Gerritschinkel.nl Columns & meer

21jan/220

Tim Easton – You don’t really know me

De Amerikaanse gitarist en singer-songwriter Tim Easton (25 april 1966, Lewiston, New York) groeit op in Akron, Ohio. Tijdens zijn studie vormt hij de band Kosher Spears. Hij maakt daarna reizen naar o.a. Londen, Parijs, Spanje, Italië en Ierland. Bij zijn terugkeer in de VS midden jaren ’90 treedt hij toe tot The Haynes Boys. Het enige album van deze band verschijnt in 1996. Als The Haynes Boys uiteenvallen start Easton een solocarrière. Zijn debuutalbum Special 20 verschijnt in 1998. Easton woont tegenwoordig in Nashville, Tennessee.

Zijn meest recente, zijn 10e, album You don’t really know me verscheen al weer een tijdje geleden op 3 september 2021. Het album is geproduceerd door Brad Jones en Robin Eaton, producers die al eerder met Tim Easton samenwerkten. Easton schreef de songs van dit album tijdens de COVID-19 pandemie van 2020 toen hij genoeg tijd had om zijn leven de revue te laten passeren. Easton betitelt zijn album als vredig, positief, liefdevol en een persoonlijke revolutie.

Het openings- en titelnummer You don’t really know me is een met een flinke dosis southernrocksaus overgoten midtempo rocker met lekker gitaarwerk. In Real revolution valt de Dylanesque zang van Easton op en ook in Speed limit, met twangy gitaarwerk van Brad Jones, zijn de invloeden van Bob Dylan duidelijk aanwezig. Peace of mind is een mooie fraai geïnstrumenteerde melodieuze song met fraaie zang en backing vocals. In Voice on the radio brengt Easton een prachtige akoestische ode aan singer-songwriter John Prine (1946 – 2020). Het strakke uptempo Running down your soul is ook weer een song met een groot Dylan gehalte, zeker ook door de mondharp. De country/gospel blues Son my son is een intense protestsong. Het mooi ingetogen Anchor schreef Easton samen met Meredith Kimbrough. Het heerlijk opwindende Festival song zit vol met het grote verlangen naar de festivals. Het slotnummer River where time was born is een schitterende afsluiter. Een heel mooi folky eerbetoon aan singer-songwriter Justin Townes Earle (1982 – 2020), de op 38-jarige leeftijd veel te vroeg overleden zoon van Steve Earle.    

Conclusie: You don’t really know me is een sterk en zeer toegankelijk album.

Tracks cd:

  1. You don’t really know me
  2. Real revolution
  3. Speed limit
  4. Peace of mind
  5. Voice on the radio
  6. Running down your soul
  7. Son my son
  8. Anchor
  9. Festival song
  10. River where time was born

Line-up:

  • Tim Easton – zang, gitaar, mondharmonica, piano, mandoline, shakers
  • Ryan Knaack – drums, percussie, shaker, backing vocals
  • Tommy Scifres – bas
  • Brad Jones – contrabas, mellotron, bariton tremolo gitaar, harmonium, orgel, elektrische mandoline,  mellotron, keyboards, elektrische gitaar, bas, backing vocals
  • Packy Bergquist – lead gitaar
  • Dylan Sevey – drums, tamboerijn, handclaps, backing vocals
  • Robin Eaton – gitaar, backing vocals
  • Dave Jacques – contrabas
  • Evan Phillips, Meredith Kimbrough, Nikki Barber, Amanda Stone – backing vocals
17jan/220

Futsal

Op de persconferentie van 14 januari jl. heeft het nieuwe kabinet de sportwereld weer wat lucht gegeven. Er mag in ieder geval weer normaal worden getraind. Alleen zijn er nog wel de nodige beperkingen bij het spelen van wedstrijden. Er mogen alleen onderlinge wedstrijden worden gespeeld en het publiek is ook nog niet welkom.

Opnieuw gloort er weer hoop dat binnenkort alles weer als vanouds wordt. De aangekondigde persconferentie van 25 januari a.s. zal hopelijk nog meer leuke dingen in petto hebben. Dan zal waarschijnlijk ook duidelijk zijn of de competities weer mogen worden hervat. En ik ben benieuwd wanneer die competities dan weer gaan beginnen. Mijn microfoon heb ik alvast uit de mottenballen gehaald.

Voorlopig ben ik als sportverslaggever nog aangewezen op passieve sportbeleving, maar dat hoeft ook geen straf te zijn. Woensdag begint in Nederland het WK zaalvoetbal, of zoals dat tegenwoordig heet: futsal. Toen ik zondagmiddag bij Studio Sport een reportage over futsal zag, dwaalden mijn gedachten terug naar vrijdagavond 17 april 2015. In een volgepakte sporthal De Mammoet was ik getuige van de kampioenswedstrijd van GZV Watergras. Voorafgaand aan die allesbeslissende wedstrijd mocht ik zelfs met een cameraman in de kleedkamer de tactische bespreking van trainer Marvin Paton bijwonen. Heel bijzonder. “We gaan geschiedenis schrijven”. Met deze woorden stuurde Paton zijn spelers het veld in.

En de Goudse zaalvoetbalvereniging schreef die avond inderdaad geschiedenis door voor het eerst in hun bestaan te promoveren naar de Eredivisie. Het walhalla van het Nederlandse zaalvoetbal was een Gouds zaalvoetbalteam rijker. De euforie was groot!

Twee seizoenen draaide Watergras aardig mee in de Eredivisie, maar in het seizoen 2017-2018 werden slechts twee punten behaald en was degradatie naar de Topklasse B een feit. Daarin spelen ze nog steeds. Ook geen slecht niveau dacht ik. 

Gearchiveerd onder: Geen categorie Geen reacties
12jan/220

Lucinda Williams – You are cordially invited – a tribute to The Rolling Stones

Singer-songwriter Lucinda Williams (26 januari 1953, Lake Charles, Louisiana) loopt ruim vier decennia mee in de muziekscene. In 1979 verschijnt haar debuutalbum Ramblin’ on my mind. Haar grote succes en doorbraak naar een groter publiek, komt in 1998 met het album Carwheels on a gravel road.

In 2020 begon Williams de zesdelige serie Lu’s Jukebox, een project ter ondersteuning van de door COVID-19 getroffen muziekpodia. De zes liveoptredens werden via HD-video gestreamd. Elk optreden had een thema (een artiest, een muziekstijl of een muziekperiode). Vanaf 2020 werden vol.1 (Tom Petty), vol. 2 (Southern soul), vol. 3 (Bob Dylan), vol. 4 (Country classics) en vol. 5 (Little Christmas) ook op cd en vinyl uitgebracht.

Eind januari a.s. verschijnt vol. 6, You are cordially invited – A tribute to The Rolling Stones. Een album met 16 covers van The Rolling Stones. Hits en songs van de albums Beggars banquet (1968), Let it bleed (1969), Sticky fingers (1971), Goats head soup (1973) en It’s only rock ‘n’ roll (1974).

De eerste vijf songs zijn Stones hits uit de jaren ’60. In het openingsnummer Street fighting man zijn verre contouren van de bekende gitaarrifs van Keith Richards te horen. The last time krijgt een lekkere zompige uitvoering met vette gitaarlicks en de klagende zang van Williams. Ook in Get off of my cloud zijn elementen van het origineel te horen. De wereldhit Paint it black begint zonder het bekende gitaarintro, maar verder is het een heerlijke gruizige versie met een strak meppende drummer en een zoemende bas. In Play with fire lijkt de stem van Williams sterk op die van Marianne Faithful. Prachtig is de bluesballad No expectations. Mooi is de zang in de langzame versie van Dead flowers en de intensiteit van de zang neemt toe in het ruim zes minuten durende Salt of the earth. Lekker gitaarwerk is te horen in You gotta move, de gospel van Mississippi Fred McDowell, het enige nummer dat niet door het duo Jagger/Richards werd geschreven. De band is uitstekend op dreef in Moonlight mile met Williams en haar typische klagende zang. De stringarrangementen van Paul Buckmaster worden hier niet gemist. Behoorlijk afwijkend van het origineel is de strakke versie van Time waits for no one. Sway is hier ook een vette blues met vlammend gitaarwerk. De broeierige versie van Doo doo doo doo (heartbreaker) komt soms, afgezien van de afwezige blazers, behoorlijk in de buurt van de originele versie van The Stones. Met strak drumwerk en een fuzzy gitaar maken Williams c.s. van de wereldhit (I can get no) satisfaction ook een opwindende versie. De bekende verschroeiende gitaarsolo is ook te horen in het bijna 7 minuten durende Sympathy for the devil. Het slotnummer, de ballad You can’t always get what you want, is lekker stevig, inclusief het bekende uptempo eindschot.    

Conclusie: Lucinda Williams verrast met een zeer persoonlijke interpretatie van (klassieke) songs uit het repertoire van The Rolling Stones. Een mooie ode.

Tracks cd:

  1. Street fighting man
  2. The last time
  3. Get off of my cloud
  4. Paint it black
  5. Play with fire
  6. No expectations
  7. Dead flowers
  8. Salt of the earth
  9. You gotta move
  10. Moonlight mile
  11. Time waits for no one
  12. Sway
  13. Doo doo doo doo (heartbreaker)
  14. (I can get no) satisfaction
  15. Sympathy for the devil
  16. You can’t always get what you want

Line-up:

  • Lucinda Williams – zang
  • Joshua Grange – gitaar
  • Stuart Mathis – gitaar
  • Steve Mackey – bas
  • Fred Eltringham – drums, percussie
10jan/220

Amai, mooie tijden

‘Gerrit, het valt zeker niet mee om, nu er geen sport is, elke week toch een sportcolumn te schrijven’. Deze vraag krijg ik de laatste weken regelmatig. Ja, ik kan dat niet ontkennen, want vaak is een recente gebeurtenis die ik als sportverslaggever heb meegemaakt het onderwerp in mijn column. Nu ligt de hele sportwereld toch al stil vanwege de winterstop, maar meestal waren er dan nog de nieuwjaarsrecepties en de nieuwjaarswedstrijden van sportverenigingen. Maar door de lockdown vielen ook deze bijeenkomsten in het water. De clubleden moesten het nu doen met de nieuwjaarswensen van hun voorzitter op de website of op Facebook.

Wandelaars en hardlopers trekken massaal er op uit, maar verder is het een dooie boel. In het Groenhovenbad kan sinds vorige week weer worden gesport. Diehards die in het buitenbad hun baantjes zwemmen. Mooi dat dit weer kan.

Verder waren de sportliefhebbers het afgelopen weekend aangewezen op de televisiebeelden van het EK schaatsen en het NK veldrijden. Nederland grossierde in schaatsgoud, maar ja er ontbraken nogal wat concurrenten. Marianne Vos is gewoon een fenomeen.

Ik heb zelf met plezier op Sporza gekeken naar het BK veldrijden in Lombardsijde. Niet om te zien of Wout van Aert Belgisch kampioen zou worden, maar vanwege de prachtige omgeving en de zee op de achtergrond. Vakantieherinneringen kwamen boven. Herinneringen aan het jaarlijkse dernycriterium in deze Vlaamse badplaats waar ik twee keer aanwezig was. Met toppers als Sep Vanmarcke, Thomas de Gendt, Jasper Stuyven, Tom Boonen, Sven Nys en Wout van Aert. Amai wat een mooie tijden!

Maar eerst met angst en beven de persconferentie van a.s. vrijdag tegemoet zien. Krijgt de sportwereld weer een beetje lucht of blijven de meeste deuren van de sportaccommodaties gesloten? Ik duim voor het eerste, want zo’n sportloos tijdperk valt niet mee.   

5jan/220

A.J. Plug – Killer king

De Katwijkse zangeres Alexandra Jolanda (A.J) Plug staat bekend als één van de beste blueszangeressen van Nederland. in 2021 verschijnt haar debuutalbum Let go or be dragged. Hierna komt haar carrière in een stroomversnelling. Ook haar tweede album Chew chew chew levert haar in 2016 louter lovende kritieken op en ze belandt zelfs op de voorpagina van het toonaangevende Amerikaanse bluesmagazine Blues-E-News. Sandra Plug maakt ook deel uit van de succesvolle tournee in de theatershow The Sound of the Blues & Americana van Johan Derksen. In 2018 neemt zij in een studio in Grolloo het akoestische album Barefoot op. Enige tijd daarna wordt zij getroffen door slokdarmkanker, waar ze nu gelukkig van is genezen.

Op 10 december jl. verscheen het nieuwe album van A.J. Plug. Dit album, Killer king, verwijst naar haar ziekteperiode en die ellendige periode heeft zij verwerkt in de negen songs, maar waarin ze ook hoopvol naar de toekomst kijkt. Plug wordt op het album bijgestaan door topmuzikanten als gitarist Guy Smeets (tevens de producer van het album), toetsenist Roel Spanjers en drummer Arie Verhaar.    

Het openingsnummer, de huiveringwekkend mooie bluesballad Killer king is meteen raak. In dit titelnummer geven Plug en de band hun visitekaartje af. The shape I’m in is een schitterende ballad met een felle melodieuze gitaarsolo. In Gimme a smile voert Plug een wanhopig gesprek met haar ouders over hoe ellendig zij zich voelt. Een stevig nummer met een felle gitaarsolo en een Roel Spanjers die strooit met zijn toetsen. Fraai is het pianospel en uitbundig de zang in de ballad Dream. Never gonna stop rockt lekker weg met keys en een vette gitaarsolo. De ballad The sky turned black is weer een voorbeeld van de geweldige van blues doordrenkte stem van Plug. Na de hoopvolle zeer fraaie ballad It will be alright, teistert Guy Smeets zijn gitaar met een verschroeiende slepende solo in River blue. Het slotnummer Tears ran dry duurt acht minuten. Een fenomenale ballad, een strakke ritmesectie, Plug in topvorm, tinkelende pianoklanken en een zeer lange fantastische gitaarsolo.

Conclusie: Killer king is een prachtig recht uit het hart komend album. A.J. Plug is helemaal terug, en hoe!

Tracks cd:

  1. Killer king
  2. The shape I’m in
  3. Gimme a smile
  4. Dream
  5. Never gonna stop
  6. The sky turned black
  7. It will be alright
  8. River blue
  9. Tears ran dry
3jan/220

Het sportjaar 2022

De feestdagen zijn weer achter de rug. De laatste kerstversieringen worden opgeborgen. Hier en daar klinkt nog een verdwaald rotje, maar verder lijkt alles weer zijn gewone gang te gaan. Er staat zelfs eindelijk een nieuw kabinet in de steigers.

We hebben afscheid genomen van 2021, een jaar waar velen met gemengde gevoelens aan terug zullen denken. Helaas heeft het coronavirus nog geen afscheid genomen en zal ons ook in 2022 vrees ik nog lastig blijven vallen.

Toen ik maandag de sportkaternen van de ochtendbladen opsloeg viel mijn oog direct op de uitgebreide sportkalender 2022. De kalender barst uit zijn voegen van de vele evenementen, van de Olympische Spelen in Beijing in februari tot het WK voetbal in Qatar in november en december en alles wat daar tussenin valt te verwachten.

Wat gaat 2022 de Goudse sportwereld brengen? De vraag is gemakkelijker gesteld dan het antwoord gegeven. Het is nog steeds onzekerheid troef. De sportcompetities liggen voorlopig nog een aantal weken stil en het is de vraag of ze begin februari worden hervat. Ik heb al pessimisten horen zeggen dat het, net als vorig jaar, weer een verloren seizoen zal worden. Ik moet er eigenlijk niet aan denken.

Stel dat b.v. in februari of maart de voetbalcompetitie weer wordt stopgezet. Weer geen directe promotie en geen degradatie? Dat zal dan lijkt mij ook gevolgen hebben voor de competitieopzet voor het nieuwe seizoen met al die clubs die de zondag vaarwel zeggen en op zaterdag gaan spelen. En ook bij de andere sportcompetities zullen met angst en beven de ontwikkelingen worden afgewacht.

Ik ga verder niet speculeren want dat heeft op dit moment weinig zin. Ik heb ook geen glazen bol. We gaan het zien.

 Ik wens u allemaal een sportief maar vooral heel gezond 2022.

2jan/220

Nienke Dingemans – Devil on my shoulder

Nienke Dingemans is een 17-jarige singer-songwriter uit Ossendrecht. Ze wordt gezien als een zeer jong bluestalent. Maar haar muziek strekt zich ook uit tot soul, country en jazz. Nienke Dingemans is de frontvrouw van Mindblow, een jonge bluesband uit Bergen op Zoom.

Op 15 december jl. verscheen Devil on my shoulder, haar solodebuut, een ep met zes zelf geschreven songs. Het album is opgenomen en geproduceerd door twee door de wol geverfde multi-instrumentalisten Joost Verbraak en Jan van Bijnen.

In het openingsnummer, de countryblues Why the caged bird sings geeft Dingemans met haar heldere stem meteen haar vocale visitekaartje af. Met pedal steel, banjo, mandoline en fraaie contrabas wordt in Heartache train een vrolijke bluegrass sfeer opgeroepen. Tennessee river is eerder op single uitgebracht. Een fraai gezongen bluesy ballad met sfeervolle begeleiding. Met Love labours lost, met Nienke ook op piano, belanden we via de banjo en lapsteel van van Bijnen en de trompet, trombone en sousafoon van Verbraak in de sferen die zo kenmerkend zijn voor New Orleans. Mississippi road blues is een sobere countryblues met Nienke en van Bijnen op elektrische gitaar. Het album sluit af met het titelnummer Devil on my shoulder. Een prachtige ballad met soulvolle zang en een vlammende gitaarsolo.   

Conclusie: Devil on my shoulder is een fraai debuut van een zeer talentvolle zangeres. Met dank aan de voortreffelijke begeleiders. Dit smaakt naar meer.

Tracks cd:

  1. Why the caged bird sings
  2. Heartache train
  3. Tennessee river
  4. Love labours lost
  5. Mississippi road blues
  6. Devil on my shoulder

Line-up

  • Nienke Dingemans – zang, piano, elektrische gitaar
  • Jan van Bijnen – akoestische en elektrische bas, pedal steel, resonator en tricone resonator gitaar, dobro, banjo, lapsteel, mandoline, piano, Hammond orgel, harmonica, backing vocals
  • Joost Verbraak – drums, percussie, trompet, trombone, sousafoon, backing vocals
  • Reyer Zwart – contrabas (track 2)
  • Joris Verboot – bas (5,6)
  • Sanne Verbogt – bas (track 1)
  • Arend Bouwmeester – bariton saxofoon (track 3)