Gerritschinkel.nl Columns & meer

4sep/250

Angelique Francis – Not defeated

De in Ottawa geboren en getogen Canadese zangeres en multi-instrumentaliste Angelique Francis is een van nature getalenteerde en veelzijdige muzikante. Ze stond al op het podium toen ze pas 7 jaar was en speelde op 14-jarige leeftijd al op muziekfestivals in Noord-Amerika. Ze stond in het voorprogramma van o.a. Beth Hart, Buddy Guy, Gary Clark jr., Joe Bonamassa, Eric Gales en Keb’ Mo. De afgelopen jaren heeft Angelique Francis zich gevestigd als een ware ster in de Canadese blues-, soul-, jazz- en folkscene. Zij won de afgelopen jaren de nodige prijzen zoals de Ontario Folk Music Award (2022), de Canadese Folkmuziekprijs (2023) en de JUNO Award voor bluesalbum van het jaar 2023.

Vorige maand verscheen Not defeated, het nieuwe (haar 3e) studioalbum van Angelique Francis. Zij wordt op dit album begeleid door haar zussen Kharincia (saxofoon), Kira (trombone) en Kayla (zang), haar vader Kiran, Dave Williamson (elektrische gitaar) en de trompettisten Ed Lister en Andrew Knox. Gastbijdragen zijn er van de Amerikaanse bluesgitaristen Christone ‘Kingfish’ Ingram en Eric Gales.

Sugarcane jukejoint is het openingsnummer, een zwoele bluesballad met blazers en mondharmonica. Gitarist Christone ‘Kingfish’ Ingram is met zijn verschroeiende gitaarlicks te gast in de rauw gezongen bluesballad Escape. De schitterende blazers maken van de meeslepende gospel Watch me now een waar feest. De blazers dragen daarna ook de soulvolle ballad Not defeted. Intens is de zang in dit titelnummer en de gitaarsolo is verpletterend. Spetterend is daarna het gitaarwerk van gastgitarist Eric Gales in de strakke funky bluesrocker Train coming. Strak drumwerk, een straffe bas, backing vocals, blazers en een felle gitaarsolo zijn te horen in de uptempo bluesrocker Gimmie what you got. Na de korte interlude (55 seconden) None tonight volgt het enigszins spookachtige We’re over, met jazzy blazers. Overweldigend is daarna weer de door blazers en orgel gedreven soulvolle bluesrocker Hit dog. Het heel korte When the heart opent met een mondharpsolo gevolgd door acapella zang van Angelique en zus Kayla. De fraai gezongen prachtige bluesballad Dance for me eindigt met een verschroeiende gitaarsolo. Ook in de melodieuze bluesballad Where you been? bewijst Angelique Francis nogmaals dat zij een fantastische zangeres is. That gun is een moderne countryblues met slide, mondharmonica en harmonieen. Een grommende saxofoon is prominent te horen in het opwindende groovy Break dem chains. Het album sluit af met de funky blues Do that work.

Conclusie: De veelzijdige Angelique Francis wordt terecht beschouwd als een ware ster. Not defeated is een prachtig album.

Tracks cd:

  1. Sugarcane jukejoint
  2. Escape (feat. Christone ‘Kingfish’ Ingram)
  3. Watch me grow
  4. Not defeated
  5. Train coming (feat. Eric Gales)
  6. Gimmie what you got
  7. None tonight (interlude)
  8. We’re over
  9. Hit dog
  10. When the heart
  11. Dance for me
  12. Where you been?
  13. That gun
  14. Break dem chains
  15. Do that work

Line-up:

  • Angelique Francis – zang, bas, gitaar, mondharmonica, keyboards
  • Kharincia Francis – saxofoon
  • Kira Francis – trombone
  • Kayla Francis – zang
  • Kiran Francis – drums
  • Ed Lister – trompet
  • Dave Williamson – elektrische gitaar
  • Andrew Knox – trompet
26aug/250

Rory Block – Heavy on the blues

Singer-songwriter Rory Block (6 november 1949) draait al vele decennia mee in de muziekbusiness. De in Princeton, New Jersey, geboren en in Manhattan opgegroeide Amerikaanse richt zich op de studie klassieke gitaar, maar als ze op haar 14e kennis maakt met gitarist Stefan Grossman, die haar kennis laat maken met de muziek van de gitaristen van de Mississippi Delta Blues, gaat ze zich in deze muziek verdiepen. Haar grote doorbraak in Nederland is in 1988 met Lovin’ whiskey, een song over de alcoholverslaving van haar ex man. De liefde van Rory Block voor de oude countryblues blijkt uit albums waarop ze een ode brengt aan Robert Johnson, Mississippi John Hurt, Skip James, Mississippi Fred McDowell, Son House, Rev. Gary Davis, Bukka White en Bessie Smith. Vorig jaar bracht ze het album Positively 4th street uit, een eerbetoon aan Bob Dylan.

Deze maand verschijnt er weer een nieuw album van Rory Block. Op dit album, Heavy on the blues, staan tien bluessongs, negen covers en een eigen song. Gastrollen zijn er voor Ronnie Earl, Jimmy Vivino en Joanna Connor.

Het album opent met High heel sneakers, de bekende klassieker van Tommy Tucker (1933 – 1982) uit 1963. Fijn is de slide van Rory. Op de slowblues Walking the back streets van Little Milton (1934 – 2005) uit 1973 is Ronnie Earl te horen met ingetogen gitaarwerk. Jimmy Vivino is gastgitarist in het door Buddy Guy geschreven What kind of woman is this. Fraai is weer de slide. Oorstrelend is de traditional Hold to his hand, acapella gospel met schitterende harmonieen. Joanna Connor is gastvocaliste in het meeslepende The wind cries Mary uit 1967 van Jimi Hendrix (1942 – 1970). Mooi is het akoestische gitaarwerk in Down the dirt road blues, een deltablues van Charley Patton (1891 – 1934). De slide is weer heerlijk in Mississippi blues, een deltablues uit 1942 van Willie Brown (1900 – 1952). Zang en gitaarwerk betoveren Me and my chauffeur, de klassieker uit 1941 van Memphis Minnie (1897 – 1973). Can’t quit that stuff is het enige door Rory Block zelf geschreven nummer op dit album. Een countryblues die helemaal past tussen de covers op dit album. De tweede compositie van Buddy Guy is het uit 2010 stammende Stay around a little longer, een fraaie gospelachtige afsluiter.

Conclusie: Met Heavy on the blues brengt Rory Block een sprankelende ode aan de traditionele blues.

Tracks cd:

  1. High heel sneakers
  2. Walking the back streets
  3. What kind of woman is this
  4. Hold to his hand
  5. The wind cries Mary
  6. Down the dirt road blues
  7. Mississippi blues
  8. Me and my chauffeur
  9. Can’t quit that stuff
  10. Stay around a little longer
21aug/250

Buddy Guy – Ain’t done with the blues

De Amerikaanse bluesgitarist-zanger Buddy Guy wordt op 30 juli 1936 geboren in Lettsworth, Louisiana. Begin jaren ’50 begint hij met bandjes op te treden. Muzikaal wordt hij geïnspireerd door Muddy Waters om later in de jaren ’60 zelf een inspiratiebron voor Jimi Hendrix, Stevie Ray Vaughan, Eric Clapton en andere bekende bluesgitaristen uit die jaren te worden. In 1957 verhuist hij naar Chicago en in 1958 krijgt hij een platencontract. Vanaf 1965 verschijnt er een groot aantal albums van Buddy Guy samen met mondharmonicaspeler Jr. Wells. Guy’s solodebuut Left my blues in San Francisco verschijnt in 1967. In 2005 wordt Buddy Guy opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame en in 2014 in de Musicians Hall of Fame. Hij wint vele prijzen waaronder acht Grammy Awards.   

Op zijn 89e verjaardag (30 juli 2025), is er weer een nieuw album van deze legendarische bluesman verschenen. Het album Ain’t done with the blues is geproduceerd door Tom Hambridge, die (al dan niet samen) met singer-songwriter-producer Gary Nickelson en songwriter Richard Fleming de meeste nummers (12) van dit album schreef. Gastoptredens zijn er van Joe Bonamassa, Peter Frampton, Christone “Kingfish” Ingram, Joe Walsh, en The Blind Boys of Alabama.

De opener Hooker thing is een door John Lee Hooker geschreven rudimentaire boogie met alleen Buddy Guy’s akoestische gitaar en zang. Felle gitaarsolo’s zijn er in de krachtige bluesrocker Been there done that met Chuck Leavell op orgel en Wurlitzer. Heerlijk is de piano van Kevin McKendree daarna in de intense uptempo blues Blues chase the blues away. In het funky Where you at? is gitarist en zanger Christone “Kingfish” Ingram te horen. In de bluesballad Blues on top is pianist Kevin McKendree weer prominent aanwezig. Bongo en handclaps versieren de funky Guitar Slim song I got sumpin’ for you. Joe Walsh luistert met zijn vette slide How blues is that op, maar pianist Kevin McKendree steelt ook hier de show. In het gospelachtige Dry stick mag Joe Bonamassa een aantal lyrische gitaarlicks loslaten. Zanger-gitarist Peter Frampton is te horen in de uptempo bluesrocker It keeps me young. Het sfeervolle Love on a budget wordt gekenmerkt door de krachtige zang van Guy, het verschroeiende gitaarwerk en de tinkelende piano van Chuck Leavell. The Blind Boys of Alabama geven hun vocale visitekaartje af in de groovy gospelblues Jesus love the sinner. Een mooie bijdrage is hier ook van Mike Rojas op orgel en Wurlitzer. In de felle bluesrocker Upside down zijn er de blazers Max Abrams (saxofoon) en Steve Patrick (trompet en flugelhorn). Alleen zang en akoestische gitaar van Guy zijn te horen in de heel korte akoestische countryblues, met Lightnin’ Hopkins in gedachten, Preston Foster’s One from Lightnin’. Na de prachtig gezongen soulballad I don’t forget, met Mike Rojas op orgel en Rob McNelley op slide, steelt Glenn Worf, naast de piano van McKendree, de show in het funky Trick bag, een song van Earl King. De elektrische bas van Tal Wilkinfield trekt de aandacht in Swamp poker, een song over de swamps van Louisiana. Send me some loving is geschreven door John Marascalco en Leo Price (de jongere broer van soulzanger Lloyd Price). Deze klassieker is door velen op de plaat gezet (o.a. Otis Redding, Sam Cooke, Brenda Lee, Little Richard, Dean Martin, Stevie Wonder en John Lennon. De uitvoering van Buddy Guy is ook zeer te pruimen al was het alleen maar om het pianospel van McKendree. Het album eindigt met een opwindende versie van Talk to your daughter, de klassieker van J.B. Lenoir.

Bt formulier

Conclusie: De titel Ain’t done with the blues dekt helemaal de lading. Het is nog lang niet gedaan met de blues van Buddy Guy. Ruim 1 uur genieten.

Tracks cd:

  1. Hooker thing
  2. Been there done that
  3. Blues chase the blues away
  4. Where you at?
  5. Blues on top
  6. I got sumpin’ for you
  7. How blues is that
  8. Dry stick
  9. It keeps me young
  10. Love on a budget
  11. Jesus loves the sinner
  12. Upside down
  13. One from lightnin’
  14. I don’t forget
  15. Trick bag
  16. Swamp poker
  17. Send me some loving
  18. Talk to your daughter

Line up:

  • Buddy Guy – zang, gitaren
  • Tom Hambridge – drums, percussie, bongo’s, handclaps, backing vocals
  • Christone “Kingfish” Ingram – zang, elektrische gitaar (track 4)
  • Joe Walsh – zang, slide (track 7)
  • Joe Bonamassa – elektrische gitaar (track 8)
  • Peter Frampton -  zang, elektrische gitaar (track 9)
  • The Blind Boys of Alabama – zang (track 11)
  • Tal Wilkenfield – elektrische bas (track 1,4,10,16)
  • Chuck Leavell – B-3 orgel, (track 2,4), piano (track 10), Wurlitzer (track 2,16)
  • Rob McNelley – elektrische gitaar (track 2,3,4,5,6,7,8,9,10,11,12,14,15,17,18), slide (track 14,15)
  • Kevin McKendree – piano (track 3,5,7,9,15,17), Wurlitzer, B3 orgel (track 8,12,)
  • Glenn Worf – elektrische bas (track 3,5,7,8,11,12,14,15) akoestische bas (track 9) upright bas (track 17,18)
  • Emil Justian – handclaps (track 6)
  • Tommy MacDonald – handclaps (track 6)
  • Michael Hicks – backing vocals (track 8)
  • Mike Rojas – B3 orgel, Wurlitzer (track 11, 14)
  • Max Abrams – saxofoon (track 12)
  • Steve Patrick – trompet, flugelhorn (track 12)
13aug/250

Chambers DesLauriers – Our time to ride

De Amerikaanse blueszangeres Annika Chambers is geboren in Houston, Texas. Zij begon haar zangcarrière in de kerk. Zij diende 7,5 jaar in het Amerikaanse leger en tijdens haar militaire dienst ontdekte ze de blues. Haar debuutalbum Making my mark verscheen in 2014 en leverde haar een Blues Foundation nominatie op voor best new blues artist. 

De Canadese bluesrocker en producer Paul DesLauriers is afkomstig uit Cornwall, Ontario. Hij begon op zijn vijfde met muziek maken en op zijn vijftiende professioneel op te treden. Zijn muzikale voorbeelden zijn BB King en Robert Johnson. Zijn solo- en bandwerk leverde hem o.a. in 2016 zes Maple Blues Awards op en een tweede plaats bij de International Blues Challenge. Daarna won hij nog meerdere prijzen.

Annika Chambers en Paul DesLauriers ontmoetten elkaar in 2018 tijdens de IBC in Memphis. In datzelfde jaar trouwden ze ook. Hun debuutalbum Good trouble verscheen in 2022.

Op 22 augustus a.s. komt hun nieuwe album Our time to ride uit, een album met een mix van blues, soul, rock-‘n’-roll, is volgens Annika en Paul een liefdesverhaal op muziek. Het album is opgenomen in Montreal, Los Angeles en Houston o.l.v. producer Eric Corne, oprichter van het label Forty Below Records.

In het openingsnummer, het stevige funky soulvolle Love you just the same, is meteen al de explosieve zang van Chambers te horen naast het vette gitaarwerk van DesLauriers. Strak is het drumwerk in People gonna talk (“maak je niet druk om wat de mensen over je zeggen, negeer die roddels”).  Written in the stars rockt melodieus weg, met wederom fraai gitaarwerk en soulvolle intense zang. Het tempo gaat iets terug in Believe in love (een ode aan de liefde, ‘geloof er in’), maar halverwege gaat het tempo weer flink omhoog met een gierende gitaarsolo, orgel en een stoïcijnse ritmesectie. Het ballade achtige Sing, met mooie backing vocals en een geweldige gitaarsolo, is een compositie van Eric Corne. Verschroeiend is de gitaarsolo in het funky soulvolle met blazers en fraaie bastonen versierde Temperature of one-o-nine. In the heart of the night is een uptempo gitaarrocker met swingend pianospel van Jesse O’Brien. In het titelnummer Our time to ride gaan ook alle remmen weer los met slide en een hamerende piano. Het slotnummer, de mooie 7½ minuut lange ballad One in a million, is een fraaie afsluiter met fantastische zang en prachtig gitaarwerk.

Conclusie: Mijn kennismaking met Chambers DesLauriers is mij uitstekend bevallen. Our time to ride is een indrukwekkend topalbum.

Tracks cd:

  1. Love you just the same
  2. People gonna talk
  3. Written in the stars
  4. Believe in love
  5. Sing
  6. Temperature of one-o-nine
  7. In the heart of the night
  8. Our time to ride
  9. One in a million

Line-up:

  • Annika Chambers – zang, handclapping, backing vocals
  • Paul DesLauriers – gitaren, zang, handclapping, backing vocals
  • Gary Davenport – bas
  • Sly Coulombe – drums, percussie
  • Sasha Smith – piano, Wurlitzer, orgel, clavinet
  • Jesse O’Brien – piano (track 7)
  • Mark Penders – trompet
  • David Ralicke – saxofoon
  • Nicoya Polar, Eric Corne – backing vocals
13aug/250

Maria Muldaur – One hour mama; the blues of Victoria Spivey

De Amerikaanse jazz- blues- en countryzangeres Maria Muldaur (12 september 1943, Greenwich Village) groeit op in een muzikale familie van Italiaanse afkomst en wordt al vroeg blootgesteld aan vele muzikale invloeden zoals de folkmuziek in Greenwich Village in de vroege jaren ’60. Later verhuist zij naar Cambridge, Massachusetts, waar ze haar toekomstige echtgenoot en folkzanger Geoff Muldaur ontmoet. In 1972 komt er een eind aan de samenwerking (en het huwelijk) met Geoff Muldaur en begint Maria aan een solocarrière. In 1973 komt haar debuut soloalbum uit en scoort ze een zeer grote hit met Midnight at the oasis.

Onlangs verscheen er weer een nieuw album (haar 44e) van Maria Muldaur, getiteld One hour mama; the blues of Victoria Spivey.

Victoria Spivey was een Amerikaanse blueszangeres- en pianiste. Zij werd geboren op 15 oktober 1906 in Houston, Texas en overleed op 3 oktober 1976 in New York. Op jonge leeftijd speelde zij al piano in de band van haar vader. In 1926 verhuisde zij naar St. Louis maakte daar haar eerste opname (Black snake blues). In 1929 speelde ze Misty Rose in de musicalfilm Halleluja en in de jaren ‘30 en ‘40 was ze succesvol als actrice. In 1959 trok ze zich terug van het toneel en ging een kerkkoor leiden. Tijdens de bluesrevival begin jaren ‘60 maakte Spivey haar muzikale comeback. Ze maakte opnamen met o.a. Sippie Wallace, Luther Johnson, Sugar Blue en Bob Dylan.

One hour mama – the blues of Victoria Spivey is een bloemlezing van 12 songs uit het repertoire van Victoria Spivey. Muldaur wordt op dit album o.a. op drie nummers begeleid door James Dapogny’s Jazz Band uit Chicago en op twee nummers door Tuba Skinny, een streetband uit New Orleans. 

Het openingsnummer, het lome My handy man, werd geschreven door Andy Raza (1895 – 1973). Naast James Dapogny’s Chicago Jazz Band horen we hier Chris Burns op piano. Lekker is het duet met Elvin Bishop in het swingende door Lonnie Johnson (1899 – 1970) geschreven What makes you act like that? Heerlijk klinkt de piano van Neil Fontano in het intens gezongen Don’t love no married man. Het pianospel is daarna ook sprankelend, naast de fraaie baslijnen, in het uptempo Dreaming of you. Met trompet, tuba, washboard, trombone, banjo, gitaar en piano creëert Tuba Skinny, de streetband uit New Orleans, een geweldige sfeer in Organ grinder. No, papa, no is een vrolijk nummer met tinkelend pianospel. James Dapogny’s Chicago Jazz Band speelt weer fraai in het ‘slepende’ One hour mama. Schitterend is de zang van Muldaur in het prachtige Funny feathers, waarin de bandleden van Tuba Skinny fraai soleren. In Gotta have what it takes zingt Muldaur een duet met Taj Mahal. Sprankelend pianospel is weer te horen in Any-kind-a-man, een compositie van actrice-singer-songwriter Hattie McDaniel (1893 – 1952), de eerste Afro-Amerikaanse actrice die een Oscar won. Na het weemoedige Down hill pull, wordt het album afgesloten met het langzaam slepende T-B Blues. Naast de sterke zang van Maria Muldaur wordt er in dit slotnummer ook weer geweldig gemusiceerd door James Dapogny’s Chicago Jazz Band.      

ant formulier

Conclusie: Met One hour mama brengt Maria Muldaur een zeer fraai eerbetoon aan Victoria Spivey.

Tracks cd:

  1. My handy man
  2. What makes you act like that?
  3. Don’t love no married man
  4. Dreaming of you
  5. Organ grinder
  6. No, papa, no!
  7. One hour mama
  8. Funny feathers
  9. Gotta have what it takes
  10. Any-kind-a-man
  11. Down hill pull
  12. T-B blues

Line-up:

  • Maria Muldaur – zang
  • Elvis Bishop – zang (track 2)
  • Taj Mahal – zang (track 9)
  • Kurt Krahnke, Steve Height  –bas
  • Pete Siers, Beaumont Beaulieu – drums
  • Rob Bourassa – gitaar (track 1,5,8)
  • David Torkanowski – piano (track 2,3,4,6,9,10,11)
  • Chris Burns – piano (track 1)
  • Johnny Bones – sax
  • Danny Caron – gitaar
  • Neil Fontano, David K. Matthews – piano

James Dapogny’s Chicago Jazz Band

  • Kim Cusack – klarinet, alt sax (track 1,7,12)
  • Rod McDonald – gitaar, banjo (track 1,7,12)
  • Jon-Erik Kellso – trompet (track 1,7,12)
  • Russ Whitmann – klarinet, tenorsax, bariton sax (track 1,7,12)
  • Chris Smith – trombone, tuba (track 1,7,12)

Tuba Skinny

  • Shaye Cohn – trompet (track 5,8)
  • Craig Flory – klarinet (track 5,8)
  • Greg Sherman – gitaar (track 5,8)
  • Max Bien-Kahn – gitaar, banjo (track 5,8)
  • Robin Rapuzzi – washboard (track 5,8)
  • Barnabus Jones – trombone (track 5,8)
  • Todd Burdick – tuba (track 5,8)
30apr/250

Samantha Fish – Paper doll

Samantha Fish is een op 30 januari 1989 in Kansas City, Missouri, geboren singer-songwriter-gitariste. Samantha Fish is als drummer begonnen, maar op haar 15e stapt ze over op de gitaar. De eerste muziek die ze hoort is van Bonnie Raitt en Stevie Ray Vaughan en later van Tom Petty en The Rolling Stones. Ze noemt het album Sticky fingers van The Stones als een vroege invloed. Fish gaat in die tijd regelmatig naar de Knuckleheads Saloon in Kansas City, waar veel bluesartiesten optreden.

In 2009 verschijnt het album Live bait van The Samantha Fish Blues Band. Met deze band toert Fish door de VS en Europa. In de loop van de jaren komen er regelmatige nieuwe (solo) albums van Samantha Fish uit. Voor het album Death wish blues uit 2023 ontvangt ze een Grammy nominatie. Op 21 juli 2024 is ze in Ridgedale, Missouri, openingsact voor The Rolling Stones tijdens hun Hackney Diamonds Tour.  

Deze maand verscheen Paper doll, het nieuwe album van Samantha Fish. Het album is opgenomen in The Orb in Austin en Savannah Studios in Los Angeles. Het is het eerste album dat Fish opneemt met haar tourband. Paper doll is geproduceerd door Bobby Harlow, die in 2017 ook het album Chills & fever produceerde.

Het album opent opwindend met de ruige gitaarrocker I’m done runnin’. Een strakke ritmesectie, golven keys, verschroeiende gitaarsolo’s en uitbundige zang zijn de ingrediënten van de heavy bluesrocker Can’t ya handle the heat? In het hevig rockende Lose you tovert Samantha Fish weer een vlammende solo uit haar elektrische gitaar. Fraai zijn de harmonieen naast de spetterende gitaarsolo’s in de soulvolle ballad Sweet southern sounds. Off in het blues is een mooi gezongen vrij ingetogen ballad met surf-gitaar licks. Passievol is de zang in de dromerige, psychedelische bluesballad Fortune teller. Het nummer explodeert halverwege in een ruige uptempo gitaarrocker om aan het einde weer in tempo te zakken. Mick Collins, zanger van The Gories en Dirtboms, Amerikaanse punkbands uit Detroit, is gastvocalist in Rusty razor. Een stevig punkie nummer met vlammende gitaarsolo’s, een strakke ritmesectie en uitbundige, soms enigszins schreeuwerige zang van Fish. Het titelnummer Paper doll was het eerste nummer dat Fish voor dit album schreef. Een rauw rebels soort feministisch lied. Het album eindigt melodieus met Don’t say it. Mooie harmonieen en Fish gooit er ook nog een gierende gitaarsolo uit.   

Conclusie: Paper doll is een dynamisch en energiek (blues) rock album.

Tracks cd:

  1. I’m done runnin’
  2. Can’t ya handle the heat?
  3. Lose you
  4. Sweet southern sounds
  5. Off in the blues
  6. Fortune teller
  7. Rusty Razor (feat. Mick Collins)
  8. Paper doll
  9. Don’t say it

Line-up:

  • Samantha Fish – zang, elektrische en akoestische gitaar
  • Ron Johnson – bas
  • Jamie Douglass – drums
  • Mickey Finn – Hammond, Rhodes, Wurlitzer, akoestische piano
  • D. Scaife, elektrische piano, backing vocals
  • Gabbi Beauvais, Keo – backing vocals
  • Bobby Harlow - tamboerijn
24apr/250

Moses Patrou – Confession of a fool

Moses Patrou is een Amerikaanse in Nashville, Tennessee, geboren singer-songwriter-multi-instrumentalist die al een tijdje actief is in de muziekscene van New York City. Patrou combineert zijn warme baritonstem met zijn Hammond-orgelspel, waarmee hij blues, soul, country en jazz naadloos combineert en creëert hiermee een sfeer die we kennen van o.a. steden als Memphis en New Orleans. Zijn zangstijl wordt wel vergeleken met die van Bill Withers. Hij heeft op podia gespeeld met o.a. Levon Helm, Boz Scaggs en Gregg Allman en op diverse jazzfestivals in de VS en in Europa gestaan. Zijn debuutalbum Introducing Moses Patrou komt in 2007 uit, in 2013 gevolgd door Can’t stop vol. 1. Vorige maand verscheen er na twaalf jaar weer een nieuw album van Moses Patrou, Confession of a fool, een album met dertien nieuwe door Patrou geschreven songs.

De mooie baritonstem van Patrou is meteen al te horen in het openingsnummer Look what love can do. Funky soul, golven Hammond, een lekkere gitaarsolo en vocale assistentie van Nicky Richards. De soul blijft er van af druipen in Willing to change, met de fantastische blazers, en vooral de zeer fraaie saxsolo van Al Falaschi. Het tempo gaat omhoog in het door een strakke ritmesectie gedreven en swingend 7 Days and counting. De titelsong Confession of a fool is een emotionele soulballad met backing vocals, Hammond, Rhodes en slide. Prominent is het drumwerk, naast die uitstekende blazerssectie in het funky bluesy That ain’t love. Run away is een langere ballad met George Laks op Hammond en piano en Eric Finland op Wurlitzer, gevolgd door Lyin’ to yourself, ‘luie’ soul met een gruizige gitaarsolo van Xavier Lynn. De fameuze blazers verfraaien het sterk gezongen met een soulsaus overgoten Who’s it gonna be. De schitterende ballad I know you ain’t mine doet me sterk denken aan I’ve been loving you too long van Otis Redding. Wervelend zijn de Hammondsolo’s in het swingende Better get it right. De blazers zijn weer top, met een glansrol voor Todd Horton en zijn trompetsolo in het funky Land of the groove. In de ingetogen ballad Ain’t it easy to see is het fijn luisteren naar de pedal steel van Rich Hinman en de harmonieen van Nicky Richards. Fijn is het akoestische gitaarwerk in het slotnummer She’s got other plans, met cajun-invloeden die je in de sferen van New Orleans brengen.  

Conclusie: Confession of a fool is een zeer smaakvol album.

Tracks cd:

  1. Look what love can do
  2. Willing to change
  3. 7 Days and counting
  4. Confession of a fool
  5. That ain’t love
  6. Run away
  7. Lyin’ to yourself
  8. Who’s it gonna be?
  9. I know you ain’t mine
  10. Better get it right
  11. Land of the good groove
  12. Ain’t it easy to see
  13. She’s got other plans

Line-up:

  • Moses Patrou – zang (track 1,2,3,5,6,7,8,9,10), elektrische gitaar (track 1,2,9,13), bas (track 12), piano (track 3), Rhodes Wurlitzer, clavinet (track 1,2,4,5,7,8,9,11), Hammond (track 1,2,3,5,7,8,9,10), drums (track 7,11), percussie (track 1,2,3,4,5,6,7,8,10,11), backing vocals (track 3,6)
  • Luca Benedetti – elektrische en akoestische gitaar (track 2,3,4,5,6,7,8,13)
  • Ed Cherry – elektrische en akoestische gitaar (track 1,3,8,9,10)
  • Xavier Lynn – elektrische en akoestische gitaar (track 7,11)
  • Avi Bortnik – elektrische en akoestische gitaar (track 12)
  • Rich Hinman – pedal steel (track 12)
  • Tony Scherr – slide (track 4)
  • Will Bernard – elektrische en akoestische gitaar (track 6)
  • Tony Scherr – bas (track 1,2,3,4,5,6,8,9,10,11)
  • Derek Nevergelt – drums en bas (track 7)
  • George Laks – piano (track 6), Hammond (track 6)
  • Eric Finland – Rhodes , Wurlitzer, clavinet (track 6)
  • Ricky Peterson – Hammond (track 4)
  • Diego Voglino – drums (track 1,2,3,4,5,6,8,9,10,12,13), box drum & tamboerijn (track 13)
  • Nicky Richards – backing vocals (track 1,2,3,5,6,7,12)
  • Leah Siegel – backing vocals (track 2,4,6,7,9)
  • Hope Debates – backing vocals (track 4,8,9,)
  • Amanda Khiri – backing vocals (track 4,8,9,)
  • Al Falaschi – backing vocals (track 12), saxofoon (track 2,5,8,11)
  • Courtney Larsen – trombone (track 2,5,8,11)
  • Jim Doherty – trompet (track 2,5,8,11)
  • Todd Horton – trompet (track 11)
21apr/250

Dawn Brothers – Cry alone

Dawn Brothers is een in 2015 opgerichte Rotterdamse band. De vier leden van de band waren voor die tijd al bekende gezichten in de muziekscene van Rotterdam en Dordrecht. Na het uiteenvallen van de bands waarin ze spelen besluiten ze in 2015 samen een groep op te richten. De naam van de nieuwe band is Bolt & The Swamp People, een naam die in 2017 wordt veranderd in Dawn Brothers. De muziek van Dawn Brothers is volgens hun bio een botsing van klanken en stijlen, waarbij rock, folk, blues en soul worden gemixt en geroerd tot een onweerstaanbare cocktail. In 2017 verschijnt hun platendebuut Stayin’ out late, een album dat is opgenomen in de studio van DeWolff aan de Oudegracht in Utrecht. Als gitarist-zanger Bas van Holt en zanger-gitarist Pablo van der Poel van DeWolff tot de ontdekking komen dat ze allebei een grote voorliefde hebben voor oude soul en R&B besluiten, beide bands samen een album op te nemen. Dit zeer goed ontvangen album, Double Cream, wordt in 2022 uitgebracht. Het album wordt ook genomineerd voor een Edison. In de jaren sinds hun debuutalbum in 2017 toeren de Dawn Brothers volop, spelen op North Sea Jazz en Nashville ’s Americanafest en verzorgen het voorprogramma van The Black Keys en Golden Earring.

Vorige maand verscheen Cry alone, het nieuwe en 6e studioalbum van Dawn Brothers. Het album is weer opgenomen in de Electric Monkey Studio in Amsterdam met Paul Willemsen ook nu weer als producer, die ook nieuwe technieken uitprobeerde.  

Do me wrong is de soulvolle funky opener met jazzy toetsenwerk en fraaie gitaarlicks. Invloeden van Tom Petty hoor ik in het uptempo Can’t let you in, can’t let you out. Fraai toetsenwerk, mooie meerstemmige zang en helder gitaarwerk. Naast het prominente drumwerk valt het (surf) gitaarwerk op in het heerlijke meanderende door stevige intermezzo’s afgewisselde I will never hold you heart again. Het melodieuze I cry alone heeft een strakke ritmesectie en percussie. In de stamper Seven year itch zitten invloeden van The Band maar het heeft tevens een 10 CC gehalte. Psychedelische elementen zijn er in de ‘donkere’ ballad Don’t you weep. Drum, bas en toetsen leggen de basis voor de uptempo rocker Let it bleed. Een andere stijl heeft Live a little. Lui, groovy, jazzy toetsenwerk en verder sterk geïnstrumenteerd. De ritmesectie legt weer de basis in het rockende Jack of all trades. In het dampende Humble call zitten gierende toetsen, een vlammende gitaarsolo en wederom de sterke ritmesectie. In het soulvolle You know why is de meerstemmige zang een lust voor het oor. Het album wordt met I don’t think I’ve ever really had it sterk afgesloten. Afwisselend qua tempo, heerlijke bastonen en een gruizige gitaarsolo. 

Conclusie: Plak de stickers fris, zonder opsmuk, eerlijk, rauw en energiek op de hoes van Cry alone en je weet dat je naar een uitstekend en gevarieerd album gaat luisteren.

Tracks cd:

  1. Do me wrong
  2. Can’t let you in, can’t let you out
  3. I will never hold your heart again
  4. I cry alone
  5. Seven year itch
  6. Don’t you weep
  7. Let it bleed
  8. Live a little
  9. Jack of all trades
  10. Humble call
  11. You know why
  12. I don’t think I’ve ever really had it

Line-up:

  • Bas van Holt – gitaar, zang
  • Rowan de Vos – toetsen, zang
  • Tammo Deuling – bas, zang
  • Rafael Schwiddessen – drums
15apr/250

Kris Delmhorst – Ghosts in the garden

Kris Delmhorst is geboren in Brooklyn, New York. Ze is getrouwd met singer-songwriter en producer Jeffrey Foucault en woont tegenwoordig in West-Massachusetts. Zij maakt actief deel uit van de folkscene in Boston. Behalve gitaar speelt zij ook viool, cello, contrabas en piano. Haar  debuutalbum Appetite verschijnt in 1998. In 1999 verschijnt er een livealbum van The Vinal Avenue String Band, waar Delmhorst deel van uitmaakte. Delmhorst maakt ook met het trio Redbird, met echtgenoot Jeffrey Foucault en Peter Mulvey, platen. Zij is ook te horen op albums van o.a. Mary Gauthier, Peter Wolf, Chris GhostsSmither, Jeffrey Foucault en Lori McKenna. Delmhorst wordt vergeleken met o.a. Lucinda Williams en Ricky Lee Jones.

Vorige maand verscheen er na vijf jaar weer een nieuw album van Kris Delmhorst. Op dit album, Ghosts in the garden, wordt zij ondersteund door een compacte band en zijn er gastrollen voor bekende zangers en zangeressen uit de vriendenkring van Delmhorst, waaronder echtgenoot Jeffrey Foucault. Het album  is opgenomen in The Great North Sound Society, een opnamestudio gevestigd in een 18e eeuwse boerderij in het zuiden van Maine.

Het album wordt met Summer growing old sfeervol geopend. Meeslepend gezongen met duozang van Rose Cousins en prachtig geïnstrumenteerd. In Wolves is naast de soms enigszins fluisterende zang van Delmhorst mooi gitaarwerk te horen. In het titelnummer Ghosts in the garden horen we weer die soms fluisterende zang. Pedal steel, Rhodes en de backing vocals van Jabe Beyer toveren het nummer om in een wonderschone song. Won’t belong is onlangs ook op single uitgebracht. Het is een steviger uptempo nummer met felle en rauwe gitaarlicks. Uitbundig is de duozang met Rachel Baiman.

Ook Not the only one is op single verschenen. Vocale steun is er naast het jazzy gitaarwerk van Ana Tivel. In het zweverige Detour horen we flarden pedal steel en verzorgt echtgenoot Jeffrey Foucault de backing vocals. Zeer aangenaam is de duozang met Ana Egge in het melodieus meanderende Age of innocence. Lucky river, met backing vocals van Anaïs Mitchell, is een enigszins psychedelisch nummer waarin de band terughoudend instrumenteert. Het door Delmhorst en Matthew Sanborn geschreven Beyond the bounderies is een prachtige ballad en mooie duozang met Taylor Ashton. De slide is ook fraai. Dematerialize is uptempo en stevig met backing vocals van Jabe Beyer. De band speelt uitstekend. In het rustige en ingetogen geïnstrumenteerde slotnummer Something to show, de eerste single van het album, zijn de backing vocals net als in het openingsnummer van Rose Cousins.

Conclusie: Ghosts in het garden is een prachtig sfeervol rootsalbum. Kris Delmhorst heeft weer een pareltje toegevoegd aan haar toch al imposante oeuvre.

Tracks cd:

  1. Summer growing old (feat. Rose Cousins)
  2. Wolves
  3. Ghosts in het garden (feat. Jabe Beyer)
  4. Won’t be long (feat. Rachel Baiman)
  5. Not the only one (feat. Ana Tivel)
  6. Detour (feat. Jeffrey Foucault)
  7. Age of innocence (feat. Ana Egge)
  8. Lucky river (feat. Anaïs Mitchell)
  9. Beyond the boundaries (feat. Taylor Ashton)
  10. Dematerialize (feat. Jabe Beyer)
  11. Something to show (feat. Rose Cousins)

Line-up:

  • Kris Delmhorst – zang, elektrische en akoestische gitaar, Rhodes
  • Ray Rizzo – drums, udu, chimes, percussie
  • Jeremy Moses Curtis – elektrische en contrabas
  • Erik Koskinen – elektrische en akoestische gitaar, orgel,
  • Sam Kassirer – piano, orgel Rhodes, Wurlitzer, autoharp
  • Rich Hinman – pedal steel, elektrische gitaar

Gast vocalisten

  • Anais Mitchell, Rose Cousins, Ana Tivel, Ana Egge, Tayor Ashton, Rachel Baiman, Jabe Beyer, Jeffrey Foucault
4apr/250

Chris Kramer & Paddy Boy Zimmerman – Tales of Tampa

Chris Kramer (2 maart 1970) is een uit Dortmund afkomstige Duitse singer-songwriter-gitarist en mondharmonicaspeler. Op zijn 18e begint hij zijn muzikale carrière. In 1995 neemt hij met The Bluesbyrds zijn eerste album Born with the blues op.Daarna bouwt Kramer gestaag aan een solocarrière. Hij wint meerdere keren Duitse Blues Awards, zoals vijfvoudig winnaar (2010, 2012, 2014, 2018, 2020) in de categorie Best Blues Harp en in 2019 wint hij in de categorie Beste Blues cd de eerste prijs voor zijn album Way back home.

Paddy Boy Zimmerman (8 februari 1982) is een Duitse songschrijver, gitarist en studiomuzikant uit Mönchengladbach. Hij maakt door de jaren heen deel uit van verschillende rock- en bluesbands, waaronder het bluesrocktrio The Paddy Boy Zimmerman Band. Hij is ook te horen op albums van bluesharpist Chris Kramer.

Onlangs hebben Chris Kramer en Paddy Boy Zimmerman de handen weer ineen geslagen en een muzikale duik genomen in de catalogus van de Amerikaanse blueszanger en –gitarist Tampa Red (1904 – 1981). Tampa Red was een virtuoze slidegitarist die bekend stond als The Guitar Wizard.

Tampa Red verhuisde in de jaren ’20 van  de vorige eeuw naar Chicago en vormde daar met Georgia Tom Dorsey het duo Hokum Boys. Tot in de jaren ’50 behoorde Tampa Red naast Big Bill Broonzy en Muddy Waters tot de leidende bluesmuzikanten van Chicago. Na het overlijden van zijn vrouw in 1953 stokte zijn carrière mede door alcoholproblemen. Begin jaren ’60 nam hij nog een paar soloalbums op, maar een nieuwe carrière opbouwen lukte niet. Tampa Red overleed berooid op 19 maart 1981. Hij werd in datzelfde jaar opgenomen in de Blues Hall of Fame.

Begin april verschijnt het album Tales of Tampa, waarmee Kramer en Zimmerman zoals gezegd in het repertoire van de legendarische Tampa Red (geboren als Hudson Woodbridge) zijn gedoken. 

Het openingsnummer So crazy about you baby zet meteen de toon. Fijne countryblues, een heerlijke mondharpsolo en prettige samenzang. Het ragtime achtige Seminole blues heeft een hoog Sonny Terry &  Brownie McGhee gehalte, en dat gevoel is in meerdere nummers aanwezig. Het tempo gaat daarna omhoog in You rascal you no. 1, met fraaie gitaarlicks en bas en een felle mondharp. Black angel blues is de soulvolle bluesstandaard uit 1928. Een prachtige versie. Mooi is de zang in de rudimentaire countryblues Please mister blues. I’ll kill your soul is een uptempo door mondharp gedreven groovy shuffle met fraaie gitaarsolo’s. Indrukwekkend is de mondharmonica in Love her with a feeling. Meeslepend is de samenzang in No matter how she done it en verpletterend de mondharpsolo in Crying won’t help you. De sound van Sonny Terry & Brownie McGhee is er weer in de countryblues Kingfish blues, waarin Chris Kramer nog maar weer eens bewijst een geweldige mondharpspeler te zijn. Prachtig is de samenwerking tussen Kramer en Zimmerman in de shuffle Dead cat on the line. Virtuoos is de mondharp in het passievol gezongen If she don’t come back. Het album wordt perfect afgesloten met de dromerige ragtime achtige blues The duck yas yas yas.  

Conclusie: Tales of Tampa is een passievol en respectvol gemaakt album met vakkundige heldere interpretaties van een geweldig bluesgenre. Kortom, een prachtig eerbetoon aan Tampa Red.  

Tracks cd:

  1. So crazy about you baby
  2. Seminole blues
  3. You rascal you no. 1
  4. Black angel blues
  5. Please mister blues
  6. I’ll kill your soul
  7. Love her with a feeling
  8. No matter how she done it
  9. Crying won’t help you
  10. Kingfish blues
  11. Dead cat on the line
  12. If she don’t come back
  13. The duck yas yas yas

Line-up:

  • Chris Kramer – zang, mondharmonica
  • Paddy Boy Zimmerman – (slide) gitaar, bas, percussie, zang