The Rolling Stones – Hackney diamonds
De fans hebben er heel lang op moeten wachten, maar eindelijk is er na 18 jaar weer een album van The Rolling Stones met nieuw materiaal verschenen. Het laatste album met eigen materiaal was A bigger bang (2005). Hun meest recente album Blue & lonesome (2016) bevatte louter bluescovers.
Maar nu is er dus, na een zeer uitgebreide en uitgekiende wereldwijde publiciteitscampagne, Hackney diamonds, wereldwijd op 20 oktober uitgebracht. Over de totstandkoming van dit album en waarom het zo lang heeft geduurd is de afgelopen weken zoveel geschreven dat ik dit hier maar achterwege laat. Op Hackney diamonds maakt een aantal gerenommeerde artiesten als Stevie Wonder, Paul McCartney, Elton John en Lady Gaga hun opwachting. Op twee songs is de twee jaar geleden overleden drummer Charlie Watts nog te horen en ook voormalig bassist Bill Wyman speelt op een nummer bas. En de rol van de jonge Amerikaanse producer Andrew Watt (33) is een zeer belangrijke. Watt krijgt ook de credits, naast Jagger en Richards, van drie songs.
Het 24e studioalbum opent met Angry, dat in september als eerste single werd uitgebracht. Een energieke en typische Stones rocker met de knallende drums van Steve Jordan en een Mick Jagger in vocale topvorm. Get close heeft die typische Stones gitaarsound, Elton John op piano en een vette saxsolo van James King. Het tempo zakt in de prachtige ballad Depending on you, waarmee de Stones de richting van de country opgaan. De zang van Jagger is weer uitstekend (‘too young to die, to old to live’). Mooi akoestisch gitaarwerk en een zeer fraaie slide van Ron Wood. Bite my head off is een agressieve punkachtige rocker met een striemende gitaarsolo en Paul McCartney met zijn soms overstuurde grommende basspel. Whole wide world is een doordenderende venijnige rocker waar de Stones patent op hebben. Messcherpe gitaarsolo’s en een ‘jagende’ drummer. Jagger is vocaal weer in topvorm in het schitterende Dreamy skies met gospelinvloeden, fraai veelal ingetogen gitaarwerk, Hammond en mondharp. Mess it up is een felle melodieuze rocker met het kenmerkende swingende en strakke drumwerk van Charlie Watts. Charlie Watts is ook aanwezig op de vette gitaarrocker Live by the sword. Bill Wyman speelt bas zodat de originele ritmetandem even in ere is hersteld. Elton John tinkelt weer op de piano en Wood perst een splijtende solo uit zijn gitaar. De Stones in topvorm. De eerste gitaarlicks van het midtempo Driving me too hard doen me denken aan Tumblin’ dice. Keith Richards mag op dit album ook weer op een song de leadzang voor zijn rekening nemen. Hij is nog aardig bij stem in Tell me straight, dat vertrouwd klinkt in het verlengde van songs als Slipping away en This place is empty van vorige Stones albums. Dan het absolute hoogtepunt van het album, het ook op single uitgebrachte Sweet sounds of heaven. Een wonderschone gospel met Stevie Wonder op piano en Moog, Matt Clifford op B-3, maar vooral de fantastische zang van Mick Jagger en Lady Gaga. Een Stones klassieker in wording. Ruim zeven minuten puur genieten. In het slotnummer gaan de Stones terug naar hun begintijd met Rolling Stone blues. De Rolling Stones ontlenen hun naam aan deze klassieker van Muddy Waters uit 1950. Een indrukwekkende rudimentaire blues met Richards op gitaar en Jagger zang en mondharmonica. Is hiermee de cirkel rond?
Conclusie: Het lange wachten was de moeite waard. Op Hackney diamonds laten The Rolling Stones horen dat ze nog springlevend zijn. Een uitstekend album. Hopelijk hoeven we weer niet zo lang te wachten op nieuw werk, maar als dit het laatste album is dat deze legendarische band heeft gemaakt, dan hebben ze wel knallend afscheid genomen.
Tracks cd:
- Angry
- Get close
- Depending on you
- Bite my head off
- Whole wide world
- Dreamy skies
- Mess it up
- Live by the sword
- Driving me too hard
- Tell me straight
- Sweet sounds of heaven
- Rolling Stone blues
Line-up
- Mick Jagger – zang, backing vocals, gitaar, percussie, mondharmonica
- Keith Richards – gitaar, bas, backing vocals, zang (track 10), piano
- Ronnie Wood – gitaar, bas, backing vocals
- Charlie Watts – drums (track 7,8)
- Bill Wyman – bas (track 8)
- Steve Jordan – drums
- Matt Clifford – (Wurlitzer, Rhodes) piano, B-3,
- Elton John – piano (track 2,8)
- Lady Gaga – zang (track 11)
- Paul McCartney – bas (track 4)
- Stevie Wonder – piano, Moog (track 11)
- Andrew Watt – backing vocals, percussie, bas, gitaar
- James King – saxofoon (track 2, 11)
- Ron Blake – trompet (track 2, 11)
- Karlos Edwards – percussie (track 2, 7)
- Benmont Tench – Hammond (track 3, 6)

Brent Cobb – Southern star
De Amerikaanse singer-songwriter Brent Cobb is geboren op 1 augustus 1986 in Americus, Georgia, maar groeit op in de nabijgelegen stad Ellaville. Als tiener is Cobb frontman van de lokale band Mile Marker 5. Op zijn 16e geeft hij zijn neef en producer uit Los Angeles Dave Cobb een demo-cd. Met zijn neef Dave neemt Brent Cobb in 2006 in Los Angeles zijn debuutalbum No place left to leave op. Na enige tijd keert Cobb weer terug naar Georgia en verhuist hij in 2008 naar Nashville, Tennessee, alwaar hij een songwriterscontract krijgt. Hij schrijft songs voor meerdere artiesten zoals Luke Bryan, David Nail, Kellie Pickler, Kenny Chesney en Miranda Lambert. Hij toert en opent o.a. voor gevestigde sterren als Blake Shelton, Sara Evans en is speciale gast van Chris Stapleton tijdens diens All American Roadshow Tour.
In september jl. verscheen Southern star, het 5e album van Brent Cobb. Het album is opgenomen in de legendarische Capricorn Sound Studios in Macon, Georgia.
Het album opent lekker ontspannen met het titelnummer Southern star, gevolgd door meeslepende J.J. Cale achtige laidback in It’s a start. Livin’ the dream is licht funky met keyboards en flarden mondharmonica. Cobb’s vrouw Layne schreef Patina, een mooi zacht en ingetogen gezongen liedje.
Het rockende gospelachtige ‘On’t know when wordt zeer fraai opgeluisterd door de achtergrondzang van het plaatselijke koor The Boswellz. De zoete mondharp is weer te horen in het rustige melodieuze Kick the can. Steviger wordt het daarna in het funky Devil ain’t done met de groovy mondharp van Chris Hicks. When country came back to town is met ruim vijf minuten het langste nummer. In dit nummer, dat ook op single is uitgebracht, brengt Cobb een ode aan alternatieve countryartiesten als Sturgill Simpson, Margot Price, Brandi Carlile en Jason Isbell. Het prijsnummer van dit album!
Miss Ater, geschreven door singer-songwriter Sally Jaye uit Georgia, vertelt het droevige verhaal van een eenzame vrouw in een verlaten stad. De begeleiders zijn hier in topvorm. Het slotnummer is Shade tree, alleen akoestische gitaar en zeer ingetogen zang met een zachte mondharmonica op de achtergrond.
Conclusie: Southern star is een mooi verfijnd album waar ik met veel plezier naar kan luisteren.
Tracks cd:
- Southern star
- It’s a start
- Livin’ the dream
- Patina
- ‘On’t know when
- Kick the can
- Devil ain’t done
- When country came back to town
- Miss Ater
- Shade tree
Line-up
- Brent Cobb – akoestische gitaar, zang, backing vocals
- Charlie Gilbert – elektrische gitaar
- Leroy Wilson – drums
- Miles Landrum – bas
- Josh Morningstar, Sally Jave, The Boswellz – backing vocals
- Chris Hicks – harmonica
- Jimmy Matt Rowland – keyboards
- Rob Sumowski – percussie
- Oran Thornton – backing vocals
The Handsome Family – Hollow
The Handsome Family is een Amerikaans alternatief country duo dat gevormd wordt door het echtpaar Brett en Rennie Sparks. De band wordt opgericht in 1993 in Chicago. Het echtpaar woont tegenwoordig in Albuquerque, New Mexico.
Het duo schrijft hun eigen liedjes, Rennie de teksten en Brett de muziek. De teksten van Rennie tonen een affiniteit met het literaire genre American gothic en fatalistische elementen uit vroege country- en folkmuziek. Brett omschrijft hun muziek als ‘Western gothic’, oftewel muziek geïnspireerd door de verlaten winkelcentra van de woestijn van Amerika, waar gebarsten bestrating glinstert van de hitte en doornig onkruid langzaam het land terugwint. In 1994 verscheen hun debuutalbum Odessa.
Op 8 september jl. verscheen na 7 jaar weer een nieuw album van The Handsome Family, Hollow, het 11e studioalbum van het duo. De 11 songs gaan over de romantiek van de brede rafelranden van de Amerikaanse samenleving, de leegte na dynamiek en de verlatenheid na de materialistische razernij.
In het openingsnummer, de slepende ballad Joseph, met sprankelende piano en de diepe bariton is meteen de typische vertrouwde sound van The Handsome Family te horen. Het lome Two black shoes kabbelt voort met een groove van drums, bas en piano. Het ‘huppelende’ The king of everything is een melodieuze en vrolijke song. Sprankelend is het pianospel weer in het heerlijk met bas, drum en gitaar opgeluisterde Skunks. De prachtige diepe bariton van Brett is te horen in The oldest water, met een mooie bijdrage van Dave Gutierrez op mandoline. Mothballs is een ingetogen song met piano en ‘gedragen’ zang. Dromerig is de zang van de wals Shady lake met banjo en piano. Iets meer tempo zit er in To the oaks, met fraaie drumbeat en enigszins overstuurde gitaarlicks. Strawberry moon, een song vol mijmeringen, is een wonderschoon nummer met vibrafoon. Fraai zijn de pedalsteel en de harmoniezang in Invisable man. Het slotnummer, het walsende slaapliedje Good night, met pedalsteel en glockenspiel is pure country.
Conclusie: Hollow is een uitstekend album van de vertrouwde kwaliteit die we van The Handsome Family gewend zijn.
Tracks cd:
- Joseph
- Two black shoes
- The king of everything
- Skunks
- The oldest water
- Mothballs
- Shady lake
- To the oaks
- Strawberry moon
- Invisable man
- Good night
Line-up:
- Brett Sparks – zang, gitaren, keyboards
- Rennie Sparks – zang, banjo, bas
- Alex McMahon – gitaar
- Jason Toth – percussie
- Dave ‘Guts’ Gutierrez – mandoline (track 5)
Dick van Altena en Johan Jansen – Pure country and more
Singer-songwriter-gitarist Dick van Altena (1957, Oosterhout) loopt al heel wat jaartjes rond in de muziekscene. Van 1977 tot 2005 was hij lid van de countrygroep Major Dundee. Daarnaast bracht hij ook een aantal soloalbums uit. Verder schreef hij nummers voor o.a. Henk Wijngaard, Mooi Wark, Saskia & Serge en Toni Willé (Pussycat), en werkte ook samen met tex-mex accordeonist Flaco Jiménez. In 2017 werd Dick van Altena voor zijn muzikale verdiensten benoemd tot lid in de Orde van Oranje Naussau.
De eveneens in 1957 in Oosterhout geboren pedalsteelgitarist Johan Jansen werkt(te) met veel (internationale) muzikanten als Heather Myles, South Mountain, Lucille Starr en Dale Watson. Als sessiemuzikant werkte hij met Kadanz, BZN en Skik en speelt hij o.a. ook in de countryformatie Cash On Delivery.
Onlangs verscheen van Dick van Altena en Johan Jansen het album Pure country and more. De 12 songs op dit album waren oorspronkelijk bedoeld als lesmateriaal voor de studenten van Jansen. Hij vroeg aan van Altena om de songs in te zingen. De platenmaatschappij was zo enthousiast dat besloten is om de songs op cd uit te brengen.
Met de prachtig gezongen en van een slepende pedalsteel voorziene Bobby Bare song 500 Miles opent het album. Release me was een grote hit van Engelbert Humperdinck en van Altena en Jansen
toveren deze tearjerker om in de pure countryversie. Mooi zijn de zang en de pedalsteel daarna in het van o.a. George Jones en Elvis Costello bekende Good year for the roses. One day at a time is een praise song van de Indonesische actrice en zangeres Meriam Bellina. In Neil Diamond’s Song song blue is de slepende pedalsteel weer prominent. De zang van van Altena komt in de Jim Reeves klassieker He’ll have to go verrassend dicht in de buurt van die van Reeves. Sober en ingetogen is Have you ever seen the rain, een van de vele grote hits van Creedence Clearwater Revival. Detroit city (Bobby Bare, Tom Jones), kabbel een beetje voort. Een verrassende cover is Words van The Bee Gees. Vooral door de heerlijke pedalsteel toveren de heren hier een fraaie countryversie tevoorschijn. Iets meer tempo is er in I recall a gypsy woman van Don Williams. De pedalsteel aan het slot is weer zeer fraai. Het van Ronnie Milsap en ook o.a. van Ray Price bekende Don’t you ever get tired of hur is weer een regelrechte tearjerker met een slepende pedalsteel en tinkelende pianoklanken. Het album wordt in stijl afgesloten met de countryballad Sing me back home, de grote hit van Merle Haggard.
Conclusie: Met het album Pure country and more bewijzen Dick van Altena en Johan Jansen dat ze terecht om hun grote kwaliteiten worden geprezen.
Tracks cd:
- 500 Miles
- Release me
- Good year for the roses
- One day at a time
- Song song blue
- He’ll have to go
- Have you ever seen the rain
- Detroit city
- Words
- I recall a gypsy woman
- Don’t you ever get tired of hur
- Sing me back home
Willie Nelson – Bluegrass
Singer-songwriter Willie Nelson weet echt niet van ophouden. De op 29 april 1933 in Abbott, Texas, geboren en in Forth Worth, Texas opgegroeide Red Headed Stranger vierde in april van dit jaar zijn 90e! verjaardag. Maar met grote regelmaat verschijnen er nieuwe albums. In april jl. verscheen I don’t know a thing about love, een album waarop hij een ode brengt aan de Amerikaanse singer-songwriter Harlan Howard. Medio september verscheen zijn 74e(!) studioalbum Bluegrass. De titel zegt het al, een album waarop Nelson zijn klassieke songs met een prachtige bluegrasssaus overgiet. Willie speelt op dit album geen gitaar, Trigger blijft in de koffer, en neemt alleen de leadzang voor zijn rekening. Het album is ook nu weer geproduceerd door Buddy Cannon.
Het album gaat met het uit 1998 stammende No love around vrolijk uptempo van start. De band mag zich nu al helemaal uitleven. In de countryballad Somebody pick up my pieces (album Theatro uit 1998) vraagt de melancholische viool van Aubrey Haynie alle aandacht, naast de dobro van Rob Ickes en de mooie harmonieen. In het door Nelson en Waylon Jennings geschreven A good hearted woman (1972) soleert de band er weer heerlijk op los. Dat Willie Nelson nog goed bij stem is bewijst hij o.a. in de tearjerker Sad songs and waltzes (album Shotgun Willie uit 1973). Mooi is zijn zang ook in de ballad Home motel (album Here’s Willie Nelson uit 1963). Heerlijk zijn de harmonieen in de melancholische ballad You left me a long, long time ago (1964). Na Yesterday’s wine, Nelson’s grote hit uit 1971, vestigt Barry Bales met zijn contrabas de aandacht op zich in de single Bloody mary morning (1974). In het uptempo Slow down old world (Shotgun Willie uit 1973) trilt de stem van Willie enigszins. Prachtig zijn de diverse solo’s daarna weer in Still is still moving to me (album Across the borderline uit 1993). Willie’s grote hit uit 1980 On the road again ontbreekt uiteraard niet. Man with the blues is het oudste liedje van Willie Nelson. Deze single uit 1959 wordt omgetoverd in een prachtige bluegrassversie.
Conclusie: Het album Bluegrass is een sprankelende kruisbestuiving tussen country en bluegrass. Willie Nelson heeft met zijn fantastische begeleiders een zeer prettig in het gehoor liggend album afgeleverd.
Tracks cd:
- No love around
- Somebody pick up my pieces
- A good hearted woman
- Sad songs and waltzes
- Home motel
- You left me a long, long time ago
- Yesterday’s wine
- Bloody Mary morning
- Slow down old world
- Still is still moving to me
- On the road again
- Man with the blues
Line-up:
- Willie Nelson – zang
- Barry Bales – contrabas
- Ron Block - banjo
- Aubrey Haynie – viool
- Rob Ickes – dobro
- Josh Martin – akoestische gitaar
- Mickey Raphael – mondharmonica
- Seth Taylor – mandoline
- Bobby Terry – akoestische gitaar, gut string gitaar
- Dan Tyminski - mandoline
- Wyatt Beard – backing vocals
- Buddy Cannon – backing vocals
- Melonie Cannon – backing vocals
Track Dogs – Blind summits & hidden dips
Track Dogs is een muziekkwartet bestaande uit twee Ieren (Garnett Wall en Dave Mooney), een Engelsman (Howard Brown) en een Amerikaan (Robbie K. Jones). De naam Track Dogs is afgeleid van de donkere ondergrondse wereld van het metrosysteem van New York.
Track Dogs is in 2006 opgericht in Madrid, waar ze ook gevestigd zijn. Het begon met akoestische gitaar, elektrische bas, trompet en Cajon (een soort handtrom), maar in de loop der jaren werden banjo, ukelele en mandoline aan het instrumentarium toegevoegd. De vierstemmige vocale harmonieen vormen een integraal onderdeel van hun sound.
Track Dogs voelt zich goed thuis op diverse festivals zoals Americana Music Madrid, Electric Picnic Ierland, Grand Northern Ukelele Festival, Shrewsbury Folk Festval, Folk Alliance International, SXSW en Cork Jazz Festival.
Track Dogs rust niet op hun lauweren want ze hebben het afgelopen 1½ jaar maar liefst drie albums uitgebracht. Het derde album in deze reeks, Blind summits & hidden dips verschijnt op 6 oktober.
Het openingsnummer The way of things brengt je met Spaanse gitaar, Cajon en trompet meteen in mediterrane sferen. Cover your tracks is een song waarin de prachtige samenzang een lust voor het oor is. De o.a. van The Blues Brothers bekende saxofonist Lou Marini blaast met zijn saxsolo ’s de funky blues Be your silver bullet naar grote hoogten. De banjo beheerst de snelle bluegrass Water the lawn. Bill Monroe zou dit nummer ongetwijfeld hebben kunnen waarderen. Fraai zijn de harmonieen weer in Peace inside, met gastrollen voor Adrianne Wininsky op cello en Chris Demetriou op viool. Na Play nice, met vibrafoon, ukelele en trompet is het met de banjo van Jones rockabilly en bluegrass wat de klok slaat in Sleep with one eye open, een cover van bluegrasspionier Lester Flatt (1914-1979). In het ‘huppelende’ ska-achtige Strange days zijn de trompetsolo’s van Howard Brown weer fantastisch.
In het door Stevie Nicks van Fleetwood Mac geschreven Rhiannon komen pop en americana samen. Gastzangeres is de jonge Spaanse zangeres Lu Garnet. In het slotnummer Disaster at sea, een gedicht uit 2005 van de op 14 januari 2023 overleden Engelse dichter Les Barker, wordt met prachtige harmonieen een ode gebracht aan deze dichter. Een gastrol is er voor de uit West Yorkshire afkomstige zangeres en multi-instrumentaliste Alice Jones op harmonium.
Conclusie: Blind summits & hidden dips is een heerlijk album met prachtige zonovergoten liedjes.
Tracks cd:
- The way of things
- Cover your tracks
- Be your silver bullet (feat. Lou Marini)
- Water the lawn
- Peace inside
- Play nice
- Sleep with one eye open
- Strange days
- Rhiannon (feat. Lu Garnet)
- Disaster at sea (with Alice Jones)
Line-up:
- Robbie K. Jones – Cajon (track 1,2,3,4,5,6,8), zang, vibrafoon (track 2,6,8,9), banjo (track 3,4,7,10)
- Garett Wall – gitaar, Spaanse gitaar (track 1,5,9), zang, ukelele (track 6,8,9)
- Howard Brown – trompet (track 1,2,3,4,5,6,8,9), zang, Cajon (track 7)
- Dave Mooney – bas, mandoline (track 1,3,10), zang
Guests:
- Lou Marini – saxofoon (track 3)
- Chris Demetriou – viool (track 5)
- Adrianne Wininsky – cello (track 5)
- Lu Garnett – zang (track 9)
- Alice Jones – harmonium (track 10)
Jason Ricci & the Bad Kind – Behind the veil
De Amerikaanse zanger – mondharmonicaspeler is geboren op 3 februari 1974 in Portland, Maine. Op 14-jarige leeftijd begint hij als zanger in punkbands, maar met name zijn moeder stimuleert hem om mondharmonica te gaan spelen. Ricci ontwikkelt zijn techniek door te luisteren naar o.a. Paul Butterfield en Little Walter. In 1995 verhuist hij naar Memphis, Tennessee, en speelt o.a. met David Kimbrough en R.L. Burnside. In dat jaar verschijnt ook zijn debuutalbum Jason Ricci. Ricci speelt ook op albums van o.a. Johnny Winter, Ana Popovic, Walter Trout, Cedric Burnside, Joe Louis Walker en Nick Moss, Met zijn band New Blood’ toert hij vanaf 2002 zo’n tien jaar door Noord Amerika en Europa. Tijdens de Blues Music Awards 2010 wordt Ricci uitgeroepen tot ‘Best Harmonica Player’.
In 2013 formeert Ricci zijn nieuwe band Jason Ricci and The Bad Kind. In 2017 komt hun debuutalbum Approved by snakes uit. Eind september verschijnt het nieuwe album van Jason Ricci & the Bad Kind, Behind the veil.
Het openingsnummer Casco Bay begint met een indrukwekkende mondharmonicasolo. Fraai zijn de baslijnen van Jack Joshua en mooi de gitaarsolo van Brent Johnson. Ricci’s echtgenote Kaitin Dibble neemt de vocalen voor haar rekening in 5-10-15 , de New Orleans R&B cover van songwriter Rudy Tooms (1914-1962). Naast de gruizige gitaar valt het strakke drumwerk van John Perkins op. In de instrumental Baked potato tovert Ricci weer een vlammende solo uit zijn mondharp en teistert Johnson zijn gitaar met vlijmscherpe solo’s. Cirque du Soleil is een blues in New Orleans stijl. Wrong kind of easy/Nobody but you, met de jazzy leadvocals van Dibble, begint met een fraai basintro. Het nummer wordt met volle borst ‘uitgeluid’ door de backing vocals. Ain’t she fine, een song van R&B zanger Bobby Rush, krijgt een stevige uitvoering met felle gitaar- en mondharpsolo’s. De bekende bluesstandard St. James infirmary duurt hier maar liefst ruim 8 minuten. Het nummer begint ingetogen, maar halverwege neemt de heftigheid toe om te eindigen met een scheurende mondharpsolo. Why don’t we sleep on it is heerlijke New Orleans R&B met een gastrol van Joe Krown op Hammond B-3. Terrors of nightlife, is een compositie van Dax Riggs, voorman van de jaren ’90 metal band Acid Bath. Uitbundig is de zang in deze bluesballad met duozang in het refrein en na de verpletterende gitaarsolo is er een ingetogen uitloop. Componist Dibble zingt in No way, een gruizige bluesrocker waarbij flarden me sterk doen denken aan de bluesklassieker Spoonful. Ricci trekt zijn mondharp als het ware weer aan flarden. Een gastrol is er voor gitariste Joanna Connor. Na de bluesballad Shipwreck sluit het album geweldig af met de bijna acht minuten lange stevige instrumental Hip-hug-her van Booker T & The MG’s. Naast de indrukwekkende lange Hammondsolo is er ook weer een kippenvelmoment als Ricci zijn mondharp pakt.
Conclusie: Liefhebbers van een scheurende mondharp komen op Behind the veil volledig aan hun trekken. Het is volkomen terecht dat alom de loftrompet wordt gestoken over de virtuoze mondharmonicaspeler Jason Ricci.
Tracks cd:
- Casco Bay
- 5–10–15
- Baked potato
- Cirque du Soleil
- Wrong kind of easy/Nobody but you
- Ain’t she fine
- St. James Infirmary
- Why don’t we sleep on it
- Terrors of nightlife
- No way
- Shipwreck
- Hip hug-her
Line-up:
- Jason Ricci – zang, mondharmonica
- Kaitlin Dibble – zang
- Brent Johnson – gitaar, backing vocals
- Jack Joshua – bas, zang
- John Perkins – drums, backing vocals
Special guests:
- Joe Krown – piano, Hammond B-3 (track 2,8,12)
- Joanna Connor – gitaar (track 10)
- Lauren Mitchell – backing vocals
Tom Hambridge – Blu ja vu
De gerenommeerde en viervoudig met een Grammy Award onderscheiden Amerikaanse songwriter, zanger, drummer en producer Tom Hambridge (20 december 1960 Buffalo, New York) begint op zijn 5e jaar met drummen en na zijn afstuderen in 1983 werkt hij een aantal jaren samen met Roy Buchanan. De lijst van artiesten waar hij in de loop van de jaren daarna mee heeft samengewerkt en platen heeft opgenomen is bijna onuitputtelijk. Gary Clark jr. Eric Clapton, Van Morrison, B.B. King, Greg Allman, Keith Richards, Jeff Beck, Kid Rock, Johnny Winter, George Thorogood, Susan Tedeschi, Chuck Berry, Boston, Keb’ Mo, Bo Diddley. Te veel om op te noemen. Musici als Buddy Guy, Lynyrd Skynyrd, ZZ Top, Eric Burdon, James Cotton, Delbert McClinton en Joe Bonamassa hebben composities van Hambridge opgenomen. Daarnaast brengt hij ook eigen albums uit. Zijn solodebuut Still running stamt uit 1996.
Deze maand verscheen, vijf jaar na The NOLA Sessions, Blu ja vu, het nieuwe album van Tom Hambridge. Dit nieuwe album is een terugblik op enkele nummers die Hambridge, of samen met Richard Flemming, heeft geschreven en geproduceerd voor zijn muzikale vrienden.
Het album opent explosief met de doordenderende rauwe blues Ain’t just like love. De daverende honky tonk piano van Kevin McKendree en het scheurende gitaarwerk van Buddy Guy zorgen voor een opwindend gevoel. Joe Bonamassa is daarna vocaal en vooral met zijn felle gitaarwerk te horen in de met beukend drumwerk opgesierde dampende bluesrocker That’s my home. Wear you out is een gruizige vette uptempo gitaarrocker. Vlijmscherp is het gitaarwerk van Christone ‘Kingfish’ Ingram in Blues don’t care. De schrikdraad gitaarsolo’s van Rob McNelley in Sick with love gaan door merg en been. In Automatic wordt de liefde aan de T-Bird Ford verklaard. Na de rudimentaire blues met felle gitaarlicks Symptoms of love is de in 2017 overleden mondharmonicavirtuoos James Cotton te horen in de opzwepende boogie woogie Brother John Boogie. Fraai zijn de bastonen van Glenn Worff en de keyboards van Chuck Leavell. Formidabel is het pianospel van McKendree daarna in de bluesstamper Get out of town. Gitarist Josh Smith trakteert in Smarter than I was op fraaie gitaarlicks. Johnny Winter is een echte blues protestsong waarin schande wordt gesproken dat Johnny Winter nooit in de Hall of Fame is opgenomen. McNelley is in Meet me in Chicago weer aanwezig met zijn felle gitaarwerk. Het album wordt in stijl afgesloten met End of the line, een mooie midtempo blues met prachtige gitaarlicks.
Conclusie: Tom Hambridge heeft met Blue ja vu weer een uitstekend bluesalbum afgeleverd.
Tracks cd:
- Ain’t just like love (feat. Buddy Guy)
- That’s my home (feat. Joe Bonamassa)
- Wear you out
- Blues don’t care (feat. Christone ‘Kingfish’ Ingram
- Sick with love (feat. Rob McNelley)
- Automatic
- Symptoms of love
- Brother John Boogie (feat. James Cotton)
- Get out of town
- Smarter than I was (feat. Josh Smith)
- Johnny Winter
- Meet me in Chicago (feat. Rob McNelley)
- End of the line
Line-up:
- Tom Hambridge – drums, percussie, zang
- Kevin McKendree – keyboards
- Chuck Leavell – keyboards (track 8)
- Tommy MacDonald – bas
- Jon Coleman – keyboards
- Buddy Guy – gitaar, zang (track 1)
- Joe Bonamassa – gitaar (track 2)
- Christone ‘Kingfish’ Ingram – gitaar, zang (track 4)
- Josh Smith – gitaar (track 10)
- Rob McNelley – gitaar (track 5,12)
- James Cotton – mondharmonica (track 8)
- Glenn Worff – bas (track 8)
- Bob Britt – gitaar
- Emil Justin – backing vocals
Beaux Gris Gris & The Apocalypse
De Amerikaans/Britse band Beaux Gris Gris & The Apocalypse is in 2017 opgericht door de Amerikaanse zangeres Greta Valenti en haar partner de Britse gitarist Robin Davey, o.a. bekend van de Britse bluesband The Hoax. Beaux Gris Gris & The Apocalypse maakt op New Orleans geïnspireerde muziek die zich niet in een apart hokje laat plaatsen. Hun debuutalbum Love & murder verschijnt in 2019.
In april en mei 2023 toerde Beaux Gris Gris & The Apocalypse door het Verenigd Koninkrijk. In juni verscheen Live in the United Kingdom 2023, een dubbelalbum met 28 nummers, opgenomen tijdens de drie weken durende Britse tournee. De nummers zijn grotendeels afkomstig van hun eerste twee studioalbums, maar we horen ook drie covers en een nieuw nog niet eerder uitgebracht nummer.
De 14 songs van cd 1 zijn opgenomen tijdens de theatershow in Arlington Arts in Newbury op 2 mei 2023. Heartbreaker is de stevige opener waarbij de ritmesectie een stevige basis legt. Naast het felle gitaarwerk maken we meteen kennis met de flamboyante zang van Greta Valenti. Na de uptempo doordenderende funky bluesrocker When my baby was rich, met een heerlijke lange pianosolo, neemt de band in Bungalow paradise wat gas terug en komen we in iets rustiger vaarwater. Alone is een mooi gezongen ballad met prachtig flonkerend pianospel, percussie en fraaie bastonen. De ballad Baby baby begint rustig met zang en piano, maar halverwege kan de band zich ‘niet inhouden’ en gaat er vol tegenaan. Louisiana good ride is een dampende southern bluesrocker met vlammend gitaarwerk, gitaarwerk dat daarna in Thrill me afwisselend fel en lyrisch is. Fraai zijn de basloopjes en het tinkelende pianospel in het qua tempo afwisselende Is this the blues. De ballad Penny paid rockstar is een nieuw nummer dat nooit eerder is uitgebracht. Emotioneel is de zang in de ballad Don’t let the bastards drag you down waarin ook een lange gitaarsolo de aandacht opeist. In het funky Juggernaut is een gastrol voor Jon Amor, jarenlang gitarist bij The Hoax. Na de stampende bluesrocker Gris gris, met opnieuw een opwindende pianosolo van Emma Jonson, draaft Jon Amor nog twee keer op in de uptempo rocker met vet gitaarwerk Fill me up en in het funky uitbundig rockende What is my name.
Op cd 2 staan opnamen van de clubshows. Elf opnamen van het concert op 7 mei 2023 in The Muse in het historische marktstadje Brecon in Wales, twee songs van hun concert op 29 april 2023 in Bluefunk Rhythm & Blues Club in Poynton, en een song die de band op 30 april 2023 speelde in Bannerman’s Bar in het Schotse Edinburgh.
De songs Gris gris, When my baby was rich, Heartbreaker, Baby baby, Louisiana good ride, Is the the blues, Don’t let the bastards drag you down en Fill me up werden ook gespeeld in Arlington Arts en wijken nauwelijks af van de versies die hier gespeeld worden in The Muse. In The Muse werden verder nog gespeeld Trouble is coming, een stevige funky bluesrocker met droog drumwerk, gruizige en felle gitaarpartijen en heerlijk pianospel, het strakke Have mercy en Fistfull of dirt, een cover van The Hoax, een dampende bluesrocker met vlammende gitaarsolo’s en uitbundige zang. De twee songs die in Bluefunk in Poyton werden gespeeld en die op deze 2e cd staan zijn I’m on fire, een korte en mooi gezongen cover van Bruce Springsteen en What’s my name, waarin Valenti contact zoekt en krijgt met het publiek. Van het concert in Bannermans, Edinburgh, is Make it wit chu, een cover van Queens of the Stone Age, te horen. Een prachtige en flamboyant gezongen versie met een lange door merg en been gaande lyrische gitaarsolo.
Conclusie: Het dubbelalbum Live in the United Kingdom 2023 is een boeiend album. Het spelplezier van deze bevlogen musici spat er van af. Een feest om naar te luisteren. En ze zijn in oktober in Nederland te zien en vooral te horen.
Tracks cd 1:
- Heartbreaker
- When my baby was rich
- Bungalow paradise
- Alone
- Baby baby
- Louisiana good ride
- Thrill me
- Is this the blues
- Penny paid rockstar
- Don’t let the bastards drag you down
- Juggernaut (feat. Jon Amor)
- Gris gris
- Fill me up (feat. Jon Amor)
- What is my name (feat. Jon Amor)
Tracks cd 2:
- Trouble is coming
- Gris gris
- Have mercy
- When my baby was rich
- Heartbreaker
- Baby baby
- Louisiana good ride
- I’m on fire
- Is this the blues
- Fistful of dirt
- Make it wit chu
- Don’t let the bastards drag you down
- Fill me up
- What’s my name
Line-up:
- Greta Valenti – zang, percussie
- Robin Davey – gitaar, backing vocals
- Stephen Mildwater – bas, percussie, backing vocals
- Emma Jonson – piano, keytar, backing vocals
- Tom Rasulo – drums, percussie, backing vocals
Misty blues – Tell me who you are – a live tribute to Odetta
Misty Blues is een Amerikaanse band, gevestigd in Berkshire County, Massachusetts. De band, geleid door zangeres Gina Coleman, die de band in 1999 oprichtte, speelt originele en traditionele blues met vleugjes jazz, soul, funk en gospel. Misty Blues stond in het voorprogramma van o.a. Roomful of Blues, Tab Benoit, James Montgomery en John Primer.
In augustus verscheen het 13e album van Misty Blues, Tell me who you are – a tribute to Odetta, Dit is hun eerste (akoestische) live album. Het album is opgenomen in Studio 9 Porches in North Adams, Massachusetts. Op Tell me who you are brengt Misty Blues een ode aan de Afro-Amerikaanse zangeres, actrice, gitariste, componiste en activiste voor de burgerrechten Odetta (31 december 1930 – 2 december 2008).Het repertoire van Odetta bestaat grotendeels uit Amerikaanse folkmuziek, blues, jazz en negrospirituals. Artiesten als Bob Dylan, Joan Baez en Janis Joplin zijn door Odetta beïnvloed.
Op Tell me who you are vertolkt Misty Blues 11 songs die geassocieerd worden met de legendarische zangeres Odetta. Met de traditional Glory glory opent het album indrukwekkend. Een prachtige emotioneel acapella gezongen gospel. Het pianospel van Joel Nicolas is heerlijk in de rockende bluesshuffle Go down sunshine. Opwindend is het o.a. van Ledbelly bekende Take this hammer, met een spetterende saxofoon van Aaron Dean. Bijna acht minuten duurt daarna het energieke groovy funky Hit or mis, met solerende drums, bas, piano en een indringende saxsolo. Hoe intens de zang van Gina Coleman is bewijst ze weer in de midtempo blues Blues everywhere van Shirley Scott. In de gedreven versie How long blues, de bluesstandard van Leroy Carr & Scrapper Blackwell, zijn naast de zang trombone, saxofoon en een wervelende pianosolo de aandachtstrekkers. De absolute hoofdrol is daarna weer, na een mooi saxofoonintro, weggelegd voor Coleman met haar emotionele zang in de traditional Sometimes I feel like a motherless child. Het vioolspel van Eileen Markland voegt iets aparts toe. Fraai is de dobro van Seth Fleischmann in Dink Johnson’s prachtige folkblues Dink’s blues. Viool, saxofoon en piano zijn weer prominent aanwezig in de traditional Easy rider. De ruim 100 jaar oude traditional Midnight special wordt opwindend gespeeld. In het slotakkoord, de bijna zeven minuten lange traditional This little light, is Coleman weer in absolute topvorm. De pianosolo en de spetterende vioolsolo mogen er ook wezen.
Conclusie: Met Tell me who you are brengt Misty Blues een schitterende ode aan Odetta. Een topalbum.
Tracks cd:
- Glory glory
- Go down sunshine
- Take this hammer
- Hit or miss
- Blues everywhere
- How long blues
- Sometimes I feel like a motherless child
- Dink’s blues
- Easy rider
- Midnight special
- This little light of mine
Line-up:
- Gina Coleman – zang
- Aaron Dean – saxofoon
- Seth Fleischmann – gitaar, dobro
- Diego Mongue – drums, bas, gitaar, zang
- Rob Tatten – drums, gitaar, trombone, zang
- Bill Patriquin – bas, trompet, zang
- Joel Nicolas – piano, zang
- Eileen Markland – viool