van Eleanor Whitmore en de pedal steel van Ricky Ray Jackson. Margo Price neemt de leadvocals voor haar rekening in de zeer fraaie ballad Ragged old truck met harmoniezang van Joshua Hedley. Willie Nelson is weer present met zang en gitaar in de uptempo trainsong Georgia on a fast train. Willie’s in maart dit jaar overleden zus Bobby speelt een mooie pianosolo. Het slotnummer Tramp on your feet is een schitterend door de Canadese singer-songwriter gezongen ballad met fraaie backing vocals van de SistaStrings, de uit Milwaukee, Wisconsin, afkomstige zusters Monique en Chauntee Ross.   

Conclusie: Live forever is ronduit een schitterende ode aan een geweldige liedjesschrijver. 

Tracks cd:

  1. I’m gonna live forever (Willie Nelson, Lucinda Wiliams)
  2. Ride me down easy (Ryan Bingham, Nikki Lane)
  3. Old five and dimers (Rodney Crowell)
  4. I’m just an old chunck of coal (but I’m gonna be a diamond someday) (Miranda Lambert)
  5. I couldn’t be me without you (Edie Brickell)
  6. You asked me to (Nathaniel Rateliff)
  7. Willy the wandering gypsy and me (George Strait)
  8. Honky tonk heroes (Amanda Shires)
  9. Ain’t no God in Mexico (Streve Earle)
  10. Ragged old truck (Margo Price, Joshua Hedley)
  11. Georgia on a fast train (Willie Nelson)
  12. Tramp on your street (Allison Russell)
30nov/220

De voetbalsupporter

Waar een overwinning van een voetbalteam weer niet toe kan leiden. De overwinning van Marokko op België zorgde gisteren voor supportersrellen in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Brussel. Het woord supporter is hier niet op zijn plaats want hier was m.i. weer sprake van puur vandalisme. Eencelligen (excusez le mot), veelal dapper weggedoken in hun bivakmutsen en capuchons, vonden het tijd om de boel weer eens te slopen en ander idioot gedrag te vertonen. De echte voetbalsupporter zal zich doodschamen en stevig balen dat deze non supporters het echte supporterschap met hun acties in een kwaad daglicht stellen. 

Ook in de stadions zitten halve garen die met vuurwerk en verbaal geweld voetbalwedstrijden verzieken en zodoende hun club met boetes en andere sancties opzadelen. In de ruim 35 jaar heb ik als voetbalverslaggever langs de Goudse voetbalvelden ook dingen meegemaakt die niet door de beugel konden. Neem alleen al de verwensingen die scheidsrechters naar hun hoofd krijgen geslingerd. Grensrechters die met angst en beven de wedstrijd uitvlaggen. Ik heb meerdere keren meegemaakt dat clubofficials na afloop van de wedstrijd het arbitrale trio in bescherming moesten nemen tegen heethoofden die ‘verhaal kwamen halen’.

Ik koester de echte supporters en dan denk ik b.v. aan de vaste kern van supporters die hun club naar alle hoeken van het land door weer en wind trouw volgen. Supporters die helaas niet meer onder ons zijn zoals Martien en Johan, die voor de wedstrijd naar me toe kwamen om te zeggen te hopen dat ‘we vanmiddag gaan winnen’, maar ook al blij zouden zijn met een gelijkspel. En na afloop dan trots zeggen dat ze het maar weer mooi hebben gefikst. “Meneer Schinkel, hoe gaat het met u”, was jarenlang de gebruikelijk begroeting van Jan, die met een transistorradio op zijn schouder behalve om naar zijn club ONA te kijken ook naar Langs de Lijn luisterde om te horen hoe het met Feyenoord ging. Het toenmalige ‘zuivelfront’ Quirien en Kees. Het duo Bram en Jos. De altijd enthousiaste Joost. De echte supporters bestaan gelukkig nog.

28nov/220

Dave Keys – Rhythm, blues & boogie

De in New York geboren toetsenist, zanger en songwriter Dave Keys is een veteraan in de blues- en american-roots muziekscene en loopt al ruim 30 jaar mee. Zijn muzikale helden zijn o.a. Fats Domino, Dr. John, Johnny Johnson en Professor Longhair. Het grootste deel van de afgelopen 10 jaar werkte Keys, naast zijn eigen Dave Keys Band en solo-optredens, samen met Popa Chubby en tot haar overlijden begin dit jaar met Ronnie Spector. Eerder werkte hij lange tijd samen met o.a. Odetta, David Johansen, Bo Diddley, rockabilly-legende Sleepy LaBeef en gospelgrootheid Marie Knight.

Hij werkte verder ook als sideman voor muzikale grootheden als Eddy Clearwater, Big Jay McNeely, Tracy Nelson, Gladys Knight, Pam Tillis, Darlene Love, Ruth Brown, Lou Rawls en Levon Helm.

De muziek van David Keys vindt zijn wortels in diepe blues, soul en rock and roll. Deze roots vormen de basis van zijn recente albums en levendige liveshows. Zijn goed ontvangen vorige albums zijn onstuimige sets van grotendeels origineel materiaal, variërend van New Orleans tweedelijns funk tot langzame sensuele blues, opzwepende shuffles en onstuimig rockende boogiewoogie.

Vorige maand verscheen zijn nieuwe album Rhythm blues & boogie. Op dit album spelen een aantal speciale gasten mee zoals Doug MacLeod, Popa Chubby en de legendarische 83-jarige drummer Bernard ‘Pretty ’Purdie. 

Bij het openingsnummer Shake shake shake kunnen de voetjes meteen van de vloer. Een groovy nummer met klassiek drumwerk van Bernard Purdie, een spetterende saxsolo van Chris Eminizer en pianospel van Dave Keys in de beste traditie van Professor Longhair. Prachtig zijn de blazersarrangementen daarna in het swingende That’s what I call the blues, met naast de piano een indringende gitaarsolo van John Putnam. Gitarist Early Times is te gast met een vette gitaarsolo in het uptempo R&B nummer Blues and boogie. In de ballad Funny how time slips away van Willie Nelson toont de croonende Keys zijn grote klasse met zijn prachtige pianospel. Ain’t doing that nor more begint met een fraai drumintro van Purdie, waarna de blazers invallen en met de backing vocals en de slide van Putnam belanden we zo in cajunsferen. Na het soulvolle Ain’t going down met een felle gitaarsolo van Putnam, soleert Keys in de swingende boogie WBGO, een titel die verwijst naar het gelijknamige jazz- en blues radiostation in Newark. Popa Chubby is gastgitarist in het jazzy met salsa-invloeden overgoten Not fighting anymore. Keys schreef Invisable man samen met Doug MacLeod, die in deze akoestische blues gitaar speelt en aan het slot ook vocaal zijn wijsheden uitstrooit. De bonustrack 7 O’clock somewhere is een ode ‘to our frontline heroes who continue to give so much’. Een feestelijke afsluiter.

Conclusie: Dave Keys schiet met Rhythm blues & boogie wederom in de roos. Een voortreffelijk album.

Tracks cd:

  1. Shake shake shake
  2. That’s what I call the blues
  3. Blues and boogie
  4. Funny how time slips away
  5. Ain’t doing that no more
  6. Ain’t going down
  7. WBGO boogie
  8. Not fighting anymore
  9. Invisable man
  10. 7 O’clock somewhere

Line-up

  • Dave Keys – piano, B-3, Wurlitzer, accordeon, zang
  • Bernard ‘Pretty’ Purdie – drums (tracks 1.2.5.6)
  • John Putnam – gitaar (tracks 1.2.5.6.10)
  • Jeff Anderson – bas (tracks 1,2,3,5,6)
  • Frank Pagano – drums (tracks 3,6,10, percussie, backing vocals
  • Early Times – gitaar (track 3)
  • Popa Chubby – gitaar (track 8)
  • David J. Keys – bas (track 8)
  • Doug MacLeod – akoestische gitaar en zang (track 9)
  • Chris Eminizer – tenor sax (tracks 1,2,3,5,8)
  • Tim Quimette – trompet en blazersarrangementen (tracks 1,2,3,5,8)
23nov/220

We can come an end

Het WK voetbal in Qatar is begonnen, met een openingswedstrijd die een aanfluiting was voor het voetbal. Het spel van het thuisland was van zo’n bedroevend niveau dat zelfs emir Tamim bin Hamad Al Thani tranen in zijn ogen moeten hebben gekregen. Een voetbalanalist, ik weet niet meer wie want het stikt van die figuren, vergeleek Qatar met een modale hoofdklasser. Maar een hoofdklasser (tegenwoordig 4e divisionist) als Jodan Boys, dat in een heuse dip zit, zou er waarschijnlijk toch moeite mee hebben.

De bal rolt in een omgeving waar hij volgens velen niet mag rollen. Maar het geld is zo belangrijk dat de FIFA, onder aanvoering van de volkomen uit het lood geslagen Gianni Infantino, blijft verrassen met vreemde maatregelen. De one-love aanvoerdersband is op straffe van een gele kaart verboden verklaard. Zelfs het woordje ‘love’ in de kraag van de shirts van de Rode Duivels mag ineens ook niet meer. Supporters die gratis naar Qatar werden gelokt ervaren dat het woord ‘gratis’ niet helemaal de lading dekt. Nog even en de FIFA verbiedt het juichen bij een doelpunt, want je zou de supporters van de tegenstanders eens kunnen beledigen. Grensoverschrijdend gedrag wordt niet getolereerd. Maar ondanks alles, De (voetbal) Wereld Draait (gewoon) Door.

Nederland won maandag enigszins moeizaam zijn eerste wedstrijd. Twee minder gelukkige momenten van de doelman van Senegal hielpen Oranje uiteindelijk aan de zege, terwijl doelman Andries Noppert, de Toren van Joure, het vertrouwen van Louis van Gaal niet beschaamde. De wegen van Aloysius Paulus Maria van Gaal zijn vaak ondoorgrondelijk en zijn persconferenties lijken soms op slecht cabaret. “We can come an end”, is een van zijn laatste gevleugelde uitspraken.

ONA is al een eind op weg. De periodetitel is binnen, en net als van Gaal wil trainer Sylvester Hageman kampioen worden. Tot nu toe waren het min of meer oefenpotjes, de komende weken gaat het echte werk beginnen. Hoe dan ook, ik schat een kampioenschap van ONA hoger in dan een wereldtitel van Nederland. Maar de bal is rond!  

22nov/220

Jacques Mees – Texas mood

De Tilburgse singer-songwriter Jacques Mees (1959, Moergestel), wordt al op jonge leeftijd door de muziek gegrepen. Als hij 11 jaar is koopt hij zijn eerste gitaar. Zijn eerste en grootste inspiratiebron was en is nog steeds Bob Dylan. Later ontdekt hij ook de muziek van artiesten als Woody Guthrie, Hank Williams en Dave van Ronk. Jacques Mees staat alom bekend als de bekendste en beste vertolker van de songs van Bob Dylan. De naam Jacques Mees wordt zelfs vermeld in het in 2011 verschenen ABC Dylan Book van de in 2020 overleden Nederlandse popjournalist Bert van de Kamp.

In 1996 verschijnt zijn eerste officiële album Drive them all crazy. Mees brengt de laatste jaren regelmatig een ode aan zijn favoriete singer-songwriters. Op de ep I’ll remember you brengt hij in 2016 een eerbetoon aan de 75-jarige Bob Dylan, zijn absolute voorbeeld. In datzelfde jaar eert hij op de ep All americana Guy Clark, Townes van Zandt, John Prine en Blaze Foley. Op de ep You got my heart uit 2020 brengt hij een eerbetoon van Billy Marlow en Rory C. McNamara. Vorig jaar werd Bob Dylan 80 jaar en dat was de aanleiding voor Mees om hem (samen met de Italiaanse klassieke gitarist Luigi Catuogno) te eren op de ep Masked and separated.  

Eind vorige maand verscheen Texas mood. Op deze ep staan twee songs van Michael David Fuller, beter bekend als Blaze Foley (1949-1989) en vier songs van Townes van Zandt (1944-1997). Mees wordt op deze ep muzikaal bijgestaan door Harry Brekelmans op pedal steel en bassist Gerben Koolen.

De eerste twee songs Clay pigeons en Cold cold world zijn covers van Blaze Foley. Fijn akoestisch gitaarwerk en mooie zang en ingetogen baslijnen in het tweede nummer. Van de vier songs van Townes van Zandt zijn er drie door Van Zandt zelf geschreven. Don’t you take it too bad, Lungs en Nothin’ zijn mooie rustige vertolkingen en worden gekenmerkt door fraai akoestisch gitaarspel van Mees en in het laatste nummer weer de mooie ingetogen baslijnen van Gerben Koolen. Dead flowers stond ook op het repertoire van Van Zandt, maar is een compositie van Mick Jagger en Keith Richards van The Rolling Stones, een van de hoogtepunten van hun album Sticky fingers uit 1971. Mees tovert ons een zeer fraaie ingetogen versie voor met een heel mooie bijdrage van Harry Brekelmans op pedal steel.

Conclusie: Jacques Mees brengt op Texas mood wederom op fraaie wijze een eerbetoon aan twee van zijn favoriete singer-songwriters.

Tracks cd:

  1. Clay pigeons
  2. Cold cold world
  3. Dead flowers
  4. Don’t you take it too bad
  5. Lungs
  6. Nothin’
17nov/220

The California Honeydrops – Soft spot

The California Honeydrops is een Amerikaanse blues- en R&B band. De band, opgericht in november 2007, trad voor het eerst op straat op en in de metrostations van Oakland, California. De muziek van The California Honeydrops is geworteld in de blues, gospel, vroege R&B en New Orleans jazz. Bandleider en frontman is de in Warschau, Polen, geboren Lech Wierzynski. Hun debuutalbum Soul tub! Verscheen in 2008.

Begin oktober verscheen Soft spot, het nieuwe album van The California Honeydrops, de opvolger van het in januari jl. uitgebrachte album Covers from the cave.

Met lekker gitaarwerk en blazers belanden we met het soulvolle en funky Honey and butter in New Orleans sferen. Fraaie pianoklanken en wederom de blazers schitteren in de Southern soulballad Gonna be alright. Nothing at all is een ingetogen en mooi gezongen soulballad. I miss you baby, pt. 1 begint met een mooi kort piano-intro dat gevolgd wordt door funky blazers. Fantastische soul. Mooi zijn de baslijnen en de percussie in de opwindende ballad Tumblin’. Ook in de jazzy soulballad Takin’ my time zijn er weer fraaie baslijnen en halen ook de blazers weer alles uit de kast. Met het instrumentale The unicorn belanden we daarna weer in de sferen van New Orleans en de elementen van New Orleans zijn vervolgens ook aanwezig in het titelnummer, de bluesy soulballad Soft spot. De blazers schroeven het tempo in de funky soulballad In your arms weer iets op. Een scheurende saxsolo en een tinkelende piano verrassen in Lil bit of love. Sneakin’ into heaven is funky soul met handclapping en mooie harmonieen. I miss you baby, pt. 2 is de uitsmijter waar vooral door de fameuze blazers de soul van afdruipt.  

Conclusie: Soft spot is aanstekelijke en zeer energieke soul en R&B. Sam Cooke, Smokey Robinson en de grote dagen van Stax zijn niet ver weg.

Tracks cd:

  1. Honey and butter
  2. Gonna be alright
  3. Nothing at all
  4. I miss you baby, pt. 1
  5. Tumblin’
  6. Takin’ my time
  7. The unicorn
  8. Soft spot
  9. In your arms
  10. Lil bit of love
  11. Sneakin’ into heaven
  12. I miss you baby, pt. 2

Line-up

  • Lech Wierzynski – zang, trompet, gitaar
  • Ben Malament – drums, washboard, percussie
  • Johnny Bones – tenor saxofoon, klarinet
  • Lorenzo Loera – keyboards
  • Beau Brandbury – bas, percussie
16nov/220

Sunjay – Black & blues revisited

Sunjay Edward Brain (23 september 1993, Derby, Derbyshire) is een Britse singer-songwriter-gitarist. Hij is de zoon van een Engelse vader en een Indiase moeder. Sunjay begint op vierjarige leeftijd te zingen en gitaar te spelen na het zien van het tv programma The day the music died, een documentaire over de korte maar veelbewogen carrière van Buddy Holly.

In 2011 verschijnt zijn debuutalbum Seems so real. Hij wint diverse prijzen en treedt op met o.a. Steeleye Span, Mud Morganfield, Albert Lee, Ian Siegal, Curved Air, Fairport Convention, Terry Reed en Graham Gouldman.  

Vorige maand verscheen Black & blues revisited, een nieuw album met elf (bekende) covers van legendarische bluesmusici. Het album is opgenomen in Get Real Studios in Bath (UK) en is geproduceerd door Sunjay en Josh Clark.

De opener, Built for comfort van Willie Dixon, is een swingende Chicago blues met gitaren, Hammond, piano en flarden mondharp. In de vlotte versie van Blind Willie McTell’s Statesboro blues laten de begeleiders zich ook weer van hun beste kant zien. De standard blues Key to the highway van Big Bill Broonzy wordt in een iets hoger tempo gespeeld dan die we van veel andere vertolkers kennen. Mooi en melodieus is de zang van Sunjay in de akoestische countryblues, de traditional Hesitation blues. Een wervelende Hammond, mondharpsolo’s en een strakke ritmesectie zijn verrukkelijk aanwezig in Living with the blues van Brownie McGhee. Monday morning blues van Mississippi John Hurt is weer een prachtige akoestische countryblues. Mooi is het akoestische gitaarwerk naast de ingetogen begeleiders in de slowblues Come back baby van Walter Davis. Vooral de scheurende mondharpsolo’s zijn verantwoordelijk voor de opwindende versie van Leadbelly’s Big fat woman. Freight train werd door Elizabeth Cotten in 1906 geschreven toen zij pas 12 jaar was. Sunjay tovert dit nummer om in een mooie melodieuze akoestische folkblues. Robert Johnson’s, maar vooral ook door Elmore James bekend geworden Dust my broom is hier een soepele strakke versie. In het slotnummer, The easy blues van ragtime- en jazzpianist Jelly Roll Morton, laat Sunjay nogmaals zijn klasse horen met akoestische gitaar en zang, daarbij prettig bijgestaan door Lee Southall op mondharp.    

Conclusie: Black & blues revisited is een mooi en heel lekker in het gehoor liggend bluesalbum.

Tracks cd:

  1. Built for comfort
  2. Statesboro blues
  3. Key to the highway
  4. Hesitation blues
  5. Living with the blues
  6. Monday morning blues
  7. Come back baby
  8. Big fat woman
  9. Freight train
  10. Dust my broom
  11. The easy blues

Line-up

  • Sunjay – zang, akoestische en elektrische gitaren
  • Josh Clark – drums, bas
  • Bob Fridzema – Hammond, piano, Wurlitzer
  • Josh Jewsbury – bas
  • Lee Southall – mondharmonica