Gerritschinkel.nl Columns & meer

26nov/250

Tom Eylenbosch – My kind of blues

Tom Eylenbosch (25) is een jonge talentvolle Belgische muzikant uit Keerbergen. Zijn muzikale reis begint als jij 10 jaar is. Hij wordt beïnvloed door de hardrockplaten van zijn moeder en voelt zich aangetrokken tot de piano, en dan begint zijn muzikale zoektocht. Hij bekwaamt zich in de gitaar, het Hammondorgel en de banjo. Inspiratie vindt hij bij artiesten als Jerry Lee Lewis, Dr. John, Otis Spann en Jon Lord.

Eylenbosch is actief in de Belgische bluesscene en speelt met gerenommeerde artiesten als Guy Verlinde en Stef Paglia. In 2024 ontvangt hij meerdere nominaties van de Belgian Blues Association en  wint een prijs voor Beste Duo Act met Guy Verlinde. Dit jaar wordt hij als eerste soloartiest verkozen tot beste instrumentalist en wint hij de Belgian Blues Challenge. Hij heeft in zijn nog jonge carrière op het podium gestaan met internationale artiesten als John Hiatt, Van Morrison, The Animals, Albert Lee, Keb’ Mo, Beth Hart, Seasick Steve en Los Lobos.  

Begin dit jaar verscheen het album Promised land blues, een album dat hij samen met Guy Verlinde opnam. Eind oktober verscheen zijn solodebuutalbum My kind of blues.

Het energieke openingsnummer Ain’t nothing but lies brengt je meteen in de sferen van New Orleans. waarna het tempo in de boogie Empty pocket blues iets terug gaat. De stijl van Dr. John is duidelijk herkenbaar en in The heart wants waart de geest van Professor Longhair rond. Na het rustig en ingetogen gezongen What a mess is het in het fantastisch gespeelde Sugar man weer swingen geblazen. Brittle bone boogie is een temperamentvolle boogie en Eylenbosch toont in Broken inside en It’s all too much opnieuw zijn grote kwaliteiten. Een rustpuntje is daarna het ingetogen gezongen en gespeelde Satisfy my soul. Na de vingervlugge sprankelende instrumental Tico tico wordt het album lekker uptempo afgesloten met Special kind of lovin’.

Conclusie: Met het energieke album My kind of blues is het feestelijk en swingend vertoeven in de heerlijke sferen van New Orleans.

Tracks cd:

  1. Ain’t nothing but lies
  2. Empty pocket blues
  3. The heart wants
  4. What a mess
  5. Sugar man
  6. Brittle bone boogie
  7. Broken inside
  8. It’s all too much
  9. Satisfy my soul
  10. Tico tico
  11. Special kind of lovin’
18nov/250

Big Shoes – King size

Big Shoes is een Amerikaanse roots supergroep uit Nashville, Tennessee. De zeven leden van de band zijn doorgewinterde musici, die vele jaren in de studio hebben doorgebracht en met talloze topartiesten op tournee zijn geweest. Ze hebben o.a. gespeeld en opgenomen met Bonnie Raitt, Van Morrison, Delbert McClinton, Taj Mahal, Etta James en Bobby Blue Bland. Toetsenist Mark T. Jordan was lid van de band op het klassieke album Tupelo Honey van Van Morrison, Bonnie Raitts live-cd Road Tested en talloze andere albums die alleen als ‘muziekgeschiedenis’ kunnen worden geclassificeerd. Gitarist Will McFarlane heeft bijgedragen aan albums van Levon Helm, Joss Stone, Bonnie Raitt en Bobby ‘Blue’ Bland. In de muziek van Big Shoes zijn invloeden te horen van o.a. Little Feat, BB King, Ray Charles, The Allman Brothers Band, The Neville Brothers en Bonnie Raitt.

In 2015 kwam hun debuutalbum Shoes Blues uit, in 2018 gevolgd door Step on it. In 2022 tekende Big Shoes een platencontract bij Qualified Records, het platenlabel van meervoudig Grammy-winnaar en producer Kevin McKendree. Op dit label verscheen begin deze maand hun nieuwe album King size. Het album is opgenomen in The Rock House Studio in Franklin, Tennessee, en geproduceerd door Kevin McKendree.

Het album opent met het (mede) door Jimmy Hall van Wet Willie geschreven Halfway to Memphis. Heerlijke R&B met de fantastische blazers van The Muscle Shoals Horns, een orgel- en gitaarsolo en de zang van Rick Huckaby die overeenkomsten vertoont met die van Jimmy Hall. Right about now heeft de sompige stijl van Little Feat met het strakke ritme van drums en percussie, de slide en de piano. In de funky titeltrack King size zijn ook de invloeden van Little Feat weer aanwezig. I don’t need nobody is een shuffle met de weergaloze blazers, jazzy gitaarwerk en een tinkelende pianosolo.   Hurry up slowly en Every song I sing zijn prachtig gezongen soulballads. Invloeden van Little Feat en Wet Willie zijn er daarna weer in ‘Til he’s a memory. Fraai zijn de baslijnen in de soulballad You just know. Opwindend en funky is het door zydecoaccordeonist Stanley Dural jr. (beter bekend als Buckwheat Zydeco), geschreven Make it easy on yourself. Naast de strakke ritmesectie en het orgel is er weer een glansrol voor de blazers. Yvette is een uptempo rocker met een felle gitaarsolo en een beukende piano. Na de midtempo soulblues Too many bees wordt het album sterk en rockend afgesloten met She’s a pain, een song van gitarist Jesse Ed Davis.   

Conclusie: King size is een album om je vingers bij af te likken. Een lust voor het oor.

Tracks cd:

  1. Halfway to Memphis
  2. Right about now
  3. King size
  4. I don’t need nobody
  5. Hurry up slowly
  6. Every song I sing
  7. ‘Til he’s a memory
  8. You just know
  9. Make it easy on yourself
  10. Yvette
  11. Too many bees
  12. She’s a pain

Line-up:

  • Lynn Williams – drums
  • Will McFarlane – gitaar, zang
  • Bryan Brock – percussie
  • Mark T. Jordan – keyboards, zang
  • Rick Huckaby – leadzang, gitaar
  • Kenne Cramer – gitaar
  • Tom Szell – bas

Guests:

  • Steve Hermann – trompet
  • Jimmy Boland – tenor- en baritonsaxofoon
  • Charles Rose – trombone, arrangementen
17nov/250

Erin Harpe – Let the mermaids flirt with me – a tribute to Mississippi John Hurt

Erin Harpe is een charismatische Amerikaanse zangeres, gitariste en producer uit Boston, Massachusetts. Zij wordt door velen beschouwd als een van de meest belovende vertolkers van de hedendaagse akoestische (country)blues en vaak vergeleken met Memphis Minnie, Rory Block, Maria Muldaur en Bonnie Raitt. Erin Harpe leerde het vak van haar vader, beeldend kunstenaar en gitarist Neil Harpe. In 2002 verscheen haar solodebuutalbum Blues roots en in 2008 nam ze Delta blues duets op, een album met duetten met haar vader. Haar tweede soloalbum Meet me in the middle uit 2020 werd bij de New England Music Awards gekozen tot album van het jaar 2021. Zij is ook eigenaar van een onafhankelijk label, componeert en leidt sinds 2010 de bluesband Erin Harpe & The Delta Swingers, samen met haar echtgenoot, bassist en mede-eigenaar van het label, Jim Countryman.

Vorige maand verscheen het nieuwe album van Erin Harpe, A tribute to Mississippi John Hurt. Zoals de titel al zegt een eerbetoon aan de legendarische bluesgitarist en –zanger Mississippi John Hurt (1892 – 1966). Erin Harpe zegt dat ze al sinds haar kindertijd gegrepen is door de muziek van Mississippi John Hurt. Als tiener leerde ze verschillende van zijn nummers spelen en kende ze alle geheimen van Hurts gitaartechniek. Om de setlist voor de nummers van dit nieuwe album samen te stellen, begon ze Hurts discografie te bestuderen. Met nostalgie dacht ze terug aan de tijd dat ze naar zijn vader luisterde die al die nummers speelde. Erin produceerde en verzorgde, samen met haar echtgenoot Jim Countryman (die bas speelt), alle arrangementen van het album.

Het album opent met het ook op single uitgebrachte Candy man. Mooie zang, prachtig helder fingerpicking gitaarspel en fraaie baslijnen. Casey Jones is het verhaal van de spoorwegarbeider Casey Jones (1864-1900). Het titelnummer Let the mermaids flirt with me is lekker ontspannen en in I got the blues (Can’t be satisfied) toont Harpe nogmaals haar geweldige gitaarkwaliteiten en dat geldt zeker ook voor Richland woman, dat ook bekend is in de fraaie uitvoering van Maria Muldaur. Make me a pallet on your floor is een jazzy standaard eind 19e eeuw, in 1928 ook door Mississippi John Hurt opgenomen. Frankie is het verhaal van het brave meisje Frankie dat haar man Albert in de armen van Alice ziet, waarna zij hem dood schiet. “Hij heeft mij onrecht aangedaan”. Na de prachtige versie van Nobody’s dirty business, volgt Stagolee, het populaire volksliedje over de moord op Billy Lyons kerst 1895 in St. Louis, Missouri, door Lee Shelton. Mississippi John Hurt nam het nummer op in 1928 en Loyd Price scoorde er in 1958 een nummer 1 hit mee in een R&B versie. Het album eindigt met You are my sunshine, de overbekende countrystandaard (en staatslied van Louisiana) door meer dan 350 artiesten in 30 talen (in Nederland b.v. door Ronnie Tober!), op de plaat gezet. Het nummer werd voor het eerst op plaat uitgebracht door Jimmie Davis in 1940.   

Conclusie: Erin Harpe (en bassist Jim Countryman) brengen met dit album een prachtig eerbetoon aan Mississippi John Hurt.

Tracks cd:

  1. Candy man
  2. Casey Jones
  3. Let the mermaids flirt with me
  4. I got the blues (Can’t be satisfied)
  5. Richland woman
  6. Make me a pallet on your floot
  7. Frankie
  8. Nobody’s dirty business
  9. Stagolee
  10. You are my sunshine
12nov/250

GROTE NEDERLAGEN

Ik was zaterdagmiddag met bepaalde verwachtingen naar het mooie Biljart- en Denksportcentrum Gouda in Goverwelle gegaan. Zou Damlust in staat zijn te verrassen tegen koploper Hijken DTC? Maar al snel werd mij door Erno Prosman toegefluisterd dat Damlust zou worden overlopen. Een zwaar gehandicapt Gouds team, waarin o.a. de in het buitenland verblijvende topspeler Martijn van IJzendoorn ontbrak en Damlust door droevige familieomstandigheden ook met slechts 9 man aantrad, waardoor het met een 0-2 achterstand begon. Uiteindelijk verloor Damlust met 4-16. Alleen Friso Fennema kon juichen want hij versloeg oud Nederlands kampioen Auke Scholma. “Deze wedstrijd kwam op een verkeerd moment”, verzuchtte voorzitter Erno Prosman.

Ook RFC Gouda leed een grote nederlaag. Net als Damlust was de Goudse rugbytrots zwaar gehavend en dan moet je naar de Amsterdamse koploper Ascrum. Op Sportpark De Eendracht aan de  Bok de Korverweg, (vernoemd naar Rotterdammer en legendarische oer-Spartaan Bok de Korver!), gingen de Gouwenaars met 74-5 hard onderuit.

Na een heerlijke strandwandeling aan de Wassenaarseslag zette ik me ‘s-middags voor de tv voor het Europees kampioenschap veldrijden op het militaire domein van Lombardsijde in de Belgische kustgemeente Middelkerke.

Een prachtig, vooral Belgisch spektakel en vakantieherinneringen kwamen bij mij boven. In Lombardsijde heb ik tijdens mijn vakantie twee keer genoten van het door oud renner Freddy Maertens georganiseerde dernycriterium. Met toppers als Sven Nijs, Sep Vanmarcke, Wout van Aert, Jasper Stuyven en Tom Boonen. Jammer dat dit evenement verleden tijd is.   

10nov/250

Jimi “Primetime” Smith – It’s my time

De Amerikaanse blueszanger-gitarist Jimi ‘Primetime’ Smith (1959, Chicago) groeide op in een muzikaal gezin. Zijn moeder, Johnnie Mae Dunson (ook bekend als "The Big Boss Lady"), was een pionier in de muziekindustrie als een van de eerste vrouwelijke drummers en songwriters. Zij speelde een belangrijke rol in de ontwikkeling van de Chicago blues in de jaren ’50 van de vorige eeuw en werkte samen met Jimmy Reed als zijn songwriter, drummer en manager. Jimmy Reed was niet alleen een muzikale mentor voor Jimi "Primetime" Smith, maar hij was ook een soort vaderfiguur voor de jonge Jimi toen hij opgroeide.

Jimi begon op zijn 12e met gitaar spelen. Jimmy Reed was zijn leermeester maar Hubert Sumlin en Eddie Taylor hielpen de kleine Jimi zijn eigen stijl te vinden. Zijn eerste optreden was op het Ann Arbor Blues Festival in 1973. Hij toerde en speelde met grootheden als Jimmy Reed, Big Walter Horton, Sunnyland Slim, Eddie Taylor, Fenton Robertson, Bob Corritore, Eddie ‘Cleanhead’ Vinson en ‘Big’Jay McNeely.

Na lange tijd verscheen er onlangs weer een nieuw album van Jimi ‘Primetime’ Smith, It’s my time.

Het album opent sterk met Don’t let the devil ride, een compositie van Neal Roberson. Uitstekend gitaarwerk, fraaie orgelsolo’s en vrouwelijke backing vocals. Geweldig is het gitaarwerk daarna ook weer in de shuffle Back on the road. Spetterende soms jankende gitaarsolo’s zijn er naast een onverstoorbare ritmesectie in Breaking my heart. My time is een prachtige countryblues met Bob Corritore op mondharmonica. Prominent is de ‘hamerende’ piano in de uptempo bluesrocker Moving on. De geest en stijl van Muddy Waters is volop aanwezig in de intense slowblues She’s a peach. Fraaie basloopjes, orgel en jazzy blazers maken, naast de soulvolle vibrerende zang van Smith, van I’m your friend een pareltje. In het funky en met verschroeiend gitaarwerk gelardeerde Bluzman passeren Jimmy Reed en Eddie Taylor ook nog even de revue. Your love is een soulblues met blazers, een wervelende orgelsolo, een geweldige gitaarsolo en ingetogen enigszins vibrerende zang. De laatste twee songs zijn covers van Luther Allison. Geweldig gitaarwerk in Will it ever change en de acht minuten lange bluesballad Serious is de ultieme afsluiter van het album. Snijdend en lyrisch gitaarspel, een geweldige orgelsolo en de vrouwelijke backing vocals die hier en daar zorgen voor een gospelsausje.

Conclusie: It’s my time is een absoluut topalbum met heerlijke authentieke blues.

Tracks cd:

  1. Don’t let the devil ride
  2. Back on the road
  3. Breaking my heart
  4. My time
  5. Moving on
  6. She’s a peach
  7. I’m your friend
  8. Bluzman
  9. Your love
  10. Will it ever change
  11. Serious

Line-up:

  • Jimi ‘Primetime’ Smith – zang, gitaar
  • Toby Lee Marshall – orgel
  • Allen ‘the captain’ Kirk – drums
  • John Wright – bas, percussie
  • Dave Foley- horns
  • Bob Corritore - mondharmonica
4nov/250

Lucky Came To Town – The river knows my name

Lucky Came To Town is een zeskoppige Belgische band uit Leuven en omgeving in de Belgische provincie West-Brabant. De band, opgericht in 2015, groeit in de loop der jaren uit tot een hechte band met een eigen herkenbare sound. Hun platendebuut is de ep ‘Lucky came to town’ uit 2021, in 2022 gevolgd door de ep December sessions, in 2024 door de live ep Come dance in Durango. Begin dit jaar verschijnt er opnieuw een live ep, Goodbye Louise, I’m leaving today.

En nu is er dan hun eerste volwaardige album The river knows my name, dat op 30 oktober jl. is verschenen. Het album, met tien doorleefde songs over herinnering en overleven, is opgenomen in Studio Fandango van Dirk Lekenne in het West-Brabantse Boutersem.  

Het openingsnummer Ain’t no blues is een melodieuze ballad, met een fraaie toetsenpartij en mooie zang van Kim van Weyenbergh en Annemie Moons. Come dance is een opgewekt nummer met viool en een lekkere pianosolo, gevolgd door de fijn gemusiceerde en mooi gezongen dansbare countrysong Oh, Loretta. Hands on the wheel is een prachtige ballad met een korte felle gitaarsolo, lekker toetsenwerk, een uitstekende ritmesectie en waarin de stemmen van van Weyenbergh en Moons een mooi contrast vormen. Mooi is ook de zang in de schitterende ballad Lone wolf (howling at the moon). In het ook op single uitgebrachte Going back gaat het tempo weer lekker omhoog. In het door drums gedreven uptempo Soulfire is een fraaie slide van Dirk Lekenne te horen. ‘Jagende’ drums zijn ook te horen in het uptempo rockende Even now. De duozang van Weyenbergh en Moons is prachtig. Mooi is de zang ook weer in de ballad Coal blues. Het slotnummer New York City nights is een heerlijk gemusiceerde melodieuze afsluiter van het album.

Conclusie: The river knows my name is heerlijke relaxte pure, eerlijke en melodieuze rootsmuziek. 

Tracks cd:

  1. Ain’t no blues
  2. Come dance
  3. Oh, Loretta
  4. Hands on the wheel
  5. Lone wolf (howling at the moon)
  6. Going back
  7. Soulfire
  8. Even now
  9. Coal blues
  10. New York City nights

Line-up:

  • Kim van Weyenbergh – zang, gitaar
  • Annemie Moons – zang
  • Wouter Grauwels – lead gitaar
  • Dimitri Laes – toetsen
  • Joost Buttiens – bas
  • Bart Steeno – drums

Gast muzikanten:

  • Dirk Lekenne – slide gitaar (track 2,7)
  • Katrien Bos – viool (track 2,5,6)