Gerritschinkel.nl Columns & meer

10jun/260

The Deslondes – Don’t let it die vol. 1

De Amerikaanse americanaband The Deslondes is opgericht in 2013 in New Orleans, Louisiana. Hun muziek heeft invloeden van folk, rock ‘n’ roll, bluegrass, R&B, blues, gospel, country en zydeco. De naam van de band is ontleend aan een straat (Deslonde Street) in de wijk Holy Cross in The Lower Ninth Ward in New Orleans. In 2015 is hun titelloze debuutalbum uitgebracht, in 2017 gevolgd door Hurry home, in 2022 door Ways & means en in 2024 door Roll it out.

Op 22 mei jl. verscheen er weer een nieuw album van The Deslondes, Don’t let it die vol. 1, een album met 12 covers van bekende en minder bekende muzikale helden van de band. 

Het openingsnummer The world beyond is geschreven door singer-songwriter Bobby Goldsboro. R&B zanger Swamp Dogg had er in 1971 een hit mee. The Deslondes met zanger-drummer Howe Pearson, bijgestaan door Sabine McCalla en de fraaie harmoniezang toveren dit nummer om in een countryfolk song. Gitarist Riley Downing neemt de leadvocals voor zijn rekening in het door Carl Perkins geschreven The ballad of Boot Hill, en een hit voor Johnny Cash in 1965. De blazers zijn te horen in de door Drunken Prayer geschreven ballad Cordelia. Dan Cutler is de leadzanger in het gospelachtige funky Try again van Joe Freeman Garner. Moving is een cover van de Britse zangeres Leonie Evans. Droog drumwerk van Howe Pearson, tevens de leadzanger hier. Kiki Cavavos schreef I’m gone. De zang van Riley Downing doet me opnieuw denken aan Lee Hazlewood. Apart is I’m coming home, bekend van The King of Zydeco Clifton Chenier. Michael Gay uit Minneapolis is de drummer in het door singer-songwriter Nick Woods uit Nashville geschreven Family. De traditional Lawdy mama krijgt met een tinkelende piano, een pompende bas en blazers een opwindende vertolking. Countryzanger Patrick Reedy schreef Long drives and lonesome mornings. Viool en piano liggen lekker in het gehoor. Een van de hoogtepunten is de meanderende versie van Shelby Lynn’s Where I’m from. Zang en contrabas van Dan Cutler, blazers en fraaie harmonieen. Het slotnummer is het titelnummer Don’t let it die, een hit uit 1971 van de Britse zanger-producer Norman ‘Hurricane’ Smith. Ingetogen zang van Sam Doores en opnieuw fraaie harmonieen.

Conclusie: Don’t let it die vol. 1 is een lekker in het gehoor liggend album met soms verrassende covers. Wat mij betreft mag vol. 2 snel komen.

Tracks:

  1. The world beyond
  2. The ballad of Boot Hill
  3. Cordelia
  4. Try again
  5. Moving
  6. I’m gone
  7. I’m coming home
  8. Family
  9. Lawdy mama
  10. Long drives and lonesome mornings
  11. Where I’m from
  12. Dont’ let it die

Line-up:

  • Dan Cutler – zang (track 4,8,11), contrabas
  • Sam Doores – zang (track 3,9,12), gitaar
  • Riley Downing – zang (track 2,6,10), gitaar                                                          
  • Howe Pearson – zang (track 1,5,7), drums, percussie
  • John  James Tourville – toetsen, fiddle, pedal steel

Guest musicians:

  • Sabine McCalla – zang (track 1)
  • Michael Gay – drums (track 8)
  • James Beaumont, Olivier Tuttle, Nathan Wolman – horns (track 3,9,11)
8jun/260

Ad Vanderveen – Disappearing act

De muziek van singer-songwriter Ad Vanderveen (21 september 1956, Hilversum) is stevig geworteld in de americana. Dit heeft wellicht te maken met zijn Canadese roots omdat zijn halve familie de Canadese nationaliteit heeft. Vanaf zijn 14e speelt hij al in R&R bandjes. Muzikaal is Vanderveen beïnvloed door o.a. Bob Dylan, Neil Young, John Lennon en Townes van Zandt. 

In 1980 formeerde Vanderveen zijn eigen band, The Cotton Brothers, die countryrock speelde met hem op bas en zang. In deze tijd begon hij ook zijn liedjes in het openbaar uit te voeren. De band toerde ongeveer drie jaar door Nederland en Duitsland voordat ze in 1983 hun debuutalbum On Strike uitbrachten met een andere bezetting onder de naam Personnel.

Op hun in 1992 in Nashville, Tennessee, opgenomen album Continuing stories spelen o.a. Al Kooper, Flaco Jimenez en Al Perkins mee. In 1992 ging de band uit elkaar en start Vanderveen  een succesvolle solocarrière. Sindsdien verschijnen er met grote regelmatig vrijwel jaarlijks nieuwe albums van hem.

Medio april verscheen Disappearing act, de opvolger van zijn in 2025 uitgebrachte album Greetings from Grollo. Op dit nieuwe album zijn ook leden van zijn oude band The Cotton Brothers te horen.

Het album opent heel rustig met akoestische gitaar en mondharp met If words were notes (intro). Spots of time is lekker meanderende americana. De zang in de prachtige ballad Mistery mountain roept bij mij soms herinneringen op aan de stem van singer-songwriter Steve Forbert. Fraai zijn hier ook de harmoniezang en de accordeon. Het refrein in de titelsong Disappearing act luidt dat de verdwijntruc glorieus mislukt en dat Ad Vanderveen er ook dit jaar niet in slaagt om spoorloos te verdwijnen. Het prachtige mooi verstilde Particle and wave (Goodness in the world) is een song van de Amerikaanse singer-songwriter John Gorka. In het mooi gezongen Soliloquy wordt fraai gemusiceerd met o.a. de pedal steel. Genieten is het in het rustige akoestische Will and testament met piano, viool en harmoniezang. In Hunger moet ik weer aan de enigszins hese stem van Steve Forbert denken. Americana van de bovenste plank is Holding on to you, met mondharp, orgel en de harmoniezang. Fun funerals and sad saturday nights, aparte titel, leuke begrafenissen en droevige zaterdagavonden. De uitstekende begeleiding is hier iets steviger. In het 8½ minuut lange slotnummer If words were notes wordt alles nog een keer uit de muzikale kast gehaald. Prachtig eindschot!  

Conclusie: Disappearing act is een meeslepend, (h)eerlijk album; een lust voor het oor. Mooi nieuws dat Ad Vanderveen er ook in 2026 niet in is geslaagd om te verdwijnen, want we willen hem nog niet missen.

Tracks:

  1. If words were notes (intro)
  2. Spots of time
  3. Mystery mountain
  4. Disappearing act
  5. Particle and wave (Goodness in the world)
  6. Soliloquy
  7. Will and testament
  8. Hunger
  9. Holding on to you
  10. Fun funerals and sad saterday nights
  11. If words were notes

Line-up:

  • Ad Vanderveen – zang, gitaren, harmonica, mandola
  • Kersten de Ligny – harmoniezang, percussie
  • Moniek de Leeuw – viool
  • Jan Erik Hoeve – pedal steel
  • Rene Kaay – piano, accordeon, orgel
  • Dan Shergold – bas
  • Michael Kay – drums, percussie
  • The Cotton Brothers:
  • Huib Elenbaas – zang, gitaar
  • Theo Houtkoop – gitaar, zang
  • Peter Paul IJkelenstam – drums, percussie
  • Jan Erik Hoeve – pedal steel, zang
4jun/260

Robert Jon & The Wreck – Wreckage vol. 3

De Amerikaanse southern rockband Robert Jon & The Wreck (RJTW) uit Orange County, California, is in 2011 opgericht door zanger-gitarist Robert Jon Burrison. In 2013 verschijnt hun goed onthaalde debuut EP Rhythm of the road. Op de OC Music Awards 2013 in Orange County wordt de band verkozen tot beste liveband van dat jaar. In 2015 verschijnt hun debuutalbum Glory bound. De band krijgt daarna een steeds grotere schare fans, niet alleen in de VS maar ook in Europa.

Na Wreckage vol. 1 (B-sides) in 2017 en Wreckage vol. 2 (live) in 2022 verscheen begin mei Wreckage vol. 3, een verzameling favorieten van fans en opvallende nummers die tijdens hun tournee zijn opgenomen.

Run back to me is de fantastische groovy opener met een snijdende gitaarsolo en melodieuze meerstemmige zang in het refrein. De gashendel wordt daarna verder open getrokken in de dampende gitaarrocker Put your mony where your mouth is, die meerdere keren dreigt de exploderen. In het felle door jagende drums gedreven Arroyo hangt de sfeer van oude spaghettiwesterns van het Wilde Westen. Intens gitaarwerk en een flitsende Hammondsolo. Een harde drumklap opent de felle gruizige midtempo rocker Back to the beginning again. Fel is het gitaarwerk in het melodieuze Boss man. Onder aanvoering van de drums wordt het tempo weer flink opgevoerd in Point of view, met een spetterende gitaarsolo, flonkerende keyboardflarden en uitbundige zang. De band gaat daarna weer helemaal los in Life between the line. In Rager is het tempo hoog, met verschroeiende gitaarsolo’s en waarbij de Hammond zich ook niet onbetuigd laat. Hate to see you go is de schitterende uitsmijter. Een fraaie ballad in de geest van The Allman Brothers.

Conclusie: Robert Jon & The Wreck geven met Wreckage vol. 3 weer hun visitekaartje af. Rauwe southern rock van grote klasse.

Tracks:

  1. Run back to me
  2. Put your money where your mouth is
  3. Arroyo
  4. Back to the beginning again
  5. Boss man
  6. Point of view
  7. Life between the line
  8. Rager
  9. Hate to see you go

Line-up:

  • Robert Jon Burrison – zang, gitaar
  • Andrew Espantman – drums, backing vocals
  • Henry James Schneekluth – gitaar, backing vocals
  • Warren Murrel – bas
  • Jake Abernathie – keyboards
28mei/260

Mike Zito – Outside or the eastside

Mike Zito (19 november 1970) is een Amerikaanse zanger, gitarist, songwriter en producer uit St. Louis, Missouri. Zito begint op 5-jarige leeftijd met zingen en tegen het einde van zijn tienerjaren begint hij aan zijn carrière in de muziekscene van St. Louis. Zijn internationale debuut maakt Zito in 2008 met zijn debuutalbum Today. In 2011 is hij medeoprichter, en tot 2014 lid van de supergroep Royal Southern Brotherhood, met leden Cyril Neville, Damon Allman, Charlie Wooton en Yonrico Scott. Mike Zito is een van de meest geprezen artiesten in de hedendaagse bluesscene. Het behouden van eerlijkheid, authenticiteit en integriteit is voor hem het belangrijkste.

Vorige maand verscheen het nieuwe album van Mike Zito. Outside or the eastside is een persoonlijk album waarmee hij een ode brengt aan zijn geboortestad St. Louis.

Het openings- en titelnummer Outside or the eastside is een zeer energieke uptempo bluesrocker met vlammend gitaarwerk, een swingende piano en een dampende ritmesectie. De Lonnie Brooks cover Don’t take advantage of me drijft naast de vette gitaarsolo’s op de onverstoorbare drums van Matthew Johnson. Het drumwerk blijft strak prominent in het funky Kiss you all over. Downtown at midnight is een fantastische ballad met lyrische gitaarsolo’s en orgel. De bastonen van Scot Sutherland zijn heerlijk in de funky midtempo bluesrocker Grand Avenue. Buddy Guy schreef Too broke to spend the night, waarvan we hier een spetterende versie horen. De piano van Lewis Stephens swingt weer in de energieke uptempo bluesrocker Just like I treat you, een compositie van Willie Dixon. De pompende bas en het vlijmscherpe gitaarwerk bepalen grotendeels de funky Albert King cover Don’t bother me. Indrukwekkend is Do I move you, een song van Nina Simone. Zito en de zijnen gooien in de doordenderende bluesrocker Close to you, opnieuw een compositie van Willie Dixon, alle remmen los. 

The blues lover is de ultieme uitsmijter. Ruim acht minuten lang zweeft de geest van Roy Buchanan boven dit nummer. Componist Roy Buchanan zou volgens mij ongetwijfeld zijn goedkeuring aan deze geweldige versie hebben gegeven.

Conclusie: Outside or the eastside is een authentiek en integer album waar de liefde voor de blues van afdruipt. Een topalbum. Lekker hard draaien.

Tracks:

  1. Outside or the eastside
  2. Don’t take advantage of me
  3. Kiss you all over
  4. Downtown at midnight
  5. Grand Avenue
  6. Too broke to spend the night
  7. Just like I treat you
  8. Don’t bother me
  9. Do I move you
  10. Close to you
  11. The blues lover

Line-up:

  • Mike Zito – zang, gitaar
  • Scot Sutherland – bas
  • Lewis Stephens – keyboards
  • Matthew R. Johnson – drums
20mei/260

Alice Armstrong – Blood in the water

Alice Armstrong is een R&B zangeres uit het Verenigd Koninkrijk. Zij brengt hartverscheurende ballads en aanstekelijke nummers ten gehore. Haar debuut ep Love, Sex & Death verscheen in 2023 en werd door de critici lovend ontvangen. In 2024 kwam het album Live at Area 88 uit en vorig jaar verscheen haar 2e ep Fury and Euphoria. Alice Armstrong ontving meerdere prestigieuze prijzen.

Op 1 mei jl. verscheen Blood in the water, een live ep met opnamen van het Europese tournee eind vorig jaar in België en Duitsland. Op deze live ep staan zes eigen nummers en een cover van Willie Dixon.

Het album opent met Scratchin walls, een soulballad met soepele en krachtige zang van Armstrong en zeer fraaie gitaarpartijen van Olly Knight. Mooi zijn de basloopjes van Josh Rigal, de fijne bluesy gitaarsolo en de uitbundige zang in het door Willie Dixon geschreven Built for comfort. Het titelnummer Blood in the water is een prachtige gospelachtige ballad. De begeleidingsband, en zeker Olly Knight met zijn spetterende gitaarsolo, geeft een staaltje van hun kunnen weg in het zeven minuten lange AUTOCASSIN, een explosieve ballad afgewisseld met ingetogener fases. Glansrollen zijn er, uiteraard naast de zang en de gitaarsolo, in het funky in soul gedrenkte Good love, voor de geweldige ritmesectie. Punchline begint met een prachtig lang lyrisch gitaarintro, waarna Armstrong het vocale heft weer stevig in handen neemt. Het slotnummer, de slowblues B-Side, is een uitmuntende afsluiter. Een geweldige zangeres met een stem die alles aan kan en een begeleidingsband die opnieuw hun grote klasse toont.

Conclusie: Blood in the water is een album om te koesteren. De optredens van Alice Armstrong en haar band moeten één groot feest zijn.

Tracks:

  1. Scratchin walls (live)
  2. Built for comfort (live)
  3. Blood in the water (live)
  4. AUTOASSASSIN (live)
  5. Good love (live)
  6. Punchline (live)
  7. B-Side (live)

Line-up

  • Alice Armstrong – zang
  • Kev Hickman – drums
  • Josh Rigal – bas
  • Olly Knight – gitaar

18mei/260

The Damned and Dirty – Fading sun

The Damned and Dirty werd in 2012 in Zaandam opgericht door zanger-mondharmonicaspeler Kevin de Harde en gitarist Micha Sprenger. Het begon als een lo-fi delta bluesexperiment, opgenomen in twee dagen en gratis online uitgebracht. Dat titelloze album won in datzelfde jaar de prijs voor het Beste Nederlandse Bluesalbum. Ook in 2013 en 2014 werd The Damned and Dirty winnaar van een Dutch Blues Award in de categorie ‘Best Album’. In 2024 was het weer raak bij The Dutch Blues Awards en werden ze uitgeroepen tot Best Blues Act. Met de komst van drummer Alexander van Meerten, bassist Dirk van Hoven en achtergrondzangeres Tarah Ouwerkerk is de band inmiddels een vijfkoppige formatie.

Op 8 mei jl. werd hun nieuwe (6e) studioalbum Fading sun uitgebracht, een album met tien nieuwe eigen nummers, opgenomen in hun eigen studio.

Met het openings- en titelnummer Fading sun is de toon meteen gezet. Stevige bluesrock, een strakke ritmesectie, vette gitaarlicks en een ‘waaierende’ mondharp. A million stars opent met handclapping en een Stones achtig intro. De invloeden van The Rolling Stones zijn verder in dit nummer verder nog meer aanwezig. Things they left behind is een stomende boogie met jagende drums en een loeiende mondharp. Muzikanten die op weg zijn naar hun optredens krijgen een ode in Kickin’ down the doors. In Last night (lost my mind) zakt het tempo, maar het blijft een vurig rockend nummer. Gedragen door de drums en een pompende bas wordt de gashendel in de snelle rocker Evil eye weer helemaal opengedraaid. De melodieuze gevarieerde rocker Forget about the future, met mooie backing vocals, heeft relatief rustige momenten. Drums en mondharp openen het aanstekelijke uitbundig gezongen Queen of the board. De mondharp is weer  een lust voor het oor in het enigszins ‘donkere’ Those were the days. Het slotnummer Lullaby admidst the storm, met een prominente bas, is een stevig wiegelied, eindigend in een storm met regen donder en bliksem.

Conclusie: Fading sun is een album waar de energie van afspat.

Tracks:

  1. Fading sun
  2. A million stars
  3. Things they left behind
  4. Kickin’ down the doors
  5. Last night (lost my mind)
  6. Evil eye
  7. Forget about the future
  8. Queen of the board
  9. Those were the days
  10. Lullaby admidst the storm

Line-up

  • Kevin de Harde – zang, mondharmonica
  • Micha Sprenger – gitaar, bas, backing vocals
  • Alexander van Meerten – drums
  • Dirk van Hoven – bas
  • Tarah Ouwerkerk – backing vocals
13mei/260

Various artists – Rock and roll doctor Lowell George Tribute Album

Lowell George (Los Angeles, 13 april 1945 – 29 juni 1979) was een Amerikaanse singer-songwriter en multi-instrumentalist. Hij speelde in de tweede helft van de jaren ’60 in de folkrockband The Factory en bij Frank Zappa in The Mothers of Invention. In 1969 richtte hij met bassist Roy Estrada in Los Angeles Little Feat op, de band die vooral in de jaren ’70 populair was. George werkte in die tijd ook als sessiemuzikant voor o.a. Maria Muldaur, Robert Palmer, Van Dyke Parks, Linda Ronstadt, John Sebastian, Bonnie Raitt, Jackson Browne en James Taylor.

In 1979 verliet Lowell George Little Feat om zich aan een solocarrière te wijden. In dat jaar verscheen zijn debuutsoloalbum Thanks I’ll eat it here. Om dit album te promoten ging hij op tournee. Tijdens deze tournee overleed hij in een hotelkamer in Arlington aan een hartaanval als gevolg van een overdosis cocaïne. Lowell George werd slechts 34 jaar.

Vorige maand verscheen het album Rock and roll doctor Lowell George Tribute Album. Op dit tributealbum brengt een groot aantal bekende artiesten een ode aan een muzikant die vooral ook door collega muzikanten werd gerespecteerd. Deze hommage werd al eerder in 1997 uitgebracht. Deze heruitgave bevat ook een opname die niet eerder werd uitgebracht.

Cold, cold, cold, met Little Feat en Bonnie Raitt zang en slide, is de opwindende broeierige opener, gevolgd door Feets don’t fail me now met Taj Mahal zang en gitaar. De blazers strooien er nog een gospelachtig sausje overheen. Ingetogen is Roll um easy met J.D. Souther en Karla Bonoff. De countryrockband The Bottle Rockets spelen een strakke soulvolle funky versie van Rocket in my pocket. De vette slide van David Lindley mag er ook zijn. Randy Newman, vocaal bijgestaan door Valerie Carter, overgiet Sailin’ shoes met een typisch Randy Newman sausje. I’ve been the oneis een mooi door Jackson Browne gezongen ballad. David Lindley is weer present met een lyrische slide. De funky souluitvoering, met blazers, vanTwo trains wordt gedragen door zanger-pianist Allen Toussaint en de funky gitaar van Leo Nocentelli van The Meters. Long distance love is weer een ballad, gezongen door de Japanse singer-songwriter Keisuke Kawata, vocaal geassisteerd door Merry Clayton, Maxine Waters en Julia Waters. Het tempo wordt daarna flink opgevoerd door de indierockband Buddaheads in het fel rockende Rock and roll doctor, met zanger Eddie Money, wiens zang me hier zeker doet denken aan die van Lowell George. Bijna pure country is Straight from the heart met Chris Hillman zang en akoestische gitaar,  de backing vocals van Jennifer Warnes en een fraaie steelgitaar Jay Dee Maness. Honest man verscheen voor het eerst in 1979 op het soloalbum Thanks I’ll eat it here van Lowell George. We horen hier Little Feat en de krachtige zang van R&B en soulzangeres Shaun Murphy. Spanish moon is weer funky soul met blazers en zang van Phil Perry en Mary Clayton en de zoemende bas van Jimmy Haslip van The Yellowjackets. Willin’ is de extra track die niet op de editie van 1997 stond. Een schitterende versie met zang van Willie Nelson, Emmylou Harris en Inara George, de dochter van Lowell George. Inara George steelt samen met pianist en accordeonist Van Dyke Parks de show in het gevoelige en mooi georkestreerde Trouble, waarin ook Ry Cooder nog is te horen op gitaar. Het album wordt in vier seconden afgesloten met de master himself: “And that’s it, that’s rock and roll heaven”.  

Conclusie: Rock and roll doctor is een indrukwekkend eerbetoon aan een absolute grootheid

Tracks:

  1. Cold, cold, cold – Bonnie Raitt en Little Feat
  2. Feets don’t fail me now – Taj Mahal
  3. Roll um easy – JD Souther
  4. Rocket in my pocket – The Bottle Rockets en David Lindley
  5. Sailin’ shoes – Randy Newman en Valerie Carter
  6. I’ve been the one – Jackson Browne
  7. Two trains – Allen Toussaint en Leo Nocentelli
  8. Long distance love – Keisuke Kuwata
  9. Rock and roll doctor – Eddie Money en Buddaheads
  10. Straight from the heart – Chris Hillman en Jennifer Warnes
  11. Honest man – Little Feat
  12. Spanish moon – Phil Perry, Merry Clayton en Ricky Lawson
  13. Willin’ – Willie Nelson en Emmylou Harris (feat. Inara George)
  14. Trouble – Inara George
  15. Rock and roll heaven (spoken excerpt) – Lowell George
29apr/260

Billy Price – Random madness

William Pollak (10 november 1949, Fair Lawn, New Jersey), bekend onder zijn artiestennaam Billy Price, is een Amerikaanse soulzanger die sinds het midden van de jaren ’70 van de vorige eeuw woont in Pittsburgh, Pennsylvania. Price trok voor het eerst bredere aandacht door zijn driejarige samenwerking met gitarist Roy Buchanan. Hij is als zanger te horen op dienst albums That’s what I’m here for (1973) en op Live stock (1975). Sinds 1981 heeft Billy Price met de Keystone Rhythm Band, de Billy Price Band en als soloartiest in totaal 21 albums en dvd’s uitgebracht. In 2016 ontving hij voor het album This time for real, dat hij opnam met soulzanger Otis Clay, een Blues Music Award in de categorie beste soulbluesalbum. Tussen 2019 en 2025 werd Price elf keer genomineerd voor een BMA en won hij in 2024 in het Verenigd Koninkrijk de Bluebird Reviews Lifetime Career Award.

Op 1 mei verschijnt Random madness, het nieuwe album van Billy Price. Price wordt op dit album begeleid door de Billy Price Band en een aantal gastmusici. Het album is opgenomen in The Vault Recording Studio in Pittsburgh o.l.v. producer Tony Baunagel.

In de eerste twee nummers van het album wordt meteen duidelijk wat je als luisteraar kunt verwachten. Heerlijke funky, sterk gezongen soul met een fijne blazerssectie en gospelachtige backing vocals in I was a fool en I got that dog in me. Hungry ghost is een lekker loom latin achtig nummer waarbij de blazers me sterk doen denken aan de sound van de Afro rockband Osibisa. I said what I said is fraaie soulblues. De formidabele blazerssectie draagt daarna weer helemaal het prachtig gezongen jazzy Curiosity. Fraai is de trombonesolo van Reggie Watkins in de schitterende soulballad Rent free. Na het uptempo jazzy Creature of habit is er in Exit strategyweer een glansrol weggelegd voor de blazers. In de smekend en intens gezongen ballad Dirty knee revelation valt de strakke ritmesectie op en in het latin achtige Stickers on my suitcase trekken de blazers weer alle registers open. Price is in het sfeervolle slot- en titelnummer Random madness in vocale topvorm. De spetterende trombonesolo is van Sean Jones.

Conclusie: Random madness is een verpletterend mooi album. Volop genieten!

Tracks:

  1. I was a fool
  2. I got that dog in me
  3. Hungry ghost
  4. I said what I said
  5. Curiosity
  6. Rent free
  7. Creature of habit
  8. Exit strategy
  9. Dirty knee revelation
  10. Stickers on my suitcase
  11. Random madness

Line-up

  • Billy Price – zang
  • Tom Valentine – bas
  • Dave Dodd – drums
  • Jim Britton - keyboards
  • Ian Arthurs – gitaar
  • Eric Spaulding – saxofoon
  • Joe Herndon – trompet
  • Tony Braunagel – drums
  • Steve Delach – gitaar
  • Reggie Watkins – trombone
  • Sean Jones – trompet
  • BGV’s AKA background vocals
Gearchiveerd onder: Bluestownmusic Geen reacties
20apr/260

Guy Verlinde – Best of blues

De Belgische bluesmuzikant Guy Verlinde (22 maart 1976, Gent) loopt al weer heel wat jaartjes mee in de Belgische bluesscene. Behalve als soloartiest is Verlinde bekend van de Belgische bluesbands Lightnin’ Guy & The Mighty Gators en Guy Verlinde & The Houserockers.

Guy Verlinde viert dit jaar zijn 50e verjaardag met een ambitieuze 4-cd box met 50 hoogtepunten uit zijn carrière. Een box met blues, rock, akoestisch en songgericht werk, deels opnieuw opgenomen en volledig geremasterd. Dit jubileumjaar van Verlinde wordt ook gevierd met een uitgebreide Anniversary Tour. De tweevoudig Belgian Blues Award winnaar wordt tijdens deze tocht door zijn muzikale carrière bijgestaan door The Artisans of Solace, een groep muzikanten met wie Verlinde al jaren het podium deelt.    

Naast de uitgebreide 4-cd box is ook de losse lp Best of Blues verschenen, een plaat met 12 geremasterde songs uit het mooie oeuvre van Guy Verlinde.

Met het openingsnummer Let’s have a party is meteen de toon gezet. Stevig rockend met een hoofdrol voor Steven Troch die er een aantal lekkere mondharpsolo’s uitgooit. Me & my blues is een straffe slowblues met opnieuw Troch op mondharp, Tom Eylenbosch op piano en Stef Paglia op gitaar. “Nobody’s gonna take away my blues” aldus Verlinde aan het einde van deze song. Soul jivin’ is funky soul met strak drumwerk van Frederik Van Den Berghe, bas en felle gitaarlicks van Verlinde. Met trombone, trompet, klarinet en banjo belanden we met I’m your man in de jazzy sferen van New Orleans. Spetterend is de mondharp, naast de jazzy gitaarsolo van Toon Vlerick, in de snelle boogie Do that boogie. Junge fever is een ‘donker’ enigszins psychedelisch nummer. In de midtempo bluesrocker Goin’ down to Missy Sippy is het genieten van de tinkelende pianosolo van Patrick Cuyvers en de mondharpsolo. De gitaarlicks zijn van de helaas te vroeg overleden Tim De Graeve (Tiny Legs Tim). De rocker Gator bop wordt gedreven door keyboards en de mondharp van Olivier Vander Bauwede. A whole lot of lovin’ is een ballad met jazzy gitaarlicks en een ‘waaierende’ mondharp. Stef Paglia speelt weer gitaar in het met een feestelijke pianosolo van Eylenbosch versierde Heaven inside my head. Het tempo wordt daarna weer flink opgevoerd in de boogie I’ve got you, waarna het tempo in het slotnummer Treat me right weer zakt.

Conclusie: Guy Verlinde heeft zichzelf en zijn vele fans met deze lp en de 4-cd box getrakteerd op een fantastisch verjaardagscadeau.      

Tracks:

  1. let’s have a party
  2. Me & my blues
  3. Soul jivin’
  4. I’m your man
  5. Do that boogie
  6. Jungle fever
  7. Goin’ down to Missy Sippy
  8. Gator bop
  9. A whole lof of lovin’
  10. Heaven inside my head
  11. I’v got you
  12. Treat me right

Line-up

  • Guy Verlinde – zang (track 1,2,3,4,5,7,8,9,10,11,12), gitaar (track 1,3,6,7,9,10,11,12)
  • Rene Stock – bas (track 1,2,3,4,5,7,8,9,10,11,12)
  • Frederik Van Den Berghe – drums (track 1,2,3,4,5,7,8,9,10,11,12)
  • Erik Heirman – drums (track 6)
  • Richard Van Bergen – gitaar (track 1,3,6,7,8,9,11,12), backing vocals (track 3,7,8,11)
  • Stef Paglia – gitaar (track 2,10)
  • Toon Vlerick – gitaar (track 5)
  • Olivier Vander Bauwede – harmonica (track 8), backing vocals (track 4)
  • Steven Troch – harmonica (track 1,2,5,7,9,11)
  • Temy Tourpe – backing vocals (track 10)
  • Patrick Cuyvers – keyboards (track 3,7,8,11,12), backing vocals (track 3,5,7)
  • Tom Eylenbosch – keyboards (track 2,8,10), backing vocals (track 10)
  • Tom Beardslee – banjo (track 4)
  • Elias Storme – saxofoon (track 6)
  • Dominique Della Nave – trombone (track 4)
  • Cedric De Lat – trompet (track 4)
  • Thomas van Gelder – klarinet (track 4)
  • Tim De Graeve – zang, gitaar (track 7)
13apr/260

Wille & the Bandits – Salt roots

Wille & the Bandits is een Britse band uit Cornwall. De band, die beïnvloed is door Jimi Hendrix, Pearl Jam en Ben Harper, heeft een succesvolle livereputatie. Ze toerden o.a. met Deep Purple, Joe Bonamassa en Status Quo. De band speelde ook op het Isle of Wight Festival en Glastonbury. In 2012 leverden ze een bijdrage aan de openingsceremonie van de Olympische Spelen in Londen.

In 2018 ontving de band twee UK Blues Awards. Hun eerste album New breed verscheen in 2010.

Eind februari verscheen hun nieuwe album Salt roots, een album met tien door zanger-gitarist William Edwards en gitarist Josiah Manning geschreven nummers.  

Het openingsnummer Wheal Jane is een heavy bluesrocker. De titel verwijst naar een in onbruik geraakte tinmijn in West Cornwall. Trouble round the bend is de 1e single van het album. Een meeslepende rocker met een denderende ritmesectie, vette gitaarlicks en Hammond flarden. De zang van Edwards is explosief in de strakke met loeiende gitaarlicks gelardeerde rocker King Kong. Prominent is het drumwerk, naast de fraaie bas en de lekkere Hammond in het funky Style thing. Het tempo zakt daarna in de mooi gezongen ballad Take my shoulder. Onverstoorbaar is de ritmesectie weer in de fraaie blueschant Know my name. Het wordt weer rustiger met de ballad Sail away, het verhaal van het Engelse zeilschip The Mayflower dat in de 17e eeuw Engelse families naar de Nieuwe Wereld vervoerde. Stand up is weer een funky rocker, gevarieerd in tempo met halverwege een zeer fraai instrumentaal gedeelte. Met Reine Del Mar belanden we in de Latin sferen waar de geest van Santana duidelijk rondwaart. Het slotnummer Homeward bound blijft nog een beetje in de Latin sferen. Een heerlijke door Hammond gedragen ontspannen song waarin de backing vocals niet ontbreken.  

Conclusie: Salt roots is een uitstekend album van een zeer geïnspireerd klinkende band.    

Tracks:

  1. Wheal Jane
  2. Trouble round the bend
  3. King Kong
  4. Style thing
  5. Take my shoulder
  6. Know my name
  7. Sail away (the Mayflower)
  8. Stand up
  9. Reina Del Mar
  10. Homeward bound

Line up:

  • William Edwards – leadzang, dobro, lap steel, elektrische en akoestische gitaren
  • Harry Mackaill – bas, backing vocals
  • Steve Watts – Hammond, clavinet, piano
  • Joe Harris – drums, percussie, backing vocals
  • Josiah Manning – gitaar, backing vocals
  • Alex Hart & Phoebe Jane - zang